• Oogst week 9

    Door Carolien Lohmeijer

    Een vage heimwee naar het Odessa van Poesjkin, Babel of Paustovskij. Dat voel je als je deze schrijvers leest. Veel onbekender is de joods-Russische schrijver Vladimir Zjabotinski, maar hij hoort zeker in dit rijtje thuis. Hij schreef Afscheid van Odessa, lange tijd vergeten, nu weer beschikbaar.
    Vertaler Otto Boele: ‘Het is een onverbloemde lofzang op de stad, een eerbetoon aan het bonte en multi-etnische Odessa van het late keizerrijk, maar het geheel is doortrokken van een melancholieke toon die is ingegeven door de wetenschap dat juist dit Odessa anno 1936 onherroepelijk is verdwenen.’ Lees het essay van Boele en u weet naar welk boek u op zoek bent.
    Afscheid van Odessa, Vladimir Zjabotinski, vertaling Otto Boele en Inge van Gemert, 240 pagina’s, Uitgeverij Wereldbibliotheek, € 19,95

     

    De jaagster ‘Hééééhóóó, zwellen de stemmen van de drijvers aan en ik hoor ze met stokken in het struikgewas slaan. Dan slaan de honden vervaarlijk aan, een zwijn krijst en gilt, de drijvers schreeuwen. Vuren ze aan? Waarschuwen ze? Het krijsen gaat door merg en been, minutenlang hoor ik niets dan dat woeste uitstoten van oergeluiden, en ik beeld me in dat alle schutters vol ontzag meeluisteren. Dan ineens houdt het op. En het is eindeloos stiller dan daarvoor.’ (Pauline de Bok in De Jager).

    Zo indrukwekkend kan het zijn. Auteur Pauline de Bok heeft met kennis van en ervaring in de jacht (zij heeft een Duitse jachtakte) de roman De jaagster geschreven waarin de levens van twee vrouwen met elkaar verstrengeld raken. Decor is het Duitse platteland, met als achtergrond de spoken uit de Tweede Wereldoorlog en de Koude Oorlog.
    De jaagster, Pauline de Bok, Atlas Contact, 288 pagina’s, € 21,99

     

    9789492037008.imgBewondering en verbazing dwong Bettine Vriesenkoop af  toen zij in 1982 in China won van Chinese wereldtoppers tafeltennis. Ze ging in China wonen en werken en raakte gefascineerd door dat enorme land. Inmiddels verzorgt zij lezingen over China waarbij ze haar eigen ervaring koppelt aan de actualiteit. En ze schrijft. In haar laatste boek Dochters van Mulan gaat zij in op de rol van de vrouw in de Chinese samenleving. Hoe profileren zij zich, hebben ze invloed, kunnen en willen ze China veranderen? De ondertitel van haar boek doet veronderstellen dat het antwoord op die laatste vraag ‘ja’ is. Ook de flaptekst doet dat vermoeden bevestigen: ‘haar gesprekspartners bekritiseren de verstokte rolpatronen in gezin en samenleving, het ongebreidelde consumentisme en de leugens van markt en staat in het moderne China.’
    Dochters van Mulan, Hoe vrouwen China veranderen, Bettine Vriesenkoop, Uitgeverij Brandt, 288 pagina’s, € 17,50

     

    omslag-Huub-Beurskens-Wachten-op-een-vriend-e1424894758328Tot slot het mooi vormgegeven boek van Huub Beurskens, beeldend kunstenaar, dichter, vertaler, en schrijver. Dat alles van een omvangrijk oeuvre. Onlangs is zijn nieuwe roman Wachten op een vriend  verschenen, waarin twee oude vrienden elkaar na jaren weer onverwachts treffen. De vraag is of ze de vriendschap van vroeger weer voorgoed kunnen opbouwen.
    Wachten op een vriend, Huub Beurskens, 208 pagina’s, Uitgeverij Koppernik, € 17,50

  • Oogst week 8

    door Menno Hartman

    Het Handboek slavenmanagement heeft niet uitsluitend zijn titel mee. Het voorwoord is van Mary Beard, de Britse classica met een geweldig gevoel voor humor en een strijdbare maar nuchtere feministe, een vrouw om zeer te bewonderen. Boeken met goede titels doen het beter. Het is dan ook een ideaal boek om aan je man, vrouw, werkgever te geven. Met onderwerpen als Hoe koop je een slaaf, Slaven en seks, Het probleem met vrijgelaten slaven, is dit boek naast De heerser van Machiavelli een must voor elke leider. Of voor ieder die het niet alleen afkan.

    Athenaeum, Polak & Van Gennep, vertaling Patrick De Rynck.

    imageGenDe week van het Korte verhaal. De fraaie jonge uitgeverij AfdH gaf de 22 mooiste inzending voor de A.L. Snijdersprijs uit. Wat een mooi boekje! Boekverzorging in handen van Martien Frijns, een naam om te onthouden. Heel leuk om te lezen op de korte baan. Bekendere en minder bekende namen.

     

    thorleif1-522x391Job Degenaar heeft een lange geschiedenis als dichter. Bij Uitgeverij Liverse verscheen nu een dichtbundel rond fotografie uit Amerika begin vorige eeuw. Foto’s van de Noorse amateurfotograaf Thorleif Sverre Pederson Cooke. Hij werd geadopteerd door een Amerikaanse, dat verklaart zijn achternaam, zij stierf, liet hem een vermogen na en hij ging reizen en fotograferen.

    DOffilleze roman van Jenny Offill gaat begeleid van de volgende aanbeveling van Michael Cunningham: ‘Als ik je vertel dat het grappig is, en ontroerend, en oprecht; wil je me dan alsjeblieft gewoon geloven, en het lezen?’

    Nou vooruit, daar voeg ik ronduit mijn aanbeveling nog aan toe. Ik wilde dit boek graag uitgeven, en ik heb achter het net gevist, de collega’s van de Geus waren me voor. Het is ontzettend goed, ontzettend geestig, waardig etc. Alleen de titel is in het Engels echt beter: Dept. of Speculation. De vertaling is van Roos van de Wardt. Uitgever en auteur verdienen het dat dit boek een groot succes wordt.

