• Oogst week 19 – 2024

    Alle omhelzingen

    Duitsers komen weliswaar uit het land van de dichters en denkers, maar hun zuiderburen kunnen er ook wat van. Dit jaar zou de Oostenrijkse dichteres Friederike Mayröcker 100 jaar zijn geworden. Dat redde ze helaas net niet, omdat ze in 2021 stierf. Nauwelijks een eeuw oud, maar haar nalatenschap geldt voor de eeuwigheid.

    Dit jaar verscheen de Nederlandse versie van Von den Umarmungen op de markt, vertaald door Martinus Nijhoff-Vertaalprijswinnaar Ton Naaijkens. Hij schreef ook het nawoord van Mayröckers dichtbundel: Alle omhelzingen.

    Geheel in lijn met de lijfelijke titel ervaart Mayröcker schrijven als een fysiek proces. Ze verkeert tijdens deze activiteit in een roes waar ze nooit uit raakt. Abnormaal vindt ze deze bijna hallucinante trance. En de Duitstalige literatuur mag haar dankbaar zijn voor deze abnormale neiging tot extase: ze geldt als grootheid van de Oostenrijkse letterkunde.

    Alle omhelzingen
    Auteur: Friederike Mayröcker
    Uitgeverij: m10boeken

    Duivels en heiligen

    Jean-Baptiste Andréa schrijft behalve fictie ook filmscenario’s. Zijn literaire debuut Mijn koningin leverde hem direct 12 prijzen op, maar de grootste won hij dit jaar: de Prix Goncourt, de heilige graal in Frankrijk. Met Des diables en des saints, door Martine Woudt vertaald in Duivels en heiligen, vestigt Andréa zich definitief tussen de grote namen van de francofone literatuur.

    Duivels en heiligen gaat over de geïsoleerde eenling. Het boek vertelt over een nare jeugd, waarin onbedorvenheid van een jong mens keihard wordt afgestraft door de harde buitenwereld. Vanuit een keur aan registers sleept Andréa de lezer door het verhaal heen en laat hem geen moment los: zwaar op de hand, dichterlijk, laconiek, raadselachtig… maar altijd subtiel en verleidelijk.

    Hoe cliché een moeilijke jeugd ook klinkt: niet wát een schrijver vertelt, doet ertoe, maar de vertelwijze. Filmschrijver Andréa begrijpt dit. Alles is al eens verteld, niet elke manier is toegepast…

    Duivels en heiligen
    Auteur: Jean-Baptiste Andréa
    Uitgeverij: Uitgeverij Oevers

    Cassandra

    Op 24 maart 2007 verdween Cassandra van Schaijk spoorloos, om op 14 april diezelfde lente dood te worden gevonden in de Noorderplassen. Ze was nog geen achttien jaar oud. Behalve misdaadjournalist Peter R. de Vries proberen andere schrijvers koortsachtig dit mysterie te ontrafelen. Onder hen Niña Weijers.

    Als echte misdaadjournaliste, niet met botte bijl maar met prettige pen, dook Weijers in deze nooit opgeloste zaak. Inmiddels is haar boek Cassandra bekroond met de E. du Perronprijs, die de Universiteit Tilburg elke twee jaar uitreikt.

    Niña Weijers kon deze zaak die nooit officieel werd gesloten, maar niet loslaten. Ze zag hoe een onafgemaakt verhaal de levens van alle betrokkenen ontwricht. Bijna twintig jaar later blijft Cassandra’s noodlot onopgehelderd. Femicide? Wie zal het zeggen. Ieder slachtoffer verdient hoe dan ook een eerbetoon als dit.

    Cassandra
    Auteur: Niña Weijers
    Uitgeverij: Atlas Contact
  • Oogst week 26 – 2023

    Zeven omhelzingen

    De Oostenrijkse Friederike Mayröcker (1924-2021) is in Nederland niet bekend, maar heeft in Duitstalige landen een indrukwekkend oeuvre van wel tachtig uitgaven op haar naam staan aan gedichten, proza en kinderboeken.

