• Slachtoffers van een discriminerend rechtssysteem

    Slachtoffers van een discriminerend rechtssysteem

    Een familiekwestie van Claire Lynch is een indringende roman over liefde, moederschap en de blijvende gevolgen van maatschappelijke uitsluiting. Claire Lynch is een Britse schrijfster en literatuurdocente en maakte eerder naam met haar non-fictiewerk Small: On Motherhoods. Daarin verkent ze persoonlijke en maatschappelijke perspectieven op queer ouderschap. Dit thema zet ze ook in haar romandebuut overtuigend voort. Het boek is een van de vier boeken op de shortlist voor de Debut Fiction Award van de Nero awards,  een van de belangrijkste prijzen binnen de Engelstalige literatuur, die op 4 maart 2026 wordt uitgereikt. Lynch putte voor dit boek niet alleen uit persoonlijke gesprekken met oudere generaties lesbische moeders, maar ook uit haar uitvoerig juridisch en historisch onderzoek naar de positie van LGBTQ+-ouders in het Verenigd Koninkrijk in de jaren tachtig. In de auteursnoot aan het einde van de roman benadrukt ze expliciet hoe structurele discriminatie in die periode levens en families blijvend heeft getekend, en hoe weinig van die verhalen collectief bewaard zijn gebleven.

    Een nieuwe liefde

    De roman speelt zich af op twee tijdsniveaus. In de vroege jaren tachtig volgen we Dawn, een jonge moeder die samen met haar man Heron en hun dochter Maggie een ogenschijnlijk conventioneel leven leidt in een Engelse provinciestad. Wanneer Dawn nieuwkomer Hazel ontmoet, ontstaat er een intense liefdesrelatie die haar dwingt haar huwelijk en haar rol als moeder te heroverwegen. Deze persoonlijke ontdekking staat haaks op de juridische en sociale realiteit van die tijd: lesbische moeders liepen een reëel risico hun kinderen te verliezen. In de hedendaagse verhaallijn is Heron inmiddels een oudere man die te horen krijgt dat hij terminaal ziek is. Hij worstelt met de vraag hoe hij zijn dochter Maggie moet inlichten over zijn ziekte, maar ook over het verzwegen verleden dat hun familiegeschiedenis heeft bepaald. De spanning tussen wat verteld is en wat verzwegen werd, vormt het morele hart van de roman.

    Dawn is het meest uitgewerkte en complexe personage. Haar innerlijke strijd wordt zeer genuanceerd en empathisch beschreven: ze is geen heldin die moedig breekt met alle conventies, maar een vrouw die laveert tussen liefde, angst en verantwoordelijkheid. Haar keuze voor Hazel is geen simpele bevrijding, maar een keuze met aanzienlijke gevolgen, waaronder het verlies van de voogdij over Maggie. Lynch toont heel duidelijk hoe Dawn niet alleen door individuen, maar vooral door een vijandig juridisch systeem wordt veroordeeld. Hazel fungeert in dat opzicht vooral als katalysator: zij staat voor een alternatieve levensmogelijkheid, maar blijft als personage minder diep uitgewerkt, wat haar rol soms enkel functioneel maakt.

    Heron is een complexer figuur. Hij vertegenwoordigt de normen en zekerheden van zijn tijd en handelt altijd vanuit wat hij als bescherming en verantwoordelijkheid ziet. Hij is een man die tekortschiet in emotionele openheid en verbeeldingskracht. Toch blijft zijn innerlijk leven relatief beperkt uitgewerkt. Maggie belichaamt de latere generatie die moet leren omgaan met de morele complexiteit van het verleden. Haar perspectief onderstreept hoe keuzes van ouders blijven doorwerken, zelfs decennia later.

    Onherstelbare effecten

    Qua stijl kiest Lynch voor een sobere, heldere taal die heel dicht bij de personages blijft. De eenvoudige stijl maakt het boek zeer toegankelijk. De afwisseling tussen verleden en heden is zorgvuldig opgebouwd en zorgt voor een heel geleidelijke onthulling van feiten en emoties. Deze structuur versterkt het gevoel dat het verleden nooit afgesloten is, maar voortdurend doorwerkt in het heden.

    De grote kracht van Een familiekwestie ligt in de maatschappelijke relevantie. Lynch toont hoe wetgeving en sociale normen concrete levens ontwrichten, zonder het verhaal te reduceren tot een pamflet. De emotionele impact van de roman zit vooral in het alledaagse: gemiste momenten, verzwegen gesprekken en onherstelbare breuken. Ook wat niet gezegd of getoond wordt is belangrijk

    In haar auteursnoot plaatst Lynch het verhaal expliciet in de context van de Britse LGBTQ+-geschiedenis. Ze wijst erop dat pas recent erkenning groeit voor het onrecht dat lesbische moeders in de jaren tachtig werd aangedaan, en dat Een familiekwestie bedoeld is als literaire herinnering aan die vergeten realiteit. Die reflectie geeft de roman extra gewicht en maakt duidelijk dat dit verhaal niet louter fictie is, maar wortelt in structureel onrecht.

    Een familiekwestie een ontroerende en betekenisvolle roman die overtuigt door zijn morele ernst en emotionele eerlijkheid. Het boek biedt een genuanceerd en noodzakelijk perspectief op familie, liefde en verlies. Het is vooral een roman die blijft nazinderen door wat niet meer ongedaan gemaakt kan worden — en precies daarin schuilt zijn kracht.

