• Een taaie kluif

    Een taaie kluif

    In het nieuwe boek van de Japans-Engelse schrijver Kazuo Ishiguro, Klara en de Zon (2021) is de hoofdpersoon een geavanceerde robot: Klara, een Kunstmatige Vriendin, een KV.

    De roman begint in de KV-winkel in een drukke straat met veel hoogbouw. Klara wacht met andere KV’s totdat een kind haar zal uitkiezen. De Cheffin, met hoofdletter, vertelt hoe ze zich moet gedragen om uitgekozen te worden. Als op een dag een kind in haar geïnteresseerd is, reageert Klara niet op haar, tot ongenoegen van de Cheffin. Klara verontschuldigt zich, legt uit dat ze zo reageerde omdat ze ‘voor dat bewuste kind, misschien niet de beste keus zou zijn.’  De Cheffin wijst haar terecht: ‘Het is de klant die de KV kiest, nooit andersom.’ De Cheffin benoemt Klara’s kwaliteiten: ‘Klara heeft zoveel unieke eigenschappen, we zouden hier de hele morgen kunnen blijven staan. Maar als ik er één zou moeten benadrukken, nou, dan zou het haar lust tot leren en observeren zijn. Haar vermogen om alles wat ze om zich heen ziet in zich op te nemen en te combineren is verbazingwekkend.’ De manier waarop Klara haar omgeving ‘scant’, in kegels, driehoeken en andere vormen benadrukken haar robotzijn. Ze ziet de patronen van de Zon op muren en vloeren.

    De kracht van de zon

    Twee belangrijke gebeurtenissen buiten de winkel zijn bepalend voor het verloop verhaal. In de etalage vangt Klara veel Zon en daardoor voelt ze zich energiek. Ishiguro gebruikt ook hier een hoofdletter. Klara ziet hoe een zwerver (‘Bedelman’) en zijn hond bewegingloos in de schaduw op straat liggen. Ze concludeert dat zij dood zijn. De volgende dag ziet ze ‘dat een speciaal soort voeding van de Zon hen had gered.’ Een tweede gebeurtenis heeft te maken met werkzaamheden in de straat. Een grote asfalteermachine – de ‘Cootings-machine’ – stoot zwarte rook uit en verduistert de winkel waardoor de KV’s een tijdje geen energie van de Zon meer krijgen.

    Speciale hulp gevraagd

    Klara komt bij Josie, haar Moeder en Melania Huishoudster in huis. Zij houdt Josie nauwlettend in gaten, geprogrammeerd als zij is om dienstbaar te zijn. Ook hier is Klara afhankelijk van de energie van de Zon. Ze ziet dat de Zon ondergaat achter de schuur van McBain en ze interpreteert dat als: de Zon gaat daar slapen. Dan blijkt Josie ziek te zijn. Moeder tegen Klara: ‘Het moet soms prettig zijn om geen gevoelens te hebben. Ik benijd je.’ Klara reageert: ‘Ik geloof dat ik veel gevoelens heb. Hoe meer ik observeer, des te meer gevoelens er voor me beschikbaar komen.’ Klara herinnert zich hoe de Zon Bedelman en zijn hond beter heeft gemaakt. Ze denkt dat de zon ook Josie kan genezen. Daarom wil ze naar de woonplaats van de zon, de schuur van McBain. In die bijna religieuze ruimte met oranje licht en stofdeeltjes dansend in het zonlicht, probeert ze de zon gunstig te stemmen. Ze stelt een overeenkomst voor: Stel dat ik in staat zou zijn de vervuilende machine kapot te maken, zou jij dan, in ruil willen overwegen je speciale hulp aan Josie te geven?

    Elitemaatschappij

    De wereld van Klara wordt groter. Eerst kent ze alleen de winkel en het huis van Josie. Later maakt ze met de familie uitstapjes naar de stad. Zo krijgt de lezer een idee van hoe de toekomstige maatschappij eruit ziet. Veel kinderen zijn genetisch gemanipuleerd, ‘opgetild.’ Deze elitekinderen krijgen les via beeldschermen en kunnen later naar de universiteit. Rick, het speelkameraadje van Josie, is niet opgetild en hij kan daarom niet studeren. Kinderen kunnen daardoor ‘in deze wrede wereld’ geen fatsoenlijk leven krijgen. Klara geeft hem daarom bijles. De tegenstellingen in de maatschappij zijn groter geworden. Veel ouderen zijn ‘vervangen’ door robots.  ‘Uit dienst getredenen’ moeten geherhuisvest worden. KV’s mogen mee het theater in: ‘Eerst pikken ze de banen in. En daarna de plaatsen in het theater.’  Het is een maatschappij met veel veranderingen. ‘Iedereen moest nieuwe manieren vinden om zijn leven te leiden.’ Groepen komen gewelddadig tegenover elkaar te staan, de oude beroepselite bewapent zich. Drones worden ingezet om mensen te observeren.