  • Zeer korte verhalen in Zutphen

    Het was vrijdagavond, koopavond. De straten van de stad waren op een mistroostige manier verlaten. Het zou toch niet zo zijn dat iedereen zich naar boekhandel Someren & Ten Bosch in de Turfstraat had gerept om daar A.L. Snijders te zien optreden? Snijders, die vorige week opeens tot ’s lands beroemdheden werd gerekend omdat hij de uitgave van Nederland Leest mag verzorgen. En omdat hij bij het journaal verscheen en de DWDD. Zo gaat dat.

    Maar de boekhandel was vol liefhebbers van de zkv’s van A.L. Snijders. Zij hadden hem al lief voordat hij de uitnodiging van het CPNB had aanvaard. De schrijver was ter ere van De Week van het Korte Verhaal aanwezig. Hij zou de vooravond daarvan inluiden met enkele van zijn zkv’s. Geheel vrijblijvend en belangeloos.

    De schrijver kwam vanuit een inham naar voren en beklom de open trap in het midden van de winkel. Op één traptree lag een rood fluwelen kussen. Hij vond er, na enig heen en weer geschuif, een stabiele plek op. Hij droeg stijlvolle suède schoenen. Mooie herenschoenen, met een gladde zool. Daar moest ik even aan wennen. Heel even maar en toen had ik de zware werkschoenen, of laarzen los van hem kunnen zien en pasten de suède schoenen hem wonderwel goed. Maar er was nog iets, al wist ik niet zo gauw wat.  Toen zag ik het, zijn wenkbrauwen waren bijgeknipt.

    Snijders keek met open blik de winkel rond, alsof hij iemand zocht, alvorens hij begon met het voorlezen van een mail. Degene die hem de mail gezonden had, kon wellicht onder de aanwezigen zijn. Maar nee.
    Die avond had de schrijver met zijn vrouw en dochter boodschappen gedaan bij de ‘grote’ AH in Zutphen. Alwaar hij werd aangesproken door een man die hem herkende van de televisie. De man stond naast een vrouw tegen wie hij zei: ‘Weet u wel dat u naast een beroemd man staat?’
    ‘Ja. Dat is mijn vader.’
    De mail luidde: Goedenavond meneer Snijders, Een uurtje gelden ontmoette ik u en uw vrouw in de grote AH van Zutphen. Zou u zo vriendelijk willen zijn om mij op uw Graslijst te zetten.’
    En zo begint Snijders een van de vele zijwegen te bewandelen waar hij zijn publiek al vertellend doorheen voert. Waarheen is niet belangrijk. Uit zijn zwarte tas haalt hij een A-4tje en zegt: ‘Ik lees dit stukje voor omdat ik het ontzettend graag wil voorlezen. Het is een advent verhaal dat ik op verzoek van de KRO geschreven heb.’

    Snijders is een verhalenverteller pur sang. Na het voorlezen van een van zijn zkv’s, zegt hij dat dit een te begrijpen stukje was maar dat hij de laatste tijd ook veel niet te begrijpen stukjes schrijft. Die brengt hij tot uitvoering met pianist Marcel Worms. Over Worms vertelt hij dan het prachtige verhaal van een jongen die geen muziek mocht studeren omdat zijn ouders hem dat afgeraden hadden (geen droog brood mee te verdienen) en die dat later toch wel deed. En dus nu met Snijders optreedt, of Snijders met hem. Het steekt soms heel nauw.
    Elk zkv dat hij uit zijn tas haalt, levert een bezijden verhaal op dat zo niet nog mooier is dan het op schrift gestelde zkv. Uit alles wat hem beroert komt een verhaal voort. Zijn verhalenkennis is eindeloos.

    Naderhand bij de boekentafel spreken twee mannen elkaar. ‘Ik krijg wel eens zo’n zkv met de mail, via de Graslijst. Die stuur ik dan weer door naar vrienden. Soms met een commentaar.’ De man begint nu besmuikt te lachen en gaat verder:’Laatst had ik er één doorgestuurd met de opmerking: ‘Deze vind ik niet zo goed.’ Kreeg ik van hem terug: ‘Maar ik wel.’ ‘Was ik vergeten hem uit de maillijst te halen.’ Het was een mooie avond voor een zeer kort verhaal.

     

     

  • Oogst week 7

    Wat er zoal binnenkwam op de redactie

    Door Ingrid van der graaf

    Een goede school (1978) van Richard Yates (1926-1992) is de zevende roman van hem in Nederlandse vertaling. De puberende tiener William Grove doet er alles aan erbij te horen op de Dorset Academy in Connecticut New England. Jack Draper is een invalide scheikundedocent wiens vrouw vreemdgaat met een van zijn collega’s. Edith Stone is de dochter van een docent die verliefd wordt op de populairste jongen op school. Hun levens komen samen binnen de beklemmende muren van de Dorset Academy. Dan valt Japan Pearl Harbor aan en raakt Amerika betrokken bij de Tweede Wereldoorlog. Met het indrukwekkende Revolutionary road nog vers in het geheugen moet Een goede school zeker gelezen worden! Verschenen bij De Arbeiderspers, vertaling Marijke Emeis, 208 blz., € 18,95.

    op_zoek_naar_mijn_voorhuidDeze week verschijnt de debuutroman van stand-up comedian Anuar (1978), Op zoek naar mijn voorhuid. Een coming out of age-roman over familiebanden, vriendschap en cultuurverschillen. Hoofdpersonage Tarik heeft zijn studie Culturele en Maatschappelijke Vorming bijna afgerond. Hij moet alleen nog zijn scriptie schrijven. Dan pakt hij het spaargeld van zijn ouders en leent dat aan zijn beste vriend die door zijn vader naar Marokko wordt gestuurd, nadat hij voor de zoveelste keer zwaar in de problemen was gekomen. Na maanden vraagt de vader van zijn vriend aan Tarik om hem naar Marokko te rijden. Vriend gaat daar namelijk trouwen.
    Uitgegeven bij Jurgen Maas, € 14,95.

