• Verhalen over dood, magie en geesten

    Verhalen over dood, magie en geesten

    De aanslag op Salman Rushdie in 2022 noodzaakte hem eerst helder te krijgen wat die daad voor hem betekende. Hij deed er verslag van in Mes. Dat boek moest er komen voor hij weer ruimte voelde voor nieuwe fictie. Die is er nu in de vorm van vijf verhalen in de bundel De levensavond. Ze gaan over verschillende aspecten rond de dood: het sterven, verlies, de geest van doden en verdwijningen. In enkele gevallen gaan ze zelfs over wraaknemingen door de overledenen.

    Het eerste verhaal waarin dat gebeurt is ‘De muzikante van Kahani’. Het heeft de lengte van een novelle met als hoofdpersonages de Indiase sitar- en pianospeelster Chandni en haar ouders Raheem en Meena Contractor.

    Business

    Raheem is hoogleraar wiskunde. Hij raakte in een depressie toen hij het bewijs had gevonden voor de Laatste Stelling van Fermat maar net voor hij dat kon publiceren verslagen werd ‘door een Engelse wetenschapper die beroemd werd en overladen met lof en prijzen, terwijl Raheem Contractor anoniem bleef’ (een verwijzing naar Andrew Wiles, die in 1994 het bewijs leverde).
    Zoals ook in ander werk gebruikt Rushdie hier een historisch feit om op basis daarvan over te stappen naar magisch realisme door dat feit in te bedden in een verhaal over andere werkelijkheden of droomwerelden.
    Raheem verlaat in zijn depressie zijn gezin en raakt bevriend met een sekteleider Shankar die er vooral op uit is een vermogen op te bouwen en seksorgies te organiseren (‘Meditatie was big business geworden’). Tot hij na drie invallen door de belastingdienst wordt ontmaskerd en vlucht met één van zijn drieënnegentig Ferrari-wagens.

    Muziek

    Ondertussen viert dochter Chandni triomfen als (concert)musicus. Daarin wordt ze tegengewerkt door de puissant rijke familie Ferdaus waarbinnen ze trouwt met een playboy. Ze wordt totaal door de familie ingepalmd; haar taak is te zorgen voor een stamhouder. Ze bevalt voortijdig van een dood kind en verlaat de familie om terug te keren naar haar ouders. Het Ferdaus-imperium gaat daarna ten onder omdat Chandni haar muziek weer oppakt en door de magie daarvan alle bedrijven van de familie ten gronde richt.

    Overigens zijn de uitweidingen over gedrag en leefwijze van het Ferdaus-imperium en de sekte van Shankar nogal clichématig. Menigeen zal het beeld dat hij er al van had gemakkelijk herkennen. Rushdie voegt daar geen nieuwe inzichten aan toe. Wel lardeert hij de beschrijvingen met erg veel humor.

    Arthur

    In het daaropvolgende verhaal ‘Ontijdig’ verbindt Rushdie opnieuw een historisch feit met een geesteswereld, al wordt dat pas gaandeweg duidelijk. En opnieuw is het een verhaal van wraak. De openingszin stuurt de lezer al meteen die kant op: ‘Toen Eredoctor S.M. Arthur wakker werd in zijn verduisterde slaapkamer in het College was hij dood’. (Later zal blijken dat nog van meer mythes sprake is: de letter M in de voornaam staat voor Merlijn en er volgen diverse verwijzingen naar de Arthursagen).
    Als geest kwelt deze Arthur zijn baas, Lord Emmemm. Hij neemt wraak voor wat deze hem heeft aangedaan door hem te beletten na de publicatie van zijn eerste boek zijn werk verder nog openlijk uit te oefenen. En dan blijkt Rushdie hier een magisch-realistische versie geeft van de lotgevallen van de kraker van de Enigma-code in de Tweede Wereldoorlog, Alan Turing. Die publiceerde, net als Arthur in ‘Ontijdig’, een belangrijk werk (over de Turingtest), maar mocht daarna alleen in het geheim bij het instituut blijven werken; hij werd vanwege zijn homofilie chemisch gecastreerd.

    Veranda’s

    Van de drie andere verhalen in De levensavond is het eerste van amper twintig pagina’s, ‘In het zuiden’, het meest innemende. Ook dit begint omineus met de zin ‘De dag dat Junior viel…’
    Junior is de buurman van een man die dezelfde naam heeft. Om de twee, die in leeftijd maar zeventien dagen verschillen, uit elkaar te houden wordt de andere Senior genoemd. Ze zijn het voortdurend met elkaar oneens, bijvoorbeeld over de vraag of het in het zuiden (vandaar de titel) van India beter wonen is dan elders. Ze kunnen echter ook niet zonder elkaar.
    De val uit de eerste zin is Junior fataal en laat Senior alleen achter: ‘De dood en het leven waren niets anders dan belendende veranda’s. Senior stond op de ene zoals hij altijd had gedaan en op de andere, hun traditie van vele jaren voortzettend, stond Junior, zijn schaduw, hem tegen te spreken’.

    Manuscripten

    De laatste twee verhalen in De levensavond zijn minder toegankelijk. In ‘Oklahoma’ heeft dat te maken met de ingewikkelde structuur en de talloze literaire verwijzingen.
    De verteller introduceert een manuscript van een zekere Mamouli Ajeeb uit India dat de dag voor hij stierf bij de uitgever werd bezorgd. Hij noemde het ‘een narratief dat onwaar is en dus waar, zoals dat gaat met fictie’. Hoofdpersoon in dat manuscript is op zijn beurt weer een personage, oom K, dat geobsedeerd is door verdwijningen en de dood. Er volgen er een aantal waarvan hij een lijst heeft aangelegd. Maar ook oom K. zelf verdwijnt met achterlating van zijn kleren op het strand. Het is onduidelijk of het een verdwijntruc is of dat hij echt is verdronken.
    Daarna wordt bij Ajeeb een pakje bezorgd van oom K met weer twee nieuwe manuscripten, deze keer naar aanleiding van een schilderij van Jeroen Bosch. Om die raadselachtige teksten te kunnen verklaren bezoekt hij tante K. die Ajeeb er echter vervolgens van beschuldigt dat hij het handschrift van oom K heeft vervalst…. Volgt u het nog?

    De titel ‘Oklahoma’ verwijst naar de belangrijkste vraag die oom K zich stelde: waarom voltooide Kafka zijn roman Amerika niet (Kafka brak die af op het punt waarop hoofdpersoon Karl Rossmann onderweg was naar Oklahoma).

    Meningsverschillen

    Ook het laatste stuk, ‘De oude man op de piazza’ laat zich niet gemakkelijk ontsleutelen. De oude man zit elke dag voor zijn café aan de piazza te luisteren naar de discussies op het plein. Aan de andere kant zit een vrouw die de belichaming van de taal is. Het gekibbel op het plein kent tijden waarop alleen ‘ja’ mag worden gezegd en later weer alleen ‘nee’. Het verhaal lijkt een parabel – zo komt het over met de gedachten aan de toenemende polarisering in onze tijd – over de teloorgang van de democratie, die juist gebaat is bij discussies en meningsverschillen waarbij naar elkaar wordt geluisterd.