    Daarnaast schreef ze ook nog toneel- en hoorspelteksten. Haar nu in Nederland onder de titel Zeven omhelzingen verschenen verzameling poëzie bevat zeven gedichten die afkomstig zijn uit haar bundel Von den Umarmungen uit 2012. Mayröcker, die lerares Engels was, ontmoette in 1954 haar grote liefde Ernst Jandl, die ook leraar was. Ze woonden een tijd lang samen, leefden grotendeels gescheiden van elkaar, maar vonden elkaar vooral in hun werk.
    Mayröckers proza en gedichten worden gezien als autofictie. Zo is in Zeven omhelzingen duidelijk Ernst Jandl aanwezig hoewel zijn naam maar één keer, en dan nog louter met de initialen E.J. wordt genoemd.

    De vertaling is van Ton Naaijkens, aan wie in april van dit jaar de Martinus Nijhoff Vertaalprijs  werd toegekend. Hij schreef ook het nawoord bij de zeven gedichten.

    Zeven omhelzingen
    Auteur: Friederike Mayröcker
    Uitgeverij: Stichting M10Boeken

    Werken voor de kost

    Werken voor de kost is het debuut van de jonge Franse Claire Baglin. De vertelster in de roman groeit met haar ouders en een broer op in een fabrieksarbeidersgezin waarin elk dubbeltje moest worden omgedraaid. Tot de heerlijkste uitjes hoorden bezoekjes aan een fastfood restaurant.

    Buiten dat vette eten was er, op een enkele vakantie na, weinig waarmee de karigheid van het dagelijkse bestaan kon worden opgeluisterd. Als het meisje volwassen is neemt ze een baan aan in een dergelijk restaurant en wordt daar geconfronteerd met een wereld waarin het sloven is. Dat wat in haar kindertijd bijna een feest was blijkt achter die façade een harde wereld te zijn van hete dampen en gestress bij de drive-inbalies. Ze ontdekt de achterkant van de romantiek uit haar kindertijd, een achterkant die veel parallellen heeft met wat haar vader in de fabriek onderging. Toch is Werken voor de kost gekruid met humor.

    Werken voor de kost
    Auteur: Claire Baglin
    Uitgeverij: Pluim

    Bruiloft / De Zomer

    Van Albert Camus worden romans als De pest ( zelfs ineens weer erg populair in coronatijd) en De vreemdeling nog altijd gelezen. Er bestaan meerdere Nederlandse vertalingen van. Veel minder bekend zijn Camus’ essays als Bruiloft en De zomer. Beide werden al enkele malen eerder in het Nederlands uitgegeven maar zijn nu opnieuw vertaald door Eva Wissenburg. Eén van de essays is getiteld De wind in Djélima:

    ‘Het is geen stad om even halt te houden en dan weer door te gaan. Ze leidt nergens heen en biedt geen toegang tot andere streken. Het is een plek waar je van terugkeert. De dode stad ligt aan het eind van een weg vol haarspeldbochten, en omdat je haar achter elke bocht verwacht lijkt de route ellenlang. Wanneer op een flets plateau diep tussen de hoge bergen eindelijk haar gelige skelet oprijst als een woud van beenderen, ligt Djémila daar als een les in liefde en geduld die als enige ons naar het kloppend hart van de wereld kan brengen’.

    Bruiloft / De Zomer
    Auteur: Albert Camus
    Uitgeverij: Athenaeum
  • Martinus Nijhoff Vertaalprijs voor Ton Naaijkens

