• Zinnen die passen

    Zinnen die passen

    Deze zomer was ik omringd door boeken van vrouwen. Hoe prettig is het om zinnen te lezen die zo vertrouwd overkomen dat je ermee wegloopt. Zoals Annie Dillard in haar essay, ‘Totale zonsverduistering’ na een verpletterende zonsverduistering (1979) in hartje Washington, tussen opmerkingen van toeschouwers door, ‘Zag je hoe…? Zag je dat…?’ een jonge student hoort zeggen, ‘Zagen jullie ook de witte ring? het was net een Life Saver, zo’n pepermuntje in de vorm van een reddingsboei.’ ‘Verdomd’, denkt Dillard, ‘Die jongen sloeg de spijker op zijn kop. Zelf had ik zo’n woord op dat moment niet paraat.’
    De paraatheid van woorden op het juiste moment is zo’n ding waar het bij mij aan schort, daarom lees ik, geloof ik.

    Vivian Gornick schrijft in Verstrengeld, het boek over haar wandelingen door New York met haar moeder, over haar pogingen tot iets te komen. ‘Ik ging aan mijn bureau zitten en deed mijn best om na te denken.’ Het leek of ze dit voor mij had opgeschreven. Jarenlang deed Gornick haar best om na te denken. ‘Net zoals mijn moeder zei dat ze haar best deed om te leven. Zij vond dat ze een medaille verdiende omdat ze ‘s morgens haar benen over de bedrand zwiepte en ik vond dat ik er een verdiende door alleen al aan mijn bureau te zitten, geloof ik.’ Dat het afwassen, uit het raam kijken, het nog eens koffie zetten terwijl je schrijft, zin heeft, in feite een medaille verdient, dat past me wel.
    Ik hou van Gornick en haar moeizame relatie met haar moeder. Ze zien elkaar het liefst lopend. ‘Ik ben nu vijfenveertig en mijn moeder is zevenenzeventig. (…) Zonder moeite doorkruist ze met mij het eiland Manhattan. De liefde voor elkaar spat er niet vanaf op onze wandelingen, we gaan vaak tegen elkaar tekeer, maar wandelen zullen we.’  

    In Onroerend goed schrijft Deborah Levy over een dossier waarin ze de dingen die bij haar lijken te horen, (of waar zij bij wil horen), dingen die je ‘moet hebben’ opslaat. Zo creëert ze haar toekomstige leven, het is een dromendossier. In het dossier zit een huis in Griekenland met een granaatappelboom in de tuin. Later voegt ze daar een herenhuis in Parijs aantoe. Daarin wil ze een ingebouwde haard in de vorm van struisvogelei die ze in Santa Fé Nieuw-Mexico in een hotel had gezien. Gemaakt van adobe (hier raadpleegde ik internet om te weten dat adobe niet alleen een hulpprogramma voor mijn computer is, maar in zijn oudste betekenis leemsteen is). Levy raakte verknocht aan ‘dit brandende ei’, ze moest het hebben, daar is zo’n dossier dan handig voor.

    De dingen vormgeven met wat je ziet en hoort. De deze week overleden Jean-Luc Godard had een voorliefde voor raadselachtige, abstracte zinnen. Wat ik niet wist is dat hij die zinnen ‘plukte uit films, proza, poëzie en filosofische verhandelingen’. Soms citeerde hij zonder het te beseffen, zo eigen werden die zinnen hem. In een interview zei Godard eens, ‘Zo’n zin moet iets met mij te maken hebben, maar ik weet niet precies wát. Het is als een kleur maar dan met woorden.’ Ja, daar herken ik mij in, gekleurde woorden, woorden die passen als een jurk van goede snit. 

     

    Bron: Volkskrant, Postuum Jean-Luc Godard (1930-2022) door Kevin Toma.


    Inge Meijer is een pseudoniem. Zij schrijft over wat zich in de kantlijn van de literatuur begeeft.

     

     

  • Verbinden zonder te versmelten

    Verbinden zonder te versmelten

    De Amerikaanse Vivian Gornick (1935), bekend als feministe, criticus, journalist en essayist, heeft verschillende werken geschreven. Voor haar essaybundel uit 1997, in het Nederlands vertaald in 2020, Het einde van de liefdesroman, werd zij genomineerd voor de National Book Critics Circle Award. Dit interessante werk, dat werd vertaald door Caroline Meijer en wordt ingeleid door journalist en schrijver Marja Pruis, laat je nadenken over de relatie tussen vrouwen en mannen, leven en werk, over het huwelijk, en over deze thema’s in de literatuur.