    De levensavond

    De levensavond

    Salman Rushdie

    Translation by: Karina van Santen en Martine Vosmaer

    Uitgever: Uitgeverij Pluim (2025)

    ISBN 9789493420465

    256 pagina’s

    Prijs: € 24,99

    Buy with Libris
  • Mens & geld

    Mens & geld

    ‘We are living in a material world’ zong Madonna in 1984 al. Ellie en Freya, de hoofdpersonages uit Geld verdienen van Hanna Bervoets zijn misschien geen typische ‘material girls’, maar veel geld verdienen is wel hun doel. Ellie tipt Freya om te investeren in een aandeel dat zeker meer waard zal worden. Wat de lezer verwacht, gebeurt natuurlijk, het blijkt een financiële bubbel te zijn. Maar toch ga je gaandeweg meer en meer begrijpen waarom je zou willen winnen in het kapitalistische systeem en waarom het tussen de mens en geld zo vaak fout gaat.

    Na jaren ontmoet Ellie haar oude vriendin Freya weer. Freya blijkt in de problemen te zitten, ze zit in een scheiding en wil voor haar kind zorgen. Ellie voelt zich schuldig naar Freya, omdat die zich over haar ontfermde op de middelbare school en haar uit haar isolement haalde. Ze geeft haar daarom de gouden tip om Matador, een belegingsapp te gaan gebruiken. Ellie helpt haar om aandelen te kopen van een Australische wijnhandelaar, Royal Estate, die volgens Ellie binnenkort door het dak gaan. Ellie leeft in een zelfgekozen isolement en kan na het ontslag bij haar reguliere baan van haar Matador beleggingen leven. Ze ziet geen kwaad in het delen van het gouden aandeel, want Freya deed vroeger toch ook alles voor haar?

    Freya wil na hun gesprek nog wat meer bijverdienen door Ellie’s gouden tip in een cursus te gieten en te verkopen. Hierdoor koopt een groep die voornamelijk bestaat uit vrouwen uit Freya’s netwerk het magische aandeel. Het devies: het aandeel vasthouden tot het de maximale waarde heeft behaald, het zogenoemde ‘HODL’. Wat aanvankelijk lijkt op een slimme financiële beslissing, krijgt echter een bizarre en duistere wending. Want al snel worden alle investeerders getroffen door vreemde ongelukken en mysterieuze gezondheidsproblemen. Het aandeel lijkt wel vervloekt. Dan gebeurt natuurlijk wat de lezer al aan zag komen: het aandeel blijkt niet alleen snel veel meer waard te worden, maar ook vrijwel onmiddelijk daarna alle waarde te verliezen. Het was een bubbel.

    HODL

    In Geld verdienen is overduidelijk een ervaren schrijver aan het werk, het is niet voor niets Bervoets tiende boek. Het is een spannend en op een goede manier plotgedreven boek, waarbij je steeds slim van hoofdstuk naar hoofdstuk wordt gedreven door cliffhangers en (voorspelbare) onthullingen. Je zou Hanna Bervoets kunnen verwijten dat het voor de literaire lezer niet literair genoeg is, dat Ellie en Freya te weinig diepgang hebben en dat het verhaal te veel leunt op het plot. Dat is echter niet terecht. Het feit dat het verhaal soepel wegleest is in dit geval niet omdat het oppervlakkig is. Het plot en de personages staan helemaal ten dienste van het thema: wat geld met mensen kan doen.

    In het vasthouden van je aandacht en het aan het denken zetten over dat thema slaagt het boek zeker. Gaandeweg het boek wordt het contrast tussen Freya en Ellie steeds schrijnender. Ellie heeft een moeilijke jeugd, met weinig vrienden, tot Freya haar uit die eenzaamheid haalt. Ellie gebruikt al haar geld om zichzelf voor te bereiden op het ergste, ze bouwt aan een vrij overdreven overlevingspakket. Freya lijkt haar leven meer op orde te hebben. Maar of ze echt een goede vriendin is die simpelweg het beste met Ellie voor heeft, wordt steeds lastiger te geloven als je meer over hun verleden leert. De relatie tussen de twee komt onder allesbeslissende druk te staan als het aandeel exponentieel in waarde toeneemt. Dan komt uiteindelijk toch de ware aard van de mens naar boven. Ook bij de andere investeerders die met schulden achterblijven. Het boek eindigt in chaos na het klappen van de bubbel.

    Material girls

    Geld verdienen gaat over de dunne lijn tussen echt en nep, in vriendschap, maar ook in bezit. Het gaat niet om het wonderaandeel op zichzelf, het gaat om twee vriendinnen en de worsteling met een kapot kapitalistisch systeem. Dat systeem benadeelt de mens, maar zoals Geld verdienen laat zien vooral de vrouw. Veel vrouwen met het aandeel hebben dat niet alleen maar om rijk te zijn, om zogezegd een ‘material girl’ te zijn. Ze willen het geld gebruiken om zich vrij te kopen uit een systeem dat hen benadeelt, bijvoorbeeld Freya die het geld gebruikt om haar scheiding te bekostigen.

    Jezelf vrij maken lijkt alleen te kunnen met veel geld. Dat zie je ook bij twee van die vrouwelijke investeerders, Lorie en Samia. Ze ontmoeten Freya op een cursus van MissBusiness en raken zo ook in de ban van het aandeel. Samia wil een eigen bedrijf opzetten, Lorie wil naar Griekenland, om te zwemmen in een infinity zwembad. Het wonderaandeel maakt dat ze opeens kunnen gaan dromen, dat ze verder kunnen. Maar door het aandeel krijgt Samia uitslag over haar hele lichaam en Lorie durft door haar pleinvrees niet meer het huis uit. Is dat het waard, als je daarna je droom kunt leven? Want ben je echt rijk met een wonderaandeel, maar zonder plezier in het leven? En is alles te koop, ook de liefde, macht en seks? Nee natuurlijk niet, denkt de lezer. Maar toch is het interessant om te zien wat er gebeurt als je de kapitalistische fantasie wél gelooft en probeert te winnen in het systeem. De chaos in de tweede helft van het boek, die steeds ongeloofwaardigere vormen aanneemt, laat al te meer zien: ook de material girl blijft een fantasie. Alles van waarde is uiteindelijk weerloos tegen de macht van het geld.

     

     

  • Spannend en absurd debuut

    Spannend en absurd debuut

    ‘Ze aten als hun koeien, hun kaken kwamen niet tot stilstand voordat alles was verdwenen.’ Koeman van Jan Wester is geen biografie over de trainer-coach van het Nederlands voetbalelftal maar een debuutroman met een agrarisch thema. Vader en melkveehouder krijgt een hartaanval waaraan hij later overlijdt. ‘Hij had naakt op zijn buik in de badkamer gelegen, als een pasgeboren kalf na een bevalling die te lang heeft geduurd.’ Vader was ‘omgevallen’. De agrarische context bevindt zich in het hart van het groene West-Friesland, in Wognum.

