‘Waar gaan die boeken van jou over?’
‘Over mijn buren in Japan en Nieuw-Zeeland.’
‘Is dat interessant? Ik heb alleen saaie buren. Wil iemand dat lezen?’
‘Ik had ook alleen maar saaie buren.’
‘Waarom worden ze dan uitgegeven? Niemand wil toch over zijn saaie buren lezen?’
‘Ik denk dat mijn lezers zelf ook saai zijn. Zo kunnen ze met een lange omweg over zichzelf lezen.’
Autobiografisch dagboek
Met De resten van een mens komt de lezer weer terug in de wereld van Detlev van Heest. In De verzopen katten en de Hollander (2010) schrijft hij over zijn belevenissen in Japan, in Pleun (2010) over die in Nieuw-Zeeland. Deze romans hebben de vorm van een dagboek; met data en jaaraanduidingen. Met Parkeren in Hilversum (2024) is hij terug in Nederland. Ook dit boek heeft ‘roman’ onder de titel staan. Tussendoor verscheen nog Het verdronken land. Terug naar Japan (2011). Hier geen ‘roman’ onder de titel, maar wel een motto ontleend aan De Avonden van Gerard Reve: ‘Elke gelijkenis van figuren of voorvallen in dit verhaal met werkelijke personen of gebeurtenissen is toevallig.’
Bij De resten van een mens geen ‘roman’ onder de titel en geen tijdsaanduidingen. Wel een motto: ‘Wer nicht lügen kann, weiß nicht was Wahrheit ist ‘ (Nietzsche). Uit de tekst is af te leiden dat het boek speelt in de jaren na de dood van Han Voskuil (2008). Sporadisch zijn er verwijzingen naar actuele gebeurtenissen, zoals de begrafenis van Michael Jackson in 2009 en het jaar waarin Sven Kramer door zijn coach Gerard Kempers de verkeerde baan in werd gestuurd tijdens de Olympische Spelen in Vancouver (2010). Grappig in dit verband is dat wat we op bladzijde 145 lezen we over parkeercontroleur Detlev: ‘Volgens mijn vrienden heb ik ook de verkeerde baan genomen.’ Het boek bevat meerdere van zulke kapstokjes in de tijd.
Van Heests nieuwe boek bestaat uit verschillende dagboekfragmenten, waarbij hij observeert en noteert. Het is knap hoe hij verslagen maakt van de bezoeken die hij aflegt. De nadruk ligt op de dialogen die hij met veel precisie weergeeft. Detlev zelf blijft daarbij enigszins op de achtergrond.
De belangrijkste verhaallijnen in het boek zijn die over zijn werk als parkeercontroleur in Hilversum en zijn bezoekjes aan Emma Paulides aldaar, de moeder van de in 1984 vermoorde Sandra van Raalten. Tussendoor bezoekt hij Lousje Voskuil in Amsterdam en zijn familie in Duitsland.
Parkeercontroleur
De resten van een mens bevat talloze uitvoerige beschrijvingen van Detlevs werk als parkeercontroleur. Bij het uitschrijven van bonnen wordt hij soms bedreigd met de dood. De discussies met de bekeurden zijn soms hilarisch om te lezen. Detlev komt meerdere malen in conflict met zijn managers over de vaak in zijn ogen belachelijke regeltjes en voorschriften, bijvoorbeeld over de kleur van zijn riem die hij bij zijn uniform moet dragen. Het ziekteverzuim ligt boven de 40 procent, volgens Detlev een gevolg van slecht management. Hij heeft daarover ook brieven geschreven aan de directie in Den Haag. Dat wordt hem niet in dank afgenomen. Bovendien neemt hij het op voor zijn collega’s Youssef, Bercolo en Farouk die door hun gebrekkige kennis van het Nederlands niet alles volgens de regels doen, omdat ze de instructies niet goed of verkeerd begrijpen. Farouk komt zelfs in een psychiatrische kliniek terecht waar Detlev hem meerdere keren opzoekt, tegen de wens van het management in. Detlev helpt zijn collega’s o.a. met het opstellen van bezwaarschriften. Na een zoveelste akkefietje schiet Detlev uit zijn slof en noemt een van zijn managers een ‘kapo.’ Zij moeten dan nog wel opzoeken wat dat betekent, maar uiteindelijk slagen zij erin hem over te laten plaatsen naar Noordwijk.
