De elementen
Tom Van de Voorde (1974) debuteerde in 2008 met de dichtbundel Vliesgevels filter. Deze bundel werd genomineerd voor de C. Buddingh’-prijs, de Herman de Coninckprijs en bekroond met de driejaarlijkse prijs van de provincie Oost-Vlaanderen. Zijn gedichten werden in ruim tien talen vertaald.
In zijn nieuwe en vijfde bundel, De elementen, gaat Van de Voorde op zoek naar de elementen die het zelf bepalen. Er wordt afscheid genomen, voornemens stranden en herinneringen doven uit of worden juist warm gehouden. Oude geliefden, een fascistische overgrootvader, David Bowie en Johannes Brahms duiken op. Het leven buiten het oog van de wereld wordt onderzocht, zelfs buiten het zelfbewustzijn. Een verkenning die voert door vulkanisch landschap, maar evengoed langs de kolommen van de ochtendkrant.
‘Een nagelaten fonkeling
Ik gom een potloodlijn uit
in een aangestreept gedicht
Voor de goede verstaander
blijft het zichtbaar
deze vurige ontkenning
van wat ik toen dacht
maar ooit liet uitdoven’

Variaties op aanwezigheid
Eva Meijer (1980) is filosoof, kunstenaar, schrijver en singer-songwriter. Hen schrijft romans, essays, poëzie en academische filosofie, en hun werk is vertaald in meer dan twintig talen. Terugkerende thema’s zijn taal (inclusief stilte), gekte, dieren en politiek. Meijer schrijft columns en essays voor NRC en is lid van het Meersoortig Collectief.
Meijers tweede bundel, Variaties op aanwezigheid, gaat over ‘het schaduwleven van een zieke’. Hen heeft long covid, ‘verandert van mens in plant, in tapijt, in woord.’ En, ‘Vanaf de bank gaat de tijd rond maar niet langer vooruit.’ De 45 prozagedichten, variaties op het thema ziek zijn, beginnen allemaal met de woorden: ‘Ik zit op de bank’.
Herhaling, herhaling. De zieke wordt vergeten, het leven buiten gaat door. Maar de ik bestaat nog – de vraag is alleen hoe.
Variatie 38
‘Ik zit op de bank en zit niet op de bank. Ik kijk naar de eksters
en kijk niet naar de eksters. Ik leef en leef niet. Ik denk en denk
niet. Ik besta en besta niet. Het lijkt misschien interessant om
een paradox te zijn maar tussen iets en niets bestaat geen
beweging, geen scharnier, het zijn twee helften die aan elkaar
geplakt zitten en ik zit ertussen, in de lijm. Geef me dan liever
niets. Maar ook dat kan niet, ik moet het afwachten, misschien
komt er een medicijn, ik moet het sowieso de tijd geven, een
jaar toch sowieso, misschien twee jaar, drie, mensen worden
soms na een tijd nog beter. Ik zit op de bank en wacht het af.
Ik zit niet op de bank en wacht het niet af.’

Kneedwezens
Judith Herzberg (1934) debuteerde in 1961 met haar eerste gedichten in Vrij Nederland. In 1963 verscheen haar eerste bundel, Zeepost. Vanaf het begin van de jaren zeventig volgden diverse andere dichtbundels, toneel- en televisiestukken, filmscripts en teksten voor musicals. Herzberg schreef onder andere het scenario voor Charlotte, een film van Frans Weisz over het leven van de in Auschwitz vermoorde schilderes Charlotte Salomon.
Er bestaat veel waardering voor de poëzie van Herzberg. De bloemlezing Doen en Laten (Rainbow Pocketboeken) behoorde in 1994 tot de honderd beste boeken. Haar gedichten zijn onder meer in het Duits, Turks en Engels vertaald. In 1988 verscheen bij Oberlin College Press een keuze uit haar poëzie in vertaling onder de titel But what: Selected Poems.
Mede ter gelegenheid van haar 90ste verjaardag verscheen in het najaar van 2024 een bundel met nieuwe poëzie, getiteld Kneedwezens.
Langs Kreta
‘Opmerkelijk gezelschap, een geliefde.
Onze voeten, vier eenvoudige dieren
vinden het al heel gewoon. Achter
onze ribben fladdert wat. Bij mij
tenminste. Ik neem altijd maar
aan dat ik niet alleen fladder van
binnen. Nog steeds Kreta.’