    9789045028125-de-schaduw-van-de-grote-broer-l-LQ-fIn Trouw werd De schaduw van de grote broer van Laura Starink, een enerverend boek genoemd met een hoofdrol voor de actualiteit, de oorlog in Oekraïne. Starink sprak in Letland, Rusland, Polen en Oekraïne met veteranen, soldaten, politici, priesters, Joden en historici en zag hoe de geschiedenis blijft nadreunen in het voormalige wereldrijk. Poetin noemde Euromajdan een ‘fascistische coup van de Kiev-junta’. Oekraïners werden afgeschilderd als neonazi’s. Ruslands selectieve verontwaardiging over de Tweede Wereldoorlog is in Oost-Europa maar al te bekend. Jaarlijks protesteert Rusland als de Letse SS-veteranen in Riga hun gevallen kameraden herdenken, maar de wandaden van het Rode Leger zijn in Rusland taboe. ‘Oekraïners zijn geen fascisten, ze verdedigen gewoon hun vaderland,’ zegt Ojars Aleksis (91) in Riga. Hij werd in 1943 gedwongen gemobiliseerd voor de Letse SS-legioenen en is daar zijn hele leven op aangekeken. Een belangrijk boek dat mee helpt de wereld te duiden.Uitgegeven bij Atlas Contact, 344 blz, € 19,99.

    Steenmeijer - Schrijven als een ander JPG voor websiteVertaler en schrijver Maarten Steenmeijer schreef een boek over vertalen. Nederland heeft een literaire vertaaltraditie waar menig ander land jaloers op is. Toch is er met veel vertalingen wel iets aan de hand. Ze haperen, slepen zich moeizaam voort of bevatten ronduit onbegrijpelijke passages. Daardoor laten vertalingen zich niet altijd lezen als  soevereine Nederlandstalige teksten.
    Aan de hand van voorbeelden uit de praktijk laat Maarten Steenmeijer zien waar en waarom het fout gaat, en vraagt hij zich vooral af: wat is literair vertalen eigenlijk? En wat is precies de taak van de vertaler? Schrijven als een ander is een bevlogen pleidooi voor het literair vertalen dat in ons culturele leven en ons onderwijs een veel te bescheiden plaats inneemt. Verplichte kost voor iedereen die geïnteresseerd is in taal en literatuur. Uitgegeven bij Wereldbibliotheek, 176 blz, €17,95.

     

  • Oogst week 6

    Door Carolien Lohmeijer

    Eind vorige maand droeg Antjie Krog tijdens Gedichtendag zelf voor uit haar nieuwe bundel Medeweten. De Zuid-Afrikaanse wordt geroemd om haar poëzie, ‘een ‘oordonderende leeservaring, met sagte en kragtige gedigte’, maar ook om haar voordrachtskunsten. Bent u daarbij geweest en zou u daar op Literair Nederland verslag van willen doen? Kijk dan elders op deze site, en maak uw belangstelling kenbaar aan Ingrid van der Graaf of Menno Hartman. Wij zoeken mensen met kennis van en liefde voor poëzie. Of misschien bent u wel diegene die voor ons een recensie gaat schrijven over deze tweetalige nieuwe bundel?

    Medeweten, Antjie Krog, Uitgeverij Podium, vertaling: Robert Dorsman, Jan van der Haar en Alfred Schaffer, 260 pagina’s, € 25,-

    RaadselwaterOf zou u liever schrijven over de personages die de nieuwe bundel van dichter Juliën Holtrigter bevolken: een jutter, een bloemist, een rouwbegeleider, een astronoom, een trucker, een houthakker en de nodige kelners.
    Raadselwater is de zesde bundel van de dichter die onder zijn eigen naam, Henk van Loenen schildert en fotografeert. Over zijn bundel Snijderseiland uit 2012 schreef Ingrid van der Graaf op deze site een aankondiging.

    Raadselwater, Juliën Holtrigter, 55 pagina’s, Uitgeverij Harmonie, € 15,90

    WeerwaterDrie maanden lang heeft Renate Dorrestein op uitnodiging van de gemeente Almere in die stad gewoond om zich te laten inspireren tot het schrijven van een roman in de literaire serie ‘De Almere Verhalen’.

    Het resultaat daarvan heet Weerwater. Op Almere na is de wereld vergaan. Vooral vrouwen zijn er over. De schaarse overlevende mannen zijn ontsnapte gevangenen.

    Weerwater, Renate Dorrestein, uitgeverij Podium, 272 pagina’s, € 19,50

    Echtscheiding in de luchtOok het leven van de hoofdpersoon in Echtscheiding in de lucht, Joan-Marc, staat op instorten. In een van zelfspot doordrenkte klaagzang laat hij zien hoe hij en zijn ex-vrouw elkaars leven tot een emotionele hel maakten.
    Echtscheiding in de lucht is de derde roman van Gonzalo Torné (1976) en werd, samen met De vlucht van Jesús Carrasco, in Spanje onthaald als een van de beste boeken van 2013.

    Echtscheiding in de lucht,  Gonzalo Torné, vertaald door Arie van der Wal, Uitgeverij Atlas/Contact, 384 pagina’s, € 24,99

    Mocht u nou liever over proza dan over poëzie schrijven, dan kunt u contact opnemen met Carolien Lohmeijer. De voorwaarden en mogelijkheden zijn hetzelfde als voor poëzierecensenten.

  • Vacature: Poëzierecensenten!

    Ben je geïnteresseerd in poëzie en wil je je er meer in verdiepen? Misschien is deze vacature dan iets voor jou. We zoeken een recensent voor Nederlandstalige en vertaalde poëzie.                                                                                 

    Wat poëzie is
     verwondert zo de wereld

    En is zo onbereikbaar
     als de regenboog.

