Darja Collin: Leven voor de dans

Recensie door: Evert Woutersen

Veel lezers zullen balletdanseres Darja Collin kennen uit de biografie die Wim Hazeu in 1995 schreef over de ‘dichter-scheepsarts-wereldreiziger’ Jan Jacob Slauerhoff (1898-1936). Hij was bijna vijf jaar getrouwd met Darja Collin. De herziene en uitgebreide uitgave uit 2018 bevat o.a. ‘meer foto’s van zijn grote liefde Darja Collin.’ Arend Hulshof heeft nu een biografie over haar geschreven met de titel Alleen in dans kon zij wonen, een variatie op de wellicht bekendste dichtregel uit Slauerhoffs gedicht Woningloze: ‘Alleen in mijn gedichten kan ik wonen’.

Hulshof las de eerste uitgave van Hazeus biografie over Slauerhoff in de jaren negentig van de vorige eeuw. Toen werd hij vooral gegrepen door het avontuurlijke leven van de dichter, maar de herziene uitgave zette hem ertoe aan zich meer te gaan verdiepen in het leven van de ‘eigenzinnige’ danseres Darja. ‘Veel meer dan Slauerhoff voor zijn gedichten, leefde zij voor de dans.’

Nauwgezet brengt Hulshof het leven van Darja Collin in kaart. Hij spit biografieën van tijdgenoten door, vindt via website Delpher oude kranten en tijdschriften met artikelen over Darja en de danscultuur van begin van de vorige eeuw en hij voert gesprekken met mensen die haar nog hebben gekend. De onlangs overleden Hans van Manen vertelde dat Darja hem begin jaren vijftig een tweede kans gaf nadat hij bij een ander dansgezelschap wegens gebrek aan talent was weggestuurd. Over al dat spitwerk schrijft Hulshof:  ‘Steeds zag ik een vrijgevochten vrouw die de wereld bereisde en ondanks een moeilijke jeugd dansend door het leven ging.’

Jeugd

Darja werd geboren in Amsterdam in 1902. Haar Oostenrijkse vader overleed toen ze twee jaar oud was. Haar moeder was alcoholiste en kon de zorg voorhaar drie kinderen niet aan. Haar twee dochters werden in een katholiek meisjesinternaat geplaatst, haar zoontje bleef hij haar wonen. Tot haar vijftiende bleef Darjaop het internaat.

Als tienjarig zag Darja een dansvoorstelling waarin ballerina Jacoba van der Pas optrad en vanaf dat moment wist ze dat ze balletdanseres wilde worden. Twee jaar later volgde ze lessen aan de dansschool van Angèle Sydow, die nog les had gehad van Van der Pas. Sydow zag haar talent en Darja mocht gratis haar lessen volgen. Over deze periode in haar leven heeft Hulshof niet heel veel boven water kunnen krijgen. Wel dat er meerdere personen waren die haar onder hun hoede namen, omdat ze onder de indruk waren van haar danstalent en haar schoonheid. Op haar vijftiende woonde ze al op zichzelf. ‘Het lijkt onwaarschijnlijk dat ze toen al van haar dansoptredens kon leven’ schrijft Hulshof. Wellicht ondersteunden welvarende bewonderaars haar financieel, ‘zoals later vaker zou gebeuren.’ Rond haar twintigste nam een oudere bankier haar mee naar New York, maar of ze daar danste is niet bekend. Wellicht was er dat jaar ook nog een Parijs avontuur, maar daarover was niet heel veel te vinden.

Brug tussen klassiek ballet en moderne danskunst

Aan het eind van 1922 meldde Darja zich bij Gertrud Leistikow. Deze danslerares gaf les in de vrije danskunst. Darja wilde verder groeien in die dansvorm en verhuisde drie jaar later naar Dresden, toentertijd het Europese centrum van de vrije danskunst, om lessen te volgen bij Mary Wigman. Zij had een geheel nieuwe expressionistische stijl ontwikkeld die later bekend zou worden als de Ausdruckstanz. Daarin worden de strenge regels van het klassieke ballet losgelaten. Zover ging Darja niet: ze koos ervoor een brug te slaan tussen het klassieke ballet en de vrije dansvorm om een eigentijdse stijl te ontwikkelen. Daarom trekt ze naar Münster en Parijs om zich de klassieke balletbeginselen eigen te maken. Vriendin Edmée zegt hier later over dat Darja ‘een nieuwe stijl met een persoonlijke noot’ ontwikkelde. ‘Die stijl zou je misschien nog het beste kunnen vergelijken met het huidige jazzballet, maar dan op klassieke muziek.’