     

     

  • Oogst week 25 – 2025

    Waar ik me voor schaam — Over zwijgen en het doorgeven van schuld

    Sinds januari 2025 mogen burgers zelf onderzoek doen in het Centraal Archief Bijzondere Rechtspleging (CABR). Dit betekent dat veel informatie over mensen die tijdens de Tweede Wereldoorlog hebben gecollaboreerd met de Duitsers voor het eerst naar buiten komt. In Waar ik me voor schaam onderzoekt Sheila Sitalsing de werking van schaamte die van generatie op generatie wordt doorgegeven en de aantrekkingskracht van totalitair gedachtengoed. Haar moeder bleef tot haar dood zwijgen over een deel van hun familiegeschiedenis. Ook onderzoekt Sitalsing, nu het fascisme in Nederland dichterbij lijkt (of is?) dan het sinds de jaren veertig is geweest, de gelijkenissen met de situatie toen.

    Sheila Sitalsing (1968) is journalist, schrijver en econoom. Ze werkte als verslaggever, redacteur en chef redactie voor verschillende bladen en kranten en schreef gedurende elf jaar een column voor de Volkskrant. In 2013 won ze voor die columns de Heldringprijs voor beste columnist van Nederland. In 2024 ontving ze een eredoctoraat van de Universiteit voor Humanistiek voor haar bijdrage aan het maatschappelijk debat. Ze schreef een politieke biografie over Mark Rutte en haar columns over coronajaar 2020 verschenen gebundeld in Dagboek van een krankzinnig jaar.

    Waar ik me voor schaam — Over zwijgen en het doorgeven van schuld
    Auteur: Sheila Sitalsing
    Uitgeverij: De Bezige Bij

    Een familiekwestie


    In Een familiekwestie beschrijft Claire Lynch de strijd van lesbische moeders in het Verenigd Koninkrijk die in de jaren tachtig en negentig massaal de voogdij over hun kinderen werd ontnomen. Lynch stelt het discriminerende rechtssysteem dat daaraan ten grondslag lag aan de orde en geeft de menselijke gevolgen van gerechtelijke uitspraken en de maatschappelijke gevolgen een gezicht. Toch gaat het boek niet over slachtoffers, het gaat vooral over zij die streden voor gelijkheid in een samenleving die hen die onthield.

    Claire Lynch (1981) is hoogleraar Engels en Creatief Schrijven aan de Brunel Universiteit in Londen. Ze verscheen in verschillende podcasts en in 2021 kwam haar memoire Small: On Motherhoods uit, die gaat over de gecompliceerde weg die zij en haar vrouwelijke partner moesten afleggen om drie kinderen te krijgen. Een familiekwestie is haar romandebuut.

    Een familiekwestie

    Auteur: Claire Lynch
    Uitgeverij: Wereldbibliotheek

    Het goede kwaad

    In Het goede kwaad vertelt Samanta Schweblin verhalen over de breekbaarheid van dat waar wij het meest om geven. Over een vader die zijn verdriet niet met zijn zoon kan delen na een ongeluk dat hij door onoplettendheid niet heeft weten te voorkomen. Over een moeder die wacht op een dochter die zal terugkeren. Over een vrouw die levensmoe is, maar zich vanuit haar rol genoodzaakt ziet door te gaan. Deze vertaling volgt op de vertaling van nog twee verhalenbundels van Schweblin: Mond vol vogels (2023) en Zeven lege huizen (2022). 

    Samanta Schweblin (1978) is een Argentijnse schrijver die momenteel in Berlijn woont. Ze heeft drie verhalenbundel gepubliceerd, een novelle en een roman en haar verhalen zijn verschenen in tijdschriften zoals The New Yorker en The Paris Review. Ze werd genomineerd voor verschillende prijzen, stond op longlists en shortlists, en won er ook een aantal, waaronder in 2022 de National Book Award for Translated Literature voor Zeven lege huizen. 

    Het goede kwaad
    Auteur: Samanta Schweblin

    Uitgeverij: Meridiaan Uitgevers

  • Ideeënroman gesitueerd op het Franse platteland

    Ideeënroman gesitueerd op het Franse platteland

    Literaire beschouwing door Gerrit Brand 


    Laat ik maar met de deur in huis vallen: ik ben een liefhebber van het werk van Rachel Kushner (1968). Al sinds haar in 2013 verschenen roman The Flamethrowers (De vlammenwerpers). Haar werk viel me op omdat zij deze roman begon met een snelle rit op een motor, een 1971 Ducati  750 GT, een absolute klassieker. Vervolgens koppelde ze het motorrace-element van het boek aan de art scene in het New York van de jaren ’70 en eindigde in Italië dat destijds werd verstoord door de linkspolitieke acties van de Rode Brigades.

    In het onlangs verschenen Creation Lake, dat inmiddels ook in Nederland is verschenen onder dezelfde titel, gaat ze weer aan de slag met min of meer hetzelfde thema. Linkse politiek en klimaatactiegroepen, gelardeerd met ideeën over de prehistorie van de mensheid dat zich afspeelt in Frankrijk, gegoten in de vorm van een spannende literaire thriller. Dat literaire is niet bedoeld in de slappe betekenis die er over het algemeen aan gegeven wordt – om een misdaadroman meer cachet te geven – maar in de ware zin des woords.

     

    Erudiet verhaal

    Voor Creation Lake gebruikte Kushner de vorm van een spionageroman om een uitermate amusant en erudiet verhaal te vertellen. De hoofdfiguur in het boek noemt zichzelf Sadie Smith (haar echte naam komen we niet te weten), een soort selfmade geheim agente die freelance werkt voor wie haar maar wil inhuren. Ze deinst er niet voor terug om een val te zetten voor degenen die ze in de gaten houdt. Zo gaat ze er probleemloos in mee om een klimaatactiegroep waarin ze geïnfiltreerd is, tot gewelddadige actie aan te zetten terwijl ze dat niet van plan waren. Sadie’s opdrachtgevers zijn de machthebbers die de kritische en dwarsliggende burger onder de duim willen houden. Zoiets. 