    Niets wordt poëzie.
     Iets is poëzie.

    (Harry Mulisch)

    Literair Nederland bespreekt al meer dan een decennium Nederlandse en vertaalde literatuur en laat zich niet leiden door de toptien van best verkochte boeken en andere bestseller- lijsten. Kwaliteit heeft voorrang op verkoopcijfers.

    Op dit moment is er ruimte voor enkele gemotiveerde poëzierecensenten. In Nederland wordt relatief veel poëzie gepubliceerd. Deze bundels verdienen een breed publiek, maar krijgen in de dag- en weekbladen weinig of geen aandacht. Literair Nederland wil hier graag verandering in brengen en een platform zijn voor poëziekritiek.

    Wat we van je vragen:

    * Sterke affiniteit met poëzie
    * Enige ervaring hebben met schrijven
    * Gemiddeld eens in de twee maanden of vaker een bundel recenseren

    Naast het recenseren is er ook ruimte voor:

    *Het interviewen van dichters
    *Schrijven van een (poëzie) weblog
    *Ontwikkelen van eventuele eigen initiatieven
    *Verslaggeving van poëzie events

    Wat staat er tegenover:

    * Publicatie van je recensies en/of andere bijdragen
    * Redactionele, persoonlijke begeleiding
    * Verbreding van je poëzie kennis
    * Gratis recensie exemplaren
    * Eénmaal per jaar een recensentenborrel

    Heb je belangstelling dan vragen wij je een proefrecensie te schrijven van een bundel die je onlangs las en deze te sturen naar Literair Nederland. Goede recensies worden direct geplaatst waarna je een nieuwe te bespreken bundel krijgt toegestuurd.

    Reacties sturen naar: Ingrid@literairnederland.nl

     

  • Oogst week 4

    Door Ingrid van der Graaf

    Er verschijnt veel poëzie deze eerste maand van 2015. Wellicht dat mooie poëzie dit  jaar wat in evenwicht kan zingen. En een novelle van de Franse auteur Jean Echenoz.

    Classicus, dichter, essayist en poëziecriticus, Piet Gerbrandy (1958) publiceerde verschillende dichtbundels die niet onopgemerkt zijn gebleven. Zijn debuutbundel Weloverwogen en onopgemerkt (1996) kreeg de Lucy B. en C.W. van der Hoogtprijs. De in 2013 verschenen bundel Vlinderslag werd bekroond met de Jan Campertprijs 2014 en is genomineerd voor de VSB Poëzieprijs 2015. Voor zijn gehele oeuvre ontving Piet Gerbrandy in 2005 de Frans Kellendonkprijs. Het moment dus om dit jaar het complete poëziewerk van Gerbrandy onder de aandacht te brengen. Gerbrandy zoekt in zijn latere poëzie de grens van de vorm op en zit daar zo tegenaan te dringen dat zijn gedichten uit de voegen barsten. Je kunt wel spreken van een uniek en eigenzinnig oeuvre, dat het zeer waard is om in zijn gehele ontwikkeling te volgen. Alle gedichten van Gerbrandy worden nu  uitgebracht in de bundel Voegwoorden, Blz.: 672, bij Atlas/Contact voor € 39,99.

    normal_pac_9789044534795_cvrDe novelle 14 van Jean Echenoz, speelt rond het uitbreken en tijdens de Eerste Wereldoorlog. De boekhouder Anthime leidt een geregeld leven: doordeweeks werken, de weekenden brengt hij in het café door. Hij toont grote interesse in Blanche, de dochter van zijn baas die al een relatie heeft met Charles, de onderdirecteur. Dan breekt de Eerste Wereldoorlog uit en worden beiden, Charles en Anthime naar het front gestuurd. Dan laat zich denken wat  daar zich tussen beide rivalen ontwikkelen zal. Echenoz (1947) won in 1999 de prestigieuze Prix Goncourt voor Ik ben weg. In het Nederlands verscheen eerder zijn trilogie over bijzondere personen: de componist Maurice Ravel (Ravel), de atleet Emil Zátopek (Hardlopen) en de uitvinder Nikola Tesla (Flitsen). Echenoz wordt gerekend tot de grootste Franse schrijvers van de laatste drie decennia. 14, vert. Martin de Haan, Blz: 128, De Geus kost € 15,95.

     
    Van Gasse - Zand op een zeebed JPG voor websiteVan de Vlaamse beeldend kunstenaar en dichter Lies van Gasse (1983) verscheen een nieuw ‘graphic poem’ met schitterende schrijf- en schildertechnieken. Van Gasse is één van de actiefste jonge stemmen in de Vlaamse poëzie. Ze ontwikkelde een schitterende verteltechniek door middel van geschilderde afbeeldingen en het geschreven woord.
    In Zand op een zeebed is een vrouw in de hectiek van het grote stadsleven op zoek naar de essentie van het menselijk bestaan. Blz: 176, uitgegeven bij de Wereldbibliotheek en kost: € 29,95.

     

    9200000030108015Ellen Deckwitz (1982) was Nederlands Kampioen Poetry Slam in 2009. Met haar debuut De steen vreest mij won ze de C. Buddingh’-prijs. Van haar is ook deze prachtige strofe uit het gedicht 1948, Siboga, dat in de eerste editie 2014 van Het Liegend Konijn werd opgenomen: ‘(…) de doden groeien met je mee. En we noemen / het pas afgesloten als we er niet meer bij kunnen.’ Nu te vinden in haar nieuwe bundel De blanke gave, waarin ze een wereld beschrijft van oprukkend water. Waarin de A2 verandert in een kalm en groot kanaal en moeders hun kinderen op het droge slepen. ‘Want wat kun je met een land waarin de krant niet meer is dan een sudoku met wat foto’s eromheen, en er achter iedere voordeur geheimen schuilgaan?’ Uitgegeven bij Atlas/Contact en kost: € 15,00.