    Essayist, vertaler en vertaalwetenschapper Ton Naaijkens  (1953) ontvangt de Martinus Nijhoff Vertaalprijs voor zijn vertaaloeuvre uit het Duits. In 1977 debuteerde hij als vertaler en zijn oeuvre omvat inmiddels meer dan honderdzeventig vertalingen van tientallen moderne Duitse dichters, waaronder Jürgen Becker, Barbara Köhler en Wolfgang Hilbig alsook prozateksten van Günter Grass, Bertolt Brecht, Robert Musil en Stefan Zweig. Als zijn levenswerk echter geldt de als onvertaalbaar geachte werken van Paul Celan.  Eind jaren negentig verschenen in zijn vertaling de eerste publicaties van Celans gedichten en in 2003 mondde dit uit in Verzamelde gedichten (Meulenhoff). In 2020 volgde een aangescherpte en uitgebreide versie in Verzameld werk (Atheneum /Polak & Van Gennep). Ton Naaijkens was hoogleraar Duitse literatuur alsmede Vertaalwetenschap aan de Universiteit Utrecht. Vanaf 1994 is hij tevens redacteur van het tijdschrift over vertalen Filter.

    Donderdag 11 mei zal tijdens een feestelijk programma de uitreiking plaatsvinden, met bijdragen van dichters Iduna Paalman en Ellen Deckwitz (moderator). Paul Celan-liefhebber Arnon Grunberg houdt een lezing over het belang van het vertalen van gedichten. Met muzikale optredens van Ntjam Rosie en Artvark Saxophone Quartet.

    Het Prins Bernhard Cultuurfonds reikt deze prijs sinds 1955 jaarlijks uit ter nagedachtenis aan dichter en vertaler Martinus Nijhoff.  Naast de eer ontvangt de gelauwerde vertaler een bedrag van 50.000 euro.

    De jury van de Martinus Nijhoff Vertaalprijs 2023 bestaat uit Henk Pröpper (voorzitter), Romkje de Bildt (secretaris), Marjoleine de Vos, Stella Linn, Eric Metz, Jan Willem Bos en Henri Bloemen.

    Voorgaande winnaars van de Vertaalprijs waren onder meer Hans Boland, Jeanne Holierhoek, Babet Mossel en Rokus Hofstede. Vorig jaar ging de prijs naar vertalersduo Margreet Dorleijn en Hanneke van der Heijden.

     

     

  • Nog even geduld

    Nog even geduld

    In 2010 realiseerde de Rotterdamse kunstenaarsgroep Observatorium het project ‘Warten auf den Fluss’. Dit vond plaats in het Ruhrgebied bij de rivier de Emscher, te Essen. Deze rivier was gekanaliseerd en sterk vervuild door zware industrie, maar sinds 2010 is er veel verbeterd door de bouw van waterzuiveringsinstallaties. Bovendien moest een natuurherstelproject de meanderende vorm van de rivier in originele staat herstellen. De strook grond tussen de Emscher en het er evenwijdig aan lopende Rijn-Hernekanaal werd veranderd in een natuurlijk aandoend gebied met ooibos en andere oevervegetatie.

    In het kader van deze ‘Emscherkunst’ heeft Observatorium een zigzaglopende brug gebouwd van achtendertig meter lang. Deze bestaat uit drie paviljoenen met loopbruggetjes ertussenin. Deze brug dient als een plek voor ‘productief wachten’, totdat de nieuwe rivier haar natuurlijke loop zal hernemen. De gehele installatie heet ‘Warten auf den Fluss’.

    In 2016 was de Duitse dichteres Barbara Köhler (1959-2021) een van die gasten die wachtten op het stromen van de rivier. Het uitzicht op de omgeving, de rust van het wachten en de omgang met internationale gasten brachten haar tot het schrijven van 42 gedichten als even zo vele vensters op de wereld. Deze gedichten zijn gebundeld onder de titel 42 vensters op Warten auf den Fluss en werden vertaald door Ton Naaijkens.

    Alle gedichten zijn geschreven in gelijke rechthoekige blokken van negen versregels met 62 tekens, alle van dezelfde breedte. Door deze experimentele vorm lopen de gedichten uitgelijnd van de linker- naar de rechtermarge van de bladzijde en ze symboliseren daardoor de brug die de rivier moet overspannen. De strenge beperking die de dichter hiermee zichzelf oplegt, dwingt tot reflectie, tot het terugschroeven van taal tot haar meest samengebalde zeggingskracht. De bundel is rustgevend, zoals wachten kan zijn. De gedichten zijn helder, meditatief in hun overpeinzingen en associaties. Köhler laat hier als waarachtig dichter zien wat taal vermag.

