Op 1 september 1989 kocht ik de Nederlandse vertaling van Salman Rushdies The Satanic Verses. De datum vind ik terug op het titelblad, de reactie van de boekverkoper – in de kiosk van station Hilversum – is in mijn geheugen gegrift.
Column
Remco Campert
Je wist natuurlijk dat het einde naderde. Daarom nam ik, als om de dood te bezweren, geregeld een boek van hem uit de kast. Zolang ik zijn boeken las, zou ik met hem de dood voorblijven.
In eigen handen
Om de verschijning van Augustus deze week te vieren, nodigde goede vriendin B. mij uit voor een bezoek aan een handlijnkundige. ‘Het wordt geen zweverig gedoe,’ zei ze.
Engel
Ik dacht rustig in de trein te kunnen zitten, maar in Rotterdam stapte een grote massa dronken voetbalsupporters in, die blijkbaar in De Kuip een wedstrijd hadden bijgewoond en nu weer naar Brabant afzakten.
Vlaamse boekenkast
De tomatenplanten voor het raam aan de tuinkant worden ondersteund door een stok en rechtgetrokken door een touw, bovenaan een lat omhoogehouden. Zo blijven ze fier rechtop. Ik wil ook een stok om rechtop te kunnen blijven.
Inspiratie
Paradiso, de zaal is gevuld met opklapstoeltjes. In het voorprogramma zingt een jonge IJslandse zanger in een crèmekleurig pak ingetogen liedjes. We zijn er voor John Grant, op kaartjes van 2020.
Gelukkigheid
Opeens valt het op (voor wie omhoog durft te kijken) dat de vliegtuigstrepen tegen het azuurblauw toenemen. Er blijkt geen andere remedie tegen te bestaan dan een lockdown. Maar goed, als het geluk per easy jetplane te bereiken is, ja, wie wil dat niet.
Dat meemaken
We waren jarig geweest, kregen van vrienden een kookboek, het Bouwkunde kookboek. Die avond verdween ik in het boek dat veel meer dan een kookboek, een herinneringsboek van veertig jaar Theater Bouwkunde was, een deel van mijn eigen herinneringen lagen er in besloten.
Plug, de jongen en Grunberg
Volgens Cesare Pavese bewijzen dromen dat het onbewuste bestaat. Er wordt een verhaal verteld. Maar wie is de verhalenverteller in mijn droom? En wat wil hij vertellen? Dat vroeg ik me af toen ik een kleine maand geleden het volgende droomde.
Medaille
Mijn zwarte kat legt een grote, dode muis voor mijn voeten en kijkt naar me op. Dus doe ik wat er van me verwacht wordt en prijs hem uitbundig om zijn snelheid en zijn messcherpe klauwen, maar tegelijkertijd prevel ik een smeekbede om vergeving voor de gedode muis.
The Capote Tapes
Soms ben je ervan overtuigd dat je iets geweldigs onder handen hebt. Je vertelt niemand erover, hoewel, nou vooruit, zo nu en dan laat je los dat je met een meesterwerk bezig bent, het vordert gestaag.
Woestijn in kaart
Ze groet de beren en de eekhoorns op de bank. Fum van den Ham, 82 jaar, kort geknipt grijs haar, breekbaar. Fum – ‘Geen u zeggen hoor’ – woont in een hofje waar je de trams over de gedempte gracht hoort denderen en waar uitsluitend dames mogen wonen.
Recent
14 januari 2016
Te hoog gegrepen
In 2015 was het 25 jaar geleden dat Frans Kellendonk overleed. Arie Storm, een grote bewonderaar van zijn werk, heeft 9 jaar geleden in een onbewaakt ogenblik aan zijn uitgever toegezegd een biografie over Kellendonk te zullen schrijven; dat had hij beter niet kunnen doen.