  • Oogst week 3

    Door Carolien Lohmeijer

    Je kan het je haast niet voorstellen dat iemand een manuscript vindt dat hij 40 jaar eerder schreef en dat vervolgens nog uitgegeven wordt ook. Ergens op zolder moest het nog liggen, wist oud-hoofdredacteur van de Provinciale Zeeuwse Courant Andreas Oosthoek (1942). Gelukkig vond hij het terug.

    Twee ‘buutendiekers’ op het gymnasium in de Zeeuwse polder worden onafscheidelijk. Ondanks hun zielsverwantschap vertrekt een van hen naar Frankrijk. Het contact tussen hen blijft intensief, ook op grote afstand. Al bewegen hun levens in andere richtingen, ze blijven dromen van een toekomst met elkaar. Aan die droom komt een abrupt einde als een van hen ongeneeslijk ziek wordt.
    Oosthoek publiceerde eerder o.a. de dichtbundel Een zandloper in zee.
    Het relaas van Solle, Andreas Oosthoek, Uitgeverij Cossee, 208 pagina’s, € 19,90

     

    BloedbroedersDe grote ontdekking op de Frankfurter Buchmesse van 2013 was Blutsbrüder, dat in 1938 als Jugend auf der Landstraße Berlin was verschenen. De Nederlandse vertaling Bloedbroeders kwam eind vorig jaar uit bij De Bezige Bij. De journalist Ernst Haffner schreef over het straatleven van jongeren in het door armoede geteisterde Berlijn van de jaren dertig. Velen waren het slachtoffer van de slechte economische situatie. Anderen kwamen uit gezinnen die door de Eerste Wereldoorlog waren ontwricht. Vaak verkozen ze een leven op straat boven het harde bestaan in een opvoedingsgesticht. Om niet alleen te staan, werden ze lid van bendes die niet alleen veiligheid, maar ook vriendschap boden. Over Ernst Haffner is slechts bekend dat hij in 1900 werd geboren en in de jaren 20 en 30 in Berlijn heeft gewoond. Zijn roman kreeg positieve recensies maar werd op last van de nationaal socialisten verbrand. Hoe het Haffner zelf is vergaan, is onbekend.
    (Let op! Verwar Ernst Haffner niet met Sebastian Haffner, auteur van o.a. Het verhaal van een Duitser en Kanttekeningen bij Hitler. Sebastian Haffner emigreerde naar Engeland in het jaar dat Jugend auf der Landstraße Berlin verscheen. In 1954 keerde hij terug naar Duitsland en overleed pas in 1999.)
    Bloedbroeders, Ernst Haffner, vertaling Anne Folkertsma, Bezige Bij, 272 pagina’s, € 18,90

     

    9789021456263Dan de laatste roman van Bernlef. Twee weken voor zijn dood stuurde hij het manuscript naar zijn uitgever. Het gaat over een veertienjarig meisje dat een leraar op school probeert te verleiden. Hij gaat niet op haar avances in maar wordt toch al snel beschuldigd van seksueel misbruik.

    Een onschuldig meisje, Bernlef, Uitgeverij Querido, 144 pagina,s, €18,99

  • Oogst week 2

    door Menno Hartman
    Wie wind zaait zal storm oogsten. En toch zal Charlie Hebdo doorgaan met de noodzakelijke satire. Met deze prent van Ruben L. Oppenheimer verklaart Literair Nederland zich nadrukkelijk solidair met Charlie Hebdo.

    Satire is literatuur.

    Literair Nederland schaart zich ook gaarne achter dit veel vrolijker onderwerp: de J.M.A. Biesheuvelprijs voor korte verhalen. De prijs wordt door crowd funding opgebracht. Hier kunt u een bijdrage leveren aan de prijs. Het bedrag is al voor 86% bijeengebracht, de grootste particuliere schenker krijgt bovendien het Verzameld werk van Biesheuvel in drie delen in cassette. Schenkt allen gul!

    9200000026961759Biesheuvel vindt ongetwijfeld dit boek geweldig. In de Russische literatuur neemt Ivan Alexandrovitsj Gonstjarov (1812-1891) een unieke plaats in door zijn meesterwerk Oblomov. De lethargische hoofdfiguur van deze roman is haast bekender geworden dan zijn schepper. Oblomov heeft er ook toe geleid dat de andere werken van Gontsjarov ondergewaardeerd zijn gebleven. Dit geldt voor zijn romans Een alledaagse geschiedenis en Het ravijn,  maar in nog sterkere mate voor zijn reisverslag Het fregat Pallada. Vanaf 1852 maakte Gontsjarov als secretaris van admiraal Poetjatin een Russische diplomatieke missie naar Japan mee aan boord van het fregat Pallada. In zijn gelijknamige reisverslag geeft Gontsjarov een levendige beschrijving van zijn ruim twee jaar durende wereldreis tijdens welke Madeira, Kaap de Goede Hoop, Java, China, Japan, de Riukiu-eilanden en Manilla werden aangedaan. De terugreis verliep door Oost-Siberië. Gontsjarov heeft met Het fregat Pallada een meesterlijk reisboek gecreëerd.

    Vertaald uit het Russisch door G.W. van der Meiden

    9200000029979336Toef Jaeger dook in het boeiende buitenstaanders leven van dubbeltalent Henk van Woerden. Koning eenoog Een Migrantenverhaal Leven en Werken van Henk van Woerden. Waarom zou het boek niet verschenen zijn bij Van Woerdens uitgever Podium, maar bij Atlas-Contact?

    Voor een biografie een kort boek: 270 bladzijden broodtekst, en een heel grote letter, zou dat genoeg zijn voor wat zich laat aanzien als zo’n rijk leven?  U leest later op deze website antwoorden op deze vragen en een bespreking van het boek. Het omslagontwerp  is van Suzan Beijer.