    Mooi aan Kushner is haar fantasie en het gemak waarmee ze zich daarvan bedient. En daarbij haar aandacht voor zaken waar de meeste vrouwen zich doorgaans niet voor interesseren, zoals motorfietsen en auto’s. Wie Rachel Kushner een beetje volgt weet dat ze in een klassieke auto rijdt, een Ford Galaxie uit 1964 (zie de cover van haar essaybundel The Hard Crowd).

    Zelf noemde Kushner het schrijven van Creation Lake het leukste dat ze ooit heeft gedaan. Ze wilde een ideeënroman schrijven die niet saai is en die je voor je plezier leest en herleest. Het idee dat ten grondslag ligt aan Creation Lake is niets minder dan waar we vandaan komen en waar we naartoe gaan. Zoals de bijna negentigjarige Bruno Lacombe in het boek zegt: ‘Op dit moment zijn we als mensheid op weg om uit te sterven in een glimmende, auto zonder bestuurder. De vraag is: hoe komen we uit die auto?’ In korte, stuwende hoofdstukken worden de overpeinzingen van Bruno Lacombe – de leider van een groep militante klimaatactivisten, een originele soixante-huitard (studentenopstandeling uit ’68), die al twaalf jaar in een grot woont – afgewisseld met het verhaal (in de eerste persoon) van spionne Sadie Smith. Die graag de boel op stelten zet.
    Bruno
     heeft zijn hele leven onderzoek gedaan naar Neanderthalers en Homo Sapiens en de relatie tussen hen. Lacombe (de naam doet denken aan Lucien Lacombe, een film uit 1974 van Louis Malle). Er zitten trouwens meer verwijzingen in het boek naar een bekende Franse auteur. Goed verstopt, maar als je een literatuur freak bent, dan herken je gewoon Michel Houellebecq.

     

    Aaneenkoppeling van era’s

    Rachel Kushner koppelt van alles aan elkaar. Het werk en de ideeën van een prehistoricus over de Neanderthalers en Homo Sapiens leidt tot een bijzondere geschiedenis van de mensheid van vandaag de dag. De cultuurkritische ideeën van een extreemlinkse (om hem zo maar te noemen) theoreticus uit de groep van ’68, gebaseerd op het boek van Guy Debord, De Spektakelmaatschappij, culinaire beschouwingen en overpeinzingen over wijn (ten slotte zijn we in Frankrijk), een mooie karakteristiek van Zuid-Frankrijk met Marseille als middelpunt en noem maar op. 

    Toen Rachels boek bij me in de brievenbus viel stond ik op het punt op vakantie/familiebezoek te gaan in Marseille. Een mooie toevalligheid aangezien de roman van Kushner min of meer in Marseille begint om zich vervolgens ergens in een ondefinieerbaar gebied in Zuid-Frankrijk verder af te spelen (Kushner gebruikt overigens veelal fantasienamen voor de plaatsen en gebieden). Ik las het dan ook in de juiste sfeer; er komen droge, onherbergzame gebieden en een afgelegen landhuis in voor.
    Sadie Smith noemt de generatie van mensen die in de jaren 90 geboren zijn een generatie die niets heeft meegemaakt. ‘Alleen maar popmuziek, een romantische film, vakantie in augustus. Geen oorlog, niks.’

     Kushner is een meester in het geven van goede sfeertekening. Ze komt steeds op de proppen met mooie beschrijvingen. Ze beschrijft mensen, steden, wegen en landschappen. Maar ze is ook goed in het weergeven van ideeën (al dan niet van haar zelf) over politiek, het kapitalisme en het proletariaat, en de gebeurtenissen in en rond 1968, het jaar van de studentenopstanden waarin het recalcitrante optreden van allerlei extremistische (terreur)bewegingen ontstond.

     

    Marxistisch gedachtengoed

    Bruno Lacombe ziet het nut niet in van op klassen gebaseerde organisaties. Waarbij je je afvraagt of dat niet op de ideeën van de Franse marxist Guy Debord (1931 -1994) gebaseerd is. Zijn argument is dat de wig tussen de mens en de natuur veel dieper is dan de wig tussen fabriekseigenaren en fabrieksarbeiders die de omstandigheden van het leven in de twintigste eeuw hebben gecreëerd. ‘Liefde bevestigt wie iemand is en dat hij het waard is om van te houden. Politiek bevestigt niet wie iemand is. (…) In mensen zit geen politiek.’

    Rachel Kushner is een speelse schrijfster. Als lezer stuwt ze je voort. Ze stopte er haar ideeën over het leven, liefde, politiek en dergelijke in. Je kunt je niet aan het idee onttrekken dat ze het verhaal gebruikt als kapstok om al die ideeën te kunnen etaleren. Ze weet alles van de techniek van auto’s en motorfietsen en prehistorische geschiedenis, maar is vooral gefascineerd door de jaren 60/70. De jaren van de studentenrevoltes en dergelijke. De tijd waarin de wereld zijn onschuld verloor. Men begon zich af te vragen of het wel klopte wat de machthebbers ons vertelden. Denk aan de oorlog in Vietnam. Ik heb iets met die tijd, maar was te jong (12 jaar) om te begrijpen waar het echt om draaide. Rachel Kushner, geboren in 1968, heeft die tijd dus helemaal niet bewust meegemaakt.  Maar die tijd was wel het begin van het alternatieve, linkse denken, dat nu is uitgemond in Metoo, wokeness, klimaatactivisme. Hoe je het ook wendt of keert, Rachel Kushner is een klasse apart. Ze is van alle markten thuis, of het nu over auto’s, culinaire aangelegenheden of politiek gaat. In Creation Lake kom je het allemaal tegen. Het boek leest als een trein, is vermakelijk, en je hebt te maken met een auteur die iets te vertellen heeft. 

