Jan Beuving – v.v. Flats Zeist Oost

De amateur is de grootste liefhebber

Recensie door Daan Lameijer

‘Keer dit weekend massaal het betaald voetbal de rug toe. Bezoek een amateurwedstrijd, dompel u onder in wat voetbal ooit was. De geur van natte jassen, scheefgetrokken lijnen, bevroren tosti’s met vierkanten plakken natte ham. Twaalf jaar achterstallige contributie, nou ja, vooruit. Nog één wedstrijd en dan volgend jaar betalen! Een ambulance die het veld niet op kan, omdat niemand de sleutel kan vinden. Na de wedstrijd in de kantine… de entree van de voetballers, ongenaakbaar mooi. Allemaal ruikend naar dezelfde shampoo. Verlies uzelf in de geur van beschimmelde kleedkamers en u zult, net als Louis van Gaal, uw dichtader vinden. U zult op het veld staan en denken: “De cirkel is rond. Ik wist niet dat dit nog bestond.”’ Was getekend: Nico Dijkshoorn, die niet als enige inspiratie vindt in amateurvoetbal. Cabaretier en tekstschrijver Jan Beuving brengt een lofzang op deze tak van sport met v.v. Flats Zeist Oost. Zijn cluppie.

Als schrijver van de Korte Corner bij Studio Voetbal – dit deed hij jarenlang – verwierf Beuving bekendheid bij het grote publiek. Zijn opvolger, Frank Heinen, doet een warme aanbeveling voor Beuvings nieuwste boek: ‘Voor iedereen die heeft gevoetbald, is dit boek een en al vrolijke herkenning. Voor iedereen die nooit heeft gevoetbald, maar bijvoorbeeld wel eens een ander mens heeft ontmoet, ook.’ En die andere mensen máken de club v.v. Flats Zeist Oost, blijkt na lezing van Beuvings ode, speciaal ter ere van het 60-jarig bestaan. Hij draagt het boek onder meer op aan Arjan, de veel te jong overleden penningmeester: ‘Vanavond gaat onze dochter weer trainen. Bij de allerkleinsten in de Onder 7. Ze kan er net zo weinig van als jij en ik, trouwens. Ik hoop dat ze er net zo van gaat houden.’

De prof werkt, de amateur heeft lief

Nederlanders zijn gek op in beeld gebracht amateurvoetbal; we kijken naar Atletico Ananas, All Stars of Kelderklasse 15, en we trekken spontaan een paar afgetrapte kicksen aan. Na die faalhazen op tv te hebben zien schutteren, wanen we ons Declan Rice die tot twee keer toe Courtois vernedert met een magistrale vrije trap. En dan ‘kickt’ de realiteit in: zelfs als je het alleen met de Eredivisie vergelijkt, is amateurvoetbal vele malen slechter dan profvoetbal. Maar ook liever. Die liefde zit in elke letter die Jan Beuving aan zijn FZO wijdt: ‘Eén keer in mijn leven heb ik in een ander tenue gespeeld dan dat van FZO. Het was op een Hemelvaartstoernooi.’

Hoewel Jan zijn eigen clubloyaliteit niet wil overdrijven, brengt hij er heel wat tijd door: ‘Hoe houd je dat geloof in een club? Als ik kijk naar mijn eigen werk voor de vereniging, dan heb ik weleens gevlagd bij het eerste. Wedstrijden gefloten. Wedstrijdverslagen geschreven. Twee jaar in het bestuur gezeten. Pubquizzen gemaakt. Loterijen gepresenteerd. Geld geteld. Bardiensten gedraaid. Maar nooit met de trouw die ik bij ome Jan zie. Niet met de toewijding die een club overeind houdt. Ik hou van de club, maar heb ik er genoeg liefde in gestopt? Ik betwijfel het.’

Bij profvoetballers is deze introspectie meestal ver te zoeken, hun ego verblind door cameraploegen, grootkapitaal en hemelse roem. Zelfs sentiment blijkt vakkundig geregisseerd, bijvoorbeeld tijdens de FIFA Ballon d’Or-uitreikingen: ‘In al hun gestamelde dankwoorden wordt het elftal bedankt, de coach, de partners, de kinderen en eventueel God.’ Niet één vedette bedankt het team vrijwilligers van zijn eerste amateurclub, valt Beuving op. ‘En dat terwijl de vraag “Waar begint iedere voetbalcarrière?” maar één juist antwoord heeft: bij de mannetjes – en de vrouwen – die op maandagochtend het complex aan kant maken. Zonder hen zou er geen voetbal zijn.’