    Los van het huwelijk

    Het einde van de liefdesroman is opgedeeld in hoofdstukken of essays en in ieder hoofdstuk staat een roman, een auteur of een thema zoals ‘Teerhartige mannen’ centraal. De bundel begint met Diana of the Crossways, een roman van George Meredith uit de late negentiende eeuw. In deze roman wordt niet het traditionele verhaal verteld over ontluikende liefdesgevoelens tussen een intelligente vrouw en een wilskrachtige man waarbij de strijd pas is beslecht als de vrouw zwicht voor haar gevoelens voor hem, maar juist het tegenovergestelde. Hetzelfde zien we in bijvoorbeeld The House of Mirth van Edith Wharton en Mrs. Dalloway van Virginia Woolf. In deze romans vechten vrouwen zich los van het huwelijk. Ze streven naar onafhankelijkheid, in plaats van romantische verbondenheid. Gornick stelt dat deze romans, en die van Meredith in het bijzonder, opvallend goed aansluiten bij de actualiteit. Maar wij kennen tegenwoordig toch heel andere sociale omstandigheden en een meer egalitaire verhouding tussen man en vrouw? Allemaal waar, maar waar het Gornick om gaat, is dat de sprong die hoofdpersoon Diana naar zichzélf maakt, ook een kenmerk is van onze eigen tijd: de gerichtheid op de individuele behoeften en ontwikkeling, en het besef dat de liefde daar niet voor nodig is.

    Literatuur als reflectie van het leven

    Veel van de werken die Gornick bespreekt, verbindt ze aan het leven van de auteur van het desbetreffende werk. Deze biografische inslag, die voor Gornick gerechtvaardigd is in de verbondenheid tussen het leven en werk van een kunstenaar, geeft een extra laag aan het geheel en zorgt daarmee voor meer diepgang. Zo gaat ze in op het huwelijk van Marian Hooper Adams (Clover) en Henry Adams, Henry’s boeken en de zelfmoord van Clover, of de beruchte relatie tussen de filosofen Hannah Arendt en Martin Heidegger. Gornick poogt te laten zien dat veel liefdesromans gebaseerd zijn op de eigen ervaring; literatuur als reflectie van het leven. De essaybundel is daarmee een vlechtwerk van biografische gegevens van auteurs en narratieven van de romans, die samen vertellen over gebroken huwelijken, affaires, passiviteit en bovenal: de zoektocht naar je innerlijke persoonlijkheid. Gornick zelf is tevens onherroepelijk aanwezig in iedere analyse die ze schrijft; ieder inzicht laat zich lezen als een zelfonderzoek van de auteur.

    Moeder-dochterrelaties

    Als feministe hadden we van Gornick ook niet anders verwacht: ‘de vrouw’ staat in haar werk centraal. Zij gaat in Het einde van de liefdesroman op zoek naar de manier waarop voornamelijk vrouwen, echte en fictionele, liefdesrelaties aangaan, en stelt daarbij dat álle intieme banden die mensen onderhouden geërotiseerd zijn. Het gaat er altijd om hoe je je met de ander kan verbinden zonder volledig in elkaar op te gaan, ‘hoe je tot de ander te verhouden zonder opgeslokt te worden, hoe afstand te nemen zonder je terug te trekken.’ En daarmee is het, zoals altijd, ook een zoektocht naar en worsteling met de eigen identiteit. Het gaat om de vrouw in relatie tot de man in het huwelijk, maar interessant genoeg gaat Gornick ook in op de meedogenloze verhouding tussen moeder en dochter. ‘Van Oedipus tot Freud wordt de strijd om een plaats in de wereld naar ons idee bepaald door een vader-zoonconflict, een geschiedenis van geweld en dadendrang die de verbeeldingsvolle handeling die zelfbeschrijving heet eeuwenlang heeft gevoed.’