     

     

    Creation Lake | Rachel Kushner | Atlas Contact  (2024) | vertaling Lidwien Biekmann | ISBN 9789025470920 | 400 pagina’s | Prijs € 24,99


    Gerrit Brand is uitgever bij uitgeverij Nobelman en auteur.

     

     

  • Oogst week 8 – 2024

    Neem mijn verdriet weg, Stemmen uit de oorlog

    Bij uitgeverij Murrow (onderdeel van Uitgeverij Overamstel) is eind 2023 Neem mijn verdriet weg verschenen. Op de website van deze uitgeverij staat geschreven dat Murrow ‘staat voor goede verhalen. Voor bijzondere journalistiek. Voor non-fictie die ertoe doet. Daarom specialiseert de uitgeverij zich in boeken van geëngageerde auteurs die een verhelderend en noodzakelijk venster op de wereld bieden. Die een onderwerp vol passie op de kaart durven te zetten.’

    Neem mijn verdriet weg past naadloos in die beschrijving. De onafhankelijke Russsische journaliste en documentairemaker Katerina Gordejeva verliet Moskou in 2014 uit protest tegen de annexatie van de Krim door Rusland. Sinds de inval van Rusland in Oekraïne in 2022 is ze in gesprek met talloze gevluchte Oekraïers, veelal vrouwen, in zowel Rusland, Oekraïne en Europa om hun verhalen op te tekenen. In eerste instantie om een documentaire te maken, maar het mondde uit in het spraakmakende boek Neem mijn verdriet weg, met als ondertitel ‘Stemmen uit de oorlog’. Het is het verslag van groot verdriet, frustratie, pijn en haat.

    Gordejeva schrijft in haar voorwoord:’ De oorlog eiste levens en slingerde ons allemaal in een eindeloze spiraal van haat, maar stap voor stap lukte het me een weg te vinden door het meest hopeloze, onvergeeflijke en fatale. Ik weet hoe zwaar het af en toe was voor de protagonisten van dit boek om af te spreken en te vertellen. Soms was het problematisch om juist met mij te praten. Maar iedere keer vonden die buitengewonde mensen de kracht in zichzelf. En we hielden gesprekken.’

    Neem mijn verdriet weg is al in verschillende landen verschenen. Het is ook al voor de Russische markt geredigeerd, maar, zo schrijft Gordejeva: ‘Niet één uitgeverij in Rusland durft het aan dit boek te accepteren en te drukken.’

    Katerina Gordejeva woont momenteel in Letland, heeft een eigen YouTube-kanaal met veel volgers en is door Rusland tot ‘buitenlands agent’ verklaard.

    Neem mijn verdriet weg, Stemmen uit de oorlog
    Auteur: Katerina Gordejeva
    Uitgeverij: Uitgeverij Murrow (2023)

    Veertien dagen

    Zesendertig Amerikaanse en Canadese schrijvers kropen in de huid van evenzovele personages. De schrijvers zijn heel verschillend: beroemd, niet beroemd, oud of jong, schrijvers van thrillers en van literaire fictie. Hun personages treffen elkaar op een dak van een bouwvallig flatgebouw in Manhattan in de Lower East Side. Daar vertellen ze elkaar verhalen. De conciërge van het gebouw ontdekt het dak als eerste, maar gaandeweg wordt het steeds drukker daar bovenop een gebouw in New York. Het is voor de bewoners de enige manier om te ontvluchten uit het letterlijk dodende klimaat beneden op straat. Het is maart 2020 en de sterftecijfers van corona in New York zijn huizenhoog. Twee weken lang zitten ze daar elke avond om de tijd te doden.

    Veertien dagen is een een geconstrueerd boek, een soort raamvertelling. Het is geschreven op initiatief van de Amerikaanse schrijversorganisatie Authors Guild Foundation. Schrijfster Margaret Atwood en oud-Authors Guildvoorzitter Doug Preston houden de rode draad in het oog en zijn als het ware de architecten van het verhaal.

    Veertien dagen
    Auteur: Margaret Atwood, Emma Donoghue, Dave Eggers e.a.
    Uitgeverij: Uitgeverij de Arbeiderspers

    Spiegeldagen

    Spiegeldagen is de tweede roman van Mark Stokmans, die voor zijn debuut Land van echo’s bekroond werd met de Nederlandse Boekhandelsprijs 2023. Hoofdpersoon in Land van Echo’s is de Nederlander Herman Kruijssen. Hij vocht in de Eerste Wereldoorlog aan de kant van de Duitser en kan daarna niet meer terug naar Nederland. Hij komt na omzwervngen door Europa in 1929 in Zuid-Spanje terecht en voelt zich daar thuis. Als de Spaanse Burgeroorlog uitbreekt moet hij (weer) partij kiezen.

    In Spiegeldagen maken we kennis met de kleinzoon van Herman, Ruben Kruijssen die naar Spanje afreist om het familiehuis aldaar te verkopen. Hij kent het daar goed, hij is er in zijn jeugd vaak op bezoek geweest.
    Hij wordt geconfronteerd met allerlei vragen over de geschiedenis van zijn grootouders: wat was de rol van zijn grootvader in de Spaanse Burgeroorlog, waarom is zijn grootmoeder verdwenen?

    Spiegeldagen is een roman over geschiedenis, liefde, landschap en generaties. Over kiezen en herinneren. Over zwart, wit en grijs. Over conflicten uit het verleden die tot op de dag van vandaag van invloed zijn op de Spaanse maatschappij.

