• Oogst week 51 -2024

    Oogst week 51 -2024

    Hafni zegt

    De Deense schrijfster Helle Helle heeft een heel eigen stem in de literatuur. Met haar laatste roman Hafni zegt heeft ze weer voor een bijzondere vorm gekozen. Hafni belt met een vriendin en zegt dat ze gaat scheiden. De vriendin, aan de andere kant van de lijn, is de verteller; ze luistert en geeft spaarzaam commentaar. Hafni viert haar scheiding met een ‘smørrebrødreis’, zoals ze het noemt, een reis die langs tal van Deense plaatsen gaat. De geplande reis zou een week zijn, maar beslaat al een maand. Hafni hangt rond op campings, ze praat over de ontbijtbuffetten, korte ontmoetingen en haar belevenissen, over haar huwelijk krijgen we echter nauwelijks informatie, maar tussen de regels wordt haar verdriet pijnlijk duidelijk.

    Helle Helle schrijft komisch en tragisch. De troosteloze situatie van Hafni wordt pijnlijk duidelijk in korte terloopse zinnetjes. Een roman over het bestaan: vervreemding, vrijheid, schuld en schaamte, en over de zware druk van verwachtingen.

    Hafni zegt
    Auteur: Helle Helle
    Uitgeverij: Querido

    Memoires van een kip – Een Palestijnse fabel

    De Memoires van een kip van de Palestijnse auteur Ishaq Musa al-Husseini is een Palestijnse fabel, die al verscheen in 1943. Een filosofisch ingestelde kip verwondert zich over haar nieuwe ren en observeert haar medekippen, ze denkt na over de zin van het leven, over de echtgenoot (die ze liefdevol deelt met haar ‘zusters’), over nieuwkomers, over leven en dood, rechtvaardigheid, liefde, solidariteit, kortom over een ideale maatschappij. Helaas is er ook dat andere: jaloezie, roddel, haat en nijd en geweld, dat soms dodelijk afloopt. De mooie theorie blijkt in de praktijk van het dagelijks leven in de ren heel anders te werken.

    Sommige critici associeerden de roman (toen al) met het hoogoplopende Palestijns-Joodse conflict en veroordeelden de afloop als te defaitistisch. Anderen interpreteerden het verhaal als een uiting van een algemene utopische toekomstvisie. Toch heeft deze opmerkelijke roman, ondanks het maatschappelijke thema, volgens de auteur niets met politiek te maken. ‘Mijn roman gaat niet over Palestijnen en Joden, maar over kippen.’

    In het nawoord van Richard van Leeuwen zegt deze: ‘Al met al blijft Memoires van een kip een wonderlijk en intrigerend boek, dat zowel in de tijd van verschijning als in de huidige tijd eenduidige interpretaties weerstaat … Het is aan de lezer om te beoordelen in hoeverre het boek een universele of een politieke boodschap bevat.’

    Ishaq Musa al-Husseini (Jeruzalem 1904 – 1973) is vooral bekend om zijn literair-wetenschappelijk werk en van een aantal politiek-analytische boeken. Hij was een geleerde, criticus, filoloog en vertaler. Hij werd in 1904 geboren in Jeruzalem, in een traditioneel, religieus nationalistisch gezin. Na zijn middelbare schoolopleiding studeerde en werkte hij in Caïro, Londen en Göttingen.

    Memoires van een kip - Een Palestijnse fabel
    Auteur: Ishaq Musa al-Husseini
    Uitgeverij: Jurgen Maas

    Mijn moeder

    De moeder van de tweeling Jana en Broer is dood en zal worden begraven in haar geboortedorp Kukkojärvi in Noord-Zweden. Haar kinderen erven het huis en ontdekken al snel dat het leven daar  heel anders is dan ze hadden verwacht. Hun huis wordt bewoond door huurders die er niet uit willen en leven volgens strikte, religieuze regels. Jana is vanaf het begin wantrouwend, maar Broer voelt zich aangetrokken tot de hechte dorpsgemeenschap, waar de nadruk ligt op gezinswaarden en mannelijke overheersing. Jana moet de strijd aangaan om niet alleen het huis maar ook haar broer terug te winnen, terwijl ze tegelijkertijd probeert haar destructieve relatie te beëindigen. Het tweede deel in de trilogie over Jana Kippo en haar leven in een Zweeds dorp met duistere geheimen.