    Brug – overzetten – übersetzen – vertalen – versprechen – beloven – loven

    Voor de vertaler moet het een gigantisch werk geweest zijn. Dit ligt uiteraard aan de vorm, omdat het gedicht in het Nederlands niet altijd op dezelfde manier uitgelijnd kan worden, maar ook aan de verschillende talen die samenkomen: welke buitenlandse woorden vertaal je, welke laat je staan? Welke betekenis geef je aan een woord dat meerdere betekenissen kent, of in een andere taal iets geheel anders inhoudt? Köhler geeft aan dat het woord ‘hier’ in het Frans en het Nederlands een geheel andere betekenis heeft, en accentueert het woord ‘wacht’ dat zowel imperatief als zelfstandig naamwoord kan zijn. Ook speelt ze met ‘warten’ en ‘Gegenwart’ en het begrip ‘present’, dat tijd, aanwezigheid en geschenk kan betekenen:

    WIR HABEN GEWARTET, we hebben gewacht. We hebben ons herinnerd
    & we hadden de tijd. We hebben samen gegeten, gedronken, feest
    gevierd, gepraat, gezwegen; we zijn gaan slapen & gaan dromen.
    ’s Morgens werden we wakker & waren op ‘n andere plaats, in de
    tijd. En de tijd was vrij en we waren wakker, wach, we waakten
    & wachten – dat was een zonder-woord-gevoel: tegenwoordigheid,
    GEGENWART, in gesprek ook, met je tegenover: ’n tegengeschenk,
    tegenwoord, tegenwoordig. Present, geschenk & gift. Er was een
    woord voor, een bed voor een tijd en voor een rivier: gemaakt.
    
    

    Zelfs zonder kennis te hebben genomen van het origineel kan de lezer slechts concluderen dat Naaijkens op voortreffelijke wijze een titanenwerk volbracht heeft.

    Vloeiend stromen, vloeiend spreken, vloeiend sterven

    Köhler doet bespiegelingen over heden en verleden, de naderende dood en taal. Hiertoe laat zij zich inspireren door de brug, het natuurschoon eromheen en de stilte. Zoals de brug de oevers van de rivier verbindt, slaan de gedichten een brug tussen mensen en hun verschillende talen. Köhler zoekt nauwkeurig naar verbanden, overeenkomsten en verschillen in vooral het Duits, Nederlands, Engels en soms Frans. Ze onderzoekt de zogenoemde ‘Valse vrienden’, woorden die in twee talen dezelfde uitspraak en schrijfwijze hebben, maar van betekenis verschillen. Köhler maakt bezwaar tegen het begrip ‘vals’ met betrekking tot deze woorden, omdat ze juist een nieuw perspectief bieden op wat bekend en vertrouwd, of vreemd en afstandelijk is:

    DOOD is een echte Valse Vriend, wijst ook in het Nederlands op
    een grens in de tijd, in de ruimte, bis hierher: tot hier dus,
    as far as this & auf Wiedersehen: tot ziens, adieu, de mazzel,
    tot morgen: und bis morgen. So long, hoe zit ‘t, hoe lang nog?
    het eindigt en verandert, anders wordt het en wordt anders, ‘t
    kan veranderd worden, kan worden en weer worden – wat dood was
    of dood verklaard, aangeduid werd, tot morgen of overmorgen en
    onder andere: onder meer, among (but not under) others, elders
    en met anderen, (in of onder water?) ander leven: zonder meer?
    