     

    Spiegeldagen
    Auteur: Mark Stokmans
    Uitgeverij: Uitgeverij Ambo|Anthos
  • Spooksels

    Spooksels

    Meteen al op de eerste pagina van de historische roman Het huwelijksportret voorvoelt de zestienjarige Lucrezia di Cosimo de’ Medici dat haar man, Alfonso II d’Este, haar wil ombrengen. Het is een later verspreid gerucht, want officieel heet Lucrezia aan bloedvergiftiging te zijn overleden, maar de Britse auteur Maggie O’Farrell neemt het tot uitgangspunt van haar boek. ‘De zekerheid dat hij haar dood voorheeft is als een aanwezigheid naast haar, als een roofvogel met donker verenkleed die is neergestreken op de armleuning van haar stoel,’ schrijft O’Farrell bloemrijk. Soms haast ietwat statig vertaald door Lidwien Biekmann en Tjadine Stheeman.

    Dan zwenkt het verhaal zeventien jaar terug, naar het Florentijnse palazzo waar Lucrezia in 1545 wordt geboren en opgroeit. Een rebels meisje dat als kind al tegenstribbelt wanneer er een portret van haar wordt geschilderd. Een kind dat zich gevangen voelde in het palazzo, net als de tijgerin die haar vader gevangen hield in een kooi in de kelder. Op een dag wordt de tijgerin gedood door de twee leeuwen die Cosimo I ook hield. Zo krijgt dit dier een symbolische betekenis binnen de roman.

    Symbolen

    Net als de nek van Lucrezia, die Sofia, haar min, kindermeisje en kokkin van het palazzo, soms weer recht moet duwen als ze deze te ver naar achter had gedraaid. Uit nieuwsgierigheid, of omdat ze niet direct in haar ogen wenste te worden gekeken. Of omdat een man haar te dicht naderde en ze haar hoofd ver naar achteren moest buigen. Of om te kijken of de ziel van haar overleden, oudere zus Maria al weg was gevlogen door het openstaande raam.

    Mooi is dat in het verloop van de roman de symbolen zoals die van de nek naar binnen keren. Zo ziet Lucrezia op een gegeven moment ‘een paar wolken in de vorm van een aambeeld opdoemen’. De lezer mag het duiden net als de intertekstuele verwijzingen, zoals het toneelstuk dat aan het hof van Ferrara wordt opgevoerd. ‘Over een koning die per ongeluk zijn vrouw vergiftigt.’ Een reminiscentie aan het toneelstuk in het toneelstuk in Hamlet van Shakespeare; niet voor niets Shakespeare, want schreef O’Farrell niet eerder een roman over Hamnet, zoon van Anne Hathaway en William Shakespeare?

    Als een spreeuw die de weg naar buiten niet weet

    Lucrezia moet Maria’s plaats innemen als echtgenote van Alfonso, de zoon van de groothertog uit Ferrara. Zij is pas dertien jaar en nog volop bevangen door kinderlijke ‘spooksels’ die O’Farrell raak weergeeft: ‘Zonder waarschuwing gleed ze tussen de stoel en de tafelrand door en kroop op de tast onder de tafel weg. Dat was de enige manier: ze kon niet zomaar bij de tafel weglopen, want dat ding zou een arm naar haar uitstrekken en haar grijpen.’

    Ze biecht Sofia op wat ze heeft gehoord over het geplande huwelijk, ondertussen aan tafel een spreeuw natekenend die ze eerder dood heeft gevonden, omdat hij de weg uit het palazzo naar buiten niet meer terugvond. Weer zo’n symbool, zo’n doordacht detail. Zo zijn er veel, te veel om op te noemen. Ze geven aan de roman een extra laag, waar het verhaal zelf lang zijn rustige loop neemt en het karakter van Lucrezia en Alfonso genuanceerd wordt weergegeven, met lichte en donkere kanten.

    Het is boeiend, zeker, maar er valt weinig sociale- of politieke context in terug te vinden, wat jammer is. Met uitzondering van terloopse opmerkingen over bijvoorbeeld het waanidee van de hertogelijke familie dat ‘het volk’ van ze houdt, of over de moeder van Alfonso, de protestantse prinses Renate van Frankrijk. Alfonso verandert gaandeweg in een bezetene die nog maar één ding najaagt: een zoon, die zowel het hertogdom Toscane als het hertogdom Ferrara zal erven. Het boezemt Lucrezia angst in, ‘die zich als sneeuwvlagen tegen zich opwerpt’.

    Het portret in wording

    Op een gegeven moment arriveren twee schilderleerlingen, Maurizio en Jacopo, die gaan helpen met het portret van Lucrezia. De een schildert – modern voor die tijd – landschappen op de achtergrond en de ander bekommert zich om de stofuitdrukking. De meester, de maniërist Sebastiano Filippi, doet dan het gezicht en misschien de handen.

    O’Farrell weet de context van het leven aan het hof van Ferrara raak te treffen. Ze schrijft over de schilderleerlingen – waarvan er een verliefd is op Lucrezia –, castraten, schandalen, de kleding en haardracht zoals die in vergelijking tot die in Florence wordt gedragen. Inclusief details als het feit dat Lucrezia’s hoofd haast is ingesnoerd in een hoge kanten kraag, wat draaien ervan moeilijk maakt. Iets dat ze zoveel deed. Wat Alfonso verwacht van het schilderij, zegt hij op een onbewaakt moment: ‘Mijn eerste hertogin’ [lees: Maria]. Wat hij van Lucrezia verwacht, is duidelijk: een mannelijke nazaat. Omdat ze die niet kan geven of omdat hij deze niet kan verwekken (ook zijn volgende huwelijken bleven kinderloos), wordt ze uit de weg geruimd. Of toch niet? De plotwending aan het slot geeft een sprookjesachtige, wat ongeloofwaardige draai aan het verhaal.

    Al met al is het boek een boeiende en mooi vertaalde historische roman waarin met name Lucrezia en Alfonso centraal staan en wat minder aandacht wordt geschonken aan de context van de tijd waarin het speelt. Met een cliché zou je het een pageturner kunnen noemen, net als O’Farrells Hamnet overigens.