    Rode_kornoeltjesIn Rode kornoeljes neemt Kerim Göçmen de lezer mee naar het Turkije van de jaren ’50. Een dorps-gemeenschap schrikt op uit de lethargie wanneer tijdens de eerste vrije verkiezingen in Turkije een procureur zijn prachtige jonge vrouw meeneemt van de grote stad naar het platteland. De vijftienjarige verteller, zoon van de rechter in het dorp en buurjongen van de vrouw, is niet de enige die diep en blijvend onder de indruk van haar raakt.
    Göçmen debuteerde in 2013 met de verhalenbundel Het geheim van de kromme neuzen. Jaap Goedegebuure schreef erover in Trouw: ‘Het zorgvuldig aangebrachte patina van een voorbije wereld doet buitengewoon plezierig aan, net als de ingehouden en goed gedoseerde verteltrant, die herinnert aan negentiende-eeuwse grootmeesters als Tsjechov en Maupassant. Een origineel debuut met subtiele verhalen.’

    Literair Nederland schreef: ‘Bijna alle vertellingen gaan over gewone mensen in Turkije die op een keerpunt in hun leven staan. Plaats van handeling is meestal het platteland of een kleine gemeenschap. Ze zijn haast sprookjesachtig en stemmen weemoedig.’
    Göçmen (1957) groeide op in Izmit, een stad ten oosten van Istanbul. Hij verhuisde in 1977 naar Nederland. Het omslag is van Christoph Noordzij.

  • Wim Brands en Kees ’t Hart in wederzijds-interview

    Een ontmoeting tussen Wim Brands en Kees ’t Hart bij de literaire salon in het Letterkundig Museum Den Haag. De één publiceerde onlangs de dichtbundel ’s Middags zwem ik in de Noordzee en de ander de satirische roman Theatro Olympico. Twee schrijvers  met elkaar in gesprek over hun schrijfproces. Voor de pauze interviewde Wim Brands, Kees ’t Hart over zijn laatste roman, na de pauze sprak ’t Hart met Brands over zijn dichtbundel.

     


    Nooit over jezelf schrijven

    Er is al veel gezegd over de opzet van ’t Harts roman Theatro Olympico en Brands vraagt zich af hoe het komt dat het geen ‘onzin’ roman is geworden. Dat ’t Hart daar erg zijn best voor moet hebben gedaan. ’t Hart geeft wat ontwijkende antwoorden en Brands wil weten wat hem ergert. ‘Nou’, zegt ’t Hart, ‘dat is die in zich zelf gekeerde draai die ik maak.’
    ‘De personages in je romans nemen zichzelf niet serieus’, gaat Brands door. ’t Hart bevestigt dat hij met omtrekkende bewegingen schrijft om te vermijden dat je over jezelf gaat schrijven. ‘Nooit over jezelf schrijven’. roept hij stellig. Brands: ‘Maar je doet niet anders.’ ‘Jaja, nu ja’, mompelt ’t Hart, die dondersgoed weet dat hij dat doet. ‘Wat ben je nu aan het doen?’ besluit Brands. ’t Hart werkt aan een kleine historische novelle, Het beeld van Goethe. En aan een idee voor een boek over een echtpaar dat in nare situaties belandt door alledaagse ergernissen.

    Brands op de plek van geïnterviewde toont onwennig, maar geen nood, hij neemt als vanzelfsprekend de leiding in dit interview. Hij stelt voor, omdat hem dit maar het beste lijkt, gelijk de angel eruit te halen (of zoiets) en het eerste gedicht uit zijn bundel te belichten. Zijn bundel, bestaande uit zo’n veertig gedichten lag vorig jaar rond deze tijd klaar toen zijn vrouw te horen kreeg dat ze ernstig ziek was. Zijn gedichten kwamen hem opeens zo nutteloos voor dat hij ze bijna allemaal wegdeed en twintig nieuwe schreef.

    Hij vertelt over een nacht dat het stormde en hij niet slapen kon. En daar kwam ‘de troost van de onverschilligheid’. Een zin die zich in zijn hoofd vormde terwijl hij daar, in de nacht, stond. Hij leest voor: ‘In de eerste nacht nadat ik had / gehoord dat je ziek was / schrok ik wakker // Het waaide buiten. Het waait, zei / jij, die nog geen oog dicht had / gedaan, en je glimlachte. // Ik begreep het pas later. // Wat er ook is, het zal de natuur een / zorg zijn. // Het waait, het waaide – buiten klonk / de troost van de onverschilligheid.’

    Iemand die iets is, wil altijd iets anders worden

    Brands wilde vroeger bioloog worden. Op zijn zestiende schreef hij zijn eerste gedicht en vroeg aan een vriend, die eigenlijk de dichter was, wat hij ermee kon doen. De dichter sprak: ‘Je stuurt het op naar een literair tijdschrift en dan krijg je het terug.’ Hij stuurde het gedicht op en het werd geplaatst. En zo werd hij dichter in plaats van bioloog. Maar ’t Hart herkent in zijn gedichten de bioloog, de ‘sporenzoeker’ in een poging iets te snappen.

    Hoe gaat het schrijven van een gedicht in zijn werk? Een gedicht begint met een gedachte die mogelijkheden openhoudt. Brands wilde een liefdesgedicht schrijven en vroeg zich af: hoe begint een liefde? Daarbij herinnerde hij zich een uitspraak van Wubbo Ockels. Gedaan nadat hij een rekening van 3000 euro voor zijn iPhone gebruik ontving en zijn kinderen hem hadden uitgelegd wat hij had fout gedaan, ‘Achteraf is alles altijd eenvoudig.’

    Het hoofd van de dichter als een vat vol uitspraken en een web van gedachten waarin ook de uitspraak ‘’s middags zwem ik in de Noordzee’, is blijven hangen. Deze opmerking is ontstaan in de tijd dat Brands met zijn, toen nog jonge gezin, vele seizoenen in Bakkum aan zee verbleef. Iemand kwam hem berichten dat de VPRO hem wilde bellen en hij sprak: ‘Dat is goed, maar ’s middags zwem ik in de Noordzee’. En dan ontstaat jaren later dit liefdesgedicht voor zijn vrouw:

    ‘Mijn liefde voor haar begon als een geloof. / Ze was er op een dag, daarna volgden / bedremmeld de redenen: // haar licht loensende ogen, hoe ze sprak / ‘Nee, ’s middags zwem ik in de Noordzee’. // Hoe in dat water haar armen nauwelijks / bewogen. Eenvoudig. Achteraf is alles / altijd eenvoudig.’

