Juul Martin Williams

  • Een circulaire tijdreis

    Een circulaire tijdreis

    In De weg naar huis beschrijft Juliën Holtrigter een onderweg zijn, en soms een thuiskomen. Recht is die weg allerminst. Eerder is het een circulaire tijdreis in drie delen, ‘Hoog water’, ‘Verstekelingen’ en ‘De weg naar huis’. Elk deel bevat veertien gedichten met een overzichtelijke structuur. Veel gedichten tellen ook nog eens veertien regels, als…

    Lees verder

  • Alles is vindbaar zolang je maar graaft

    Alles is vindbaar zolang je maar graaft

    Wie bij een dichtbundel van tweeënzestig pagina’s denkt ‘grote stappen, snel thuis’, komt geheid bedrogen uit. Bij Sterkteleer van Lans Stroeve al helemaal. Is er voor het lezen van poëzie toch al een zekere gesteldheid nodig – rust, geduld, openheid -, voor deze bundel geldt dat des te meer. Stroeve’s gedichten voelen alsof men voor…

    Lees verder

  • Manifest van onverwoestbaarheid

    Manifest van onverwoestbaarheid

    Drie lezingen en vele weken geduld waren er voor nodig vooraleer duidelijk werd dat er aan Koeiendagen van Kira Wuck weinig valt te grijpen, en nog minder te be-grijpen. Poëzie die vrij als stromend water zichzelf lijkt te vormen, zonder zich te storen aan hoofdletters, leestekens, en wat er verder zoal aan regels zijn uitgedacht…

    Lees verder

  • Hoop op vertaling: De hoedsters

    Hoop op vertaling: De hoedsters

    Juul Williams pleit voor een vertaling van Les Gardiennes van Ernest Pérochon (1885). Hoewel hier te lande nauwelijks bekend, was Pérochon in zijn tijd zeker een schrijver die meetelde. Voor zijn roman Nêne ontving hij in 1920 de Prix Goncourt. Ook toen al werd door zijn beoordelaars opgemerkt dat zijn werk – hoewel intiem en eenvoudig…

    Lees verder