• Verontrustend en toch lichtvoetig

    Verontrustend en toch lichtvoetig

    Waarom het kind in de polenta kookt van Aglaja Veteranyi is een roman uit 1999 en nu in het Nederlands vertaald. Het is het verhaal van een Roemeense circusfamilie op de vlucht voor het regiem van dictator Ceaușescu. Het begint met de stem van een kind, haar vragen en fantasieën. ‘Ik stel me de hemel voor. Die is zo groot dat ik meteen in slaap val om mezelf gerust te stellen. Bij het wakker worden weet ik dat God iets kleiner is dan de hemel. Anders zouden we bij het bidden voortdurend in slaap vallen van schrik.’

    De vertelster is een jaar of tien en groeit gaandeweg het verhaal uit tot een puber. Met haar moeder, stiefvader en zijn dochter zijn ze de armoede en onderdrukking in Roemenië ontvlucht en proberen met circusacts in het westen hun geld te verdienen. Moeder hangt aan haar haren in de trapeze. Stiefvader is clown, hij is een drinkebroer en voortdurend bezig met een camera om zijn vrouw en dochters te filmen. Dankzij deze rolletjes denkt het meisje dat ze is voorbestemd om later actrice te worden.

    Onveilige jeugd

    Het is geen gezellige boel in dit zigeunerachtige bestaan. De moeder doet haar best om haar dochter te beschermen, maar een veilige omgeving voor kinderen is het circus niet. De familie hoopt dat het leven beter wordt, de stiefvader schildert het westen af als het paradijs, maar keer op keer zijn de teleurstellingen groot. De man is ook gewelddadig en heeft een incestueuze relatie met zijn genetische dochter: ‘Mijn zus is ook gek, zegt mijn moeder, omdat mijn vader van haar houdt als van een vrouw.’ Dat hij de vertelster nog niet misbruikt blijkt uit de volgende zin: ‘Ik moet uitkijken dat ik niet ook gek word, daarom neemt mijn moeder mij overal mee naartoe.’ Duidelijker worden deze zaken niet belicht, maar de insinuaties vanuit het kind-perspectief liegen er niet om. Later, in deel drie verhuurt de moeder haar dochter, ze is dan twaalf, maar zegt dat ze dertien is, aan een variété-show waar ze naakt moet dansen. ‘Maar omdat ik daar te jong voor ben plak ik een behaarde driehoek tussen mijn benen. Dat idee was van mijn moeder. (…) Ik ben nog nooit door een man op de juiste plek aangeraakt. Ik denk nergens anders aan. Ik wil door twee mannen tegelijk worden verkracht.’ Heftige gedachten van een kind dat dingen hoort maar niet echt de betekenis ervan begrijpt.

    Mengeling van fantasie en realiteit

    De fantasie van het kind vermengt zich met elementen van de orthodoxe religie van de familie van haar moeder en de sprookjes die ze hoort. Tamelijk stoïcijns probeert ze de wereld te begrijpen zonder het verschil te kennen tussen realiteit en fantasie, en dat werkt betoverend, verontrustend en soms hilarisch. Zoals de traditie dat een geslachte kip moet uitbloeden voor hij in de soep mag. De familie huist in een krappe woonwagen of in een hotel met zijn allen in een kamer. Moeder slacht de kip in de badkuip. Dat is uiteraard verboden en dus zetten ze de radio hard aan. Voor meer nadruk schrijft Veteranyi soms in hoofdletters. ‘BIJ HET SLACHTEN KRIJSEN DE KIPPEN INTERNATIONAAL. WE VERSTAAN ZE OVERAL.’

    Het beeld van de moeder die hoog in de nok aan haar haren in de trapeze hangt en er jongleert met ballen, ringen en brandende fakkels is beangstigend voor haar dochter. Hoe de moeder zich voorbereidt en de onzekerheid en angst die daarmee gepaard gaan, roept een verwachtingsvolle spanning op. ‘MIJN MOEDER IS DE VROUW MET HET HAAR VAN STAAL.’

    Om hun angsten te verbloemen vertellen de zusjes elkaar verhalen over het levende kind dat in de polenta kookt, de rode draad in het boek. De vertelster, die zich identificeert met dit kind, wil weten waarom het in de polenta belandde. Was het haar eigen schuld? Door in een zak mais te kruipen en in slaap te vallen? Heeft God het kind nadat ze gestorven was in de polenta gekookt? ‘God is kok, hij woont in de aarde en eet de doden op, met zijn grote tanden kan hij alle doodskisten kapotbijten.’ Naarmate de roman vordert, onderbreekt ze het verhaal over het polentakind steeds vaker en voegt nieuwe details toe.

    Wanneer de stiefvader verdwijnt worden de zussen verbannen naar een kostschool in Zwitserland. Hier gaan de angst en ellende op een andere manier gewoon door en het verhaal van het kind dat in de polenta kookt wordt steeds gruwelijker. De zussen mogen nergens heen zonder elkaar, dat eist de moeder en als de iets oudere zus van school gaat, komt de vertelster weer bij haar moeder terug, die haar vervolgens aan de variété-show verhuurt.