    Vader zal het na zijn hartaanval niet lang meer maken. Maar voor zijn overlijden zal hij zijn enige, negentwintigjarige zoon Jaap nog toevertrouwen: ’Je kan hier niet voor altijd alleen blijven, Jaap. Er moet straks natuurlijk wel een opvolger zijn voor de boerderij.’ Als er tijdens vaders ziekte een wat timide maar zorgzame en ongetrouwde thuiszorghulp op de boerderij verschijnt, Anne, ontstaat er al een vermoeden van het vervolg van het verhaal. Vader gaat dood. ’Tegen de tijd dat Jaap klaar was met melken was Vader helemaal koud. Hij lag met zijn gezicht tegen de vloerplanken van de stal, starend door de kieren naar de donkere laag stront op de bodem van de gierkelder. 0571 stapte over hem heen. 0499 at van haar krachtvoer. Jaap rolde hem op zijn rug. Tillen had geen zin.’

    Meesterlijk verteller

    Het einde van de vader is niet erg esthetisch beschreven. ‘Jaap liep naar de schuur en kwam terug op de Liebherr. De machine boog het hoofd voor zijn oude eigenaar. Jaap schoof de palletvork onder het lichaam. De pneumatische arm tilde Vader van de grond en legde hem neer op een zeil op het pad. Jaap vouwde het dicht.’

    Tot dan toe lijkt het boek de kant op te gaan van een soort literaire ‘Boer zoekt Vrouw’ met een al dan niet geslaagde zoektocht naar een echtgenote en moeder van de opvolger van het bedrijf. Een op het eerste gezicht wat uitgekauwd thema en eerder geschikt voor een aflevering van het bekende tv-programma dan een (interessant) literair debuut.

    Maar schijnt bedriegt. Beeldhouwer en schrijver Jan Wester (30) ontpopt zich als een meesterlijk verteller van een wel zeer bizarre plot. Hij studeerde filosofie aan de UvA en Beeld en Taal aan de Gerrit Rietveld Academie. De auteur schrijft heel precies en beeldend. ‘Vanuit de stal klonk het krijsen van de melkpomp. Anne leverde de dieren uit aan Jaap. Roepend en fluitend dreef hij ze dieper in zijn fuik van buizen en rekken. De machine begon te drinken. Antigone kromde haar rug en zette zich schrap. De zuigmonden bewogen langzaam op en neer, hun rubberen lippen zoenden de roze huid van haar uiers.’

    Luisteren naar vrouwen

    Knap is die stijl waarmee Jaap als enerzijds zorgzame en anderzijds bijna autistische, en in elk geval monomane, boer wordt beschreven. Anne heeft tal van psychische klachten, verbleef in een psychiatrische inrichting en is daarvan nog niet echt volledig ‘genezen’. Ze staat in contact met een hogere macht, Limos, met wie ze gesprekken voert en die haar raad geeft. Maar die haar ook streng bekritiseert, bijvoorbeeld over het feit dat ze Jaaps vader door slechte zorg de dood in zou hebben gejaagd.

    Toch bloeit ze wel op in de nogal afgesloten wereld van de boerderij. ‘Vader was begraven, maar Anne verscheen de volgende ochtend gewoon weer in de stal. Ze verplaatste kopjes en borden in de keuken, legde een nieuwe deken over de bank en veegde het stof van de televisie. Zo was het beter, zei ze, en Jaap sprak haar niet tegen.’ Jaap is een gesloten man van zeer weinig woorden die leeft voor en met zijn koeien op basis van strakke dagschema’s. Veel ervaring met andere mensen heeft hij niet, en al helemaal niet met vrouwen. Ooit heeft hij het advies van zijn vader gehoord dat je naar vrouwen moet luisteren en soms ook goed met ze moet praten, maar in de praktijk brengt hij daar weinig van terecht.

    De inleiding op het hoofdstuk zwangerschap en een nakomeling is typerend. ‘Jaap: ”Kun je een kind krijgen?” Anne viel even stil. “Met jou?”. ”Ja.” Ze lachte. Maar iets was anders. Haar mond vervormde. ”Je maakt geen grapje?” Jaap schudde zijn hoofd, hij maakte nooit grapjes. Anne staarde drie minuten naar het tafellaken. Toen stond ze op. “Ik ga naar huis.”’

    Op hol geslagen zweefmolen

    Het is duidelijk dat deze twee mensen geen hartstochtelijke relatie tegemoet gaan. Toch trekt Anne bij Jaap in en beginnen ze nogal stuntelig hun pogingen tot het verwekken van een kind. Dat gaat, weinig verrassend, niet vlot. Ook de rest van hun relatie is niet direct warm en inhoudsvol. Het zijn duidelijk twee mensen die last hebben van hun verleden, een eenzame en harde jeugd, psychische stoornissen, bij Anne anorexia, maar eigenlijk hunkeren naar warmte. Jaap vindt die bij zijn koeien, maar geeft die niet aan Anne. Niet omdat hij dat niet wil, maar omdat hij het niet kan. Anne mist het vermogen om door de betonnen muur van Jaap heen te breken.

    En dan, op twee derde van het boek, is er een plotselinge, zeer heftige plotwending, te maken met de zo gewenste zwangerschap van Anne en Jaaps vertrouwen in koeien boven dat in mensen. Er wordt een kind geboren, al even bijzonder als buitenissig. De roman ontwikkelt zich in snel tempo tot een plastisch geschreven horrorboek, met magisch-realistische trekken en – vooruit, één spoiler – een seriemoordenaar met 49 moorden op zijn geweten. Spannend, ja, maar ook een soort tocht in een op hol geslagen zweefmolen. Je komt er bijna misselijk uit, en ook wat bedrukt door zoveel narigheid.

    Is het een goed boek? Ja en nee. Wester schrijft treffend en beeldend zoals pagina’s lang gedetailleerd de heftige scènes in een slachthuis. Het inzicht in autisme waaraan Jaap lijdt en anorexia nervosa waaraan Anne lijdt is waardevol. De plot is even absurd als heftig en dwingt tot doorlezen, al is op een gegeven ogenblik wel duidelijk hoe het afloopt. Fijnzinnig is het boek niet, rijk van taal wel en in ieder geval een hoogst origineel debuut. Benieuwd welke richting Wester hierna op gaat: thrillers of een verdere uitdieping van het agrarisch milieu dan wel weer een combinatie.

     

  • Oogst week 50 – 2025

    Een Cyborg Manifest – Wetenschap, technologie en socialistisch feminisme aan het eind van de twintigste eeuw

    Het boek Een Cyborg Manifest – Wetenschap, technologie en socialistisch feminisme aan het eind van de twintigste eeuw van Donna Haraway begint met een voorwoord van vertaler Karin Spaink. Zij heeft de vertaling licht bewerkt en schrijft een uitgebreide inleiding, getiteld ‘Cyborgs zijn heel gewone mensen (ze denken hooguit meer na)’, omdat Haraway’s essay ‘geen lichte kost’ is, zo laat ze weten. Cyborgs zijn organische robots of mensenmachines. De cyborg, schrijft Spaink, ‘bestaat eigenlijk al lang, wij zijn het zelf.’