    Gornick laat, eerdere denkers zoals D.H. Lawrence volgend, zien dat juist de moeder-dochterrelatie, in het bijzonder het (niet of moeizaam) loskomen van de dochter van de moeder, betekenisvol is in de literatuur. Volgens Gornick ligt dit aan de ‘dubbelzinnigheid’ die de vrouw eigen is. Hier schiet haar analyse wat tekort. Deze bestempeling doet geen recht aan de vrouw, het duwt haar weer in het hokje met connotaties als ‘onpeilbaar’, ‘grillig’ en ‘mysterieus’, waar we juist zo graag vanaf willen. Hoewel Gornick zich ervan bewust is dat er nog heel wat vastgeroeste patronen tussen man- en vrouwbeeld bestaan, stelt ze op andere momenten in de bundel de scheiding tussen man en vrouw strikter voor dan nodig, wat afbreuk doet aan haar algehele analyse.

    Betwistbaar standpunt

    De prikkelende titel van de bundel zien we terug in de titel van het laatste hoofdstuk, waarin ze betoogt waarom de liefdesroman niet langer zal bestaan. Het hele werk beweegt namelijk richting deze stelling: de liefde had niet het effect op ons dat we verwacht hadden, of waar we op hadden gehoopt, en daar getuigen vele romans van. De liefde maakte ons niet zachtaardig of empathisch, zij belemmerde ons in de zoektocht naar onszelf. We moeten volgens Gornick onder ogen zien dat het liefdesverhaal ons geen inzicht oplevert; het is niet het enige verhaal dat ertoe doet.

    Hoewel Gornick goede punten aandraagt, helder schrijft en meestal goed te volgen is, is het goed mogelijk dat ze je niet overtuigt van haar standpunt over de stand van de liefdesroman en de liefde in het algemeen. Het werk laat immers maar één zijde van de munt zien: die van ongelukkige huwelijken en relaties, van voornamelijk vrouwen (uit bijna louter Engelstalige literatuur) die er niet in slagen zichzelf te vinden dankzij de ander. Ook is het karakter van de hedendaagse literatuur met Gornicks inzicht in tegenspraak, omdat deze jongste literatuur juist laat zien dat personages op zoek zijn naar (niet zelden romantische) verbinding met anderen. De liefde leidt wellicht inderdaad niet altijd tot een geïntegreerde persoonlijkheid, toch is het vaak de relatie met anderen die tot zelfinzicht leidt.

    Denken als doel

    Het einde van de liefdesroman stelt interessante vragen, waarop Gornick gewaagde antwoorden geeft. Naast het feit dat je veel leert over Engelstalige auteurs en hun romans, leer je ook veel over Gornick. De zoektocht naar jezelf, en de realisatie van je innerlijke zelf, wordt volgens haar niet langer gevonden in de romantische liefde: eeuwenoude romans getuigen daar van. Een interessante stelling, en of je het er mee eens bent of niet het zet je hoe dan ook tot denken aan. En dat kan nooit kwaad.

     

     

  • Scherpe observaties in memoirs van Vivian Gornick

    Scherpe observaties in memoirs van Vivian Gornick

    Recensie door Jacques van den Berg

    Van de New Yorkse schrijver en journalist Vivian Gornick is haar boek The Odd Woman and The City. A memoir uit 2015, onlangs ook in Nederland verschenen. Het is door Caroline Meijer vertaald onder de titel Een vrouw apart. En de stad. Een memoir. Het boek is genoemd naar een roman van de Engelse schrijver George Gissing (1857 -1903 ), The Odd Women.
    Het memoir van Gornick brengt ons naar haar leven in New York, waar zij met haar homoseksuele vriend en  collega-schrijver, Leonard, regelmatig wandelt en waar ze samen uit eten gaan. Dit doen ze al zo’n twintig jaar, ze observeren de gebeurtenissen in de stad, de maatschappij, de kunsten.

    Feminisme

    Gornick heeft ervoor gekozen om alleen en onafhankelijk door het leven te gaan. In haar stukjes schrijft ze over dagelijkse situaties en dat doet ze op associatieve wijze. Kleine gebeurtenissen over bijvoorbeeld menselijke verhoudingen en tekortkomingen, feminisme, Engelse literatuur uit de negentiende eeuw, schrijven, bezoek aan musea, theater of musicals en de stad New York. Eén van haar waarnemingen: ‘Goedgeklede matrone op Park Avenue tegen haar vriendin zegt: ‘Toen ik jong was, waren mannen het hoofdgerecht, tegenwoordig zijn ze een bijgerechtje.’ Soms kan ze vilein uit de hoek komen en af en toe lijken de stukje op een zkv.