    Korte zinnen en aforismen

    De zinnen zijn kort en associatief en vaak vangt een zin op een nieuwe regel aan. Tussen de tekst staan aforismen in kapitalen. Zoals: ‘IS ER ECHT EEN CIRCUS IN DE HEMEL’ of ‘DE MENSEN ZIJN GOED OMDAT ZE BANG ZIJN VOOR DE DUIVEL’. Soms staan zinnen zelfs alleen op een bladzijde: ‘MIJN FAMILIE IS IN HET BUITENLAND GEBROKEN ALS GLAS.’ Of zoals een van de veelvuldig terugkerende gedachten aan God: ‘HOE RUIKT GOD?’

    Aanvankelijk lijken deze korte statements op een trucje, maar dat is het geenszins. Het verhaal is deels autobiografisch en deze zinnen verhullen juist de treurigheid die de schrijfster als kind ervoer. Veteranyi maakte zelf deel uit van een circusfamilie die uit Roemenië ontsnapte en ze was tot haar zeventiende analfabete. Hoewel ze redelijk succesvol was in het theater en prijzen won voor deze roman pleegde ze uiteindelijk zelfmoord toen ze veertig was.

    Waarom het kind in de polenta kookt is een bijzonder gecomponeerd en authentiek verhaal dat niet in een keer volledig te bevatten valt, ondanks of misschien juist door de lichtvoetigheid. Een verhaal van een schrijnende jeugd dat een diepe indruk achterlaat.

     

  • Oogst week 44 – 2024

    Oogst week 44 – 2024

    Waarom het kind in de polenta kookt

    In Waarom het kind in de polenta kookt van de van oorsprong Roemeense Aglaja Veteranyi (1962–2002) komt de achtergrond van de schrijfster herkenbaar naar voren. Haar familie vluchtte tijdens het regime van Ceauşescu naar Zwitserland. Omdat haar ouders beide circusartiest waren, was de familie altijd onderweg en overal een buitenstaander, met alle problemen van dien. Ze bleven niet alleen in Zwitserland, maar reisden ook door Europa, Afrika en Zuid-Amerika. Hierdoor bleef Veteranyi lange tijd analfabeet. Toen ze weer terug was in Zwitserland leerde zij zichzelf Duits lezen en schrijven. Dat werd ook de taal waarin ze schreef.

    Waarom het kind in de polenta kookt uit 1999 is haar debuut. Het was meteen een groot succes. Het is een coming-of-age roman die gaat over twee zusjes in een Roemeense circusfamilie. Zij maken zich elke dag zorgen om hun moeder die elke avond in de trapeze hangt. Om die zorgen te vergeten, vertellen ze elkaar verhalen die soms erg gruwelijk worden.

    Aglaja Veteranyi pleegde in 2002 zelfmoord

     

     

    Waarom het kind in de polenta kookt
    Auteur: Aglaja Veteranyi
    Uitgeverij: Uitgeverij Oevers (2024)

    Ik wens mijn huis as 

    Darja Serenko (1993) is een Russische dichter, curator en politiek activist. Zij is medeoprichter van de Feminist Anti-War Resistance (FAS)-beweging die in februari 2022 opgericht werd als protest tegen de Russische invasie van Oekraïne. Al snel had de organisatie veel aanhangers. Nog geen jaar later wordt de FAS in Rusland als ‘buitenlands agent’ betiteld, maar krijgt daarna ook de Vredesprijs van Aken 2023.
    Vanwege een bericht op social media om steun te betuigen aan Alexsej Navalny krijgt Serenko 15 dagen celstraf. In die dagen begint ze aan Ik wens mijn huis as. Momenteel woont zij in Georgië.

    Ik wens mijn huis as bestaat uit twee afzonderlijke delen: Meisjes en instituties (2021), dat gebaseerd is op eigen ervaringen, en Ik wens mijn huis as (2023), waarin zij haar verblijf in de gevangenis centraal zet.

    Eva Hartog gaat op 1 november a.s. in de Koninklijke Schouwburg in Den Haag met Serenko in gesprek. Hartog woonde en werkte jarenlang als correspondent in Rusland. In 2023 kreeg zij te horen dat ze dat land uit moest. Ze is als journalist verbonden aan o.a. De Groene Amsterdammer en Time Magazine.

    Ik wens mijn huis as 
    Auteur: Darja Serenko
    Uitgeverij: Uitgeverij Koppernik (2024)

    Kwaidan

    Kwaidan zijn Japanse spookverhalen en legendes. De schrijver van deze bundel Kwaidan werd in 1850 in Griekenland geboren als Patrick Lafcadio Hearn. Zijn vader was Iers, zijn moeder Grieks. Na zijn jeugd in Dublin emigreerde hij op jonge leeftijd naar de Verenigde Staten, werd journalist en kwam uiteindelijk als correspondent terecht in Japan waar hij het staatsburgerschap kreeg en hij de rest van zijn leven zou blijven. Zijn Japanse naam is Koizumi Yakumo.

    Kwaidan bevat huiveringwekkende spookverhalen die gebaseerd zijn op Japanse folklore maar ook vol zitten met herinneringen aan de eigen spookachtige jeugd van de auteur in Ierland. Het wordt bevolkt door allerlei angstaanjagende en enge wezens.

    Het is een verzameling verhalen geworden die inmiddels tot de Japanse klassiekers behoort. Kwaidan is door Barbara de Lange vanuit het Engels vertaald, en is voorzien van een nawoord door Jannie Regnerus. Specifieke Japanse begrippen worden in noten onderaan de pagina toegelicht.

    Kwaidan
    Auteur: Lafcadio Hearn
    Uitgeverij: Uitgeverij Koppernik (2024)