• Oogst van de week, 14

    door Carolien Lohmeijer

    Harrie Lemmens – God is een Braziliaan

    Harrie Lemmens en zijn vrouw Ana Carvalho reisden naar Brazilië en brachten er een bezoek aan acht kleurrijke steden, allemaal met een eigen signatuur maar ontegenzeggelijk Braziliaans: Salvador, Ilhéus, São Paulo, Curitiba, Porto Alegre, Rio de Janeiro, Belo Horizonte en Recife en deden daar verslag van in God is een Braziliaan.

    Lemmens is gelauwerd vertaler uit het Portugees, zijn echtgenote is fotografe. Haar foto’s zijn full colour opgenomen in het boek. God is een Braziliaan is een ‘sprankelend’ en ‘rijk’ verslag van een bruisend land, met een verrassende kijk op de vaste clichés voetbal, favela’s, carnaval en indianen.

    Lemmens en Carvalho spraken tijdens hun reis met schrijvers die Lemmens vertaald heeft of die hij graag wil vertalen, met vrienden en voorbijgangers. Ze spraken over boeken, over literatuur, over hun stad, over Brazilië.
    God is een Braziliaan, Uitgeverij Athenaeum-Polak & Van Gennep, € 19,99 – 288 pagina’s.

     

    Hans den Hartog Jager – Het streven
    Het strevenHans den Hartog Jager (1968) is de samensteller van de expositie Meer macht die vanaf 30 maart t/m 17 augustus 2014 in Museum de Fundatie in Zwolle te zien is.

     

     

     

    Tegelijk met de tentoonstelling verschijnt bij uitgeverij Athenaeum Polak & Van Gennep het geïllustreerde boek Het streven.

    Meer macht toont werk van Steve McQueen, Ai Weiwei, Anselm Kiefer, Constant, Anri Sala, Yael Bartana, Deimantas Narkevicius, Joseph Beuys, Renzo Martens, Gert Jan Kocken, Raphaël Zarka, Andres Serrano, Alec Soth, Asger Jorn, Hans van Houwelingen en Roy Villevoye. Aan de orde komt de vraag of kunstenaars in deze tijd nog idealen kunnen nastreven, en of er voor hen (nog) macht is weggelegd. Het gaat over het dilemma van hedendaagse kunstenaars die méér in de wereld willen betekenen. Hoe zorg je ervoor dat de maatschappij naar je ideeën luistert? Hoe maak je als kunstenaar je werk zo krachtig, zo verleidelijk, dat de wereld er niet omheen kan?

    De auteur is kunstcriticus en schrijver. Hij publiceerde o.a. twee romans en verschillende bundels waaronder Verf met daarin interviews met hedendaagse Nederlandse schilders, en Dit is Nederland in tachtig meesterwerken, waarin hij de belangrijkste schilderijen uit de Nederlandse kunstgeschiedenis toelicht.
    Hans den Hartog Jager, Het streven, Uitgeverij Athenaeum Polak & Van Gennep, 224 pagina’s, € 19,95.

     

    Tao Lin – Taipei

    Tai Pei

    En dan een boek van de schrijver Tao Lin, volgens de uitgeverij ‘een fenomeen’. Tao Lin (1983) is grondlegger en boegbeeld van Alt Lit, een Amerikaans platform voor literaire bloggers, die een nieuwe literaire stroming vertegenwoordigen. De bloggers publiceren hun werk zonder tussenkomst van uitgeverijen. Via hun blogs en sociale media verkopen zij hun werk veelal online. Taipei is het eerste boek van Alt Lit dat bij een gewone uitgeverij verscheen. Tao Lin schreef al twee romans, een novelle, korte verhalen en een dichtbundel. Zijn werk wordt inmiddels in meer dan twaalf talen vertaald.

    Tai Pei is ‘een geraffineerde roman over jongeren die opgroeien in een tijd die wordt gedomineerd door synthetische drugs, vage relaties en smartphones’.

    Tao Lin, Tai Pei, Uitgeverij Podium, vertaald door Edzard Krol, € 19,50.

     

  • Oogst van de week 13

    door Menno Hartman

    De oogst van deze week staat in het teken van vertalingen en bij uitbreiding in het teken van de nominaties voor de Filter Vertaalprijs. Want wat zou de Nederlandse lezer zijn zonder de bemiddeling van al die goede vertalers? Elk van deze boeken is door decennia lezers gewaardeerd, je kunt ze dus rustig kopen, want ze zijn uitermate goed en volgens de jury bovendien goed vertaald…

    De Filter Vertaalprijs is door een aantal uitgevers – zo werd zojuist bekendgemaakt – vertienvoudigd omdat ze vonden dat er meer geld moest komen voor uitzonderlijke vertaalprestaties. Hierdoor ontvangt de laureaat een beduidend hoger prijzengeld: geen € 1.000,- maar € 10.000,- .

    Om welke boeken gaat het eigenlijk?

     

    9789028424371

    Mari Alföldy, vermoedelijk de eminentste vertaalster uit het Hongaars, vertaalde Satanstango van László Krasznahorkai (Wereldbibliotheek).In een vervallen gehucht ergens inHongarije wacht een handjevol achtergebleven mensen op de komst van de man die hen moet verlossen: Irimiás, een duister figuur met het charisma van een profeet. De bewoners kunnen zich niet onttrekken aan de suggestieve kracht van zijn belofte, al vermoeden ze wel dat ze, zoals altijd, met hem hun ongeluk tegemoet gaan. Er zijn aanbevelingen die niet gering zijn: ‘Satanstango stijgt ver uit boven het gekeuvel in veel hedendaagse literatuur.’ schrijft  W.G. Sebald bijvoorbeeld en ‘Krasznahorkai is te vergelijken met Gogol en Melville.’ – meende  Susan Sontag. Hier lees je wat fragmenten. 