    De Zweedse auteur Karin Smirnoff (1964) debuteerde in 2018 met de roman Mijn broer, het eerste deel in de succesvolle trilogie over Jana Kippo. In 2021 volgde Smirnoff David Lagercrantz op als nieuwe auteur van de bekende Millennium reeks van Stieg Larsson. Haar verhalen spelen zich af in het noorden van Zweden, de Västerbotten-regio waar ook Stieg Larsson vandaan komt en waar Karin Smirnoff woont en werkt en toevallig is haar meisjesnaam ook Larsson.

    Mijn moeder
    Auteur: Karin Smirnoff
    Uitgeverij: Querido
  • Er dwaalt een aardige jongeman door Kopenhagen

    Er dwaalt een aardige jongeman door Kopenhagen

    ‘Bob verhuist dan en ik met hem naar Vanløse, (…)’ Aldus begint Bob van de Deense schrijfster Helle Helle. Het is augustus, Bob is tweeëntwintig en gaat samenwonen met zijn vriendin. Deze vriendin is de ik die het verhaal vertelt, maar zelf nauwelijks als personage meedoet. Veel meer dan dat ze eerstejaars student is, komen we over haar niet te weten. Af en toe gaat het over ‘we’ of ‘ons’ maar meestal enkel over het wel en wee van Bob.

    Helle dist het verhaal op door Bobs doen en laten in het dagelijks leven te registreren, inclusief wat hij ervaart en onderweg ziet en tegenkomt. Bob klopte de kussens op, Bob zei hartelijk dank, Bob moest strijd leveren, hij kon niet uit bed komen, ging de stad in, liep naar beneden, wilde gaan zitten, wandelde. Bob doet dit en Bob doet dat. Het is even wennen aan die opsomming van trivialiteiten. Is de stijl eenmaal vertrouwd, dan ontstaat een levendig beeld van het leven van een jongeman die zijn best doet zich te handhaven in een nieuwe situatie. Hij weet nog niet wat hij zal gaan studeren, alle opties liggen open maar voor geen enkele voelt hij echt iets. Hij zoekt een baantje en komt bij toeval als receptionist in een hotel terecht. Tijdelijk. Thuis doet hij het huishouden.

    ‘Lange gedachtereeksen ontsprongen aan alles wat hij meemaakte en hoorde en dingen waar hij op stuitte, van een doorweekte graszode tot jeuk aan zijn oor.’ Dwanggedachten zijn de licht neurotische Bob niet vreemd. Straatnamen zijn in het boek in grote mate aanwezig. Ze zijn weliswaar relevant, maar ‘Bob dacht voortdurend aan straatnamen, (…) een gewoonte die thuis aan de ontbijttafel was ontstaan.’ In Kopenhagen, waar hij de weg moet leren kennen, repeteert hij behalve de namen van straten ook die van restaurants, hotels en andere gebouwen. ‘Bob wandelde in de richting van station Nørreport. Hij verdwaalde als gebruikelijk in de buurt van de Grønnegade en Gammel Mønt, het was een hele onlogische buurt, maar na een poosje zag hij de stroom mensen in Købmagergade (…)’ Helle Helle is populair in Denemarken en er zullen zeker lezers zijn die de routes van Bob gaan nalopen.