    Filosoof Haraway schreef Een Cyborg Manifest in 1985. Ze onderzoekt daarin de verhoudingen tussen mens en machine en verenigt engagement, kritisch feminisme, onrustbarende ideeën en verstand van moderne technologiestudies. Volgens Haraway zijn allerlei oude tweedelingen achterhaald. Ze introduceert een nieuw politiek perspectief: een kruising tussen mens en machine zou daarvoor een mogelijkheid zijn.

    Het nawoord is van Lydia Baan Hofman, filosoof en adviseur bij de Wetenschappelijke Klimaatraad. Ze bestudeert het werk van Donna Haraway. In een interview op Kennislink zegt ze: ‘Haraway bekritiseert het idee van de menselijke uitzonderingspositie. Zij leert ons dat we leven in een web van relaties met bomen, dieren, mensen, maar ook technologieën en andere dingen. Alles is ergens mee verbonden, wat weer met iets anders verbonden is. Als we willen begrijpen hoe de wereld werkt en welke consequenties onze handelingen hebben, dan vereist dat een bepaalde manier van denken (…)’ Haraway noemt dat tentaculair denken.

     

    Auteur: Donna Haraway
    Uitgeverij: Isvw uitgevers 2021

    In verlatenheid

    L.H. Wiener (1945) schrijft sinds 1966 verhalen. Zijn eerste bundels, die hij nog publiceerde als Lodewijk-Henri Wiener, leverden niet veel waardering op. De verhalen die hij daarna schreef verschenen in literaire tijdschriften, soms werden ze gebundeld. In 2003 ontving Wiener de F. Bordewijk-prijs voor zijn roman Nestor. Daarna verschenen twee delen met zijn verzamelde verhalen. Het publiceren van verhalen ging door, soms in heel kleine oplagen en gesigneerde exemplaren.

    Nu is er In verlatenheid, een ‘document humain’ waarin Wiener de eenzaamheid probeert te overwinnen nadat zijn Laatste Vriendin hem heeft verlaten. De proloog begint hij met: ‘Vrouwen hadden het gaande mijn leven nogal eens op mij voorzien, maar verlieten me na verloop van tijd weer steevast, vermoedelijk door gemankeerde aandacht mijnerzijds, (…)’ De schuldige is zijn schrijverschap; hij was ‘als leraar geboren maar als schrijver in de wieg gelegd’. In een stream of consciousness kijkt Wiener terug op zijn leven en bedenkt wie hij was of had willen zijn als jongen, student, vader, drinker, schrijver, zeiler, want de dood is ‘talmend, maar onvermurwbaar’ in aantocht.

    Wiener begon In verlatenheid als tekst om mee te dingen naar de prijs van Boekenweekgeschenkuitgave. Het verhaal werd iets langer. ‘Nu trof het goed dat mijn vriendin Kenau, een naam die zij voor zichzelf bedacht had, mij na een omgang van veertien jaar verlaten had (…) De titel van mijn novelle werd me als het ware in de schoot geworpen,’ zegt hij in zijn toespraak bij de presentatie van In verlatenheid. De novelle noemt hij een afscheid, een zwanenzang.

     

    Auteur: L.H. Wiener
    Uitgeverij: Pluim 2025

    Watermeloenman

    Henk van Straten (1980) is journalist en schrijver. Na een paar afgebroken hbo-opleidingen en banen, onder meer in de horeca, bij een poppodium en een uitzendbureau, richtte hij zich op het schrijven. Op het omslag van Watermeloenman staat als ondertitel Een fris-fruitige misdaadroman, wat aangeeft dat de roman niet al te serieus hoeft te worden genomen. Er valt te lachen.

    Alleenstaande hoofdpersoon Nico Waltzman is boswachter en als hij op een nacht zijn bos inspecteert, struikelt hij over een watermeloen. Nico maakt zich zorgen over de verandering in de natuur, over pesticiden en over de in het bos verschijnende exoten. Gefrustreerd over het vinden van een watermeloen in zijn bos, die daar helemaal niet hoort, trapt hij ertegenaan. De meloen barst open en er komt iets onverwachts tevoorschijn. Wat volgt is een wereld van drugs, criminaliteit, chaos en moord. Nico krijgt te maken met crimineel Schele Ted, en dan staat er ook nog plotseling een twaalfjarige zoon voor de deur van wiens bestaan zijn ex hem nooit had verteld.

    Bizarre verschijningen als een wolf, een panter en een nest hoornaars doen het verhaal geregeld een andere kant op gaan en relativeren de harde criminaliteit. De personages lijken stereotiep, maar Van Straten geeft ze in deze hilarische pageturner complexiteit en diepte mee, terug te vinden in vriendschappen en deals.

     

    Auteur: Henk van Straten
    Uitgeverij: Nijgh & Van Ditmar 2025
  • Een zoethoudertje

    Een zoethoudertje

    In 2024 debuteerde Safae el Khannoussi met Oroppa, dat in 2025 werd bekroond met zowel de Boon als de Libris Literatuurprijs. Een unicum in literatuurland, nog nooit won een debutant de twee grootste literaire prijzen van Vlaanderen en Nederland. Bij velen riep dat gelijk de vraag op, hoe ga je hier als debutant mee om? Bo van Houwelingen opende haar artikel in de Volkskrant zelfs met het stemmige ‘Je zou bijna medelijden krijgen met de 31-jarige Safae el Khannoussi.’ Ze eindigde haar analyse van succesvolle debutanten: ‘Voorlopig hoeft El Khannoussi over een tweede roman nog niet na te ­denken. Zij is zo hoog de lucht in ­geschoten dat het nog wel even zal duren voordat ze weer is geland.’

    Een tweede roman is inderdaad nog niet in zicht. Toch kon de uitgever de neiging niet weerstaan om nog in 2025 ander werk van El Khannoussi te publiceren. Het gaat om twee verhalen die eerder in De Gids verschenen: De erfenis en De dobbelaar van Caïro. Samen goed voor nog geen 40 pagina’s, maar prachtig vormgegeven in een kleurig cahier dat je moet openklappen om de inhoud te kunnen lezen. Het is een klein cadeautje voor de verzamelaar die maar geen genoeg kan krijgen van El Khannoussi of niet bekend is met de site van De Gids, waar de verhalen gratis beschikbaar zijn.

    Onmiskenbaar is in de verhalen de kenmerkende stijl van El Khannoussi aanwezig: de fragmentarische vertelling, personages die door het leven dwalen en het mistige café met uitschot dat geen plaats weet te vinden in de samenleving. Er worden jointjes gedraaid en gegokt in bars. In De erfenis vertelt een man in een Amsterdams theehuis hoe een broer en zus terugkeren naar Marokko om een verwaarloosd stuk land te verkopen. Het geld zien ze helaas nooit. In De dobbelaar van Caïro gaat het in korte fragmenten over A (een man) en B (een vrouw). A speelt backgammon tegen een agent in een bar in Caïro, die hij eigenlijk moet laten verliezen. De inzet loopt hoog op, alles zet hij in, zelfs zijn herinneringen.