     

     

  • Oogst week 17 – 2021

    De laatste gasten, Liefde heeft geen hersens, Schoppenvrouw

    Mensje van Keulen (1946) is al vijftig jaar niet meer weg te denken uit de literatuur. Ze stond verschillende keren op de longlist en shortlist van de Libris Literatuurprijs, kreeg in 2014 de Constantijn Huygens-prijs en won ruim twee maanden geleden de J.M.A. Biesheuvelprijs voor de beste korteverhalenbundel van het afgelopen jaar. De laatste gasten, Liefde heeft geen hersens, Schoppenvrouw is een bundeling van Van Keulens drie recentste romans. De laatste gasten gaat over een landhuis aan de Amstel vol kunstenaars, waar de komst van hoofdpersoon Florrie de onderlinge verhoudingen op scherp zet. In de laatste gasten vermoedt een weduwe dat haar eigen zoon betrokken is bij de overval op een bejaarde vrouw. Ook Schoppenvrouw gaat over een overval, maar deze keer denkt een moeder haar dochter te herkennen wanneer beelden van het misdrijf bij Opsporing Verzocht worden vertoond.

    Ter ere van vijftig jaar schrijverschap en de vijfenzeventigste verjaardag van Mensje van Keulen organiseert uitgeverij Atlas Contact in samenwerking met Hebban een schrijfwedstrijd. De deadline hiervoor is 1 juni. Meer informatie over deze wedstrijd is hier te vinden.

    De laatste gasten, Liefde heeft geen hersens, Schoppenvrouw
    Auteur: Mensje van Keulen
    Uitgeverij: Atlas Contact

    De tas

    Een man laat zijn tas achter in een stationshal. In de eerste instantie lijkt hij hem te zijn vergeten, maar al snel blijkt dat het een bewuste actie was. Dit kleine voorgeval wordt in De tas door Désanne van Brederode (1970) groots uitgewerkt: in plaats van antwoorden te geven stelt de man juist meer vragen.

    Niet alleen hij doet dat, ook het verhaal zelf verrast met vragen. Is de man met de tas eigenlijk wel de hoofdpersoon? En horen voorwerpen, zoals de tas, eigenlijk ook een stem te krijgen? Dat Van Brederode behalve schrijver ook filosoof is, komt duidelijk terug in De tas. Eerder publiceerde ze al meerdere romans en essays.

    De tas
    Auteur: Désanne van Brederode
    Uitgeverij: Querido

    Philip Roth

    Philip Roth (1933-2018) was een Amerikaanse schrijver en kind van tweede generatie Joods-Amerikaanse ouders, een thema dat vaak terugkomt in zijn werk. Hij schreef tientallen romans en won onder meer de Pulitzer-prijs en de Man Booker International Prize.

    Hij gaf biograaf Blake Bailey (1963) toestemming om zijn levensverhaal in boekvorm te gieten. Bailey kreeg toegang tot Roths archief en sprak met talloze belangrijke mensen in diens leven. Niet alleen Roths literaire carrière komt uitgebreid aan bod, ook duikt Bailey in het turbulente liefdesleven van de auteur en onthult nieuwe inzichten. Het resultaat is een uitgebreide biografie die ook nog eens uiterst leesbaar is, vertaald door Lidwien Biekmann en Frank Leken. In de Verenigde Staten is deze biografie niet meer in productie bij uitgeverij W.W. Norton omdat Bailey wordt beschuldigd van seksuele intimidatie en verkrachting. Of een andere uitgeverij met hem in zee wil gaan, is nog niet bekend.

    Philip Roth
    Auteur: Blake Bailey
    Uitgeverij: De Bezige Bij
  • Sontag

    Sontag

    Alles klopte. Het Bretonse vakantiehuisje had strooien muren en lag op een heuvel. Daar beneden zag je enkel bos, hei en brem. De tuin bestond uit hooiachtig gras met fruitbomen, tussen twee daarvan hing mijn hangmat. Een amandelcroissant op de grond ernaast. Perfect gedoseerd viel er schaduw op mijn boek. Tussen de planken van de veranda schoten hagedissen weg. Er was tijd. Ik las de biografie van Susan Sontag. Het allereerste wat ik van haar las, waren haar eerste dagboeken (verzameld onder de titel Herboren). Ik herlas ze minimaal drie keer. Steeds werd ik gegrepen door de storm van ideeën en de rijkdom van haar woelige intellect die boven alles aanstekelijk was. Het contrast met haar gevoelsleven kon niet scherper. De vele affaires en relaties met mannen en vrouwen vielen met name op door een schrijnende herhaling van zetten. Ik begon hongerig aan haar biografie en las met haast, alleen naar zee ging het boek niet mee (te zwaar).

    Weer die boekenarme jeugd en alcoholische moeder maar altijd al een intense denker, altijd een gebrekkige geliefde. Ook haar moederschap kwam er weer bekaaid vanaf. Dat ze op vrouwen viel, bleek helder uit haar dagboeken. Waar ik minder van op de hoogte was, waren haar onvermoeibare pogingen dit te verbergen en ontkennen. Ook nadat iedereen het eigenlijk wel wist. Je kon niet over Sontag praten en haar verholen homoseksualiteit ongenoemd laten. Bladzijde na bladzijde werd de vrouw intelligent, maar met groot mededogen door biograaf Moser ontleed. Ondertussen liep de vakantie ten einde, net als het boek en ik vertraagde, zoals altijd, zoals ik ook ooit de geweldige biografie over Salinger niet uitlas. Het einde kende ik al, iedere pagina een duister stapje dichterbij. Dus rees de vraag waarom ik sowieso aan biografieën begon, als ik ze toch niet eindigde.