    Socialemediagemakzucht

    De ik en Bob komen ook voor in Helles roman zij (2019). Het meisje dat in Bob als ‘ik’ een bijrol heeft, is in zij een van de hoofdpersonages. De twee boeken zijn de aanloop naar een serie waarmee Helle langer wil doorgaan. Daarin zal altijd een rol weggelegd zijn, is haar voornemen, voor het meisje/de vrouw, opklimmend in jaren. De schrijfster begint een boek met de eerste en de laatste zin, vertelt ze in een interview in het Parool. Het schrijven van wat er tussenin ligt, ziet zij als een experiment waarbij haar zuinige taal niet los te zien is van het verhaal zelf. ‘Niet dat ik dat per se zo heb bedacht, maar ik schijn niet veel woorden nodig te hebben. Ik erger me wel al gauw als ik boeken lees met meer woorden. Wat ik merk is dat ik mijn eigen werk steeds strenger redigeer.’

    Haar unieke stijl is snel, achteloos haast. Bob eet met iemand smørrebrød in een restaurantje en ‘De klokken van het gemeentehuis sloegen. Hij strooide er meer zout op’. Iedereen snapt dat hij geen zout op die klokken strooit, maar zulke zinnen roepen de vraag op of Helle zich hier de grote stappen van de socialemediagemakzucht veroorlooft, of doorschiet in haar stijl. ‘De lucht was spierwit, hij sloeg zachtjes op het matras.’ Het lijkt erop dat ze moeilijk maat kan houden nu ze het adagium schrijven-is-schrappen is gaan omarmen. Toch zal de gearriveerde en in vele talen vertaalde Helle die steeds strenger redigeert, precies weten wat zij doet. Haar korte zinnen vol details over het dagelijks leven zijn haar handelsmerk. Ze schaaft eraan, net zolang tot ze overhoudt wat voldoende is voor het verhaal – reden waarom zij wel een minimalistisch schrijver wordt genoemd.

    Haar formuleringen zijn vaak ook verrassend en humoristisch. Bobs auto, die bij zijn ouders op het platteland stond gestald, is gestolen en de politie heeft hem gevonden. ‘Maar hij zou helaas geen auto meer worden, zoals zij het inschatten.’ Of in een barsituatie: ‘Sommige mensen kunnen gewoon nooit hun geld vinden’, wat een grappige manier is om te zeggen dat iemand haar drankje graag door een ander laat betalen.

    Moreel kompas

    Het is knap om in een soort telegramstijl een hele vertelling van kop tot staart neer te zetten. Door de veelal korte zinnen leest het boek snel en gemakkelijk weg. Maar wat aanvankelijk lichte kost lijkt, zet de lezer juist aan tot nadenken. Hij moet zelf ontdekken wat er precies gaande is: ‘Haar ogen traanden, hij had een servet van een oud lunchpakketje in zijn zak.’ Dat invullen lukt niet altijd. Bij ‘en dacht voor de duizendste keer: dat kan toch niet’ is in nevelen gehuld wat hij vindt dat er niet kan. Ook bij ‘zijn schuchtere broertje niet, zijn vader met sigaret en koffiekop, lichtvoetig de deur weer uit’ voeren de laatste raadselachtige woorden nergens naar terug.

    Waar het echt om draait, namelijk de relatie van Bob en zijn vriendin, is te vinden in de diepere laag. Er komen vrienden of Bobs broertje op bezoek, met wie ze zoals het jongeren betaamt, gezellig de stad in gaan. Ondertussen bekommert de ik zich niet om huishoudelijkheden en heeft ze Bobs blauwe slaapzak kwijt gemaakt. Soms is ze er niet. En Bob wil soms, als hij elders is, nog niet naar huis.

    Wat blijft hangen is het beeld van een aardige, onzekere, wat naïeve jongeman met neurotische trekjes en een sterk moreel kompas, dwalend door de straten van Kopenhagen. Hij doet de boodschappen en de was, kookt het eten, maakt het bed op, gaat naar de wasserette, bakt pannenkoeken, gaat naar zijn werk en ontmoet vrienden. Door zijn onzekerheid dreigt hij te worden meegezogen in een piramidespel dat hem al zijn spaargeld kost.
    Het boek heeft bijna een open einde. Eén klein gegeven vermeldt Helle, waarmee ze Bob op tijd lijkt te laten ontsnappen aan een uit elkaar vallend voortbestaan. Het is genoeg om opgelucht adem te halen.