    De fragmentarische schrijfstijl heeft in een kortverhaal helaas niet hetzelfde effect als in een roman. De lezer van Oroppa wordt overspoeld met meanderende verhalen en prachtige zinnen, waarin steeds nieuwe details te vinden zijn. Elke keer leer je weer iets nieuws, blijft er iets anders hangen. In de korte verhalen werkt dat minder, omdat er te weinig ruimte is om te kunnen verdwalen in de verhalen, om het verhaal echt te ontwikkelen. Als de sfeer en spanning eenmaal geschetst is, is het verhaal meestal alweer afgelopen. Toch zijn in de verhalen ook weer prachtige zinnen te vinden en zeer boeiende personages. Oroppa is duidelijk niet uit de lucht komen vallen.

    Om je debuut te laten opvolgen door oud werk lijkt een tactische keuze. Een zoethoudertje zou je kunnen denken, of eerder: een cadeautje voor de onverzadigbare lezer. In elk geval is de vormgeving alleen al een reden om het boekje aan te schaffen en is het nooit een straf om (opnieuw) twee verhalen te lezen waarin de zinnen weer prachtig over elkaar heen buitelen.  En die tweede roman? Daar moeten we nog maar even niet aan denken.

     

    Vind hier de recensie van: Oroppa / Safae el Khannoussi

     

     

  • Oogst week 39 – 2025

    Oogst week 39 – 2025

    Het jubileum

    ‘De Italiaanse schrijver en journalist Andrea Bajani (1975) is in eigen land een gelauwerd schrijver. Over zijn debuutroman, Cordiali saluti, (2005), schreef de schrijver Antonio Tabucchi (1943-2012) dat hij dit boek gelezen had ‘met een opwinding die ik in tijden niet meer heb gevoeld in de Italiaanse literatuur’.’ Aldus Ingrid van der Graaf in haar interview met Bajani voor Literair Nederland in 2022.

    Met zijn roman L‘anniversario won Andrea Bajani de Premio Strega 2025, de meest prestigieuze literaire prijs van Italië. Het boek, in een vertaling van Manon Smits, is nu verschenen met de titel Het jubileum. Na tien jaar kijkt een zoon terug op zijn verstikkende jeugd met subtiel huiselijk geweld, dat plaatsvond in zijn familie. Zonder mensen te beschuldigen of te redden legt hij het dwingende systeem van het gezin bloot om zichzelf uiteindelijk te bevrijden. ‘Nadat ze (de moeder) zich al die jaren had onttrokken, er niet was geweest voor zichzelf of voor haar kinderen, alleen maar bezig was geweest met poetsen, bedienen, haar man gehoorzamen in huis en in bed, het weinige of niets dat mijn vader van haar verwachtte of eiste uitvoeren, eindigde ze met iets typisch moederlijks. Ze voelde aan wat er in het binnenste van haar zoon al gebeurd was zonder dat hij het zelf wist.

    Op die dag, tien jaar geleden, heb ik mijn ouders voor het laatst gezien. Ik ben sindsdien van telefoonnummer veranderd, van huis, van continent, ik heb een onneembare muur opgetrokken, ik heb een oceaan tussen ons in geplaatst. Het waren de beste tien jaar van mijn leven.’

    Eerlijk, openhartig en verontrustend relaas gebaseerd op herinneringen.

    Het jubileum
    Auteur: Andrea Bajani
    Uitgeverij: Van Oorschot

    Kookpunt

    ‘De personages uit Kookpunt van Nisrine Mbarki Ben Ayad wonen in Brussel. Algiers. Parijs. Damascus. Casablanca. Cairo. Amsterdam. Zeven mensen, zeven levens die zich in verschillende steden en landen afspelen. En toch raken ze elkaars levens en vertellen zo het verhaal van een versplinterde wereld, waarin mensen ondanks alles innig liefhebben.’

    Kookpunt is het verhaal van een eeuw: van 1961 in Algerije tot 2061 in Amsterdam. Het is een eeuw die herhaaldelijk zelfmoord pleegt en zichzelf opnieuw uitvindt. Zeven verhalen, in zeven decennia, op verschillende plekken in de wereld, maar de schakelmomenten in de geschiedenis verbinden al deze mensen met elkaar. De nucleaire tests van de Fransen in de Algerijnse Sahara zorgen ervoor dat Ydder zijn grote liefde verliest. Maar ook dat hij Salma die uit Damascus vluchtte ontmoet. Die in Belleville met Bern trouwt. Die jaren later bij de crypte in de Pieterskerk in Utrecht vanuit het dodenrijk door haar wordt geroepen. Onzichtbare draden van het menselijke tekort spannen over de hele wereld. Niets in de geschiedenis blijft zonder gevolgen, alles werkt generaties door.

    Nisrine Mbarki Ben Ayad (Tilburg, 1977) is een veelzijdige schrijver, dichter, columnist, vertaler en programmamaker. Als literair vertaler vertaalt ze poëzie uit het Arabisch naar het Nederlands. Haar gedichten en columns verschijnen regelmatig in literaire tijdschriften als De Gids, Poëziekrant, De Revisor, Tiraden Het Liegend Konijn.

    Kookpunt
    Auteur: Nisrine Mbarki Ben Ayad
    Uitgeverij: Pluim uitgeverij

    Vacht!

    Cobi van Baars publiceerde in 2023 de roman De onbedoelden gebaseerd op het waargebeurde verhaal van een tweeling die zonder medeweten van de moeder meteen na de geboorte werd afgestaan. Het boek kreeg een lovende ontvangst en verkocht meer dan 30.000 exemplaren en stond op de shortlist van de Libris Literatuur Prijs 2024.

    In Van Baars’ laatste roman, Vacht!,  werkt Eline van der Veer in een archief dat is gevestigd in een voormalig klooster. Aanvankelijk is ze blij met haar nieuwe baan, tot de sfeer verandert en heel onaangenaam wordt. Kan ze zich staande houden als iedereen zich tegen haar keert?

    Eline raakt verstrikt in een leugen over een relatie, die haar positie op het werk onder druk zet. Ze gunnen haar een vriend, maar nemen een loopje met haar, ondertussen staart ze uit het raam naar buiten waar een kudde schapen loopt.

    Vacht! is een metafoor voor het verlangen en de behoefte om ergens bij te horen.

    Beklemmend en geestig psychologisch portret.

    Vacht!
    Auteur: Coby van Baars
    Uitgeverij: Atlas Contact
  • Uitzicht op het einde

    Uitzicht op het einde

    Een man, een vrouw en een huis op een witte vlakte. Dit zijn de ingrediënten die dichter, componist en theatermaker Micha Hamel opvoert in Het zwarte raam, wat in 2021 ook als muziektheaterstuk is uitgevoerd. Hoewel de setting post-apocalyptisch is, is het zeker niet de zoveelste dystopie. Dat het als theaterstuk is bedacht laat zich lezen in hoe dicht de personages elkaar op de lip zitten en door de kluchtige inslag. Terwijl de houtvoorraad van de man en vrouw steeds meer slinkt en de wanhoop toeneemt komt er een onverwachte waarheid aan het licht.