    Uiteindelijk gaat het natuurlijk om de kunst en niet de kunstenaar. Tegelijkertijd ga ik als eerste overstag wanneer ik mijn hand kan leggen op de biografie van een favoriete schrijver. Om een glimp op te vangen van de achterkant van het borduurwerk?
    Deze biografie was in ieder geval meer dan dat, hij was rijkelijk meerstemmig. Daaruit bleek, veel meer dan uit haar eenstemmige dagboeken, dat zelfinzicht niet Sontags grootste kwaliteit was. Misschien was ze te goed geworden in verbergen. Een ontluisterend besef. Want verschilde zij daarin eigenlijk van ons? Van wie zouden er na onze dood vergelijkbare conclusies getrokken kunnen worden? Het is één van mijn grotere angsten, door anderen scherper gezien te worden dan door mezelf. Misschien lees ik daarom biografieën, om zoveel mogelijk stukjes mens te zien. Om de ander voor te blijven.
    Inmiddels had ik genoeg coquille Saint-Jacques gegeten voor een heel jaar en het legen van het droogtoilet was geen onverdeeld genoegen. Dus zwaaiden we naar de zwierige eigenaar van het huisje en reden terug. De laatste vijftig pagina’s wachten geduldig.

     

     

     


    Mariken Heitman is bioloog en schrijver. In 2019 verscheen haar debuutroman De wateraap bij AtlasContact.

  • De onbegrijpelijke muze van het boekenvak

    Jonathan Galassi debuteert met een satirische sleutelroman over de Amerikaanse uitgeverswereld Muse, vertaald als Toen boeken nog boeken waren. Galassi (1949) werkt al zijn hele leven in die wereld. Nu is hij directeur/uitgever van de New Yorkse uitgeverij Farrar, Straus and Giroux, bekend om haar Nobelprijswinnaars en de hoge kwaliteit van de boeken die zij uitgeeft. Galassi is behalve uitgever, ook dichter en vertaler van vooral Italiaanse boeken.

    Waar gaat zijn debuutroman over? Hoofdpersoon is Paul Dukach –alter ego van Galassi- die voor een uitgeverij, Purcell & Stern (P&S) gaat werken waar Homer Sterns (alter ego van Robert Straus) de scepter zwaait. De concurrerende uitgeverij, Impetus Editions, wordt gerund door Sterling Wainwright die de zeer succesvolle dichter Ida Perkins uitgeeft. Sterling is haar achterneef, met wie ze ook een relatie heeft gehad. Beide mannen gunnen elkaar niets en Sterns is erg jaloers op Wainwright; niet alleen omdat hij Ida Perkins uitgeeft maar ook omdat hij veel Nobelprijswinnaars in zijn fonds heeft.

    Ida Perkins werd al op jonge leeftijd geprezen om haar gedichten en zal haar hele leven blijven schitteren aan het literaire firmament tot zij in 2010 op vijfentachtig jarige leeftijd in Venetië overlijdt. Zij wordt beschouwd als een van de grootste dichters van haar tijd en president Obama heeft haar sterfdag uitgeroepen tot nationale vrije dag. Deze Ida Perkins is overigens een werkelijk fictief personage, zij staat niet model voor een bestaande Amerikaanse dichteres.

    Het hele verhaal is gedrapeerd rond Paul Dukach en zijn liefde c.q. obsessie voor de dichteres. Hij wil haar eigenlijk uitgeven maar zij zit bij de concurrent. Uiteindelijk weet hij op het einde van haar leven met haar af te spreken. Zij woont dan met haar man, graaf Leonello Moro di Schiuma, een notoire kunst- en vrouwenverzamelaar, in Venetië, in het zestiende eeuwse familiepaleis Palazzo Moro aan het Canal Grande. Wanneer Paul haar daar opzoekt wacht hem een aangename verrassing.

    Behalve over de relatie tussen Paul Dukach en Ida Perkins, gaat het boek vooral over het boekenvak in de VS. Veel bestaande schrijvers en de coterie eromheen passeren de revue; de lezer die goed is ingevoerd in het Amerikaanse boekenvak zal daarin veel herkennen, en kunnen (glim)lachen om de hilarische anekdotes die Galassi uit zijn rijke ervaring weet op te diepen en smeuïg opdist. Ook de Frankfurter Buchmesse en de wijze waarop uitgeverijen zich daar presenteren en handelen om uitgeefrechten komt uitvoerig aan bod. Wanneer verwacht wordt dat Ida Perkins de Nobelprijs voor de literatuur zal krijgen en gewacht wordt op de bekendmaking ervan, schrijft Galassie:

    ‘Na eindeloos lang wachten werd gezegd dat Hendrik David uit Nederland voldoende stemmen had weten te krijgen om de prijs in de wacht te slepen. Er werd gezegd dat hij dat al jaren verwachtte en dat hij elk jaar op de ochtend van de bekendmaking geduldig naast de telefoon zat.

    Maar het gerucht bleek niet waar te zijn. Dries van Meegeren, een andere, nog obscuurdere Nederlandse essayist, had gewonnen, en dat ontketende een ware run op de vertaalrechten, die nog beschikbaar bleken te zijn. Uitgevers uit de hele wereld, die nog nooit van de man hadden gehoord, dromden samen in de normaal gesproken lege Nederlandse hal in de hoop een Nobelprijswinnaar aan de haak te slaan. De stand van De Bezige Bij, de gelukkige uitgever van Van Meegeren, leek op een terminal van een vliegmaatschappij na een gecancelde vlucht. (David kwam de bittere teleurstelling nooit meer te boven en overleed enkele jaren later.)’