Huwelijk met Slauerhoff van 1930-1935

In 1930 ontmoetten Slauerhoff en Collin elkaar voor het eerst in Blaricum. Hulshof schrijft dat Darja zich volledig had verloren: ‘Ze ging op in Jan, die haar Darita noemde, de verspaansing van haar naam. Darja noemde hem Juan.’ Het motto van het boek bestaat uit een aantal bewonderende dichtregels over Darja van zijn hand: ‘Jij kunt met een wending, een gebaar / Woede, weemoed en geluk weergeven, / Waar ik honderd woorden over doe.’  Ze trouwden nog hetzelfde jaar, maar hun huwelijk duurde nog geen vijf jaar. Na vier weken moest hij als scheepsarts weer op reis. Zo werd het een huwelijk op afstand. Het grote verdriet in hun leven was hun in 1932 doodgeboren zoontje voor wie ze de naam Juan Darito hadden gekozen. ‘Er is niets meer over /  dan schaduw op een steen / Van wind bewegend loover,/ En stilte om alles heen… / En een klein bed violen / Blijven de wroeging trouw, / Weemoedig en verholen, / Dat ’t kind niet leven wou.’ Deze klap kwamen de twee niet meer te boven. Slauerhoff kwam na elke reis zieker terug en bleek aan tbc te lijden. Darja vluchtte in haar werk. Wat ook niet hielp was de ziekelijke jaloezie van Slauerhoff op de danspartners van Darja. Op een terugreis dichtte hij o.a. ‘Zoodra een man om je mond smeekt / dan maak ik hem melaatsch’ en over haar ‘En geef je zelf een liefkoozing / of weer je lichaam bloot, / Dan martel ik tot verpoozing / Je langzaam en zeker dood.’ Darja bezocht hem op zijn ziekbed waar hij ‘zijn naakte, afgematte lichaam’ toonde en ze hevige ruzie kregen. Kort daarop overleed Slauerhoff; Darja was niet op zijn begrafenis.

Oorlog als keerpunt

Het spannendste deel van de biografie is Darja’s vlucht voor de Tweede Wereldoorlog. Op het nippertje lukte het haar samen met vriendin Edmée via Marseille per boot naar Afrika te ontsnappen en door te reizen naar Java. Onderweg werden ze opgepakt en beschuldigd van spionage, maar toch weer vrijgelaten. De oorlog kwam vaak dichtbij, maar keer op keer weer wisten zij eraan te ontkomen, tot in Australië aan toe. De hele reis sleepten ze een grote koffer met balletspullen mee. Ze gaven voorstellingen waar ze konden, o.a. ook voor geallieerde soldaten op Nieuw-Guinea. Na de oorlog was haar glorietijd als ballerina voorbij. Maar lesgeven kon ze nog wel. In Florence bestierde ze jarenlang haar eigen dansschool. Hulshof vond daar haar grafsteen.

Uit de schaduw van Slauerhoff

Darja Collin stond lange tijd bekend als de ‘vrouw van’. Met deze biografie over Darja zorgt Hulshof ervoor dat ze (bijna) uit de schaduw van Slauerhoff treedt. De titel van biografie verwijst echter indirect nog naar dichtregels van de bekende schrijver. Het is een opvallende keuze omdat Slauerhoff maar relatief kort deel heeft uitgemaakt van haar leven. Hulshof kreeg van de zoon van Edmée geluidsopnamen waarin zij vertelt over hun avonturen tijdens de oorlog. Daarin omschreef Edmée Collin als een ‘very unusual creature.’  En Godfried Bomans schreef een in memoriam, met de titel ‘Een vergeten landgenote.’ Aan de andere kant: zonder Hazeus biografie over Slauerhoff was dit boek over Darja Collin er niet gekomen. Hulshof is er zes jaar lang mee bezig geweest. Knap is dat hij er geen kritiekloos bewonderend boek van heeft gemaakt, maar op basis van grondig onderzoek een liefdevol portret van een destijds beroemde danseres heeft geschetst. Hij verdient alle lof voor zijn grondigheid waarmee hij details uit haar leven heeft opgediept.

 

Alleen in dans kon zij wonen - Het vrijgevochten leven van Darja Collin 1902-1967

Alleen in dans kon zij wonen – Het vrijgevochten leven van Darja Collin 1902-1967

Arend Hulshof

Het vrijgevochten leven van Darja Collin 1902-1967

Uitgever: Em. Querido’s Uitgeverij (2025)

ISBN 9789021485362

277 pagina’s

Prijs: € 27,99

Kopen bij Libris