    

    De dood, die ‘echte Valse Vriend’ vormt met het leven een paradox. Leven is namelijk een beetje sterven en andersom. De bundel is opgedragen aan haar vader, die in 2016 stierf. Eén aan hem gewijd gedicht fungeert als venster in de bundel. De dood wordt ook gekoppeld aan de Emscher, die eerst dood was en door het wachtende project herleeft. Rivieren zijn ‘grenzen die we als rivier waarnemen’, aldus Köhler. Rivieren lopen naar het dodenrijk, maar kunnen worden overgestoken door bruggen. Ze noemt hierbij specifiek de zigzagbruggen in Japan, die bedoeld zijn ‘om demonen te verwarren’. Bovendien liet de dichter al doorschemeren dat het leven een wachten op de dood is.

    Poëzie is pauzeren

    De gedichten filosoferen over taal, leven en dood. Het eerste en het laatste gedicht zijn in dezelfde bewoordingen geschreven en maken daarmee de cyclus compleet. De verschillen in beide gedichten zijn aan te wijzen in een verschuiving van verleden tijd naar tegenwoordige tijd en omgekeerd. Bovendien zijn de in het eerste vers uitgesproken verwachtingen uiteindelijk werkelijkheid geworden:

    WE HEBBEN GEWACHT: wir haben gewartet. Müde und wach en wakker
    en moe. We hebben tijd samen doorgebracht, waarheen? Wohin? Où
    or where to? Op ’n rivier, op ’n plek, in twee, nee drie talen
    speelden we het Waiting Game, ein Geduldspiel, speldden we uit
    wat zou kunnen zijn, worden, wat was. Wat wachten inhoudt, wat
    wat het was. Wie wij was, wie wachtte. Men wachtte op ons, wij
    werden onthaald, men had geduld met ons & had met ons opgeteld
    Geduld. En verloren we het geduld toen, aan wie en wanneer? En
    wat hadden we aan al dat wachten? En komt ons toe wat nu komt?
    
    

    Wachten en geduld hebben. Het zou een handleiding kunnen zijn voor het lezen van poëzie, voor de gedichten van Barbara Köhler: lezen, wachten en geduld hebben, tot haar taal bezinkt en verbinding maakt tussen wat je al wist en wat zij je laat zien.

     

     

  • Oogst week 16 – 2022

    Een Hollandse jongen aan de Ebro

    In de Spaanse burgeroorlog (1936-1939) vochten vrijwilligers uit vele landen mee tegen generaal Franco. Een van hen was de 22-jarige Nederlandse metselaar Evert Ruivenkamp, die samen met ongeveer 650 andere Nederlanders naar Spanje vertrok om Franco’s fascisme te bestrijden. Wellicht als enige hield Ruivenkamp een dagboek bij. Uitgeverij Jurgen Maas heeft dit nu uitgegeven met als titel Een Hollandse jongen aan de Ebro.

    Evert, nooit eerder in het buiteland geweest, laaft zich aan het onbekende en heeft oog voor de leuke Spaanse meisjes. Hij voelt zich als op avontuur, zoals in zijn verslagen te lezen is. Die zijn aanvankelijk vrolijk, maar zijn toon verandert als hij de oorlog aan den lijve gaat ondervinden. Hij wordt ingezet aan het front, maakt kennis met de heersende ellende en ziet zijn kameraden sneuvelen. Voor zijn moed en plichtsbesef wordt hij in 1938 toegelaten als lid van de Spaanse Communistische Partij. Uiteindelijk keert hij terug naar Nederland waar hij bij het verzet gaat als Duitsland Nederland binnenvalt. In 1943 wordt hij opgepakt en gefusilleerd.
    Zijn dagboek doorstond de oorlogen op een of andere manier. Een paar jaar geleden werd het teruggevonden in het nachtkastje van zijn dan net overleden oudste zus.

    Yvonne Scholten, eindredacteur van de website Spanjestrijders.nl, schreef een inleiding en nawoord bij Een Hollandse jongen aan de Ebro. De website bevat namen en biografieën van de spanjestrijders en over twee van hen publiceerde Scholten een boek.

