Het boek Hout valt op door zijn frisse zachte veelkleurige tinten die goed de sfeer van het verhaal weergeven: een lieflijke sfeer vooral, want iedereen in het bos houdt van Boom. Mooi is ook dat in de tekeningen veel ruimte wordt gelaten voor de korte, poëtische teksten van Crabeels, die in grote scherpe letters veel lichte kleurvlakken om zich heen krijgen.
[…]
Een zware storm in Hout is een metafoor voor wat de man overkwam die de inspiratie voor het boek leverde: Marc Herremans (1973), een Belgische triatleet die na een fietsongeluk in 2002 gedeeltelijk verlamd raakte en in een rolstoel terecht kwam. Hij bleef aan triatlons deelnemen door met een speciale constructie te lopen en te fietsen en met alleen zijn armen te zwemmen. Toen hij besloot te stoppen met sporten richtte hij To Walk Again op met als doel voorwaarden te scheppen om mensen met een fysieke beperking mee te laten doen in de maatschappij. Een doorzetter en een optimist dus.
Hout opent met een bijdrage van Herremans waarin deze regels: ‘Er gebeuren dingen die we niet in de hand hebben. Maar onze glimlach blijven behouden…. dat is iets wat we zelf bepalen’.
Zo is Hout een eerbetoon aan een bewonderd sportman door het verhaal van Boom:
‘Wist jij dat Boom ooit de allergrootste was?’
‘En nu niet meer?’
‘Toch wel, kleintje. Boom vond een manier.’
‘Het is zijn hart van hout. Dat krijgt geen storm ooit klein.’
Lees de hele recensie op Jong Literair Nederland.