    Vivian Gornick is opgegroeid in een joods arbeidersgezin in The Bronx. Zij heeft zich door een universitaire studie een betere sociale positie weten te verwerven en zich ontwikkeld tot een scherpzinnig journaliste en schrijfster met als groot onderwerp het feminisme. Ze schreef voor diverse gerenommeerde kranten en tijdschriften als The Nation en The New York Times over dat onderwerp. Dit heeft zij ongeveer de helft van haar werkzame leven gedaan. Politiek gezien komt ze uit de communistische hoek. Ze heeft het proces van afstand nemen van het communisme in haar eerste  boek, The Romance of American Communism (1977), beschreven. Ze is nog steeds sociaal bewogen en feministe.

    Schrijven

    Gornick heeft inmiddels elf boeken geschreven en er is er een onderweg, Unfinished Business: Notes of A Chronic Re-Reader. In het algemeen publiceerde ze essays over feminisme, schrijven en politiek. Nu heeft ze dan ook twee memoirs uitgebracht. Het eerste was Verstrengeld (Fierce Attachment uit 1987), een memoir dat over haar moeder gaat, de liefde en New York. Met haar moeder had ze jarenlang een complexe verhouding. In dit memoir zijn de herinneringen aan haar jeugd, haar volwassenheid en de wandelingen door New York met haar moeder vastgelegd. Bij dit boek, zo meende ze zelf, had ze haar juiste toon als auteur gevonden. Door de critici van The New York Times is het uitgeroepen tot de beste memoir van de afgelopen vijftig jaar. Daarnaast is ze enkele malen bekroond met belangrijke prijzen voor haar essays en memoirs.

    Schrijfproces

    Gornick heeft altijd de ambitie gehad schrijfster te willen worden. In Een vrouw apart wordt ook het schrijfproces en de worsteling ermee beschreven. Naast het schrijven heeft ze altijd les gegeven in creatief schrijven aan universiteiten. Haar boek The Situation and The Story is verplichte lesstof voor docenten en studenten aan schrijfopleidingen.
    Vivian Gornick heeft een voortreffelijk geschreven memoir laten verschijnen. Het is een genot haar messcherpe observaties, commentaren en gebeeldhouwde taal te lezen. En wie Een vrouw apart. En de stad. heeft gelezen, wil zeker ook haar eerste memoir, Verstrengeld lezen.

     

  • Oogst week 51 – 2019

    23 seconden

    In de laatste oogst van dit jaar het nieuwste boek van proza- en scenarioschrijver Kees van Beijnum, een memoir van De Amerikaanse schrijfster Vivian Gornick en het enige prozawerk van de dichter Hans Tentije herdrukt.

    Kees van Beijnum debuteerde in 1991 met Over het IJ, vier jaar later brak hij door naar het grote publiek met het semi-autobiografische boek Dichter op de Zeedijk, wat hem een nominatie voor de AKO Literatuurprijs opleverde. De oesters van Nam Kee werd in 2000 een bestseller. De meeste van zijn boeken spelen zich af in Amsterdam, zo ook zijn nieuwste roman 23 seconden. Over de geruchtmakende ‘hamermoord’ op een Amsterdamse raamprostituee, de moeder van een jonge schrijfster, Anne. Tijdens een zoektocht naar de wortels van haar bestaan, ontstaan er steeds meer vragen over de moord op haar moeder. Om het mysterie te ontrafelen, daalt ze steeds dieper af in de duistere wereld van haar verleden. Als ze contact zoekt met de moordenaar, zijn de gevolgen niet meer te overzien. Een mysterieus verhaal, dat verweven is met het aangrijpende verhaal over de fotograaf Hayo, Annes te jong gestorven jeugdliefde.

    In de nieuwe literaire talkshow van Het Parool, SPUI25 en het Nederlands Letterenfonds, Letteren Live, werd Kees van Beijnum geinterviewd.