    Mooie beelden

    Ishiguro heeft een sobere stijl. Veel dialoog, beschrijvingen zonder opsmuk. Af en toe maakt hij gebruik van mooie beelden. Bijvoorbeeld als Josie en Rick samen zitten te tekenen, over hun mogelijke toekomst samen. Hun tekeningen doen wel wat denken aan Chagall: ‘Tekening-Josie en Tekening-Rick leken door de hemel te zweven, de bomen, wegen en huizen ver onder hen gereduceerd tot miniatuurformaat. Achter hen, in de sectie van de hemel, vlogen zeven vogels in formatie. Tekening-Josie hield met twee handen een grotere vogel omhoog, die ze als een speciaal cadeau aanbood aan Tekening-Rick.’

    Levenslessen

    De roman van Ishiguro bevat meerdere levenslessen. ‘Opgetild of niet, echt talent mag niet onopgemerkt blijven.’ De diepere les van Klara en de Zon is dat ieder mens bijzonder is, dat wat het unieke van iemand bepaalt van binnen zit, het menselijk hart: ‘Iets wat ieder van ons bijzonder en individueel maakt.’
    Ishiguro laat de lezer nadenken over de gevaren van robots met kunstmatige intelligentie. Hoe zit het met hun gevoelens, empathie en de manier waarop zij leren? Dergelijke robots kunnen op basis van foutieve observaties overgaan tot ongewenste acties. Zij maken mensen overbodig, waardoor spanningen in de maatschappij toenemen.

    Veel vragen

    Je blijft als lezer wel met een boel vragen zitten. Waarom is zo’n geavanceerde robot niet verbonden met het internet? Het apparaat krijgt ook geen updates en heeft geen toegang tot de wetenschap, maar kan wel een van de niet opgetilde kinderen bijles geven. En waarom weet ze niet dat ze opgeladen wordt door zonne-energie? De lezer moet het allemaal maar geloven.
    Van de toekomstige maatschappij krijgt de lezer een akelige indruk. De tegenstellingen tussen groepen worden groter. Het kan zelfs uitlopen op geweld, maar Ishiguro werkt die verhaallijnen niet verder uit.
    Klara en de Zon bevat belangrijke levenslessen en geeft veel stof tot nadenken over de uitdagingen en gevaren van zelflerende kunstmatige intelligentie. De lezer blijft met veel vragen zitten. Van hem wordt een flinke dosis doorzettingsvermogen gevraagd om het boek uit te lezen.

    Bekroond schrijver

    Kazuo Ishiguro (1954) stond met zijn romans meerdere keren op de shortlist voor de Booker Prize. Voor zijn derde roman De rest van de dag (The Remains of the Day) uit 1989 won hij die prijs. Na een oeuvre van zeven romans ontving hij in 2017 de Nobelprijs voor literatuur. Ishiguro is geboren in Japan (Nagasaski, 1954), maar groeide vanaf zijn zesde op in Engeland. Peter Bergsma maakte van Klara and the Sun een uitstekende vertaling.

  • De zomerboeken van Evert Woutersen

    De zomerboeken van Evert Woutersen

    Medewerkers van Literair Nederland en hun boeken die meegaan op vakantie of tijdens zomerse dagen in eigen tuin gelezen worden.

    Evert Woutersen gaat deze zomer de volgende vijf boeken lezen:
    Bart Chabot, Mijn vaders hand, en Hartritme van Chabot
    Kazuo Ishiguro, Klara en de zon
    Tamsin Calidas, Ik ben een eiland
    Esther Verhoef, De nachtdienst