     

     

  • Oogst week 49 – 2022

    Veen, dras, moeras

    Voorin in het boek Veen, dras, moeras heeft Annie Proulx de volgende opdracht opgenomen:

    ‘Dit bescheiden boek is opgedragen aan de inwoners van Ecuador, die ervoor zorgden dat hun land als eerste ter wereld rechten voor natuurlijke ecosystemen in de grond- wet heeft opgenomen. De recente rechterlijke uitspraak dat Los Cedros, het nevelwoud in de Andes, tegen de mijnbouwbedrijven moet worden beschermd, betekent een mijlpaal voor de wereld.’

    De urgentie van dit boek (oorspronkelijke titel Fen, Bog & Swamp) blijkt mogelijk uit het snelle verschijnen van de Nederlandse vertaling; beiden titels verschenen in 2022.
    In Veen, dras, moeras documenteert Proulx de lang onbegrepen rol van de belangrijkste veengebieden bij het redden van de planeet. Veen, drassen, moerassen en mariene estuaria zijn blijkbaar de meest wenselijke en betrouwbare hulpbronnen van de aarde. Proulx beschrijft de geschiedenis en toont de vennen van het 16e-eeuwse Engeland tot de laaglanden van de Hudsonbaai in Canada, het Russische Great Vasyugan Mire, het Amerikaanse Okeefenokee National Wildlife Refuge en de 19e-eeuwse ontdekkingsreizigers die begonnen met de vernietiging van het Amazoneregenwoud.
    The Guardian noemde Veen, dras, moeras ‘Een krachtige aanklacht in prachtig proza tegen onze medeplichtigheid aan de vernietiging van het milieu.’

    De inmiddels 87-jarige Annie Proulx werd bij het grote publiek vooral bekend door (de verfilmingen van) Scheepsberichten en Brokeback Mountain.

    Veen, dras, moeras
    Auteur: Annie Proulx
    Uitgeverij: Uitgeverij De Geus (2022)

    Uitwissing

    Uit het postuum gevonden manuscript van Thomas Bernard (1931-1989) van zijn eerste, grotendeels autobiografische roman komt een pessimistische, eenzame verbitterde auteur naar voren. Bernard hield tijdens zijn leven de publicatie van dit boek zelf tegen.
    Zijn latere werk getuigt ook van somberte, afkeer van de medemens en van zijn walging voor zijn Oostenrijkse vaderland. Hij werd er tegen wil en dank een succesvoll auteur, hoewel hij kort voor zijn dood nog enorme ophef veroorzaakte. In een toneelstuk beweerde hij o.a. dat Oostenrijk sinds de Tweede Wereldoorlog nog niet veranderd was ten opzichte van de tijd van het fascisme. 

    In Uitwissing, zijn laatste grote prozawerk, staat de vraag centraal of een mens in staat is zich te ontdoen van datgene waar hij zich door zijn afkomst mee belast weet. Deze roman verscheen in 1986, onder de titel Auslöschung. Ein Zerfall, drie jaar voor zijn dood.
    De hoofdpersoon uit Uitwissing worstelt met een ‘Herkunftskomplex’ en wil kost wat kost afstand doen van en afrekenen met zijn achtergrond. In Uitwissing zegt hij:
    ‘Het enige dat ik al definitief in mijn hoofd heb, […] is de titel Uitwissing, want mijn verslag is er alleen maar voor bedoeld om wat erin beschreven wordt uit te wissen, alles uit te wissen wat ik onder Wolfsegg versta, en alles wat Wolfsegg is, alles, […] inderdaad werkelijk alles.’

    Wolfsegg was het landgoed van de schatrijke familie van de hoofdpersoon in Opper-Oostenrijk.