    23 seconden
    Auteur: Kees van Beijnum
    Uitgeverij: Bezige Bij

    Een vrouw apart en de stad

    Vivian Gornick (1935) is een van de beste denkers die Amerika heeft voortgebracht. Zij is scherp in het oproepen van beelden van het leven in de grote stad. Een vrouw apart en de stad zijn notities van een bewust alleenstaande vrouw met een strijdbaar feministisch verleden. Haar metgezellen zijn de stad en de literatuur. Gornick beschrijft toevallige ontmoetingen, de steeds veranderende vriendschappen. De rode draad in het boek zijn de gesprekken met Leonard, een homoseksuele vriend die op zijn eigen ongelukkige leven reflecteert. Deze vriendschap heeft ‘meer licht geworpen op de raadselachtige aard van intermenselijke relaties’ dan welke intieme band in haar leven ook. Volgens de uitgever zijn de gesprekken tussen Leonard en Vivian ‘als een Grieks koor bij de stroom van ontmoetingen met portiers, groentemannen, travestieten, kennissen en buren’.

    Een vrouw apart en de stad
    Auteur: Vivian Gornick
    Uitgeverij: Nijgh & Van Ditmar

    De innerlijke bioscoop

    Hans Tentije (1944) is een dichter waarvan weinigen weten dat hij ook proza schreef. Zijn in 1990 uitgebrachte bundel met lyrisch proza, De innerlijke bioscoop werd toen ter tijd lovend besproken maar weinig opgemerkt.

    Het is dan ook goed dat dit beslist tot zijn oeuvre behorende werk van Tentije door uitgeverij De Harmaonie herdrukt is. En werd uitgebreid met dertien nieuwe teksten met etsen van Peter Bes. De innerlijke bioscoop bevat verhalen van ervaringen en gebeurtenissen van de schrijver.  ‘filmpjes’ van wat de schrijver zoal heeft meegemaakt, in woorden geprojecteerd. Het boek zet na dertig jaar nog  tot nadenken aan.
    Sinds zijn debuut, Alles is er (1975), heeft Hans Tentije aan een uniek oeuvre gewerkt van inmiddels zeventien dichtbundels. Eerder werd Tentijes werk bekroond met onder andere de Lucy B. en C.W. van der Hoogtprijs, de Herman Gorterprijs en de Karel van de Woestijneprijs en in 2017 met de Constantijn Huygensprijs voor zijn hele oeuvre.

    De innerlijke bioscoop
    Auteur: Hans Tentije
    Uitgeverij: De Harmonie
  • Moeder en dochter als enige constante in elkaars leven

    Moeder en dochter als enige constante in elkaars leven

    Vivian Gornick (1935) noemt het erotiek, datgene wat bij moeder en dochter een aanzienlijke rol in het leven speelt. Haar leven lang worstelt ze met de hang naar liefde en geborgenheid plus de drang naar vrijheid en onafhankelijkheid. Haar moeder is een romanticus die dertig jaar blijft treuren over de dood van haar grote liefde, Vivians vader. Wat hen bindt is het gevoel niet volledig door het leven te zijn bedeeld, aan de kant te zijn blijven staan.

    Met haar moeder heeft de schrijfster een haat-liefde verhouding. Ze irriteren elkaar, willen allebei gelijk hebben en zijn niet echt op elkaar gesteld. Toch kunnen ze niet zonder elkaar. Op hun gezamenlijke lange wandelingen door New York, als Vivian een jaar of vijftig is en haar moeder in de zeventig, gaat het vaak over ‘vroeger’, toen ze in een huurkazerne in de Bronx woonden. Aan de hand van deze herinneringen verhaalt Gornick in Verstrengeld (Fierce Attachements. A Memoir, 1987) over haar jeugd en de latere jaren toen ze studeerde, ging werken en de liefde ontdekte.

    De moeder is een vrouw met weinig opleiding en een geringe kennis van de wereld, maar wel toegerust met de nodige emotionele intelligentie. Ze kan niet bogen op een degelijke maatschappelijke functie. Ooit zocht en vond ze een baan, gaf die na acht maanden op omdat haar echtgenoot bleef protesteren, want ‘getrouwde vrouwen werken niet,’ vond hij. ‘Ik kon kiezen tussen het leven thuis in een hel veranderen of gelukkig worden. Ik wilde gelukkig worden,’ vertelt ze haar dochter op een van de wandelingen. Wat overbleef, schrijft Gornick, was het minachten van anderen om zichzelf te verheffen. Ook jaren nadat haar man is overleden blijft haar moeder de liefde missen en doet ze niets om haar leven inhoud te geven. Dat gooit Vivian haar voor de voeten: ‘Het was jouw keus… […] Je hebt dertig jaar doorgebracht met je vast te klampen aan een voorbije liefde. Je had een leven kunnen hebben.’