    ‘Bart Chabot schrijft aan een driedelige roman-biografie, over zijn jeugd en een vader met losse handen. Chabot zei daarover: ‘Mijn vader was een carrièreman en hij kreeg een zoon die niet wilde deugen en zich tegen conventies verzette. Met
    terugwerkende kracht heb ik wel bewondering gekregen voor dat kind, dat het allemaal overleefde.’ Hartritme gaat over de
    vriendschap met Herman Brood, Jules Deelder en Martin Bril. ‘Vriendschappen met drie mannen zorgden voor inspiratie en aanmoediging.’ Zijn ouders en vrienden leven niet meer, ik ben benieuwd hoe hij hen tot leven brengt in deze romans. Klara en de zon wil ik lezen omdat ik nooit iets van deze Nobelprijswinnaar heb gelezen. Tamsin Calidas schrijft over het roer omgooien. Ze verhuist van London naar een boerderij op een Schots eiland. Zelf droom je daar wel eens van, maar zet nooit door. Benieuwd hoe het haar vergaat, of ze zich daar gaat thuisvoelen. In een interview zei ze: ‘Het leven is een primitief touwtrekken tussen erbij horen en ontworteld raken.’ Tot slot de nieuwe Esther Verhoef, (‘Een mysterieuze patiënt verstoort je nachtdienst.’), zij stelt nooit teleur, en een spannend boek tijdens de vakantie is altijd fijn!’

     

    Lees hier meer over Evert Woutersen.

     

  • Oogst week 11 – 2021

    Ik zeg Emily

    De poëziebundel Ik zeg Emily is het debuut van Yentl van Stokkum, waarin een jonge dichter een bezoek brengt aan het graf van Emily Brönte (1818-1848, de middelste van de gezusters Brönte, die onder andere Wuthering Heights schreef). De verteller raakt bezeten door de vroeg gestorven Emily, haar leven en werk, en lijkt een verbond aan te willen gaan met de ziel van de dode dichter.

    ‘het verlangen naar Emily is simpel
    en ik wil de associatie vermijden met woorden als
    kwetsbaar ode oprecht liefdevol romantisch romantiek (…)’

    Daartoe reist de verteller naar het graf van Emily Brönte in Scarborough (‘mag ik zeggen dat het graf tegenvalt’). Het ‘hier en nu’ klinkt door in hoe de reis wordt beschreven: de verteller raakt niet alleen aan Emily en haar historische belang, maar ook aan hoe het is om nu vrouw te zijn, bijvoorbeeld in ‘advies voor een jonge alleen reizende vrouw’.

    Yentl van Stokkum (1991) is toneelschrijver en dichter. Ze schreef al voor Hard//hoofd, er is werk van haar opgenomen in de bundel NYX van de feministische uitgeverij Chaos en ze begon tijdens het Slow Writing Lab waaraan ze deelnam met het schrijven van poëzie over Emily Brönte.

     

    Ik zeg Emily
    Auteur: Yentl van Stokkum
    Uitgeverij: Hollands Diep

    Een Alpenroman

    Goed nieuws voor degenen die verzuchten dat er tegenwoordig nog maar zo weinig Vestdijk wordt gelezen: Een Alpenroman is heruitgegeven. De roman deed bij verschijning in 1961 nogal wat stof opwaaien: Vestdijk beschrijft in zijn roman de lesbische liefde tussen de Nederlandse Lucie Ebbinge en Duitse Anna Brandner, die serveerster is in het hotel, in feite kuuroord, waar Lucie verblijft te Oberstdorf. Vestdijk beschrijft hun liefde zeer gedetailleerd, wat hem op onbegrip bij recensenten kwam te staan. Er werd geschokt gereageerd op de lesbische liefde van Lucie en Anna: ‘Dit boek is ziek, zo ziek.’ (Algemeen Handelsblad);  ‘verboden vorm van geslachtelijke liefde’ (Trouw). Maar niet enkel die liefde analyseert Vestdijk: maatschappelijke tegenstellingen en religieuze waarden en belangen spelen eveneens een belangrijke rol.

    Een Alpenroman verscheen voor het eerst bij De Bezige Bij, en is nu door Uitgeverij kleine Uil opgenomen in de zogenoemde Regenboogreeks, met daarin ‘klassiekers uit de lhbt-literatuur’.

    Een Alpenroman
    Auteur: Simon Vestdijk
    Uitgeverij: Kleine Uil, Uitgeverij

    Klara en de Zon

    In Klara en de Zon van Kazuo Ishiguro is het titelpersonage een ‘Kunstmatige Vriendin’, ofwel: een robot, nauwelijks van een echt mens te onderscheiden, met dezelfde zachtheid en toewijding. Dat Klara de wereld anders waarneemt – technisch gesproken – maakt niet dat ze niet naar menselijk contact smacht en wacht tot iemand haar meeneemt om deel te laten uitmaken van het eigen gezin. Dat laatste gebeurt: ze komt terecht bij de ziekelijke tiener Josie. Wanneer Josie zelf niet in staat is om haar rol binnen het gezin te vervullen, wordt Klara zo geprogrammeerd dat zij dat voor haar kan doen. Daarmee worden thema’s als genetische manipulatie, A.I. en big data aangesneden. Over de verhouding van Klara en de Zon tot de tijd waarin we leven, stelde Ishiguro in een recent interview met The Guardian het volgende:

    ‘“What happens to things like love in an age when we are changing our views about the human individual and the individual’s uniqueness?” he asks. “There was this question – it always sounds very pompous – about the human soul: do we actually have one or not?”’