    De cirkel

    Gerda Baardman, Lidwien Biekmann, Brenda Mudde en Elles Tukker vertaalden De cirkel van Dave Eggers (Lebowski). Egger behoeft nauwelijks nog betoog. Na A Heartbreaking Work of Staggering Genius is de schrijver niet meer weggeweest. De cirkel gaat over de toenemende privacyloosheid door het internet.

     

    Don JuanIke Cialona, bekend van onder veel meer de vertaling van Dantes De goddelijke komedie samen met Peter Verstegen en de zeer opmerkelijke Hypnerotomachia Poliphili, vertaalde Don Juan van Lord Byron (Athenaeum – Polak & Van Gennep) het meesterwerk van Byron waarin de verleider verleid wordt. De inhoud van het boek werd als immoreel beschouwd, en misschien juist daarom werd het gedicht ongekend populair.

     

    De nieuwkomers lll

    Roel Schuyt (Russisch, Zuid-Slavische talen en Albanees meldt zijn website) vertaalde De nieuwkomers III van Lojze Kovačič (Van Gennep). Hier een fraai fragment en een inleiding op het tweede deel van het autobiografische drieluik dat een echte Sloveense klassieker is.

     

    De rode ruiterij

    Froukje Slofstra is genomineerd voor haar mooie vertaling van Verhalen van Isaak Babel (Van Oorschot) hier schreef Literair Nederland al een  juichende recensie over.

     

     

    Het verhaal van Genji

    En tenslotte de magistrale vertaling van Jos Vos van Het verhaal van Genji van Murasaki Shikibu (Athenaeum – Polak & Van Gennep) waarmee deze uitgeverij ook zijn nek uitsteekt. Het is in drie prachtuitgaven voor verschillende portemonnees gemaakt. De oudste tekst van deze zes genoemde boeken, stammend uit de elfde eeuw fris nieuw in fonkelend Nederlands.

     

    De Filter Vertaalprijs wordt dit jaar opgebracht door 11 vooraanstaande uitgevers, inclusief Vantilt, die de prijs tot nu toe alleen droeg, zijn dat: De Arbeiderspers, Athenaeum – Polak & Van Gennep, De Bezige Bij, Cossee, De Geus, Lebowski, Meulenhoff Boekerij, Van Oorschot, Podium en Wereldbibliotheek. Gehoopt wordt dat fondsen, particuliere begunstigers en andere uitgevers zich bij dit initiatief aansluiten.

    Welk van deze zes vertalingen kan rekenen op de vertienvoudigde Filter Vertaalprijs? Op 8 april 2014 wordt tijdens City2Cities: Internationale Literatuurdagen Utrecht de winnaar live bekendgemaakt.

    Voor die tijd kan je er minstens een lezen, daarna de andere vijf.

     

     

  • Oogst week 12

    door Menno Hartman

    ‘We hebben een zoon. Hij heet Milo en hij is gisteren om 18.35 uur geboren. Lag met zijn voeten al naar buiten en dwars bovendien, er was geen houden aan, het kwam uit het niets en dat heb ik wel honderd keer in mijn hoofd gezegd.’ Zo begint het nieuwe boek van Jowi Schmitz. Te vroeg geboren. Dagboek over mijn zoon. Hoe eenvoudig ook, dit is een begin waarna je door wilt lezen. Het is een klein boek over een groot onderwerp, zorg om een kind dat veel te vroeg geboren is. Dicht op de huid lijkt het, en aangrijpend.  Uitgeverij Cossee.

    Luiselli-klein-1Dan dit. ‘Overtuigend debuut’ schreef onze recensent Olivier Rieter over het eerste boek van Valeria Luiselli van uitgeverij Karaat. Nu is er een nieuw boek De gewichtlozen. We moeten hier eerst maar eens constateren dat de jonge uitgeverij Karaat een naam aan het worden is, met gestaag doorgaand mooie titels die goed ontvangen worden. Een kleine kwaliteitsuitgever die bewijst dat daar nog heus ruimte voor is in het Nederlands boekenbestel.

    coverportugalkleinDat geldt ook voor Uitgeverij Schokland, nu in de winkel de nieuwe uitgave in de Schokland Kritische Klassiekenreeks, J. Rentes de Carvalho met Portugal, de bloem en de sikkel, een politiek relaas zoals alle titels in deze reeks, en in dit geval in 1975 verschenen en pas dit jaar ook in het Portugees beschikbaar. Het boek is eerder in het Nederlands verschenen, maar nu mooi gebonden met stofomslag en leeslint. Rentes de Carvalho is de Portugese schrijver die al decennia in Nederland verblijft. Hij schreef een jaar na de Anjerrevolutie een heldere beschouwing die de machtswisseling in 1974 meteen in perspectief plaatst. Portugal was van een fascistische dictatuur af, onder Salazar, maar wat bracht de toekomst? De vertaling is van de grote August Willemsen. ‘Toen ik, omstreeks 1935, de school betrad, wachtte het Salazarisme me op met een wereldomvattende visie van de grootte van mijn land. Als men namelijk de totale oppervlakte van de koloniën over de kaart van Europa legde, werd Portugal een vlek die zich uitstrekte van de Atlantische oceaan tot voorbij Moskou. En wanneer de juffrouw, met haar onaanvechtbare autoriteit verklaarde: ‘ons land heeft alles,’ of ‘Salazar is het grote Licht’, dan voelden wij, pril van jaren en maar al te gauw onder de indruk een voldoening als van rijke beschermde mensen.

    Dat is ook een begin waarna je door wilt lezen.

