Ik had mij voorgenomen meer te gaan lezen nu ik vaker met de trein naar mijn werk reis. En dan niet op mijn telefoon – scrollend van het ene nieuwsitem naar het andere – maar gewoon in een boek.
Column
Wat lezers ervan maken
Sinds het zomer is, word ik elke ochtend om vijf uur wakker. Het eerste daglicht schemert door het slaapkamerraam naar binnen. Aan de muur worden de contouren van een omlijste tekening zichtbaar, het tafeltje daaronder.
Tijdreizigers
Sinds jaren verzamel ik boeken over Koning Arthur, kinderboeken, romans, wetenschappelijke werken, maakt niet uit: een koning die recht voor macht wilde laten gelden, is de mijne. De beeldenstorm die onlangs heeft huisgehouden in mijn boekenkasten, heeft een aantal coryfeeën kritisch verwijderd, maar ik meende nog voldoende in huis te hebben om me aan te melden voor een reeks lezingen die in het Natuurmuseum gegeven werd door de Nederlands/Vlaamse afdeling van de International Arthurian Society, een wetenschappelijke vereniging die zich richt op het onderzoek van middeleeuwse Arthurverhalen.
Taal een eigenaardig ding
Ik lees Astrid H. Roemer, haar laatste roman Dealers Dochter. Een boek over hoe mensen uit een andere cultuur dealen met hun achtergrond, en letterlijk dealen in drugs.
De kooien van Münster
Ik ging naar Münster om de ijzeren kooien te zien. In mijn reistas de heruitgave van De beloofde stad van Luc Panhuysen. Een geweldig maar gewelddadig boek. Hoofden worden afgeslagen, geslachtsdelen afgekapt, lichamen ondersteboven aan galgen gehangen.
Groundhog Day
Je keek ervan op dat je zondagmiddag, terwijl je in de keuken dadels tot pulp vermaalde, bloem, amandelmeel afwoog, naar baksoda zocht, rabarber afsneed in de tuin, die waste onder de kraan, plots (met een licht gevoel van verheugen) dacht, ‘Hé, vanavond, ‘Eus’ Boekenclub’.
Een kopje thee, meneer Fernández?
Fernández werkt als winkelbediende in de ijzerhandel van de oude meneer Vila. Toen hij er als jongen van vijftien kwam, was meneer Vila al even oud als nu. Zelf is Fernández inmiddels twintig jaar ouder.
Italiaanse vaders en zoons
Als eerste las ik van John Fante Wacht tot het voorjaar, Bandini. Dat was in 1985, en begint zo: ‘Hij liep tegen de diepe sneeuw te schoppen. Alles stond hem tegen.
Dankbaar werk
Ik zit in de trein naar Utrecht, boek op schoot. Van lezen komt niet veel, de man tegenover me heeft me tot een gesprek verleid. Eerst de afleidingsmanoeuvre met zijn hoofd schuin om de titel te kunnen lezen, en de vraag naar wat ik lees.
Wonderschone verhalen
In de vroege ochtend reden we met de eend naar een recreatiemeer op zeventien kilometer afstand. Gisteren kochten we zomerschoenen, die behoorlijk prijzig waren. Terwijl we langs bosranden reden met af en toe een opening met zicht op een akker met jonge aanplant, spraken we af dat we vandaag geen cent zouden uitgeven.
Paradijs
Zondagmiddag, alleen thuis en de regen klettert tegen de ruiten. Tijd om eindelijk eens de film te bekijken die ik al zo lang wil zien, Der Himmel über Berlin van Wim Wenders uit 1987.
Toekomstromans
Ik had een weekje vrijaf en las de omvangrijke roman De Mandibles, Een familieroman 2029-2047 van Lionel Shriver. Een toekomstroman die in Amerika in 2016 verscheen. De toekomst die Shriver beschrijft is opeens niet zo ver weg meer.
Recent
13 januari 2016
Meer dan een magische vertelling
‘Wat gebeurt er als de grenzen tussen onze wereld en de wereld van de fictie vervagen? Dan ontstaat er een oorlog waarin zelfs het onmogelijke mogelijk wordt. Twee jaar acht maanden en achtentwintig nachten doet verslag van de Oorlog der Werelden en zijn effect op de menselijke realiteit.