De mindere, die stiekem de leukere is

FZO heeft een grote broer: Jonathan. De succesvolste en rijkste club in Zeist, die dit ook uitwasemt. Des te groter is dus de verrassing als in 1999 een compleet vriendenteam overstapt van Jonathan naar FZO: ‘Als lager elftal ben je bij een grote club als Jonathan een vijfde wiel aan de wagen. Je krijgt een onmogelijk trainingstijdslot, je moet om 16.00u op zaterdagmiddag voetballen en je contributie verdwijnt grotendeels in de budgetten voor hogere elftallen.’ Dit vriendenteam maakt FZO net dat tandje extra amateuristischer en leuker. ‘Menno floot wedstrijden. Leon ook trouwens. Eén keer staakte hij een wedstrijd. Hij had zijn zwarte shirt uitgetrokken en liep briesend naar de kantine. Op zijn enorme, witte borst zaten twaalf rode afdrukken van de noppen van een voetbalschoen, het gevolg van een karatetrap. Omdat Leons 120 kilo daar amper door werd opgeschud, was de woesteling die de schop had uitgedeeld, zelf geblesseerd geraakt.’ Saillant detail: inmiddels werkt Nigel de Jong op steenworp afstand van FZO als directeur topvoetbal voor de KNVB. Keertje meedoen?

Een hoofdstuk van v.v. Flats Zeist Oost onderstreept meer dan alle andere wat voor lieflijk zooitje een voetbalclub kan zijn: De bestuurskamer. Dankzij één bewustzijnsstroom van 1100 woorden, slechts onderbroken door komma’s, moet de lezer op adem komen als een veteranenteam dat zojuist met 29-0 op zijn flikker heeft gehad van een stel Ajax-junioren. Vooral ook, omdat ieder item wel een liefdevol ‘Oh ja!’ aan de lezer ontlokt: ‘…, een bouwplattegrond van de kantine-uitbreiding in 1987, een handleiding voor de beveiligingscamera, vier geplastificeerde bordjes met OP HET TERRAS VERPLICHT ZITTEN MET MAX. 4 PERSONEN PER TAFEL, overal onder de onderste plank vierkante notitieblaadjes in de kleuren geel, roze en blauw, een spelregelboek Voetbal uit 1977, een handboek Keepers uit 1981 (…) en een lichtschakelaar zodat je met één druk op de knop alle troep niet meer ziet.’ Amateurverenigingen hebben dezelfde charme als kringloopwinkels.

De bal

FZO staat regionaal bekend om de beste bal. Niet van Nike, Adidas of Puma, maar van gehakt. Bas den Haan, Ome Bas voor intimi, draait als vrijwilliger en kantinebaas duizenden gehaktballen bij FZO – eerst met Ome Cees, na diens dood alleen. ‘Er zijn toeschouwers bij onze grote buurvereniging die in de rust naar ons complex lopen om daar een broodje bal te halen’, tekent Beuving verbaasd op. Bas deelt zelfs ‘gewoon’ zijn recept en houdt elke draaironde zijn trouwring om. Op zeker moment worden de gehaktballen steeds pittiger: ‘Toen de mensen aan Ome Bas bleven vragen of hij was uitgeschoten met de sambal en de knoflook, ging hij er toch eens op letten. Het viel hem op dat hij er veel meer in deed dan vroeger. Toch proefde hij geen verschil. Hij besloot naar de dokter te gaan, die hem doorstuurde naar de oncoloog. Na twee weken kwam de uitgezaaide diagnose. De gehaktballen wisten het al.’

Een ode vraagt om gevoel, verdriet, een lach en tragiek. Verloren wedstrijden, gestorven clubleden, kneuterig amateurisme. Als lectuur die verdacht veel van literatuur wegheeft, bevat v.v. Flats Zeist Oost het allemaal. Beuving zou slechts één doelpunt scoren in zijn amateurloopbaan. Belabberd op het veld. Begenadigd op het papier.

 

Omslag v.v. Flats Zeist Oost - Jan Beuving
v.v. Flats Zeist Oost
Jan Beuving
Verschenen bij: Nijgh & Van Ditmar 2024
ISBN: 9789038815138
160 pagina's
Prijs: € 20,00

Om Literair Nederland draaiende te houden, zijn wij afhankelijk van vrijwillige bijdragen. U kunt ons steunen via de rode knop. Waarvoor onze hartelijke dank!

Meer van Daan Lameijer:

Eén alinea!

Eén alinea!

Over 'De zieners' van Sulaiman Addonia

Recent

Prachtig verstoorde rust
29 oktober 2025

Prachtig verstoorde rust

Over 'Opera der doden' van Autran Dourado
De complexe zoektocht van een adoptiekind
28 oktober 2025

De complexe zoektocht van een adoptiekind

Over 'Adoptica' van Emily Kocken
Wezenlijk contact via de telefoon
26 oktober 2025

Wezenlijk contact via de telefoon

Over 'Iets meer zoals een zon' van Sarah Jäger
Natte armen wijd open
23 oktober 2025

Natte armen wijd open

Over 'Neem ruim zei de zee' van Sholez Regazadeh
Postmodern meesterwerk uit Schotland
21 oktober 2025

Postmodern meesterwerk uit Schotland

Over 'Arm ding' van Alasdair Gray

Verwant

Score: 3
Score: 2
Score: 1