    Hoewel het gegeven vrij simpel is kun je er veel kanten mee op, maar de cabin fever besluipt je al snel. De vrouw schrijft aan een roman, de man gaat naar buiten om te werken. Wat voor werk weet zij niet, met deze gegevens moet de lezer het doen tot later in het verhaal. Er is een hoop herhaling in het schetsen van de situatie, telkens met een andere toon. Zo begint bijna elk hoofdstuk met een variatie van het huis, de haard, de vrouw en dan gaat de deur open. Een neiging tot deconstructie en het doorbreken van de vierde wand (een stilistische techniek waarbij de acteur zich rechtstreeks tot het publiek wendt) is Hamel ook niet vreemd in Het Zwarte Raam. De dichter in Hamel komt ook om de hoek kijken in de taalspelletjes en typografische trucjes, net als in zijn vorige boek, de poëziebundel is daar iemand. Bijvoorbeeld als hij de woorden letterlijk over de pagina laat rennen met maar twee woorden op een witte pagina, om de rennende man te symboliseren. Zo is de witte vlakte waar de vrouw en de man op leven ook de figuurlijke witte vlakte van het papier van de vrouw. Een tabula rasa waar alles in en op kan ontstaan, zoals de wonderlijke gedachtelezer die later in het verhaal komt kijken om de boel flink op te schudden.

    Vrije val

    De man doet er wanhopig alles aan om te voorkomen dat de vrouw te weten komt wat er werkelijk nog buiten is en hoe de beschaving eraan toe is. En dat is niet best, wat gespiegeld wordt in de steeds grimmigere sfeer in de relatie van de man en vrouw. ‘Als ze wist wat hij dagelijks doet, zou alles instorten.’ Dat de buitenwereld onbekend is voor de vrouw betekent dat ze erover kan verzinnen wat ze wil. Ze doet dit door het mysterieuze zwarte raam, waardoor ze de toekomst kan zien. De spanningen rond het aankomende einde van de wereld leiden de man tot het opvoeren van allerhande toneelstukjes. Zo komt hij met het volgende liedje over de wereld: ‘Alles wat wit was is paars / Alles wat groen was is bruin / Alles wat blauw was is zwart’

    Het duurt niet lang voor ze beginnen met ruzie maken en ze zelfs met een bijl achter elkaar aan zitten. Een licht absurdistische toets van Hamel zijn de gortdroge beschrijvingen van spullen en gebruiksvoorwerpen regelrecht van Wikipedia: ‘Wat is een huis? Een huis is een door mensen gemaakt bouwsel, dat bedoeld is als beschutting tegen de elementen.’ Soms werkt dat goed en soms voelt het overbodig en flauw, vooral als hij het trucje te vaak achter elkaar herhaalt.

    Om de vrije val van de relatie enigszins stop te zetten huurt de vrouw een gedachtelezer in om achter de geheimen van de man te komen. Dit is de droge humor ten top en een van de sterkere momenten van het verhaal. De gedachtelezer komt binnen als een volstrekt ongeleid projectiel. Hij is het onbekende element en zet alles op losse schroeven door zijn excentrieke gedrag en capriolen. Zijn bijdragen worden in het begin in hoofdletters opgetekend en hij spreekt exclusief in archaïsmen en raadsels. Als hij een boekje opendoet over de waarheid die de man probeert achter te houden, dreigen de verhoudingen in elkaar te storten. De vrouw gaat met dingen gooien en de man krijgt een aanval van razernij waarbij hij alles kort en klein slaat. Om dit af te sluiten met een knipoog zegt de gedachtelezer: ‘We zijn nu op pagina 89 van dit verhaal en ik vind dat ik het hartstikke goed doe.’

    Laatste getuigen

    De man en de vrouw zijn de laatste getuigen van deze wereld. Er is een mogelijk verband met de klimaatcrisis, maar er is erg veel onbekend over deze wereld. Is het een virtuele realiteit of bestaat ze alleen bij gratie van een grillige god? Het zwarte raam dient als een soort portaal naar de toekomst, maar waar komt het vandaan? De bedoeling van de tekst lijkt gedeeltelijk te zijn om te ontregelen. Ook altijd aanwezig is de subtiel omfloerste stem van de alwetende verteller die soms met zijn wijsheden strooit en sart of verwarring zaait. Wat ook opvalt is de vrij korte spanningsboog, het duurt niet lang tot de grote onthulling om de hoek komt kijken die dan al niet meer als een echte verrassing aanvoelt.

    De licht experimentele opzet met de absurdistische elementen zal niet iedereen aanspreken maar is bij vlagen hilarisch en maakt nieuwsgierig. Wat wel stoort is dat het geheel op sommige plekken nog leest als een toneeltekst, inclusief regieaanwijzingen. Dat werkt licht bevreemdend, al zal het de bedoeling zijn. Ook het insulaire van de twee karakters met hun vinnige dialogen lijkt dit te bevestigen. In die zin is het een soort solipsistische tekst, ze staat op zichzelf en creëert zichzelf. De dialogen zijn scherp maar het gebrek aan beschrijving en opvulling van de blinde vlekken geeft dat het geheel minder beklijft. Alles bij elkaar is de novelle een frisse wind en een ode aan de onstandvastigheid van de liefde. Op de laatste ijsschots blijven de man en de vrouw over. Misschien is het goed het advies van de gedachtelezer in gedachten te houden: ‘VLUCHT NIET, MENSEN, VLUCHT NIET JULLIE ZORGEN ZIJN VOORBIJ KIJK NAAR ELKAAR EN NAAR JEZELF VIA MIJ VIA MIJ VIA MIJ.’

     

     

  • Alleen dode vissen gaan met de stroom mee

    Alleen dode vissen gaan met de stroom mee

    De schelmenroman Overgave op commando (2025) van Nadia de Vries volgt Schelvis in haar zoektocht naar volwassenheid en betekenis. Schelvis groeit op in een rustig kustdorpje, waar netheid en conformisme centraal staan. Haar moeder verslijt mannen bij de vleet en heeft maar weinig aandacht voor ‘onze held’, zoals ze in de tussentitels wordt aangeduid. De Vries maakt het gender van Schelvis overigens niet geheel duidelijk, maar dat doet er voor de verhaallijn ook niet toe. 