    Een Hollandse jongen aan de Ebro
    Auteur: Evert Ruivenkamp
    Uitgeverij: Jurgen Maas 2022

    Aarde eten

    De Argentijnse schrijfster Dolores Reyes (1978) studeerde literatuurwetenschappen en is leraar en feministisch activist, of activistisch feminist. Ze heeft zeven kinderen.

    Aarde eten uit 2019 is haar eerste roman, iets wat recensenten en lezers nauwelijks kunnen geloven omdat het als zo’n volmaakt en beheerst boek wordt gezien. ‘Voor de slachtoffers van femicide, voor hun nabestaanden’ staat er voor in het boek. In Argentinië vinden jaarlijks zo’n driehonderd moorden op vrouwen plaats, om het simpele feit dat ze vrouw zijn.

    De jonge dochter van de vrouw die op de eerste pagina’s van het boek begraven wordt, ontdekt dat ze door het eten van aarde visioenen krijgt van vermoorde en vermiste mensen.
    ‘Ze laten je hier achter, mama, ook al wil ik het niet. Ook al laten mijn handen niet los, jij blijft hier. Ik geloof dat ik weinig kan doen, behalve aarde eten van deze plek, zodat ze niet meer vijandig is, de onbekende aarde van dit kerkhof waar we nooit hebben gelopen, mama of ik. […] Ik doe mijn ogen dicht om met mijn handen op de aarde te steunen die jou nu toedekt, mama, en het wordt nacht in mijn hoofd. Ik knijp mijn vuisten dicht, schep haar op en breng haar naar mijn mond. De kracht van de aarde die jou verzwelgt is duister en smaakt naar boomstronk. Het voelt goed, ze onthult dingen, laat me zien.’

    Door het aarde eten krijgt ze visioenen. Dat wil ze niet bekend laten worden, maar mensen krijgen er toch lucht van en komen haar hulp vragen over verdwenen dierbaren, meestal vrouwen. Ze willen weten wat er met hen is gebeurd. In de sloppenwijk waarin de dochter woont is geweld aan de orde van de dag. Als zij ouder is voelt ze de verantwoordelijkheid tegenover de wanhopige zoekers toenemen. ‘Ik begon te zien dat degenen die naar iemand op zoek zijn iets hebben, een teken bij de ogen, de mond, het vleesgeworden mengsel van pijn, woede, kracht, wachten. Iets gebrokens, waarin degene die niet terugkeert leeft.’ laat Reyes haar aarde-eter vertellen. Als ze in een visioen de moord op haar broer voorziet, wil ze deze proberen te voorkomen, al weet ze niet hoe.
    El Paìs noemt Aarde eten ‘Een van de beste, krachtigste en meest complexe romans van de afgelopen tijd.’

    Aarde eten
    Auteur: Dolores Reyes
    Uitgeverij: Wereldbibliotheek 2022

    Boekenmendel, De onzichtbare verzameling

    Uitgeverij AFdH geeft in één band twee verhalen van Stefan Zweig uit: Boekenmendel en De onzichtbare verzameling, vertaald door Ton Naaijkens. Met foto’s van Maria Austria.

    De Oostenrijkse schrijver Stefan Zweig (1881-1942) werd geboren in Wenen in een welgesteld joods zakenmilieu en was in de jaren twintig en dertig van de vorige eeuw een van de meest populaire Duitstalige auteurs, zowel in eigen land als daarbuiten. Hij studeerde filosofie en literatuur en schreef biografieën, poëzie, drama, verhalen en essays met het perspectief veelal op het verleden gericht. Zweig was Europees georiënteerd, bracht mensen en idealen samen. In de Eerste Wereldoorlog meldde hij zich vrijwillig als verslaggever, waarna hij grote weerzin tegen oorlog ontwikkelde. Na de opkomst van het nationaalsocialisme zwierf hij jarenlang door Europa. Daarna week hij uit naar Brazilië, waar hij in 1942 zelfmoord pleegde, samen met zijn vrouw. ‘Ik pas niet meer in deze tijd. Deze tijd bevalt mij niet meer,’ schrijft hij in zijn afscheidsbrief. Zijn grote psychologische inzicht – mede opgedaan in zijn vriendschap met Freud – komt terug in zijn verhalen.

