• Oogst week 45 (2018)

    De akte van mijn moeder

    De Hongaar András Forgách (1952) is in eigen land een bekende schrijver. Men kent hem ook van zijn werk als vertaler, toneelschrijver en beeldend kunstenaar. In de jaren zeventig en tachtig was hij actief in verzet tegen het Sovjetregime.

    Zijn nieuwste roman De akte van mijn moeder is gebaseerd op de waarheid. Een waarheid waar hij dertig jaar na het overlijden van zijn moeder bij toeval achterkomt omdat een oude jeugdvriend hem daarop attendeert. Het blijkt dat zijn moeder, op wie hij dol was, vanaf 1975 tot aan haar dood gespioneerd heeft voor de geheime dienst. Zij rapporteerde over bekenden, haar vrienden, en zelfs over haar echtgenoot en kinderen. Dat zijn ouders Stalinisten waren, wist Forgách wel. Maar dat zijn moeder zo ver zou gaan, was een schok voor hem.

    Het boek is inmiddels in 14 landen vertaald en wordt ook verfilmd.

    De vertaalster, Rebekka Hermán Mostert, over dit boek: ‘Het is een boek met tanden, bij vlagen hilarisch, soms dor irritant, soms heel raak en roerend, maar zeker informatief, op het randje van exhibitionistisch. Hongarije in de ‘soft-socialistische’ late jaren, met mensen voor en tegen, onmachtig in en buiten het systeem, Israël en de Arabieren, de Holocaust, toe maar. Met talloze excursen, feiten en namen tussen neus en lippen door, die je langs even zovele nieuwe paden sturen. Een lange, ongemakkelijke blik in de keuken van een schrijver die aan systeemontleding doet, en daarbij zichzelf en de zijnen niet spaart. Een poging tot reconstructie. Een ontdekking van een wereld en werelden. Een altaar voor moeilijke liefde.’

     

     

     

     

     

     

    De akte van mijn moeder
    Auteur: András Forgách
    Uitgeverij: Uitgeverij Cossee

    Mijn zusje, de seriemoordenaar

    Na Forgàch die schrijft over het verraad van zijn moeder, nu een ander ‘familieboek’, Mijn zusje, de seriemoordenaar, over twee bizarre zusjes. De één, de mooie Ayoola, vermoordt na verloop van tijd al haar vriendjes, de ander, Korede ruimt de boel op wist alle sporen. Totdat Ayoola ingaat op de avances van een man op wie Korede heimelijk verliefd is.

    Oyinkan Braithwaite studeerde rechten en creatief schrijven, werkte voor online magazines en een Nigeriaanse uitgeverij en treedt ook op als als poetry slammer. Ze wilde altijd al schrijfster worden en publiceerde Mijn zusje, de seriemoordenaar op een online platform. Omdat ze zoveel enthousiaste reacties kreeg, stuurde ze het naar een uitgever. Inmiddels is haar debuut een groot succes en zijn de filmrechten ervan verkocht.

     

     

    Mijn zusje, de seriemoordenaar
    Auteur: Oyinkan Braithwaite
    Uitgeverij: Uitgeverij Pluim

    Voor wie in het donker op mij wacht

    Als je wakker wordt moet je altijd even aan de dag wennen’
    en dat is helemaal niet waar, ik hoef helemaal niet aan de dag te wennen, waar ik aan moet wennen is dat ze dingen verplaatsen zonder mij iets te vragen, ze doen gewoon waar ze zin in hebben, de dame op leeftijd schudde het kussen op, hielp me rechtop te gaan zitten
    ‘Voorzichtig want u hebt al vaker geknoeid’
    gaf me mijn pillen en schonk thee voor me in, terwijl de kat als water op de grond gleed, als ze langs mijn benen strijkt hoor je een motortje dat ronkt tot zijn staart voorbij is en hij me vergeet, heel even moest ik denken aan Faro, aan mijn moeder, als ze ’s avonds de soep op tafel zette, en mijn vader, die met zijn servet half in het boordje van zijn hemd en half in zijn hand, in bretels en zonder colbertje
    ‘Kom eens hier’
    zei dat ik mijn tong moest uitsteken, zijn wijsvinger natmaakte en een vlek van mijn neus wreef’

    (…)

    Nauwelijks interpunctie, het is niet altijd duidelijk over wie de hoofdpersoon het heeft, herinnering en werkelijkheid wisselen elkaar af. Je moet er wel bijblijven bij het lezen van Voor wie in het donker op mij wacht van António Lobo Antunes.

    Voor wie in het donker op mij wacht gaat over de kracht van het geheugen en tegelijkertijd het verliezen van herinneringen.
    De 79-jarige Celeste is de verteller. Ze lijdt aan alzheimer en is overgeleverd aan de zorg van een oudere vrouw en de neef van haar tweede echtgenoot. Hoewel het spreken haar steeds slechter vergaat, probeert ze haar herinneringen vast te houden – aan haar jeugd in de Algarve, haar jaren als actrice en haar twee huwelijken. Als actrice verplaatst ze zich bovendien voortdurend in de mensen die haar omringen en verzint ze levens voor hen.