    Uitwissing
    Auteur: Thomas Bernard
    Uitgeverij: Uitgeverij IJzer (2022)

    Bob

    Vorige maand is bij uitgeverij Querido de vertaling verschenen van Bob en ik van de succesvolle Deense schrijfster Helle Helle (1965).
    In alle stukken die over Helle verschijnen staat iets over de manier waarop zij het gewone van alledag behandelt en beschrijft.
    Ook hier op Literair Nederland. In 2015 bijvoorbeeld in een recensie over Als je wilt schrijft Huub Bartman: ‘Het is fascinerend te zien dat het centrale thema van het boek heel realistisch wordt beschreven juist door de zeer gedetailleerde beschrijvingen van Helle Helle van doodgewone kleinigheden die schijnbaar niet ter zake doende zijn. Het wordt op deze wijze ontdaan van alle romantiek en dramatiek. Het wordt heel doodgewoon, heel ordinair en daarin schuilt misschien wel het echte drama.’

    In Bob en ik komen we alleen te weten over Bob, over de ik krijgt de lezer niet anders te horen dan via Bob. Het stel is net verhuisd, Bob wil wel studeren maar weet niet wat. Wat hij wel weet is dat hij samen wil blijven met de ik en mogelijk ooit ook een gezin met haar wil stichten.

    In 2012 verscheen hier op Literair Nederland ook een recensie over haar boek Dit zou in de tegenwoordige tijd geschreven moeten worden, waarvoor ze de De Gyldne Laurbær ontving. Deze prijs wordt jaarlijks uitgereikt door de Vereniging van Deense Boekhandelaren.

    Bob
    Auteur: Helle Helle
    Uitgeverij: Uitgeverij Querido (2022)
  • Brieven uit de wateren

    Brieven uit de wateren

    Zeebrieven van de Deense Siri Ranva Hjelm Jacobsen is een kleinood van grote waarde. Met een paar pennenstreken wordt een origineel verhaal met een belangrijke boodschap verteld, waarbij de prachtige zwart-witillustraties het verhaal ondersteunen en je onder water laten verdwijnen.

    A, de Atlantische Oceaan, is honderdtachtig miljoen jaar oud en M, de Middellandse zee slechts vijf miljoen jaar, een jongeling in A’s ogen. Ze schrijven elkaar brieven over het ontstaan van de wereld. ‘Toen jij de wezentjes bevrijdde van de vorm waarin ze waren geboren – hun de wil gaf om dingen te bezitten […].’ Ze schrijven over hun vergankelijkheid. ‘Ooit was ik weelderig en gracieus als zijde.’ En onderwerpen als vervuiling komen aan bod: ‘Ik ben mezelf niet meer. Ze vullen me iedere dag met wezenloze, onbekende materie, ze proppen het in me.’
    M schrijft aan A over boten vol migranten: ‘Voorheen was het niet zo erg, maar nu klimmen de wezentjes continu over mij heen in hun hulzen, met veel te veel in zo’n huls.’ En het gaat ook over klimaatverandering. ‘Ik zweet, voel me opgeblazen.’

    Een groter plan

    A is duidelijk de oude wijze, die zich niet meer zo druk maakt over alle ellende om zich heen. Dat M dat nog wel doet, zorgt voor een mooi contrast en het is tegelijkertijd een goede manier om informatie te geven. Over het verleden, over Icarus en zijn vader Daedalus; de problematiek van nu komt aan bod en in bedekte bewoordingen schrijven zee en oceaan ook over de toekomst. Want in de brieven staan vage verwijzingen naar een groter plan dat de wereldzeeën aan het smeden zijn. Het is aan de lezer om te bedenken wat dat plan kan zijn. Dat maakt Zeebrieven verontrustend, beklemmend en ondanks de poëtische en sprookjesachtige taal zeer geloofwaardig.

    Je leest het boek in een uur uit, om er meteen opnieuw in te beginnen. Herlezing betekent een diepere duik in beide zeeën en een beter begrip van wat er tussen de regels staat.