Emma Paulides
Emma is na de moord op haar dochter in Zaandam naar Hilversum verhuisd: ‘Ik moest daar weg. Ik woon nu hier en niemand weet iets van mij.’ Bij elk bezoek van Detlev, vertelt ze over haar dochter Sandra van Raalten die op 21-jarige leeftijd is vermoord. Dit is de paskamermoord in Zaandam in 1984. In 2002 schreef Emma een brief aan de minister van Justitie of er in deze zaak gebruik was gemaakt van nieuwe DNA-technieken. De zaak werd heropend en kon een paar jaar later definitief worden afgesloten. Maar niet voor Emma: in de gesprekken met Detlev komt zij telkens terug op de moord op Sandra. Emma staat op de omslag van het boek afgebeeld met poes Klaasje. De aquarel is gemaakt door Pita Snoeck.
Literaire verwijzingen
De herinneringen aan Han Voskuil en Detlevs bezoeken aan diens vrouw Lousje doen authentiek aan. Hij helpt de weduwe van Voskuil met het laten verschijnen van de boeken Binnen de huid (2009) en De Buurman (2012). In het voorwoord van dit laatste boek is Lousje Detlev ‘onuitsprekelijk dankbaar’ voor zijn ‘onnavolgbare’ steun en het gereedmaken van het manuscript voor publicatie.
Momenteel verschijnen de Dagboeken van Han Voskuil in zeven delen. Detlev is een van de bezorgers daarvan (samen met Thomas van Grafhorst en Mirjam Lucassen).
Aftakeling
De titel De resten van een mens slaat op de aftakeling van mens én dier. Lousje wordt steeds vergeetachtiger en ook haar kat is ziek. Als Detlev bij Lousje langsgaat, hebben ze het af en toe ook over Frida. Die ziet er uit als een héél oud vrouwtje met een bochel. Voor de insiders: Frida Vogels komt als Henriette Fagel voor in Han Voskuils Bij nader inzien(1963). De boeken van Voskuil, Vogels en Van Heest zijn soms nauw met elkaar verweven.
Aan het einde van het boek kan Emma Paulides niet meer thuis wonen. Zij komt uiteindelijk in een verpleeghuis in Zaandam terecht. Detlev helpt haar met het laten uitkomen van haar laatste wil: zij wil samen met het stoffelijk overschot van haar dochter gecremeerd worden. Na zijn overplaatsing naar Noordwijk schrijft Van Heest: ‘De golven vloeien uit over de voetstappen. De wind zuigt zich tussen hemel en aarde, die hier woest en ledig is. Morgen is het voorbij.’
Dagboek of fictie
In een interview (NRC 24 juli 2025) zegt Van Heest over de manier waarop hij Emma Paulides in het boek opvoert: ‘Ik heb bij al die andere mensen, inclusief mezelf, natuurlijk fictie bedreven. Je laat opmerkingen weg en voegt opmerkingen toe, je verandert de namen van mensen, noem maar op, maar Emma heb ik zo natuurgetrouw mogelijk willen opvoeren. De anderen spreken gepolijst, maar zij spreekt juist verbrokkeld, onsamenhangend, ze komt steeds weer op hetzelfde punt uit, namelijk op die dochter die ze is kwijtgeraakt.’ Dit sluit aan op de opdracht die voorin het boek staat: ‘ter nagedachtenis van Emma en Sandra.’
Saai
Op een paar plaatsen in het boek laat Detlev zich uit over het schrijversvak: ‘Als we ergens over schrijven, blijven we er over doormeieren, omdat we niets anders kunnen verzinnen. We melken een onderwerp helemaal uit.’ Een familielid zegt: ‘Dat is een extra belasting, al dat geschrijf. Dat is tobben op papier.’
De kwalificaties ‘saai’, ‘doormeieren’ en ‘tobben op papier’ kunnen ironisch opgevat worden. Voor de boeken van Van Heest moet je als lezer een lange adem hebben. De nauwkeurige verslaglegging van op het eerste gezicht wellicht saaie gebeurtenissen levert een interessant boek op. Deze dikke paperback op dundrukpapier valt soepel open en is mede daardoor prettig leesbaar. Als lezer breng je veel tijd door in de wereld van Van Heest. Dat is geen straf: De resten van een mens blijkt een vermakelijk boek. Met weemoed en een ‘boekenkater’ neem je afscheid van zijn wereld.