    Voor wie in het donker op mij wacht
    Auteur: António Lobo Antunes
    Uitgeverij: Ambo|Anthos
  • Afrekenen met Hitlers erfenis

    Afrekenen met Hitlers erfenis

    ‘Avraham, je bent een mesjoggene en je hebt er niets van begrepen. Je hebt niet kunnen beseffen hoe groot de omvang is van de woede, het verdriet, de frustratie en vooral de angst die de Holocaust heeft veroorzaakt bij de overlevenden en hun nageslacht.’ Dit zal de reactie zijn van een groep lezers na het lezen van de eerste hoofdstukken van het boek van Avraham Burg. Wanneer wij de afdaling maken in de donkere gang van het Childrens Memorial in Yad Vashem, zal het toch duidelijk worden dat de herinnering aan de Sjoa, ten eeuwige dage zal blijven bestaan. Heel snel zullen zij hun mening bijstellen en meestal zal hun aanvankelijk negatieve benadering omslaan in grote bewondering voor de man wiens voornaamste wens het is vrede te bewerkstelligen in het Midden Oosten.

    De ondertitel van het boek luidt: Afrekenen met Hitlers erfenis en dat afrekenen doet Avraham Burg in twaalf hoofdstukken. Het is weer nodig dat wij onze kennis met betrekking tot de geschiedenis van het Joodse volk ophalen. Op nogal veel plaatsen in het boek worden, nogal selectief, bijbelteksten aangehaald ter versterking van het betoog. Veel kolonisten in het huidige Israël zullen vasthouden aan hetgeen is gezegd tegen Abraham in Genesis 13: 14-15. ‘Kijk naar het noorden en zuiden, het oosten en westen. Het hele gebied dat je van hieruit ziet, zal ik aan jou en je nakomelingen voor altijd in bezit geven’. Avraham Burg en zijn medestanders in de Vrede Nu beweging, geven hier waarschijnlijk een andere uitleg aan. Zij vinden ook dat teksten zoals in Exodus 21:23-25, die handelen over ogen en tanden maar beter buiten beschouwing moeten blijven. Misschien zijn de uitspraken gedaan in Lucas 6:29 over die andere wang meer van toepassing. Maar ja een mens heeft maar twee wangen en wat doe je als er op allebei de wangen al eens geslagen is?

    In één der hoofdstukken worden vergelijkingen gemaakt met de republiek van Weimar, waar de kiem reeds werd gelegd voor de later optredende catastrofe. Burg zegt dat er pijnlijke overeenkomsten zijn tussen het huidige Israël en het Duitsland van vóór Hitler, vooral omdat in beide gevallen ruime aandacht wordt besteed aan de Blut und Boden theorie waarin de jeugdbeweging een voorname rol speelt.

    Het Eichmann proces komt ter sprake. Door een groot deel van de Israëlische bevolking werd het gezien als een triomf, eindelijk was een echte nazi met een bekende naam, hen in de schoot geworpen. Er waren ook afwijkende meningen zoals die van de in Duitsland geboren Joodse filosofe, Hannah Arendt. Zij bracht de ethische kanten van het proces ter sprake maar werd ten tijde ervan tot zwijgen gemaand en kreeg te maken met een onvoorstelbare vijandigheid. Burg geeft in zijn boek ook duidelijk aan een principiële tegenstander te zijn van de doodstraf. Als één der argumenten hiervoor voert hij aan dat volgens hem, alleen de Allerhoogste het vermogen heeft om leven te scheppen en het te voorzien van een ziel. Het is hem blijkbaar ontgaan dat er, ook in Israël, aanhangers zijn van de evolutietheorie van ene Charles Darwin, die hier anders over denken. Het één en ander laat onverlet dat er voor de bestraffing van Eichmann elegantere methodes te bedenken waren geweest.  Burg beschouwt het proces zoals het destijds gevoerd werd als een slecht toneelstuk waarin de hoofdrollen werden vervuld door de toenmalige premier David Ben Goerion en de hoofdaanklager Gideon Hausner. De saaie bureaucraat Adolf Eichmann vervulde slechts een bijrol. Over het boek dat Hannah Arendt schreef, Eichmann in Jeruzalem, dat in het Hebreeuws werd vertaald, worden nog steeds debatten gevoerd en er wordt nu anders tegen aangekeken.

    Burg laat ons zien dat er meerdere sjoa’s waren zoals in Rwanda, Cambodja, Tibet, Oost Timor, en hij zegt tegen het volk van Israël: ‘De Sjoa is niet alleen van ons’. Hij roept op om naast de vervolgden te gaan staan en het voor hen op te nemen want anders zal er uiteindelijk niemand zijn om het voor ons op te nemen. We moeten ons de vraag stellen wat we kunnen doen om te voorkomen dat er weer dergelijke rampen kunnen ontstaan. Er is scherpe kritiek op het door de Israëlische regering gevoerde militaire beleid. Mensen zonder moreel onderscheidingsvermogen kunnen geen uitverkoren volk zijn. Ook in Europa zijn kritische geluiden te vernemen maar laten we wel bedenken dat kritiek op Israël nog lang geen antisemitisme is. Avraham Burg is een fel tegenstander van oorlogszuchtige generaals en onverzoenlijke rabbijnen en hij wil een wereld bouwen die is gebaseerd op het geloof in de mens maar beschikt nog niet over voldoende medestanders.