    ’t Hart merkt op dat hij geen poëtische taalmunter is, geen grote bewoordingen gebruikt, geen metrum en geen rijm. Dan zegt Brands: ‘Als mislukt bioloog ben ik misschien ook wel mislukt als kunstenaar.’ Maar dat weet hij beter.

     

     

  • Treurnissen – Marcel Proust

    Staalkaart van de Franse prozapoëzie

    Recensie door Maarten Buser

    Even een stukje terug in de tijd: in 1842 verscheen Gaspard de la Nuit – Fantaisies à la manière de Rembrandt et de Callot van de Franse dichter Aloysius Bertrand, een verzameling van vaak buitenissige, korte vertellingen. Ze hadden het lyrische en gecomprimeerde van gedichten, maar waren in prozavorm geschreven. Waarmee het prozagedicht was geboren. In 1869 verscheen postuum Le Spleen de Paris – Petits poèmes en prose van Charles Baudelaire, met een voorwoord waarin Baudelaire zijn bewondering voor Gaspard de la Nuit uitsprak. Vier jaar later werd Le Spleen de Paris door Arthur Rimbaud onthaald als het grote voorbeeld voor zijn eigen prozagedichten; hij vond dat Baudelaire eindelijk een moderne vorm voor een moderne inhoud had gevonden. Une Saison en Enfer (1873) en Illuminations (1886) bleken later op hun beurt de voorvaderen te zijn op de prozagedichten van de surrealisten.

    In 1896 debuteerde de jonge schrijver Marcel Proust met Les Plaisirs et les Jours, een verzameling verhalen en gedichten. Een van de secties van het boek is Les regrets – Rêveries couleur du temps, dat uit prozagedichten bestaat. Deze vorm was inmiddels al een halve eeuw oud en populair onder fin de siècle-dichters als Jules Laforgue. Les regrets is inmiddels ook in het Nederlands verschenen, onder de titel Treurnissen. Proust zou overigens later een van de belangrijkste romanciers van zijn tijd worden, maar dat is een terzijde. Treurnissen bevat namelijk (nog) niet het werk van een genie, wat je misschien op basis van Prousts reputatie zou verwachten, maar desondanks zeker de moeite van het lezen waard.

    Vanwaar het korte geschiedenislesje aan het begin van deze bespreking? Treurnissen leest als een staalkaart van de verscheidene verschijningsvormen van het negentiende-eeuwse Franse prozagedicht. De meeste richtingen die de vorm eind negentiende eeuw opging zijn wel in de bundel vertegenwoordigd. Sommige van de gedichten neigen naar een kort verhaal omdat ze een duidelijke verhaalontwikkeling hebben, anderen zijn ronduit lyrische beschrijvingen. Er zit impressionistisch werk tussen, maar er zijn ook duidelijk allegorische stukken. Prousts gedichten bevinden zich bovendien vaak ergens tussen droom en werkelijkheid, tussen sprookjesachtig en realistisch. Ze herinneren er dan ook geregeld aan dat het surrealisme een Franse uitvinding is en de Franse (proza)poëzie uit de negentiende eeuw daar een uitstekende voedingsbodem voor was. Om de diversiteit te illustreren: vergelijk de volgende twee fragmenten eens met elkaar:

    Evenals de natuur kent de menselijke geest zijn schouwspelen. Hoe vaak een zonsopgang, hoe vaak een maannacht me ook tot tranen heeft vervoerd, nooit wekte die in mij een heftiger ontroering dan de grootse gloed vol weemoed die bij een wandeling tegen het einde van de dag niet minder golven in ons gemoed doet oplichten dan de ondergaande zon op het zeeoppervlakte doet schitteren.‘ (Uit ‘Innerlijke zonsondergang’.)

    Dominique zat bij het uitgedoofde haardvuur op zijn gasten te wachten. Elke avond nodigde hij een of andere hoge heer uit om in het gezelschap van spitse geesten te komen souperen, en daar hijzelf van goede huize, gefortuneerd en innemend was, hoefde hij nooit een avond alleen door te brengen.‘ (Uit het overigens opvallend Oscar Wildeësque eindigende ‘De vreemdeling’.)

    Op zijn best is Proust als hij de grenzen tussen droom en werkelijkheid opzoekt. Een gedicht kan zo a-lyrisch verhalend beginnen, en ergens tegen het einde een vervreemdende richting inslaan. ‘Relikwieën’, een van de uitschieters in de bundel, begint bijvoorbeeld zo: ‘Ik heb alles gekocht wat te koop was van de vrouw die ik ooit als vriendin wilde, maar die zich niet eens verwaardigde even met me te keuvelen.‘ Daarna begint de verteller enthousiast over al die spullen die hij van haar kocht en wordt hij steeds lyrischer, met personificaties aan toe: ‘Speelkaarten, u die zij in gezelschap van haar intieme vrienden elke avond door haar vingers liet glijden, u zag hoe ze zich verveelde of lachte‘. Het slot zet het al het voorgaande vervolgens op losse schroeven: ‘Zij heeft haar leven geleefd, of misschien heb ik het alleen gedroomd.’