    Schelvis dus, onze held, heeft gedurende haar jeugd een vast vriendengroepje. Aan de leiding daarvan staat de knappe, mysterieuze Jeremy op wie ze stapelverliefd is. Jeremy heeft echter ook een donkere kant. Op een dag besluit hij Pim, een jongen uit het dorp, te ontvoeren en te mishandelen. Schelvis gaat met de stroom mee zoals verwacht wordt. Ze ontvoeren Pim en verzinnen sadistische spelletjes om hem te laten lijden. Schelvis neemt daarin ineens de bovenhand, maar dat wordt haar niet in dank afgenomen. De mishandeling verplaatst zich van Pim naar Schelvis, en ze wordt voor dood achtergelaten met een gapend gat in haar wang. Sindsdien heeft haar uiterlijke verschijning zelfs wat weg van een vis: een gat in haar wang, als een kieuw, en haar blauwe haar als de zee. 

    Na de mishandeling besluit Schelvis het dorp te ontvluchten. ‘Nadat mijn gezicht permanent veranderd was, wist ik dat ik uit het dorp weg moest’, zegt ze stellig. Naar de stad. Waar alles vuil en meedogenloos lijkt te zijn. ‘Het leven in de stad is duur, en een veelheid aan gebouwen en adressen betekent nog niet dat er voor iedereen een huis is.’ Ze leeft er als zwerver en wordt na haar oproep op een prikbord om onderdak, in huis genomen door Ruud, een eenzame pensionaris. Maar dat onderdak heeft een prijs. Ruud verlangt geen huur, maar s’ avonds moet ze wel naast hem op de bank zitten en haar schoot laten bevoelen. ‘Na wekenlang op straat te hebben gewoond klonk dit als een aantrekkelijke ruil’, aldus Schelvis. 

    Werkgeverschap in al zijn vormen

    Ze vindt een baan – om wat geld te hebben en van Ruud weg te zijn – bij Sophie, eigenaresse van een bistro en later bij journaliste Tanja. Voor iemand werken houdt ze echter niet lang vol, daar is ze te anarchistisch voor, en ze besluit om weer dakloos te worden. Al snel ontmoet ze Marjorie die in een woongroep woont en bedelt om rond te komen. Schelvis sluit zich bij hen aan. De filosofie van deze groep alternatieve kunstenaars bevalt haar wel. ‘Door een baan te hebben geef je een ander toestemming om over je te heersen, voor een uur of dertig per week, tenminste’, luidt de uitspraak van Marjorie.
    Om indruk te maken op de vrienden van Marjorie neemt Schelvis een baan in een paardenslagerij. Van de opbrengst koopt ze geschenken voor hen. Hoe vrijgevochten en open de bohemiens ook lijken te zijn, het gaat hier om valse vrijheid. Want wanneer Schelvis bekent dat ze in de paardenslagerij werkt, volgt wederom een traumatische mishandeling. Deze alternatieve wereld lijkt even dwingend als die in het dorp. 

    De mensen waar Schelvis voor werkt, leren haar iets over zichzelf en over het leven. Ze hebben allemaal een andere visie. Sophie staat erg ten dienste van haar klanten, is daarin zelfs onderdanig. Tanja is anarchistisch en zelfstandig. De paardenslagerij laat Schelvis beseffen welke rol de dood in het leven speelt. Alles heeft een prijs, het onderdak bij Ruud, het werk in de slagerij. Telkens moet Schelvis haar keuzes met iets bekopen, zoals haar lichamelijke integriteit, vriendschappen die stuk gaan, mishandeling. Ze verhuist terug naar het dorp, en daarmee is de cirkel rond. Ze erkent haar plek en beseft dat ze er thuishoort. 

    Zelfinzicht als grootste goed

    Het format van de hoofdstuktitels is gebaseerd op dat van Oliver Twist van Charles Dickens, wellicht de meest bekende arbeidersroman. Maar waar Oliver Twist wel eindigt in verzoening en opklimming, is dat bij Schelvis niet het geval. Hoewel ze veel ervaringen rijker is, is zelfinzicht hier het grootste goed, en zelfs dat komt met een litteken. Ze is terug waar ze vandaan komt, heeft niets meer dan toen ze vertrok, maar beseft wel wie ze echt is. 

    ‘Waar ik ook keek, door het kijkgat of erbuiten, ik werd omringd door kolossale dingen. De hemel en de zee: ze konden me wel degelijk opslokken, als ze daar zin in hadden, ze konden me alles laten doen wat ze wilden. In het grote plaatje van alles was ik piepklein, vrijwel niets. Ik kon er niet aan ontsnappen.’ 

    Aan het eind van het boek ziet ze zichzelf en erkent zichzelf. Als een vissenkop waar de meeuwen om vechten. De nederigheid die ermee gepaard gaat is inspirerend. Overgave op commando houdt de lezer een spiegel voor. Je leven willen ontvluchten, is soms een illusie. Hoe graag we ook boven onszelf willen uitstijgen, er is altijd iemand beter of groter. En juist daarin, in die visie, ontstijgen we onszelf. Want ook de succesvolste mens blijft een klein zandkorreltje in de ogen van de kosmos. Zoals wij allen. Daarin zijn we pas echt gelijk.

     

     

  • Safae el Khannoussi wint met Oroppa de Libris Literatuur Prijs

    Een debuutroman die door de pers enerzijds hemelhoog geprezen werd en anderzijds afgerekend op zijn onbegrijpelijke formulering en afstand scheppende werking. Ook online kregen deze beweringen veel navolging. Toch kwam eerder dit jaar Oroppa als winnaar uit de bus voor ‘De Boon’, de belangrijkste Vlaamse literatuurprijs. En dan nu de Libris Literatuurprijs.

    Uit zes genomineerden – allen met een zeer goed boek – viel de keus van de jury op, ‘een pageturner waar de urgentie vanaf spat’ – Oroppa van Safae el Khannoussi. Volgens de jury een boek dat overloopt ‘van de verhalen in verhalen in verhalen’, en glanst van ‘stilistische brille’. En dat, ‘de lezer hard aan het werk [wordt] gezet en die arbeid wordt dubbel en dwars beloond’.

    Een eerste gedachte die direct op het lovend uitroepen van de winnaar volgt: Het boek heeft al een prijs. Gevolgd door: bedelf een schrijver niet onder een teveel aan prijzen zodat de bron van schrijven stil valt. Maar dan, een boek dat zowel tegenstrijdige reacties oproept, de lezer in verwarring – en de gemoederen in beweging brengt, is bij uitstek een boek dat gelauwerd dient te worden.

    In een recensie op deze site was sprake van een ‘atypisch debuut’. En dat ‘Oroppa meer gemeen heeft met de boeken van Gabriel García Márquez of Salman Rushdie ‘dan met de gemiddelde Nederlandse debutant’.

    De overige genomineerden waren:

    Man maakt stuk, Maurits de Bruijn  – Uitgeverij Das Mag
    De kroon met twee pieken, 
    Guido van Heulendonk  – Uitgeverij De Arbeiderspers
    Rouwdouwers, Falun Ellie Koos – Uitgeverij Atlas Contact
    In het oog,Marijke Schermer – Uitgeverij Van Oorschot
    Hogere machten, Joost de Vries – Uitgeverij Prometheus

    In juni verschijnen er bij uitgeverij Pluim twee verhalen van Safae el Khannoussi die ze enkele jaren eerder voor De Gids schreef. Door deze verhalen werd ze door de uitgever naar binnen gehaald.