     

  • Dit ben ik niet

    Dit ben ik niet

    Twee mensen, een man van 48 en een vrouw van 38, verdwalen onafhankelijk van elkaar tijdens een trainingswandeling in een bos in Jutland. Hij heet Roar. Zij is naamloos. Hij is de verteller, de ik-figuur. Na een toevallige ontmoeting gaan zij samen op zoek naar een uitweg. Tevergeefs. Zij is de sportiefste van de twee. Als hij pijn aan zijn voet krijgt, verzorgt zij hem. Tegen zonsondergang vinden zij een verlaten hut waar ze besluiten de nacht door te brengen. Zij vertelt hem haar levensverhaal: haar mislukte relaties, haar verblijf in de hippie-achtige setting van een woongroep. Van hem komen we in dat opzicht vrijwel niets te weten, behalve dat hij vrijgezel is. De volgende dag gaan ze weer op zoek naar een uitweg uit het bos, opnieuw zonder resultaat. Wel vinden ze een huisje, bewoond door kinderen en niet aanwezige of in ieder geval onzichtbare ouders. Zij besluiten zich niet aan de kinderen op te dringen en slapen in de schuur bij het huisje. Zij is inmiddels flink ziek geworden door het drinken van vervuild water en het eten van bedorven waar. Hij verzorgt haar zo goed mogelijk. De volgende dag blijkt dat ze niet ver van een bushalte zijn die hen naar de beschaafde wereld kan brengen.

    In die twee dagen en nachten is er veel gebeurd tussen deze twee mensen, maar wat precies, blijft onduidelijk en is misschien ook niet zo belangrijk. Haar levensverhaal staat centraal in het boek. Het boek is opgezet als een raamvertelling waarin de verteller zowel de proloog als de epiloog opent met de woorden: ‘. Ik sta niet zo achter een boom in het bos.’ en ‘. Ik zit niet zo met een slapende vrouw in het bos.’ Het gaat niet om hem, hij is slechts klankbord.

    Helle Helle staat bekend om haar minimalistisch realistische manier van schrijven. Met zo weinig mogelijk woorden tracht zij grote zaken te vatten. Het is geschreven in korte, trefzekere zinnen, bijna staccato. Gevoelens van liefde of het ontbreken daarvan worden nergens als zodanig beschreven, maar wel kenbaar gemaakt in de beschrijving van kleine dagelijkse tafereeltjes. Haar verliefdheid op Christian, een jongen uit haar woongroep, wordt duidelijk gemaakt aan het feit dat zij zich voortdurend in de spiegel bekijkt met in haar achterhoofd de gedachte: ‘Hoe zal hij vinden dat ik er uitzie?’ Zij zoekt haar eigen identiteit in zijn ogen. Als zij hem tenslotte zes jaar later bij toeval in Berlijn ontmoet, en hij met haar een relatie aangaat, treedt zij vooral binnen in zijn wereld met zijn zoontje, zijn bedrijf, zijn moeder, zijn huis en zijn spullen.

    Als de liefde later is bekoeld en haar eigen gevoelens en persoonlijkheid weer meer aandacht vragen, wordt dit duidelijk gemaakt aan de hand van de verkeerde cadeautjes die zij van hem krijgt en aan haar irritatie over zijn lach, die al te zeer lijkt op de lach van zijn moeder. Zij is zich steeds meer bewust van het feit dat zij eigenlijk zijn gevangene is en dat ontsnappen nauwelijks mogelijk is. Dit is eigenlijk het centrale thema van het boek. Het feit dat zij verdwaald is in het bos, lijkt dan ook geen toeval te zijn. Het is een poging te ontsnappen aan haar gevangenschap. Of dit voor de verteller, Roar, ook zo is, blijft onduidelijk. Hij lijkt een soort onpersoon, alleen maar noodzakelijk om haar verhaal te kunnen vertellen. Eigenlijk zegt hij het ook zelf door telkens te beginnen met: ‘.’

    Het is fascinerend te zien dat het centrale thema van het boek heel realistisch wordt beschreven juist door de zeer gedetailleerde beschrijvingen van Helle Helle van doodgewone kleinigheden die schijnbaar niet ter zake doende zijn. Het wordt op deze wijze ontdaan van alle romantiek en dramatiek. Het wordt heel doodgewoon, heel ordinair en daarin schuilt misschien wel het echte drama. Dit alles wordt nog versterkt door de absurde setting van de situatie in het bos. Helle Helle heeft een bijzonder boek geschreven dat het verdient gelezen te worden.