    In Boekenmendel drijft de illegaal in Wenen verblijvende Oekraïense Jood Jacob Mendel, een geniale antiquaar, zijn boekhandel in het koffiehuis Gluck. De ik-verteller noemt hem een ‘voorwereldse boekensauriër van een uitstervend ras’. Mendel kent alle titels en alle prijzen van alle boeken en via de verteller wordt zijn tragische geschiedenis tegen het decor van de Eerste Wereldoorlog duidelijk.

    Ook het tweede verhaal, De onzichtbare verzameling, handelt over een gepassioneerde bibliofiel en verzamelaar, die te maken krijgt met de inflatie van na de Eerste Wereldoorlog. Zijn vrouw verkoopt goedbedoeld zijn kostbare grafiekcollectie tegen dumpprijzen.
    In beide verhalen zijn Zweigs grote thema’s te herkennen: Europa, dat Zweig zag als een samenhangend cultuurgebied, fanatisme en humanisme, plus zijn melancholie over de wereld van gisteren.

     

    Boekenmendel, De onzichtbare verzameling
    Auteur: Stefan Zweig
    Uitgeverij: AFdH 2022 (2e druk)
  • Oogst week 14 – 2022

    Filter 29:1

    Filter, tijdschrift over vertalen, brengt elke editie verhalen die uit de ervaringspen van vertalers zelf komen. Vertalen is een kans je te verdiepen in een werk dat nog niet eerder door taalgenoten gelezen werd. Daar komen verhalen uit voort. In deze editie, met het thema ‘De geuren van het voorbije jaar’, wordt er teruggeblikt op vertaaljaar 2021. Schrijver Daniël Rovers doet in een column verslag van zijn eenmalige vertaalervaring. Hij waagde zich ooit samen met vertaler Iannis Goerlandt aan een vertaling van David Foster Wallace’s (nagelaten) roman The Pale King. Wat hij ontdekte was, dat vertalen niet is, er een toegankelijke tekst van te maken. Vertalen is een mentale krachttoer om ‘je over elk woord, elke zin van een compleet boek te willen buigen’, een werk dat nooit ophoudt. En ook, ‘een vertaler is net als de schrijver, nergens zonder een meedogenloze corrector.’

    Wat je eraan overhoudt is in het geval van Rovers naast een hernia ook een speciaal oog voor vertalingen gekregen. Want, concludeert hij, ‘het is een voorrecht als je een tekst in de oorspronkelijke versie kunt lezen, maar als ze niet in je moedertaal is geschreven (en heus, je Engels is minder uitgelezen dan je denkt) zie je talloze nuances over het hoofd.’ Ook kan hij nu oprecht genieten van een ‘vlekkeloze vertaling – dat zijn er verrassend veel, als je nagaat hoeveel moeite het kost om zelfs maar één pagina perfect te krijgen.’ Met bijdragen van Ton Naaikens, over onder meer het redden van woorden; Janne van Beek, met een ‘objectieve wetenschappelijke’ maar begeesterde analyse van de vertaling van Bluets. Bespiegelingen in blauw van Maggie Nelson door Nicolette Hoekmeijer. En meer, veel meer voor geïnteresseerde lezers die vertaalde literatuur willen lezen.

     

    Filter 29:1, De geuren van het voorbije jaar
    Koop hier: Bazarow ISBN 9789493183117

    Filter 29:1
    Auteur: Ton Naaikens, Michiel Krielaars, Miek Zwamborn e.a.
    Uitgeverij: AFdH uitgevers