    Dit, voor de Nederlandse schrijvers niet zo complimenteuze citaat, is illustratief voor het boek. Het wemelt van dergelijke anekdotes en wie niet goed is ingevoerd in het Amerikaanse boekenvak, zal veel ontgaan. Veel personen passeren de revue, hun literaire prestaties, hun positie in de literaire Amerikaanse wereld, hun onderlinge verhoudingen en persoonlijke vetes, hun reisjes naar de Frankfurter Buchmesse, hun status aldaar, etc.

    Nu weten wij wel dat Hendrik David staat voor Harry Mulisch, maar Dries van Meegeren, wie wordt hier bedoeld? Wanneer je de talloze sleutels die in de roman staan niet kunt gebruiken, verliest het verhaal veel van zijn aantrekkingskracht. De schrijfstijl van Galassi geeft het boek ook meer het karakter van geschiedschrijving dan van een roman.

    En hoewel hij een vlotte pen heeft, kunnen al die anekdotes en plots een lezer die deze niet kan plaatsen niet tot het einde boeien. Zijn bedoeling om een satirisch inkijkje te geven in het wereldje van het Amerikaanse boekenvak, zal aan veel Europese lezers dan ook voorbij gaan.


    Toen boeken nog boeken waren

    Auteur: Jonathan Galassi
    Vertaald door: Lidwien Biekmann
    Uitgegeven door: Atlas Contact, Amsterdam/Antwerpen
    Aantal pagina’s: 238
    Prijs: €24,99

  • Oogst van de week 13

    door Menno Hartman

    De oogst van deze week staat in het teken van vertalingen en bij uitbreiding in het teken van de nominaties voor de Filter Vertaalprijs. Want wat zou de Nederlandse lezer zijn zonder de bemiddeling van al die goede vertalers? Elk van deze boeken is door decennia lezers gewaardeerd, je kunt ze dus rustig kopen, want ze zijn uitermate goed en volgens de jury bovendien goed vertaald…

    De Filter Vertaalprijs is door een aantal uitgevers – zo werd zojuist bekendgemaakt – vertienvoudigd omdat ze vonden dat er meer geld moest komen voor uitzonderlijke vertaalprestaties. Hierdoor ontvangt de laureaat een beduidend hoger prijzengeld: geen € 1.000,- maar € 10.000,- .

    Om welke boeken gaat het eigenlijk?

     

    9789028424371

    Mari Alföldy, vermoedelijk de eminentste vertaalster uit het Hongaars, vertaalde Satanstango van László Krasznahorkai (Wereldbibliotheek).In een vervallen gehucht ergens inHongarije wacht een handjevol achtergebleven mensen op de komst van de man die hen moet verlossen: Irimiás, een duister figuur met het charisma van een profeet. De bewoners kunnen zich niet onttrekken aan de suggestieve kracht van zijn belofte, al vermoeden ze wel dat ze, zoals altijd, met hem hun ongeluk tegemoet gaan. Er zijn aanbevelingen die niet gering zijn: ‘Satanstango stijgt ver uit boven het gekeuvel in veel hedendaagse literatuur.’ schrijft  W.G. Sebald bijvoorbeeld en ‘Krasznahorkai is te vergelijken met Gogol en Melville.’ – meende  Susan Sontag. Hier lees je wat fragmenten. 

    De cirkel

    Gerda Baardman, Lidwien Biekmann, Brenda Mudde en Elles Tukker vertaalden De cirkel van Dave Eggers (Lebowski). Egger behoeft nauwelijks nog betoog. Na A Heartbreaking Work of Staggering Genius is de schrijver niet meer weggeweest. De cirkel gaat over de toenemende privacyloosheid door het internet.

     

    Don JuanIke Cialona, bekend van onder veel meer de vertaling van Dantes De goddelijke komedie samen met Peter Verstegen en de zeer opmerkelijke Hypnerotomachia Poliphili, vertaalde Don Juan van Lord Byron (Athenaeum – Polak & Van Gennep) het meesterwerk van Byron waarin de verleider verleid wordt. De inhoud van het boek werd als immoreel beschouwd, en misschien juist daarom werd het gedicht ongekend populair.

     

    De nieuwkomers lll

    Roel Schuyt (Russisch, Zuid-Slavische talen en Albanees meldt zijn website) vertaalde De nieuwkomers III van Lojze Kovačič (Van Gennep). Hier een fraai fragment en een inleiding op het tweede deel van het autobiografische drieluik dat een echte Sloveense klassieker is.

     

    De rode ruiterij

    Froukje Slofstra is genomineerd voor haar mooie vertaling van Verhalen van Isaak Babel (Van Oorschot) hier schreef Literair Nederland al een  juichende recensie over.

     

     

    Het verhaal van Genji

    En tenslotte de magistrale vertaling van Jos Vos van Het verhaal van Genji van Murasaki Shikibu (Athenaeum – Polak & Van Gennep) waarmee deze uitgeverij ook zijn nek uitsteekt. Het is in drie prachtuitgaven voor verschillende portemonnees gemaakt. De oudste tekst van deze zes genoemde boeken, stammend uit de elfde eeuw fris nieuw in fonkelend Nederlands.

     

    De Filter Vertaalprijs wordt dit jaar opgebracht door 11 vooraanstaande uitgevers, inclusief Vantilt, die de prijs tot nu toe alleen droeg, zijn dat: De Arbeiderspers, Athenaeum – Polak & Van Gennep, De Bezige Bij, Cossee, De Geus, Lebowski, Meulenhoff Boekerij, Van Oorschot, Podium en Wereldbibliotheek. Gehoopt wordt dat fondsen, particuliere begunstigers en andere uitgevers zich bij dit initiatief aansluiten.

    Welk van deze zes vertalingen kan rekenen op de vertienvoudigde Filter Vertaalprijs? Op 8 april 2014 wordt tijdens City2Cities: Internationale Literatuurdagen Utrecht de winnaar live bekendgemaakt.

    Voor die tijd kan je er minstens een lezen, daarna de andere vijf.