     

  • Het onbelangrijke dat belangrijk is

    Het onbelangrijke dat belangrijk is

    De hoofdpersoon in Dit zou in de tegenwoordige tijd geschreven moeten worden is Dorte, een jonge vrouw op zoek naar identiteit en volwassenheid. Helle beschrijft de eenzaamheid en alledaagsheid van haar bestaan.

    Dorte worstelt met niet zo diepgaande relaties en met kleine tegenslagen: van het jezelf buiten je woning sluiten, tot de ketting die van de fiets loopt of het onvermogen een wasserette te vinden. Dichtbij Dorte kom je echter nooit. Je leert haar, ondanks de beschrijving van haar alledaagse leven, niet echt kennen. Je komt te weten dat ze schrijft, maar inzicht in wat ze precies schrijft, waarom en waarover, krijg je niet of nauwelijks. Ook weet Helle Helle niet voldoende inleefbaar te maken, waarom Dorte liegt over het feit dat ze colleges in Kopenhagen zou volgen. Is Dorte in de war, net als haar tante die ook Dorte heet? En waarom heeft ze een zo gebrekkige  band met haar ouders? Dorte blijft een wat moelijk te doorgronden figuur.

    Het boek is een vertelling over verhuizingen, vriendjes, volwassen worden en verantwoordelijkheid, zonder grote conflicten, geheimen of verlangens. Hier en daar is het geestig. Zo wordt een stel dat net uit elkaar is als volgt beschreven: ‘Nog maar een paar weken geleden had ze hen hand in hand zien staan bij het koelvak, ze hadden naar salami staan kijken. “Wat vind jij?” had de een gevraagd. “Dat weet ik niet, wat vind jij?” zei de ander.’ (p. 96) Stond het hele boek maar vol van dit soort passages. De schrijfster kan namelijk rake beschrijvingen geven.

    Misschien probeert de auteur met de beschrijving van niet zo spannend lijkende gebeurtenissen een schrijnend beeld van het nietszeggende leven van Dorte neer te zetten. Dat lukt ten dele. Een leven kan echter nog zinlozer zijn dan het leven dat Helle Helle in dit boek beschrijft, daarvan getuigen vele klassieke romans. Het opgeroepen beeld van eenzaamheid moet worden genuanceerd, Dorte komt wel degelijk tot enigszins bevredigende relaties met anderen.

    Het boek gaat over het onbelangrijke dat toch belangrijk is. Door het ontbreken van grote gebeurtenissen ontstaat een realistischer beeld van het leven van veel (jonge) mensen, dan in boeken vol verrassende plotwendingen, die gaan over overstelpende verlangens of grote passies. Helle Helle lijkt te vinden dat sommige dingen gewoon gebeuren en dat alleen dàt feit, ze al belangrijk maakt.
    Voor de couleur locale hoef je Dit zou in de tegenwoordige tijd geschreven moeten worden niet te lezen: de personages hebben Deense namen, maar verder zou het allemaal ook makkelijk in Nederland kunnen spelen.

    De roman biedt wel enig inzicht in de leefwereld van een jonge vrouw die de weg wat kwijt lijkt te zijn. Het geheel is vlot maar ingetogen geschreven, zo ingetogen dat je soms een beetje verlangt naar creatieve ontsporing, tergende spanning of rauwe schrijfpassie. Het boek gaat over het alledaagse leven, maar de tekst zelf lééft niet echt. Lang niet elke passage urgent. Het lijken soms wat lukraak gekozen flarden uit een eentonig leven.

    Dit zou in de tegenwoordige tijd geschreven moeten worden werd uit het Deens vertaald door Kor de Vries. Helle Helle is een in Denemarken populaire en bekroonde schrijfster, van wie eerder Het idee van een ongecompliceerd leven met een man en Naar de honden in het Nederlands werden vertaald.