    Ishiguro won in 2017 de Nobelprijs voor de Literatuur. Zijn The Remains of The Day werd bekroond met de Booker Prize en verfilmd met Anthony Hopkins in de hoofdrol.

    Klara en de Zon
    Auteur: Kazuo Ishiguro
    Uitgeverij: Atlas Contact
  • Dienstmededelingen

    Dienstmededelingen

    Iemand vroeg me naar mijn onuitgelezen boeken. Ik houd ze niet bij, weet dat het er veel zijn, meer dan anders. Ik bevind me in een staat waarin ik met veel dingen weinig geduld heb. Ook haak ik bij de een na de andere serie af. Bij House of Cards ben ik al weg en na het zien van de meest recente episode van Designated Survivor weet ik dat het klaar is. In series heeft het te maken met de dialoog. In plaats van gesprekken tussen personages worden dialogen op tv vooral gebruikt om informatie over te brengen op de kijker. In aflevering zeven, seizoen twee van Designated Survivor gaat dit zo:
    – Turans mensen willen de huur van onze bases verhogen.
    – Hij wil geld voor een oorlogsschatkist voor de verkiezingen.
    – Hij moet stemmen kopen.
    – Niet met ons geld. We betalen genoeg. Zes miljard per jaar.
    Dit is geen gesprek maar een opsomming van feiten en informatie die al lang bekend zijn bij de personages die ze uitspreken. Dus als Tom Kirkman, president van de Verenigde Staten, die laatste zin zegt, doet hij dat als encyclopedie voor de kijker, die moet weten hoe het politiek ook al weer zit.
    Ik probeer me zo min mogelijk te ergeren en zo veel mogelijk te verwonderen. Doodmoe ben ik van alle verwondering.

    Het is moeilijk, informatie overbrengen die voor de lezer of kijker noodzakelijk wordt geacht maar reeds bekend is bij de personages om wie het gaat in het verhaal. Dat maakt dagboekachtige verhalen tot zo’n precaire kunstvorm, want hoe zorg je ervoor dat je als schrijver niet al te aanwezig bent en de lezer toch alles begrijpt?
    Never let me go van Kazuo Ishiguro (het boek, niet de film), lijkt een grote aaneengeschakelde dienstmededeling: keer op keer legt Kathy H. dingen uit die voor haar geen nieuws zijn, ze ontleedt de structuren van haar jeugd en leven. Aan wie doet ze dat? Aan de lezer, een lezer. Ze kondigt steeds een herinnering aan, vertelt eerst over de achtergrond ervan in ellenlange ‘dat zit zo’-achtige constructies en keert dan pas terug naar wat ze eigenlijk wil vertellen. Tegelijkertijd laat deze vertelmethode goed zien hoe het er in Kathy’s hoofd aan toe gaat: hoe losgezongen ze is – door de mal waarin ze opgroeide – van normale sociale normen.

    In het nawoord van Jamal Ouariachi’s verhalenbundel Herinneringen in aluminiumfolie haalt hij uit naar ‘de literaire obsessie (in Nederland, red.) voor het ‘spaarpotproza’, waarin zo min mogelijk wordt uitgelegd en de taal aan alle kanten kaal is. ‘(…) jij als schrijver moet het basismateriaal aanleveren en je niet verschuilen achter: oeh-oeh-oeh mysterieus, de lezer mag deze door mij kunstmatig aangebrachte hiaat helemaal zelf invullen.’
    Het is een kreet die ik begrijp, maar waarvan ik het andere uiterste, broertje informatie-overschot, de laatste tijd veel vaker tegenkom.

    Een middenweg met niet te veel dienstmededelingen enerzijds en niet overdreven mysterieus gedoe anderzijds moet toch mogelijk zijn, op tv en in boeken. Ik schakel Netflix en tv uit en vind troost in de gedachte dat ik altijd nog meer uitlees dan wegleg.


     Marijn Sikken mijmert over lezen, verhalen en literatuur en schrijft daar columns over. Haar debuutroman, ‘Probeer om te keren’ (2017) verscheen begin dit jaar bij Uitgeverij Cossee.