    Zelf zit Gornick – journalist, recensent, memoirist, essayist en representant van de eerste feministische golf – opgesloten in zichzelf. Al discussieert ze nog zoveel met vrienden, studiegenoten en minnaars, meestal voelt ze zich alleen, tekortschieten, buiten het dagelijks leven staan. Met haar jonge echtgenoot is er geen enkele dialoog, geïsoleerd van de ander door gevoelens die ze nauwelijks kennen en waar ze geen raad mee weten. Alleen seks brengt verlichting, reden waarom ze het nog zes jaar volhouden.

    Op de momenten dat Gornick zich werkelijk vrij voelt, manifesteert dat vrijheidsgevoel zich fysiek. Ze ervaart het in haar lichaam ‘als een rechthoekige ruimte van haar keel tot haar kruis’. Dan komen ook de woorden en stromen haar gedachten het papier op, totdat de ruimte zich sluit en de beperking weer optreedt. Als de rechthoekige ruimte open is ontstaat ‘eenheid van denken en taal’. Hierin vindt Gornick haar schrijverschap.

    Grandioos is de pagina’s lange beschrijving van de week van vaders dood en begrafenis waarin Gornick haar moeders theatrale verdriet beschrijft. ‘Rond het middaguur stroomde het huis plotseling over van mensen […] Deze mensen brachten ons tot aan de afgrond. Bij elk nieuw gezicht dat in haar directe blikveld verscheen, vond mijn moeder het nodig om in een nieuwe storm van tranen en weeklachten uit te barsten. Mijn angst groeide. Weldra zou ze zich verliezen in een hysterie waaruit geen terugkeer mogelijk was. […] Er waren tijdens de begrafenis nog meer momenten die het verdienden geboekstaafd te worden […] In mijn herinnering verbleken ze bij de briljante meedogenloosheid van mama’s waanzin.’ Met dezelfde scherpzinnige, efficiënte formuleringen, waar de humor in besloten ligt, vertelt Gornick over de buren en andere bekenden in de huurkazerne in de Bronx en over haar eigen gevoelens en minnaars.

    De relatie met de getrouwde Joe beantwoordt in eerste instantie aan haar verlangen naar geborgenheid én onafhankelijkheid. Ze kan met hem over alles praten, vooral over zichzelf, haar gevoel van afzondering, alleen zijn, onbeduidendheid. En de erotiek weegt zwaar. ‘Om te beginnen was daar de enorme reikwijdte van de seksuele liefde zelf. Begeerte garandeerde tederheid. Tederheid voorkwam gevaar. Eenmaal buiten gevaar was ik vrij om mezelf terug te trekken in het fascinerende geheime leven van mijn eigen overgave. In bed hoefde ik mezelf niet te zijn.’ Maar na twee jaar ervaart ze wederom zowel letterlijk als figuurlijk de begrenzing van de ruimte als Joe behalve zijn vrouw ook haar bedriegt.

    Het verlangen naar de nabijheid van een man blijft, een intimiteit die ze tegelijkertijd afwijst omdat ze haar onafhankelijkheid wil behouden, of liever omdat ze onafhankelijk ìs. In een interview in The Paris Review zei ze ooit: ‘Ik heb niet het leven gehad dat ik wilde. Ik had gehoopt meer midden in de wereld, in het leven te staan, voor betere feestjes te worden gevraagd.’

    Ondanks de wederzijdse irritaties en nietsontziend commentaar hebben moeder en dochter een vertrouwelijke band met elkaar. Ze hebben geen geheimen, kennen elkaar door en door. In beider leven is hun relatie de enige constante. Alleen heeft Vivian een bredere kijk op de wereld en op menselijk gedrag ontwikkeld, en is de moeder in haar eigen beperkte wereldbeeld blijven steken. Althans, in de visie van de dochter.

    Dit boek is geen volledige autobiografie, het behelst slechts dat deel van Gornicks leven waarin de nadruk op haar moeder ligt. Als ‘memoir-schrijver’ behandelt zij in vele andere verhalen en essays haar carrière, vriendschappen en relaties, met de stad New York alomtegenwoordig op de achtergrond. Dat zij daarover niet uitgeschreven raakt, bewijst de publicatie van haar laatste boek The Odd Woman and the City uit 2015. Op haar 81e laat Gornick nog steeds zien dat worstelen met mens-zijn een eeuwige bron van verhalen is.