• Detective die geen detective is

    Detective die geen detective is

    Vleugels van Doeke Sijens is de derde van de novellen die de Groningse uitgever kleine Uil onder de noemer Regenboognovellen uitgeeft. Coen Peppelenbos en Eric de Rooy schreven met respectievelijk Onfatsoenlijk en luxueus en Nul meter afstand, de andere twee, ter ere van Roze Zaterdag. Alle drie bevatten spannende hedendaagse queer thematiek, zoals online dating en museumcultuur en in Vleugels speelt een verdwijning. Kleine Uil richt zich met deze novellen, de Regenboogreeks en Regenboogessays op queer literatuur. Een opmerkelijk initiatief dat aandacht verdient om vooroordelen jegens homo- en meer variaties van seksualiteit weg te nemen. Of Sijens daar met Vleugels in slaagt blijft de vraag.

    Paul is notaris en heeft een affaire met de jongere Eric-Jan. Op het moment dat de relatie serieus lijkt te worden, verdwijnt Eric-Jan spoorloos. De politie stelt een onderzoek in. Paul, de verteller van het verhaal, is als laatste ge-appt door Eric-Jan met de mededeling dat ‘hij wat later komt’. Eric-Jan heeft alles achtergelaten, ook zijn telefoon, en zodoende wordt Paul aan de tand gevoeld door twee politieagenten. ‘”We willen graag meer over hem te weten komen, daar gaat het ons om. Meer niet.” Waarschijnlijk zei hij dat om mij gerust te stellen. Ze verdachten mij er dus niet van dat ik hem vermoord had. “Was hij hier nooit eerder geweest?” “Nee, dit zou de eerste keer zijn geweest.” Dat was niet helemaal waar, maar ik hoefde toch ook niet meteen alles te vertellen.’ Met dergelijk commentaar van de verteller op de dialoog, wat hij zegt en waarom hij zo handelt, wordt de suggestie gewekt dat Paul meer zou weten over Eric-Jans verdwijning.

    Twee verdachten

    Marcel is een ex en collega van Eric-Jan. Samen met Paul wordt hij in het politiebureau ondervraagd. Door de laconieke houding die Marcel toont over de verdwijning maakt ook hij zich verdacht. ‘”Heel gezellig is het hier,” zei Marcel. ‘Hebben jullie ook felle lampen om op onze gezichten te kunnen zetten?” Hij was duidelijk niet onder de indruk van de situatie en leek zich ook geen zorgen te maken.’
    Met twee mogelijke verdachten wordt een subtiele spanning opgeroepen omdat zij de spoorloos verdwenen Eric-Jan gemeen hebben. Nog dezelfde dag belanden ze samen in bed en vervolgens gaan ze ook samen verder, al willen ze geen van beiden een vaste relatie. Wanneer John, de ene politieman, ‘bevriend’ raakt met Paul – om voor de hand liggende redenen – vloeit ineens alle opgebouwde spanning weg. De focus ligt niet meer op de verdwijning van Eric-Jan, maar gaat over de huiselijke sores van John, die te pas en te onpas in Pauls leven opduikt. ‘Het fietspak was erg afleidend. Het gaf hem iets seksueels, dat ik nog nooit eerder bij hem had gevoeld. Als ze op de fiets zitten merk je dat zo niet maar gewoon tussen de mensen heeft iemand in zo’n fietspak iets exotisch, in elk geval iets vreemds waar je je ogen niet vanaf kan houden. Ik moest opeens denken aan die rare aalscholvers die ik laatst had gezien.’

    Vleugels lijkt haast te bevestigen dat homomannen gaan voor seks. ‘Ik begin altijd eerst met seks en dan zie ik wel welke kant het opgaat,’ zegt Marcel tegen Paul. Eric-Jan is dan al geen gesprekstof meer. Jaloezie en andere primaire gevoelens gaan een rol spelen.

    Het einde is een verrassing

    Wat Sijens nou eigenlijk wil zeggen met deze novelle, blijft vaag. Is het een luchtige Groningse whodunnit over queer mannen? Misschien. Een kluchtige whodunnit is het ook niet echt. Met zelfspot was het nog aardig geweest, maar Vleugels ontbeert iedere humor. Sowieso zijn de dialogen nogal vlak en vult de vertellende Paul alles zover in dat de lezer geen moment hoeft na te denken.

    Maatschappelijke thema’s die oppervlakkig worden aangeraakt zijn zelfacceptatie, ouders die hun homoseksuele zoon wel of juist niet accepteren, christelijke vooroordelen, jaloezie en uiteindelijk de getrouwde man die homo blijkt, waarbij zijn vrouw zich verraden voelt. Dat er homoseksuele politieagenten in het politiecorps zijn is vast geen verrassing. Echter, zoals ze in Vleugels worden afgeschilderd komt wat ongeloofwaardig over.