    Afscheid

    Van de novelle Afscheid, van de Uruguayaanse schrijver Juan Carlos Onetti (1909-1994), luidt de eerste zin: ‘Ik zou willen dat ik van de man, de eerste keer dat hij de winkel binnenkwam, alleen zijn handen had gezien; traag, bedeesd en onbeholpen, bewegend zonder veel vertrouwen, lang en nog niet gebruind, verontschuldigden ze zich voor hun ongeïnteresseerde manier van doen.’
    Deze zin roept vragen op, maakt nieuwsgierig. Zo suggereert, ‘de eerste keer dat hij de winkel binnenkwam’, dat de man er vaker kwam. Degene die in de winkel was, zag zijn handen, maar vermoedelijk zag hij meer van deze man, dingen waarvan hij/zij later wenste ze niet gezien te hebben. Er spreekt spijt uit deze zin, maar waarvan? De beschrijving van die handen laten een hele persoonlijkheid zien, en waarom waren ze ‘nog niet gebruind’?

    Afscheid gaat over een succesvolle basketbalspeler die met tuberculose wordt opgenomen in een sanatorium. De aanwezige gasten vertrouwen hem niet, roddelen over hem. De verteller – de man van de eerste zin – brengt met verwondering en genegenheid het doen en laten van de sportman in herinnering. Er komen brieven voor hem, hij ontvangt bezoek van twee vrouwen (maar wie zijn dat?). Flarden van gesprekken, observaties en de herinneringen van de verteller creëren een mysterieus netwerk van onwaarschijnlijke relaties die spelen in het Argentinië van de jaren vijftig.

    Onetti werd geboren in Montevideo en stierf in ballingschap in Madrid. Ondanks dat hij een solitair schrijver was, behoort hij met García Márquez, Jorge Louis Borges en Mario Vargas Llosa tot de vier belangrijkste schrijvers van Latijns-Amerika. Mario Vargas Llosa was een bewonderaar van Onetti, noemde hem een groot meester van de moderne novelle. Volgens Vargas Llosa schreef hij een proza dat niemand beoefende en introduceerde Onetti als eerste Spaanstalige schrijver het modernisme in zijn verhalen.

    Met jaarlijks een uitgave van een van zijn zeven korte romans, wil Uitgeverij Kievenaar deze schrijver herintroduceren. Afscheid is de eerste van deze uitgaven.

    In een interview op Youtube spreekt Vargas Llosa (Spaanstalig) vol enthousiasme over het werk van Juan Carlos Onetti.

    Afscheid
    Auteur: Juan Carlos Onetti
    Uitgeverij: Uitgeverij Kievenaar

    Een onverwachte broederschap

    De roman Een onverwachte broederschap van de Frans-Libanese schrijver Amin Maalouf, beschrijft een situatie waar we heden mee te maken hebben, ‘de schipbreuk van de beschaving’. Spelers in de roman zijn Alec, een perstekenaar met een uitstekende staat van dienst en een schrijfster van een cultboek die zich beiden, onafhankelijk van elkaar op een afgelegen eiland in de Atlantische Oceaan hebben afgezonderd. Ze hebben amper contact met elkaar, tot zich een groot elektriciteit-storing voordoet en communicatie met de rest van de wereld onmogelijk is. De wereld blijkt op de rand van een kernoorlog te staan. De schipbreuk der beschavingen lijkt een feit. Wie gaat de wereld redden?

    In deze roman komt de wereld tot stilstand en die resoneert met de wereld waarin we nu leven. In een interview in de NRC zei Malouf daarover: ‘We zijn op het moment beland dat we ons moeten afvragen wat voor wereld we willen. De wetenschap en de techniek hebben grote hoogten bereikt, maar er is geen wereldorde meer die die naam waardig is. De wereld kan niet meer functioneren met landen die politiek bedrijven vanuit identiteitsdenken; dat leidt tot de ondergang. We hebben al onze verbeeldingskracht nodig om ons voor te stellen hoe de wereld eruit moet gaan zien, hoe hij geleid moet worden. We móéten onze manier van met elkaar omgaan veranderen, anders gaan we ten onder.’ Een belangrijk boek!

    Een onverwachte broederschap
    Auteur: Amin Maalouf
    Uitgeverij: Uitgeverij Davidsfonds