    De stilistische diversiteit van Treurnissen is, hoe cliché het ook klinkt, tegelijkertijd de zwakte en de kracht van de bundel. Om met dat laatste te beginnen: in één handzame bundel krijg je een goed overzicht wat er rond die tijd aan soorten prozagedichten verscheen. Ofschoon er een niet al te geringe selectie Franse prozagedichten in het Nederlands verschenen is, zijn die vaak alleen nog tweedehands beschikbaar. Het verschijnen van Treurnissen scheelt toch weer het afzoeken van tweedehands boekwinkels. De zwakte van de bundel is echter dat voor elk van de richtingen die Proust inslaat, wel een dichter te bedenken is die daar beter in is, en wiens werk in het Nederlands beschikbaar is (vaak tweedehands, maar toch). Bertrand, Baudelaire en Rimbaud (zijn werk is overigens beschikbaar in de Perpetuareeks), en ook Stéphane Mallarmé en Jules Laforgue zijn gewoon beter met deze vorm, of eigenlijk ook gewoon betere dichters. Prousts zwakte ligt er voor een groot deel aan dat nooit echt duidelijk wordt waarom deze gedichten nu per se door Proust geschreven zijn; een duidelijke eigen smoel mist nog.

    Hoewel het zeker niet gek is als je van iemand van het formaat Proust meer verwacht, is Treurnissen gewoon een prima bundel, met een aantal fraaie uitschieters. De sterkste momenten maken de publicatie, en natuurlijk de aanschaf al de moeite waard. Treurnissen is daardoor een fraaie aanvulling op de in het Nederlands verschenen (proza)poëzie van Franse dichters uit die tijd.

     

    Treurnissen

    Marcel Proust
    Vertaling: Paul Claes en Chris van de Poel
    Blz.: 66
    Prijs: € 19,50
    Uitgegeven bij Poëziecentrum

  • Oogst van de week 50

    Door Carolien Lohmeijer

    Philip Huff haalde op 21 november jl. in de NRC een onderzoek aan waarin aangetoond wordt ‘dat zowel volwassenen als kinderen die vaak fictie lezen andere mensen beter lijken te begrijpen, dat wil zeggen: zich beter kunnen voorstellen hoe anderen zich voelen en beter begrijpen hoe anderen de wereld zien’, en ‘hoe vaker kinderen verhalen kregen voorgelezen, hoe genuanceerder hun idee was van de beweegredenen van andere mensen.’ Hij noemde het boek een bij uitstek social medium.
    Een kleine twee weken later maakt Floortje Zwigman zich in diezelfde krant boos over het huidige gebrek aan aandacht voor de kinder- en jeugdliteratuur.

    Dat (jeugd)literatuur belangrijk is hoef ik op deze plek niet te benadrukken. Dat er voldoende kwaliteit voorhanden is ook niet. Uitgeverij Atlas Contact gaat een uitdaging aan met de uitgave van Een land van waan en wijs datlaat zien hoe de jeugdliteratuur zich de voorbije eeuwen heeft ontwikkeld: een verhaal van boeken, schrijvers en illustratoren, maar ook van uitgevers en critici…’
    Positief en van deze tijd, is dat het boek niet alleen ingaat op boeken maar ook op ‘film, theater, televisie en games, die zich graag laten inspireren door de jeugdliteratuur, en tegelijkertijd het jeugdboek voor nieuwe uitdagingen stellen.’
    Een land van waan en wijs, Auteurs: Rita Ghesquiere, Vanessa Joosen, Helma van Lierop Debrauwer, Uitgeverij Atlas Contact, 576 pagina’s, € 34,99
    En als je als kind eenmaal gegrepen bent door de literatuur, dan blijf je lezen en ga je bijvoorbeeld ooit de sociale satire Babbitt (1922) lezen, waarvoor Sinclair Lewis in 1930 de Nobelprijs voor de Literatuur ontving. Babbitt
    In de aanloop naar de grote beurskrach van 1929 is de makelaar Babbitt aanvankelijk onbezorgd te dure huizen aan het verkopen aan mensen die die huizen eigenlijk niet kun betalen. Babbitt is het model van de opkomende nieuwbouwwijkmens: zijn leven wordt beheerst door status, geld en de wens om een grotere auto en een mooiere vrouw dan zijn buurman te hebben. Totdat de twijfel toeslaat. Of zoals dat inmiddels heet: de midlifecrisis en de verveling…

    Babbitt ‘stelt vragen over de voor- en nadelen van onze kapitalistische levenshouding en het gaat over conformisme: in welke mate ben je bereid om je aan te passen aan wat je omgeving van je verwacht?
    Babbit, Sinclair Lewis, Vertaling: Paul de Bruijn, Uitgeverij Van Oorschot, € 22,50

     

    KorenblauwBijzonder geïllustreerd is Korenblauw, de nieuwe verhalenbundel van Cor Gout waarin hij zijn jeugdherinneringen beschrijft.
    Wim Brands is een fan en tipt en leest voor uit Korenblauw.
    Korenblauw – Cor Gout, met tekeningen van Hélène Penninga, genaaid gebonden, royaal formaat, 152 blz., € 23,50

     

    Bruiloftslied van de Zweedse Stig Dageman wordt internationaal uitbundig geprezen. In ons land zijn het ook niet de minsten die zijn werk waarderen. Jeroen Brouwers noemt hem ‘een van de grootste naoorlogse schrijvers van Zweden’ en Bernlef schrijft over Dagemand: ‘Zijn werk is van een zuiverheid, zijn stijl zo trefzeker dat ik aarzel hoe ik hem moet karakteriseren. Er zijn maar weinig schrijvers die de illusie weten te wekken dat ieder woord onvervangbaar is en op zijn juiste plaats staat.’Bruiloftslied

    Een jonge boerendochter gaat trouwen met een twee keer zo oude man. Stig Dagerman volgt ‘het doen en laten van de verschillende bruiloftsgasten in de uren voor de bruiloft. Ons wordt een blik gegund in hun leven met elkaar, hun haat en hun liefde. De roman mondt uit in de beschrijving van de bruiloftsnacht. Het is een warme Zweedse zomernacht vol lust en pijn, gevechten en verzoeningen, oude vetes en nieuwe vriendschappen, verleidingen en afrekeningen, nieuwe verbondenheid en oude eenzaamheid.’
    Bruiloftslied, Stig Dageman, Vertaling David Gravling, Uitgeverij Koppernik, € 18,50