    De twist op het einde is de enige verrassing in dit verhaal, en dan wordt de premisse ook duidelijk: eens een homo, altijd een homo. Vleugels is een vlotlezend niemendalletje en daardoor eigenlijk een gemiste kans om de homowereld met wat meer diepgang dan dit stereotype beeld neer te zetten.

    Doeke Sijens schrijft in het Fries en in het Nederlands; naast fictie biografieën en monografieën over schrijvers en kunstenaars.

     

  • Oogst week 18 – 2021

    De vrouw in de bontjas

    ‘Er is geen leeftijd waarop een vrouw alleen hoort te leven. Zolang ze jong is, heeft ze een chaperon nodig. Later een bewaakster. Ik leef alleen. Dat komt door juni 1940, want op de weg van die juni ben ik de mensen kwijtgeraakt dankzij wie ik niet alleen was. Alles is volledig in elkaar gestort. Dus hier sta ik, in Nice, met mijn laatste briefjes van honderd frank. En mijn jeugd aan een zijden draadje. Waarom komt alles altijd tegelijkertijd?’ Al op één van de eerste pagina’s lezen we deze verzuchting van een vrouw die zojuist een tafereel heeft meegemaakt in een kruidenierswinkel waar een morsige grijsaard kaviaar kocht. Weer buiten voelt ze dat de man haar achtervolgt.
    Het is het begin van de novelle De vrouw in de bontjas van Elsa Triolet over een jonge vrouw die in het begin van de oorlog haar minnaar is verloren. Ze ziet wat er om haar heen gebeurt maar het voelt voor haar alsof ze er nauwelijks nog deel van uitmaakt.
    De Frans-joodse schrijfster Elsa Triolet (1896-1970) werd geboren als Ella Joerjevna Kagan in Moskou. Ze was (na een mislukt huwelijk met een Franse officier Triolet) de vrouw van Louis Aragon. De vrouw in de bontjas uit 1944 is het eerste verhaal dat van haar in het Nederlands is vertaald.

    De vrouw in de bontjas
    Auteur: Elsa Triolet
    Uitgeverij: Vleugels

    Winnetou

    Hoeveel jongens zijn in de jaren ’60 en ’70 van de vorige eeuw niet opgegroeid met de vijftien Prisma-pockets over de helden Winnetou en Old Shatterhand? De originele Duitse versie van Karl May verscheen in 1893 in drie delen. Het was knap werk want May was nooit in Amerika geweest; hij baseerde zijn verhalen louter op persoonlijke studie. We zijn nu bijna 130 jaar verder. Blijven de verhalen over de vriendschap tussen het opperhoofd van de Apachen, Winnetou, en de Duitse landmeter die om de kracht van zijn vuist Old Shatterhand werd genoemd, nu nog overeind? Uitgeverij IJzer vindt van wel. In een nieuwe frisse vertaling verscheen het eerste deel van de trilogie. De vertalers verklaren in hun nawoord hun keuzes in onze tijd waarin het kolonialistische en racistische vocabulaire ter discussie staat. Zo leggen ze uit waarom ‘roodhuid’ is gehandhaafd en waarom niet ‘blanke’ maar ‘withuid’ wordt gebruikt.

    Winnetou
    Auteur: Karl May
    Uitgeverij: IJzer

    Op de schouders van de natuur

    De Noorse Anne Sverdrup-Thygeson is hoogleraar ecologie. Van haar is in Nederlandse vertaling verschenen Op de schouders van de natuur. Het is een prachtig geïllustreerd boek over biodiversiteit en het belang ervan voor ons voortbestaan als mens. In haar voorwoord schrijft ze: ‘Ik had het geluk op te groeien in een gezin waarin het vanzelfsprekend was om veel tijd buiten door te brengen en waarvan de leden geïnteresseerd waren in verhalen en taal die de relatie tussen ons en de natuur beschrijft in het verleden en het heden. Waarin het geen probleem was dat ik graag alles wilde weten en waar werd geprobeerd mijn eeuwige vragen over hoe alles eigenlijk met elkaar samenhing te beantwoorden’. Maar ze is niet alleen de bevlogen wetenschapper. Ze kan ook schrijven. Geen wonder, want ‘Als kind verzamelde ik mooie woorden, woorden die feestelijk in je mond golfden en rolden als ik ze las, zoals onomatopoetikon of woorden die van je huig over je tong huppelden voor ze op het puntje van je tong belandden, zoals trigonometrisch punt. Mijn opa leerde me dat het klein hoefblad in het Latijn Tussilago farfara heette’.

    Op de schouders van de natuur
    Auteur: Anne Sverdrup-Thygeson
    Uitgeverij: De Bezige Bij