    Aan de prijs is een bedrag verbonden van € 50,000.

     

    Foto: rechtenvrij

  • Oogst week 17 – 2025

    Het Zwarte Raam

    Een man en een vrouw wonen in een klein huisje op een immense witte vlakte. De vrouw schrijft binnen aan haar boek. De man gaat naar belangrijke vergaderingen buiten de deur. Zo hebben ze het afgesproken. Maar wat voor werk hij doet weet ze niet en hij weigert erover te vertellen. Het is gewichtig, zeer gewichtig, zegt hij. De vergaderingen duren iedere dag langer en hij komt steeds later thuis. Nee, hij kan haar er echt niets meer over vertellen. Uit liefde, zegt hij. En het is beter dat ze niet doorvraagt. Want buiten bestaat binnenkort niet meer. Achterdochtig geworden vraagt de vrouw raad aan een gedachtelezer, waarna de hele situatie ontwricht raakt.

    Micha Hamel (1970) is componist en dichter. Hij componeert opera, melodrama, musical en interdisciplinaire voorstellingen met bijvoorbeeld games en beeldende kunst. In 2021 verscheen bij Orkater de muziektheatervoorstelling Het Zwarte Raam met tekst en muziek van Hamel. Het Zwarte Raam is een poëtisch weefsel van muziek en taal, een sprookjesachtig verhaal over de laatste twee mensen op aarde.

    Samen met animatiekunstenaar Demian Albers maakt hij poëtische ervaringen voor virtual reality. Van zijn zes dichtbundels werd de meest recente, Is daar iemand, genomineerd voor de Herman de Coninckprijs. Ook is hij dirigeercoach in het televisieprogramma Maestro.

    Het Zwarte Raam
    Auteur: Micha Hamel
    Uitgeverij: Uitgeverij Pluim

    Hoofdzaak

    Wanneer er bij een hersenoperatie iets fout gaat zijn de gevolgen niet te overzien. Hoofdzaak is een literaire roman vanuit het perspectief van de patiënt- en de arts geschreven door een arts die ooit door het Medisch Tuchtcollege werd veroordeeld.

    De auteur Roy van der Zwaard is psychiater en psychotherapeut,  hij volgde de Schrijversvakschool in Groningen en schreef naast Hoofdzaak diverse korte verhalen. Hij verloor ooit zelf een tuchtzaak en terecht, zoals hij zelf toevoegt.

    Dorine Welgemoed is kapster, door een ongeluk verliest ze haar kapsalon, maar ook haar gezondheid. Vervolgens is haar man Theo chronisch ziek en haar wereld stort in. De vooraanstaande neurochirurg Joost van Kesteren probeert via een hersenoperatie Theo’s beperkingen op te heffen. Maar hij is overmoedig en neemt een groot risico. Daarbij laat hij zijn arts-assistent Soumaya handelingen verrichten die zij nog niet beheerst. Er ontstaat een dramatische situatie waarop een tuchtzaak volgt. Dorine betaalt in haar strijd voor genoegdoening een hoge tol en is Joost bereid zijn ondergang te voorkomen?

    Hoofdzaak is een roman over verlangen en verlies. Ondanks de thematiek is de toon lichtvoetig en omdat de verschillende perspectieven van patiënt en betrokken artsen belicht worden geeft het boek veel inzicht in medische zaken en hoe een tuchtzaak in zijn werk gaat.

    Hoofdzaak
    Auteur: Roy van der Zwaard
    Uitgeverij: Uitgeverij Gist

    Het Italiaanse meisje

    De manipulatieve moeder van Edmund is overleden. Hij keert terug naar het huis in het noorden van Engeland, om haar begrafenis bij te wonen. Zijn plan is weer met de volgende trein te vertrekken. Maar hij wordt vastgehouden in een ongezonde situatie, zijn broer Otto en schoonzuster Isabel, van wie hij is vervreemd brengen hem op de hoogetr van geheimen en roddels, zijn nichtje Flora is geen kind meer en Otto’s nieuwe leerling David en zijn zuster sturen de boel helemaal in het honderd. In de loop van verschillende dramatische onthullingen ontdekt de levensschuwe Edmund de verrassendste waarheden, niet alleen over zijn verwanten, maar ook over zichzelf. Maggie, het Italiaanse kindermeisje, speelt een onopvallende maar belangrijke rol in het verhaal.

    De Ierse Iris Murdoch (1919-1999) was een filosofe die haar inspiratie haalde bij Plato en Simone Weil. Ze behoorde tot een van de grootste schrijvers van de vorige eeuw. Haar werken staan bekend om hun complexe personages, morele dilemma’s en zwarte humor. The Italian girl kwam oorspronkelijk uit in 1964 en is een van haar dunste romans. In haar kenmerkende meeslepende stijl, met elementen van de gothic novel legt ze complexe menselijke relaties, morele vraagstukken met psychologische diepgang bloot. Het Italiaanse meisje  is een indringende filosofische roman over schuld, liefde en verlossing.

    Het Italiaanse meisje
    Auteur: Iris Murdoch
    Uitgeverij: Uitgeverij Cosimo
  • Oogst week 6 – 2025

    Oogst week 6 – 2025

    Bewogen selfies

    Door Marjet Maks

    Eind 2024 verscheen Bewogen selfies van Obe Alkema bij uitgeverij het balanseer in Gent.  Obe Alkema (1993) werkte bij uitgeverij AnkhHermes, is poëziecriticus bij NRC Handelsblad en publiceert in/op diverse Nederlandse, Vlaamse en internationale tijdschriften/platforms. Bewogen selfies is het eerste deel van zijn autobiografie waarin hij de verhouding tussen landschap en herinnering onderzoekt. Wat treft hij aan bij terugkeer naar belangrijke plaatsen uit zijn geheugen? Wat herinnert hij zich niet, maar Google wel? Met die gegevens tracht hij een gedenkschrift te peuren uit zijn metadata.

    ‘Aan werkelijkheid alleen heb ik niet genoeg, dus is het onverstandig het fantaserende brein af te remmen. Het gevolg is meer horizon, terwijl je nergens op rekent. Het leven ontleent zijn structuur niet meer aan tijd.’

    Memoires, rechtstreeks verteld en met omwegen, uit eerste hand en van horen zeggen. Archieven en herinneringen eisen spreektijd, houden het niet meer droog of worden tot spreken gebracht. Wat hebben ze eigenlijk te melden? Ze lopen helemaal leeg, net als Alkema zelf. Een leven zoals zovele, poedelnaakt en geretoucheerd, vol zin en onzin.

     

    Bewogen selfies
    Auteur: Obe Alkema
    Uitgeverij: het balanseer

    De dochter – herinneringen aan anders zijn

    De Nederlandse journaliste en columniste Harriët Duurvoort schreef met De dochter  – herinneringen aan anders zijn het verhaal haar moeder. Die werd in 1928 geboren als dochter van een Afro-Amerikaanse vader en een Friese moeder. