• Becommentariëren van elkaars werk

    Becommentariëren van elkaars werk

    De brieven die de romanschrijvers Simon Vestdijk en Willem Brakman elkaar schreven in de jaren zestig, zijn samengebracht in een gebonden prachtuitgave en voorzien van de pakkende titel Gaven, giften en vergiften. Een derde letterkundige in dit boek is Nol Gregoor, wederzijdse vriend van de twee hoofdfiguren. Gregoor introduceerde Brakman begin jaren vijftig bij Vestdijk thuis in Doorn. Een persoonlijke kennismaking nadat Gregoor eerst Brakmans eerste verhalen onder ogen van Vestdijk had gebracht.

    Welke specifieke en merkwaardige rol deze Gregoor in de Nederlandse literatuur gespeeld heeft, komt in de inleiding van het brievenboek nauwelijks uit de verf. Samensteller Nico Keuning vermeldt over Nol Gregoor slechts: ‘rijksambtenaar, publicist en later radio-interviewer’.

    In vrijwel elke brief van de twee romanschrijvers, is Gregoor het mikpunt van spot die vooral toch als vriendschapsbetuiging van beide heren moet worden opgevat. Zij stelden de belangstelling van Gregoor zeer op prijs. Bij vele schrijvers was hij kind aan huis en als biograaf legde hij een mateloze interesse aan de dag voor niet zozeer het werk, alswel voor de persoon achter dat werk. Hij was gek op handschriften en manuscripten, en leidde een kleurrijk bestaan waarover talloze anekdotes de ronde deden. Wat in Gregoor voor de twee romanciers zo boeiend was blijft in de inleiding buiten beschouwing. In de daaropvolgende brievenverzameling is Gregoor dan ook niet meer dan een schimmige figuur.

    Nadat Brakman zijn debuut Een winterreis (1961) met een begeleidende brief aan Vestdijk had verstuurd , schreef Vestdijk hem terug. Dat was het begin van een langdurige correspondentie tussen Doorn en Enschede.
    Vestdijk prees in zijn eerste brief het boek van Brakman die daar zeer gelukkig mee was. De beroemde Vestdijk zag hem als een evenknie. De erkenning van de man uit Doorn die Brakman zeer bewonderde, zal zeker van invloed zijn geweest op de honorering van een ongewoon verzoek van Vestdijk in die eerste brief. Kon Brakman, die bedrijfsarts was, zelf tranquillizers slikte en als student in een psychiatrisch ziekenhuis ervaring had opgedaan, hem aan medicatie helpen om zijn gemoedstoestand te verlichten? Vestdijk leed sinds zijn jeugd aan depressies waardoor hij vaak tot zijn groot verdriet wekenlang niet kon schrijven. Hij gebruikte broom, een ouderwets kalmeringsmiddel dat in de jaren vijftig, begin zestig nog werd voorgeschreven maar waar hij weinig baat bij had. Andere psychedelica waren er wel maar werden zelden verstrekt.

    Evenals Brakman was Vestdijk arts. Alleen heeft Vestdijk na zijn afstuderen slechts korte tijd zijn vak uitgeoefend waarna hij voor de literatuur koos. Hooguit sprak de dokter nog in hem in de studies De zieke mens in de romanliteratuur (1964) en Het wezen van de angst (1968).
    De eerste brief van Vestdijk aan Brakman dateert van 2 juli 1961. In dat jaar was Vestdijk de zestig al ruim gepasseerd en zou hij nog een decennium te leven hebben. Brakman was in de dertig en stond aan het begin van zijn schrijverscarrière. Hij werkte als bedrijfsarts, een baan die hem niet dag en nacht opeiste en een zekere ruimte gaf om te schrijven. Na zijn debuut publiceerde hij in de voetsporen van Vestdijk vele boeken waarvan de eerste boeken sterk onder diens invloed staan. Brakman toonde zich vooral  gevoelig voor de schrijfstijl en humor in de Anton Wachterromans.

    Delibereren over toegezonden medicijnen en becommentariëren van elkaars werk vormen de hoofdbestanddelen van de brieven. Daarnaast gaat het over dagelijkse beslommeringen en het roddelend dwepen met Gregoors liefdesaffaires die Vestdijk en Brakman zelf volgaarne aanknoopten. Diep graven de brieven niet en de breed besproken leverantie van tranquillizers wordt op z’n zachts gezegd al gauw vervelend.

    Brakman schonk een productief schrijversbestaan aan Vestdijk maar of zijn belang werkelijk zo groot was als uit zijn brieven uit Doorn mag worden opgemaakt is zeer de vraag. In een kort voor zijn dood geschreven en postuum gepubliceerde getuigenis, noemde Vestdijk namen van artsen die met de perfecte medicatie zijn leven draaglijk hadden gemaakt en zijn schrijverschap hadden gered. De naam van Brakman was daar niet bij.
    Deze informatie is te vinden in de inleiding op de brieven, die zoals gezegd te weinig toelichting geeft. Verder verdient zij alle lof maar die valt zeker niet aan de daaropvolgende correspondentie ten deel.

    Een veel strengere selectie zou van deze brieven van Vestdijk en Brakman een onderhoudend geheel hebben gemaakt. Dan zou er een boekje uit de bus zijn gerold met een prachtige ‘petite histoire’ maar wel een dat te dun zou zijn uitgevallen. Beter nog zou een uitvoerig essay voor tijdschrift of bibliofiele uitgave zijn, bestaande uit de tekst van de inleiding en aangevuld met de mooiste brieffragmenten.

     

  • Oogst week 22 – 2018

    Gaven, giften en vergiften : brieven

    De correspondentie tussen Simon Vestdijk en Willem Brakman begint als Brakman Vestdijk zijn debuutroman toestuurt. ‘Beste Brakman’ en ‘Beste Vestdijk’ werd al heel snel ‘Beste Wim’ en ‘Beste Simon’. Dat zij elkaar niet alleen over literatuur en hun wederzijdse vriend Nol Gregoor schreven, blijkt uit Gaven, giften en vergiften, de door Nico Keuning verzamelde en ingeleide brieven uit de periode 1961-1969. Het gaat ook heel vaak over de gezondheid van beide literatoren, die allebei arts waren. Beiden hebben een aanleg voor zwaarmoedigheid en depressies. Vestdijk weet Brakman te vinden als hij advies en pillen nodig heeft. Uit het voorwoord van Nico Keuning blijkt hoe groot de invloed van zijn depressies op het werk van met name Simon Vestdijk was.

    Gaven, giften en vergiften : brieven
    Auteur: Willem Brakman en Simon Vestdijk
    Uitgeverij: Uitgeverij Querido (2018)

    Ik bestaat uit twee letters

    In Privé-domein verscheen Ik bestaat uit twee letters, het dagboek dat A.H.J. Dautzenberg bijhield vanaf de dag dat hij 49 werd tot zijn vijftigste verjaardag. Het gaat hier niet om een alsnog publiek gemaakt dagboek, maar om speciaal voor deze reeks bijgehouden aantekeningen. Net als Ilja Leonard Pfeijffer is A.H.J. Dautzenberg iemand die in zijn werk speelt met het thema ‘werkelijkheid’. De vraag is of Dautzenberg van zijn verslag van zijn dagelijkse leven meer maakt dan alleen een literaire exercitie.
    De rode draad in Ik bestaat uit twee letters mag dan de relatie met tweelingbroer Hub zijn, aan wie hij al zijn hele leven vastzit, maar Dautzenberg doet ook uitgebreid verslag van wederwaardigheden in de literaire wereld. En dat kan interessant zijn, want in het vijftigste levensjaar was het onrustig bij zijn uitgeverij en ging Theo Sontrop dood.

    Ik bestaat uit twee letters
    Auteur: A.H.J. Dautzenberg
    Uitgeverij: Uitgeverij De Arbeiderspers (2018)

    De melodie

    Na een succesvolle carrière lijkt chansonnier Alfred Busi verzekerd van een rustige oude dag. In zijn ouderlijk huis, een riante villa op een aantrekkelijke plek, zou hij tevreden terug hebben kunnen kijken op zijn leven, als in het dorp niet geplaagd werd door dieren die ’s nachts de vuilnisbakken plunderen; een projectontwikkelaar het niet op zijn villa voorzien had, een journalist niet om werk verlegen had gezeten en zijn vrouw Alicia niet was overleden.
    De melodie van Jim Crace wekt de indruk een realistische roman te zijn over actuele onderwerpen, maar er gebeuren teveel wonderlijke dingen om het symbolische over het hoofd te zien.

    De melodie
    Auteur: Jim Crace
    Uitgeverij: Uitgeverij De Geus (2018)

    Victorieverdriet

    Toen haar grote liefde haar tijdens een vakantie in New York verliet, kwam dat hard aan bij Elfie Tromp. Onmiddellijk daarna werd haar liefdesverdriet een onderwerp in haar werk. Haar eerste pijn schreef ze van zich af in haar columns, daarna maakte ze een theatervoorstelling. Ook haar poëziedebuut Victorieverdriet is een verslag van het rouwen en klagen dat hoort bij een dergelijk verlies. Victorieverdriet is een reis in drie etappes, die min of meer samenvallen met de stadia van verwerking. De gedichten zijn een vrij letterlijke verwoording van gevoelens.

    Victorieverdriet
    Auteur: Elfie Tromp
    Uitgeverij: Uitgeverij De Geus (2018)