  • De vele ‘ikken’ van Fernando Pessoa

    Het was een zondag in maart en we hadden het niet zo in de gaten maar het bleek de warmste dag in maart ooit geregistreerd. We liepen langs overvolle terrassen linea recta naar Nederlands enige Literatuurhuis dat zich aan de Oudegracht in Utrecht bevindt. In een klein, witgekalkt zaaltje, voorheen de sacristie van de niet meer bestaande Regulierenkerk, hield Fernando Pessoa-kenner en directeur van Het Literatuurhuis Michaël Stoker, een lezing over de Triomfdag van deze Portugese schrijver. Het veelal oudere maar zeer aandachtig publiek had in de gereedstaande stoelen plaatsgenomen. Naast mijn studentendochter, liep er op de valreep nog een enkele jongere binnen. Het was een rustig zaaltje, als in een filmhuis. In een uitgespaarde ruimte in de muur stond een klein metalen beeldje van Jezus aan het kruis. De ruimte deed denken, (door het felle zonlicht, dat langs een halfgesloten gordijn door het openstaand venster naar binnen schitterde zonder iets van warmte af te geven) aan één van die Portugese achterkamertjes waar, hoe fel de zon buiten ook scheen, het altijd koud blijft en er geen zichtbare behoefte aan decoratie te ontdekken is dan alleen het  onontbeerlijke kruisbeeld.

    Michaël Stoker kende zijn onderwerp goed en sprak anderhalf uur lang, enkel onderbroken door drie korte filmfragmenten – waaronder een opname van een interview met August Willemsen, die Pessoa eind jaren zeventig in Nederland introduceerde. Hem werd gevraagd: ‘Waarover gaat het werk van Pessoa. Kun je dat uitleggen?’ Willemsen keek recht in de camera en zei enkel: ‘Nee’.
    Er was een korte film van de Triomfdag (1988), waarin een onrustige en weifelende Pessoa te zien is, die plots een pak papier op een dressoir schikt en staand, begint te schrijven; het eerste heteroniem, Alberto Caeiro was geboren. Pessoa liet de wereld geloven dat hij op dat moment, achter elkaar 30 gedichten schreef. Maar, wist Stoker te vertellen, onderzoek van het tekstpapier heeft uitgewezen dat hij er een half jaar aan gewerkt heeft.

    De lezing was ter gelegenheid van een nieuw uitgegeven werkje van een van de heteroniemen, Alvaro de Campos, die een Ter nagedachtenis had geschreven voor een ander heteroniem, Alberto Caeiro. Het zijn de enige teksten waarin sprake is van een ontmoeting tussen de drie belangrijkste heteroniemen en ook Pessoa zelf. In de wonderlijke wereld van Pessoa wordt de werkelijkheid gelogen. De eerste heteroniem dus, die in Pessoa een onophoudelijke stroom van gedichten losmaakte, verscheen op  8 maart 1914, later de Triomfdag genoemd. Waarna er zich nog twee aandienden, Ricardo Reis en Álvaro de Campos. Een heteroniem, anders dan een pseudoniem, is een personage die niets van zijn werkelijke verteller blootgeeft, het is een nieuwe ‘ik’. Pessoa was een man met grote plannen in zake de literatuur en zichzelf. Hij wilde zich, in meerdere talen, de wereld in schrijven, beroemd worden. Hij wilde reizen maar kwam Lissabon niet uit en schreef daarentegen het gedicht: ‘Aan de vooravond van nooit vertrekken’. Uiteindelijk liet hij een kist (arca) na met meer dan 30.000 beschreven velletjes papier die hem na zijn dood eeuwige roem bezorgde.

    Pessoa was van plan zichzelf te laten verdwijnen en de heteroniemen te laten voortleven. Uiteindelijk creëerde hij er meer dan tachtig en uit de kist schijnen nog steeds nieuwe heteroniemen tevoorschijn te komen. Een magische kist, die in mijn hoofd ondertussen de vorm heeft aangenomen van een flinke scheepskist. Een kist vol manuscripten liet Pessoa achter en zelf wilde hij verdwijnen. Het heeft iets treurigs, een groot schrijver als Pessoa, die bij zijn leven geen enkele erkenning kreeg. Van August Willemsen was ook de opmerking: ‘Wie Pessoa is, wordt nog onderzocht.’ Michaël Stoker bracht vele lijnen uit het leven van Pessoa in kaart, en lichtte tipjes van de sluier(s) op waardoor Pessoa steeds zichtbaarder voor het voetlicht trad. Na afloop werd aan alle bezoekers onderstaand boekje uitgedeeld. Een inventieve manier om een boek aan de man te brengen. De toegangsprijs was net zoveel als het boekje zelf, de lezing kreeg je erbij, of was het andersom? Maar dat maakte eigenlijk niet uit, het was een welbestede middag. De zon was ver over zijn hoogtepunt heen toen we weer over de Oudegracht liepen waar de terrassen goed gevuld waren. Maar een plaatsje op een terras in de zon,  woog niet op tegen de onthullingen over het leven van Fernando Pessoa, die door George Steiner, zo stond op de achterflap, een literaire jongleur werd genoemd.

     

  • Oogst week 11 – 2014

    door Ingrid van der Graaf

    Een greep uit de binnengekomen boeken van deze week. Over Nina Simone is al veel geschreven. Gilles Leroy waagde zich aan een roman over dat deel van haar leven waar haar platenbazen niet zo gelukkig mee waren: namelijke haar politiek engagement. Leroy beschrijft Simones weg naar de top als een kronkelende weg vol teleurstellingen, alcohol, eenzaamheid en desillusies.Nadat ze uit protest tegen de Vietnamoorlog geen belasting meer betaalde en de VS ontvluchtte, leefde ze in Afrika, Zwitserland en van 1988 tot 1992 in Nederland. Haar leven wordt steeds chaotischer, het wordt bijna onmogelijk nog op te treden. Een Nederlandse vriend hielp haar de weg terug te vinden naar een stabieler leven. En in de jaren negentig veroverde Nina Simone een nieuw publiek en gaf de concerten die legendarisch zouden worden.  Uitgegeven bij Cossee.

    een stormJohannes Anyuru (1979) is een in Zweden geboren dichter, (moeder Zweeds, vader Oegandees). Een storm kwam uit het paradijs is zijn debuutroman. Het gaat over zijn vader, P genaamd, die als piloot in opleiding naar Athene gaat. Als in 1971 Idi Amin de macht grijpt in Oeganda, roept hij alle piloten naar het land terug. P negeert dit bevel en deserteert. Het verhaal volgt zijn beproevingen als vluchteling, als zwerver en als gevangene. Ondertussen blijft P  dromen van een leven als piloot, maar of hij ooit nog zal vliegen, is de vraag.  Uitgegeven bij World Editions, een spin off  (2013) van De Geus onder leiding van Eric Visser.

    7045Per Petterson (1952) publiceert sinds 1987, maar brak pas door in 2003 met de roman Paarden stelen. Twee wegen is zijn negende roman en gaat over twee mannen (ooit vrienden) die elkaar tegenkomen op een brug nadat ze elkaar vijfendertig jaar niet meer gezien hebben. Wat volgt is een ongemakkelijk gesprek. Deze toevallige ontmoeting brengt veel herinneringen uit hun jeugd boven. Beiden groeiden op in gebroken gezinnen en putten toen kracht uit hun vriendschap. Ondanks dat ze hun eigen weg zijn gegaan, kunnen ze niet aan hun veelbewogen verleden ontsnappen.
    Twee wegen werd uitgegeven bij De Geus

    9789462370340_VRKVan de Franse schrijver en psychoanalyticus Philippe Grimbert (1948) is zijn literaire debuut Het jurkje van Paul (2001) onlangs in vertaling van Jan Versteeg verschenen. Grimbert weet de tekortkomingen in de intermenselijke relaties scherp neer te zetten. Een roman over een man die in de ban raakt van een jurkje, dit koopt maar dat verzwijgt voor zijn vrouw. Waarom weet hij zelf ook niet. Het jurkje heeft een verwoestend effect op hun relatie. Er kleeft een geheim aan dat jurkje dat langzaam ontrafeld wordt. Het jurkje van Paul werd uitgegeven bij World Editions NL.

     

     

  • De evolutie van een oeuvre… … of het publicatieritme van Tijs Goldschmidt

    Is Tijs Goldschmidt lui? Je zou je dat af kunnen vragen. Niet omdat hij slechts eens in de 7 jaar een essaybundel schrijft en niet veel vaker, zoals ik wel zou willen. In zo’n bundel staan dan steeds zo’n 21 essays, niet veel meer. In Oversprongen (2000) waren dat 20 essays, in Kloten van de engel (2007) 22, en in het zojuist verschenen Vis in bad dus 21.

    We kunnen daaruit het volgende opmaken: Tijs Goldschmidt hecht aan zijn publicatieritme. En hij hecht ook aan structuur, wat niet vreemd is voor een evolutiebioloog. Een bundel van hem begint met de ‘Inhoudsopgave’, dan volgen de geïllustreerde essays, een publicatieverantwoording waaruit de lezer op kan maken waar de stukken eerder zijn gepubliceerd (meestal NRC, De Gids, of voor een lezing)  een literatuurlijst en een register. Alleen in De kloten van de engel is geen literatuurlijst te vinden. Deze recensent kijkt naar dergelijke details omdat hij in navolging van Goldschmidt denkt dat je naar vrijwel alles dus ook naar een oeuvre door een evolutionaire bril kunt kijken. Hoe ontwikkelt het zich, hoe past het zich aan, hoe verandert het en wat betekent dat? Of nog nauwkeuriger: de evolutie of de ontwikkeling van het dankwoord, en wat je daaruit op kunt maken.*

    Goldschmidt is een evolutiebioloog die in de letteren verzeild geraakt is, nadat hij volgend op zijn proefschrift over cichliden − een voor evolutiebiologen boeiend visje dat veel voorkwam in het Afrikaanse Victoriameer − een meesterlijk en beangstigend boek schreef: Darwins Hofvijver. Biologen kijken naar dieren en denken na over dieren. Als wij nu het oeuvre van de denkende primaat Goldschmidt even als zijn biotoop beschouwen dan kunnen we trachten conclusies te trekken uit deze kleine afwijking. Waarom geen literatuurlijst in zijn 2e essaybundel? Een hypothese zou kunnen zijn dat in deze essaybundel iets meer stukken over moderne kunst staan dan in de andere. En het woord ‘ik’ komt er meer in voor. (Lijkt het, ik heb niet geteld, hier is nader onderzoek nodig). Waarom is zijn register in de laatste bundel twee keer zo groot als de eerdere registers? Is dit een ontwikkeling door seksuele selectie, hebben schrijvers met een groter register meer kans ‘geselecteerd’ te worden door vrouwelijke essayisten? Hierover later meer.

    Waarschijnlijk is Goldschmidt op dit moment, door zijn drie bundels heen, Nederlands veelzijdigste essayist. Hij schrijft makkelijk over evolutie, over dieren, over moderne kunst, over geschiedenis, over antropologie, over milieu, over seks, over film, dans, rituelen, de Asmat, over muziek, over spel, over poëzie, over andere schrijvers over zichzelf, etc. Goldschmidt beweert bijvoorbeeld van zichzelf dat hij lui is. Maar van kijken naar dieren heeft hij geleerd dat dat niet precies ‘ledigheid’ hoeft te zijn: ‘Als ik me heb voorgenomen een beschouwing of een verhaal te schrijven, breekt er een sprokkelfase aan. Ik kijk gerichter om me heen, ga op zoek naar informatie, duik in de literatuur, en praat erover met onderzoekers of kunstenaars, afhankelijk van het onderwerp. Ik stel het schrijven uit, loerend op ongeziene verbanden, op essayistische vragen op woorden die met het onderwerp te maken hebben en die soms ineens een nieuwe betekenis krijgen. Is de luipaard een lui paard of een leeuwpaard, leopardus?’ Hij vergaart lummelend dus informatie die nuttig voor hem kan zijn, zoals de valk dat doet op zijn paal, om het landschap te beoordelen.

    De nieuwe verzameling essays van Goldschmidt is beter dan zijn vorige, en minder dan de eerste. Hij is beter dan Kloten van de engel  omdat beeldende kunst weliswaar evident zijn grote hobby is, maar niet per se zijn fort. In Vis in bad grijpt hij belangrijke onderwerpen aan waarmee hij extreem goed uit de voeten kan. Ik vind de Huizingalezing ‘Doen alsof je doet alsof’ een van de beste essays die ik in jaren las. Het gaat over zoveel zaken en het verband ertussen wordt heel sterk en overtuigend aangetoond. Na het lezen heb je alle marges volgekrabbeld en wil je verschillende boeken lezen en films zien die Goldschmidt besprak. In zijn essay ‘Het gen van de ziel’ dat in 2011 al in De Gids stond, doet hij iets ongeëvenaards, hij bespreekt twee andere grote essayisten: Bas Heijne en Willem Jan Otten en doet dit zo diep en zo begrijpend en tegelijkertijd zo ontluisterend scherp dat het voorbeeldig is. Naast vele andere kwaliteiten heeft Goldschmidt het vermogen te bewonderen, hij is zeldzaam vrijgevig in het eer toewuiven naar andere kunstenaars/schrijvers/wetenschappers.

    Nu interesseer ik me voor bijna alles waarover Goldschmidt goed schrijven kan. Maar dat is toch waarschijnlijk niet míjn kwaliteit. Vermoedelijk kan Goldschmidt over bijna alles interessant schrijven. Iets minder over beeldende kunst dus, naar mijn idee, omdat hij daar meer op eigen smaak denkt te kunnen afgaan, en de tekst minder belezen met inzichten van anderen stoffeert. In de bundel Kloten van de Engel dus meer ‘ik’ en geen literatuurlijst.

    Vis in bad is weer een gevarieerde essaybundel van hoge kwaliteit die aanzet tot denken en lezen. En vergelijken: het register van Vis in bad is alleen maar wat minder streng opgesteld dan dat van de eerste twee bundels. Zodat je moet constateren dat Goldschmidt in dit boek wel over ‘zee’ en ‘actrice’ heeft geschreven, en in de vorige twee niet. Of toch?

    Het is een klein beetje jammer dat we nu tot 2021 moeten wachten op de volgende verzameling van 21 essays, maar wie NRC, tijdschriften als De Gids of soms Tirade en de Groene Amsterdammer volgt, krijgt al eerder van dergelijke inspirerende essays  voorgeschoteld. Dit jaar nog 3!

     

    *De evolutie van het dankwoord bij Goldschmidt: in de eerste bundel (1) nog zeer kort en geserreerd, alleen een instelling, in de tweede (2) de langste lijst, met namen die in de derde (3) terugkeren, en namen die niet in de derde terugkeren. Onder wie Louis Tas, die wel een eigen, en indrukwekkend In memoriam krijgt in de laatste essaybundel. In (3) worden de ‘medewerkers van uitgeverij Athenaeum Polak & Van Gennep’ genoemd, in (3) kan hij ze bij name noemen, omdat er helaas nog maar twee over zijn: Rob Zweedijk en Frits van der Meij. De contacten bij NRC zijn daarentegen gegroeid, in (2) bedankt hij er drie bij naam, in (3) 1, en vele anderen. Het moet mogelijk zijn aan de hand van de namen alleen een heel goede indicatie van de inhoud van de bundels te geven. En daarmee dus van de evolutie van Goldschmidts denken. Afijn dit is dus wat Goldschmidt lezen met je doet.

     

  • De oogst van week 10

    door Carolien Lohmeijer

    Om de verschijning van zijn nieuwe roman luister bij te zetten, komt de gelauwerde Uwe Timm (1940) op 20 maart naar het Goethe Instituut in Amsterdam om te praten over zijn nieuwe roman Vogelweide dat onlangs onder de titel De macht van begeerte bij Podium is verschenen. Uwe Timm is op dit moment een van Duitslands meest succesvolle schrijvers, en in Nederland vooral bekend van zijn boeken Mijn broer bijvoorbeeld en De ontdekking van de Curryworst dat ook verfilmd werd.
    De macht van begeerte, Uwe Timm, vertaald door Gerrit Bussink, Uitgeverij Podium

    Retour_Bangkok

    Dan een debuut. Een schelmenroman volgens de uitgever. Dat woord heeft altijd iets charmants in zich. Het maakt nieuwsgierig als je vervolgens leest waar het boek over gaat:

    Retour Bangkok is een schelmenroman op het scherpst van de snede, die de broeierige verknoping van boven- en onderwereld van de grote bazen in de internationale drugshandel, keurige zakenlui, hoeren, corrupte gezagsdragers en moordenaars tot leven wekt. En dat in een duizelingwekkend verhaal waarin grof sarcasme en aanstekelijke humor om de voorrang strijden en waarin ondanks chantage, afpersing en uitbuiting plaats is voor wederzijdse genegenheid en sympathie. Michiel Heijungs (1957) was onder meer journalist, musicus, handelaar in edelstenen en ondernemer.
    Retour Bangkok, Michiel Heijungs, Uitgeverij Van Oorschot

    Voortekenen van het einde van de wereld In Voortekenen van het einde van de wereld van de Mexicaan Herrera gaat Makina met een brief van haar moeder en een pakje waarvan ze de inhoud niet kent, clandestien naar de Verenigde Staten om haar broer, die daar zijn geluk heeft willen beproeven, terug te brengen naar hun dorp in wat alleen maar Mexico kan zijn. De reis die Makina maakt vertoont een aantal overeenkomsten met de tocht die sommige doden volgens de Azteekse mythologie moesten volbrengen om af te dalen naar Mictlán, de negende en diepste laag van het dodenrijk. Voortekenen van het einde van de wereld – Yuri Herrera, vertaald door: Heijo Alting, Uitgeverij Wereldbibliotheek.

     

    Doe dit vooral thuis Heb je op maandagavond Proefkonijnen gemist, dan kijk je het de volgende dag op Uitzending Gemist alsnog. Het is aantrekkelijke mix van entertainment en kennisvergaring die dit programma zo succesvol maakt. En hoewel Bas Haring eigenlijk al direct na zijn debuut Kaas en de Evolutietheorie een bekende naam werd in Nederland, kiest uitgeverij Nijgh en Van Ditmar op het omslag van Doe dit vooral thuis er toch voor om de presentatoren van het tv-programma af te beelden. En geef ze eens ongelijk, het gaat er toch om dat zoveel mogelijk adepten van het tv-programma dit boekje zullen aanschaffen! (Bas Haring staat op de achterkant.)
    Doe dit vooral thuis
    is een doe-boek dat aan de hand van stukjes uit het televisieprogramma laat zien waar wetenschap werkelijk om gaat. Daar hoeven geen laboratoria, reageerbuizen of statistieken aan te pas te komen. In dit boek worden op een toegankelijke wijze serieuze onderwerpen besproken als: Wat is een experiment eigenlijk? En welke vragen kun je beter wel, of beter niet proberen te beantwoorden?
    Doe dit vooral thuis – Bas Haring (en Dennis en Valerie), Uitgeverij Nijgh en Van Ditmar

     

    De trein schrijft liedjes van verlangenPoëzie – bloemlezingen

    Bloemlezing, samengesteld door Henny Vrienten. In deze bundel zijn de dichters geïnspireerd door het reizen met trein of tram. In binnen- en buitenland dichten ze over verlaten perrons, volle coupés of het verlangen naar reizen. Met gedichten van oa. Anne Enquist, Toon Tellegen, Hagar Peeters, Remco Campert en Vrouwkje Tuinman.
    De trein schrijft liedjes van verlangen – Hennie Vrienten, Rainbow Pockets

     

    Opzij van het kijken

    Eva Gerlach (1948) heeft zelf deze bloemlezing samengesteld. Daarin heeft zij het beste opgenomen wat zij volgens zichzelf te bieden heeft.

    Opzij van het kijken – Eva Gerlach, Rainbow Pockets

     

  • Oogst van week 9

    door Menno Hartman

    De race voor de nieuwste beste klassieker is begonnen, waar men vroeger ergens ‘nieuw’ opplakte als een wervende sticker in felle kleuren is ‘oud’ nu in boekenland volledig in. Niet onterecht. Toen Niels Lyhne van Jens Peter Jacobsen binnen kwam, heb ik heel lang moeten denken waarvan ik die naam toch kende.  Ik ben speurend op een deel van het antwoord gekomen. Deze roman uit 1880, waarin het ontwaken van de nieuwe eeuw al decennia voor zijn komst beschreven wordt is een typisch voorbeeld van: Modern lang voor zijn tijd. Rilke schrijft over het boek in het vermaarde ‘Brief aan een jonge dichter’ en het is niet onmogelijk dat hij zijn Die Aufzeichnungen des Malte Laurids Brigge zijn ontstaan naar aanleiding van dit voorbeeld. En ik heb er Nederlanders over zien schrijven: Misschien J.J. Voskuil, Hanny Michaelis, ook Ter Braak en Du Perron denk ik. Dit is dus een interessant boek. Wereldbibliotheek. Al iets lezen, klik hier. Uit het Deens vertaald door Annelies van Hees.

    omslag laatsteDat geldt vast ook voor Jan van Mersbergen nieuwe boek. Van Mersbergen: de enige man onder de Nederlandse schrijvers, schrijft als de Cormac McCarthy van de lage landen. Mix 1 deel Clint Eastwood met twee delen Hollands Pils, en je hebt: Jan van Mersbergen. Goede stijl, aansprekende thema’s. Cossee.

    vdi9789025370268En dan een echte klassieker: Wilhelm Meisters Lehrjahre van Johann Wolfgang Goethe op Die Wahlverwantschafften na na de allerbeste roman van Goethe, is vertaald door een hele goede vertaalster: Ria van Hengel. Athenaeum, Polak & Van Gennep.

    Dit was een goede week. Later de recensies.

     

     

  • Helon Habila in Den Haag

    Literair Nederland was erbij

    Door Vera ter Beest

    Het decor is hetzelfde, alleen de locatie is anders. BorderKitchen wordt op deze woensdag 19 februari voor het eerst gehouden in Theater Stella in Den Haag. Op het podium van de kleine zaal staan twee gemakkelijke stoelen die sfeervol belicht worden door een aantal vintage lampen. Een piano, een oude radio en natuurlijk de vele aankondigingen van voorgaande BorderKitchens, mét handtekeningen van de toen geïnterviewde auteurs, maken deze huiskamersetting compleet. Langzaam maar zeker druppelt het publiek de zaal binnen. Er heerst een gemoedelijke sfeer en je kunt voelen dat iedereen uitkijkt naar het interview met de Nigeriaanse schrijver Helon Habila. Dan komt de schrijver binnen samen met Toef Jaeger, die hem zal interviewen.

    Jaeger vraagt Habila te openen door een stuk te lezen uit eigen werk. De Nigeriaanse auteur begint te lezen uit Measuring Time, zijn tweede en favoriete roman. Het boek vertelt over een geschiedenisleraar. Deze heeft de opdracht een biografie schrijven over een Nigeriaans politiek leider. Door zijn onderzoek leert de lezer over de geschiedenis van Nigeria. De essentie van het door Habila uitgekozen stuk is dat de geschiedenis niet bestaat om te prijzen, noch om te veroordelen. Jaeger geeft aan dat de hoofdpersonen in het werk van Habila vaak direct betrokken zijn bij deze geschiedenis, zij het omdat ze journalist zijn, zij het omdat ze geschiedenisleraar/schrijver zijn.

    In zijn eerste boek Waiting for an angel is de hoofdpersoon Angel een journalist. Habila koos voor dit beroep, omdat hij zelf dit vak beoefend heeft en zich het beste kon verplaatsen in de situatie waarin Angel zich bevond. De geschiedenis, zo verklaart de Nigeriaanse schrijver, is een constructie. Zowel de historicus als de journalist moet in staat zijn zich te distantiëren van de situatie en de dingen objectief weer te geven. Desalniettemin moet hij zich ook kunnen verplaatsen in de mensen waarin hij geïnteresseerd is, begrijpen waarom en hoe zij de dingen doen die ze doen. Maar, uiteindelijk kan geen enkele historicus of journalist ooit neutraal zijn en Angel is dat ook niet. Habila zegt dat je als journalist altijd een kant moet kiezen. De enige manier, zo meent hij, om werkelijk neutraal te zijn, is door te sterven.

    Helon Habila

     

     

     

     

     

     

    Habila komt over als een rustige man. Toch zit er achter die rust een gedreven persoonlijkheid. Jeager vraagt hem in hoeverre de politiek een rol speelt in zijn werk en of hij met zijn laatste werk, Oil on Water hoopte op een reactie van de oliebedrijven. De roman gaat over de consequenties van de oliewinning in de Nigerdelta en toont vooral wat de situatie voor gevolgen heeft in de regio en hoe de lokale bevolking omgaat met de situatie. Habila geeft aan dat hij alleen een reactie wil van de oliebedrijven als dit boek werkelijk effect op ze heeft en ze daadwerkelijk actie willen ondernemen en begrijpen welke consequenties hun handelen heeft op de bevolking. Chinua Achebe is een groot voorbeeld voor Habila. Achebe was één van de eerste Nigeriaanse schrijvers die het voor elkaar kreeg een roman over zijn eigen land, zijn eigen continent te publiceren. Daarvoor werden alle romans over Afrika voornamelijk geschreven door Europeanen. Net als Achebe is Habila een auteur die de politieke situatie van zijn land altijd in zijn achterhoofd heeft. Hij wil laten zien dat wetten niet belangrijk zijn, maar dat juist de manier waarop zij geïmplementeerd worden belangrijk is.

    Ten slotte praat Habila over wat hij noemt het post-nationalisme. Nigeriaanse schrijvers hoeven vandaag de dag hun tradities niet te zoeken, hun land niet meer te creëren of vrij te maken, zoals Chinua Achebe dat deed in zijn werk. Alles ligt al vast. Daarom vertellen zij over zichzelf als individu, als Nigeriaan, in het land zelf, maar ook ver daarbuiten. En ook Nigeria wordt zo een karakter in een boek als Oil on Water. Een karakter dat spreekt en een eigen leven leidt.

     

    Foto: door Vera ter Beest

  • Dichters in de Prinsentuin in Groningen

    Inschrijven tot 1 maart

    Agenda

    Het 15e Nederlandstalige poëziefestival Dichters in de Prinsentuin te Groningen, vindt dit jaar plaats tijdens het weekend van vrijdag 18 juli tot en met zondag 20 juli. Inschrijven als dichter om hieraan mee te doen? Ben je serieus met poëzie bezig en wil je je eigen gedichten voordragen in de roemruchte loofgangen van de Prinsentuin?  Vul het inschrijfformulier in op de website. Dat kan tot 1 maart. Begin april wordt vermeld welke dichters een optreden mogen verzorgen op 19 of 20 juli.

    Vorig jaar verlegde Dichters in de Prinsentuin zijn horizon door een internationale editie te organiseren. Met Land der horizonten: dichters uit Hanzeland,kwamen meer dan tweeduizend bezoekers luisteren naar, naast de Nederlandstalige dichters, Duitse, Poolse, Deense en Estische dichters die, samen met hun vertaler voordroegen in de Prinsentuin, de Martinikerk en op andere locaties in Groningen.

    Op www.slaggroningen.nl  is van elk programmaonderdeel een impressie te lezen, geschreven door jonge recensenten. Ook op literairweblog tzum.info is een verslag van het hele festival 2013 te vinden.  

    Dichters in de Prinsentuin, een evenement om in je agenda te zetten!

     

  • Oogst van week 8

    door Menno Hartman

    Een klein oogstje deze week. Laat ik beginnen te zeggen dat Grunberg waarschijnlijk onze indrukwekkendste schrijver is. Hij paart werkkracht aan ideeënrijkdom en hij schrijft intelligent en ironisch. Dat gezegd zijnde word ik zelf mismoedig van wat we maar ‘ingenaaide ideetjes voor bij de kassa’ zullen noemen. Het tweede deeltje Voetnoten (Nijgh & Van Ditmar), is wederom een verzameling van de columpjes die hij voor de Volkskrant schrijft. Die hebben hun goede werk al gedaan. Het zijn nu theezakjes die al eens gebruikt zijn. Een beetje kleur aan het hete water kunnen ze wel geven, veel smaak niet meer. Dit is opbakken van kliekjes. En eigenlijk vind ik Grunberg te indrukwekkend om dit maar steeds weer toe te laten. Afijn.9789038898650

    Boeiender in deze oogst is weliswaar ook een spin off van een ander medium, maar liefdevoller uitgegeven. In het spoor van de grote ontdekkers (Atlas Contact) In een schitterend kleurenboek lezen we de weerslag van O’Hanlons zoektocht naar zijn helden, 19e eeuwse natuurvorsers die de wereld over reisden.

    Het is een VPRO televisiereeks die ontstond na de vruchtbare samenwerking in het Beagle programma in het Darwinjaar. O’ Hanon houdt van Nederland, ik zie hem regelmatig over de grachten lopen en heb hem maar eens de hand geschud, hij is tenslotte mijn held! Decennia terug las ik zijn Borneo- en Amazoneboeken met rode oren en de vaste overtuiging dat ik de hele wereld moest zien. Begin maar eens met dit boek, het valt niet tegen.

    Samengesteld in samenwerking met Alexander Reeuwijk die eerder een boek over Darwin en andere helden met O’Hanlon en ondermeer Tijs Goldschmidt maakte, en onder de ongetwijfeld bezieldende patronage van de bijna mythische inmiddels ex-uitgever Emile Brugman. lezen dit boek.

    Meer over avonturiers alhier.

     

  • Oogst van de Week, week 7

    Deze week kwamen o.a. drie historische romans binnen op de burelen van Literair Nederland:

    Etalage

    Moord op de noordelijke bergweg, Anila Wilms (1971)
    Laat u niet van de wijs brengen door de titel van dit boek van de Albanese schrijfster Anila Wilms. Het mag dan misschien spannend zijn, het is vooral een roman over een turbulente periode uit de Europese geschiedenis, net na de Eerste Wereldoorlog, die gekenmerkt werd door politieke intriges en veranderende internationale machtsverhoudingen.

    Het verhaalt begint in Tirana in 1923. De Amerikaanse ambassadeur Julius Grant is met grote verwachtingen naar de hoofdstad van het jonge en roerige staatje Albanië gekomen. Men zegt dat er olie te vinden is. Van de ene op de andere dag staat het land in de belangstelling van alle belangrijke westerse regeringen en oliemaatschappijen. Maar dan worden er in april 1924 in het onherbergzame noorden twee jonge Amerikanen vermoord. Wie heeft de moord gepleegd? Wat deden de twee Amerikanen daar? De moord brengt de nieuwe ambassadeur in verlegenheid. De politieke spanningen tussen de verschillende partijen in het land lopen zo hoog op dat een burgeroorlog dreigt. Het voortbestaan van het land staat op het spel.
    Met rake zinnen typeert Wilms de klank en de sfeer van de Balkan in dit waargebeurde verhaal.
    Moord op de noordelijke bergweg, Uitgeverij Van Gennep, vertaald door Dineke Bijlsma, 224 pagina’s, € 18,90.

     

    9200000022091590Een veiliger oord. Vrijheid, Hilary Mantel
    Bij uitgeverij Signatuur is de vertaling verschenen van A Place of Greater Safety van Hilary Mantel uit 1992 dat handelt over de Franse Revolutie. Een veiliger oord wordt in Nederland in drie delen uitgebracht. Deel 1, Vrijheid is nu verschenen en gaat over de explosieve tijd waarin Desmoulins, Danton en Robespierre elkaar leren kennen. Mantel schetst hun jonge jaren, waar ze vandaan komen en hoe ze hun mening vormen in deze tumultueuze tijd, en laat zien hoe ze worden tot de personen zoals wij die nu kennen.
    Mantel: ‘Als project heeft het er zijn tijd over gedaan om van de grond te komen. De eerste versie had ik voor mijn zevenentwintigste af, zo’n beetje op de leeftijd van de mensen over wie ik schreef. Toen het eindelijk werd gepubliceerd was ik veertig, ouder dan mijn personages zelf zijn geworden. Nu is er nog eens twintig jaar verstreken, en ik zou het niet meer kunnen schrijven. Ik zou niet meer kunnen beschrijven, niet meer in mezelf kunnen voelen, wat die jonge mensen voelden: de opwinding bij het vooruitzicht van een nieuwe wereldorde, van een frissere, eerlijkere wereld. Ik zou de noodzaak voelen om ironischer te zijn, en selectiever; om mijn blikveld te vernauwen. En tegelijkertijd zou ik me zorgen maken om wat er daardoor buiten dat blikveld valt.’ 

    Hedendaags toneel
    Het berust ongetwijfeld op toeval, maar op dit moment speelt Toneelgroep Amsterdam het stuk Dantons dood van Georg Büchner waarin Danton (Hans Kesting) en Robespierre (Gijs Scholten van Aschat), inmiddels vele jaren ouder, lijnrecht tegenover elkaar zijn komen te staan.
    Een veiliger oord. Vrijheid, Uitgeverij Signatuur, vertaald door Ine Willems, 272 pagina’s, € 19,95 (Delen 2 en 3, Gelijkheid en Broederschap verschijnen respectievelijk in juni en oktober 2014)

     

    de dag dat de leider werd vermoordDe dag dat de leider werd vermoord, Naghib Mahfouz (1911 – 2006)
    De Egyptische winnaar van de Nobelprijs voor de literatuur uit 1988, Naghib Mahfouz was in eigen land een man die de gemoederen flink kon bezighouden. Hij maakte zich niet populair toen hij stevige kritiek op Nasser (president van 1954 tot 1970) uitte. Ook zijn houding ten opzichte van het vredesverdrag tussen Israël en Egypte, eind jaren ’70 werd hem naar verluid niet door iedereen in dank afgenomen.

    De dag dat de leider werd vermoord speelt in Egypte, 1981. Anwar al-Sadat is president en Egypte staat op het punt om tot de moderne wereld toe te treden. Tegen deze achtergrond wordt het verhaal verteld van een Caïreense familie uit de middenklasse. Drie kleurrijke karakters staan centraal: de vrome familiepatriarch Moehtasjemi Zajid, zijn kleinkind Alwaan en Alwaans grote liefde, Randa. Randa’s vader acht de eenvoudige arbeider Alwaan te min voor zijn dochter, waarmee hij de jongeman tot een wanhopige en fatale daad drijft.
    Mahfoez’ vertelling wordt sprankelend en ironisch genoemd. De Nobelprijsjury sprak over ‘een vertelstijl die lezers over de gehele wereld aanspreekt’.
    De dag dat de leider werd vermoord, Uitgeverij De Geus, vertaald door Djûke Poppinga, 128 pagina’s, € 16,95

     

    Ook de verhalenbundel Ambulance van de Noorse schrijver en grafisch ontwerper Johan Harstad (uitgeverij Podium), en de roman van de Italiaanse Caterina Bonvicini, De man die flirtte met domheid (wat een intrigerende titel!) (uitgeverij De Geus) zullen binnenkort op Literair Nederland besproken worden.

    AmbulanceDe man die flirtte met domheid

     

     

     

     

     

    selectie door Carolien Lohmeijer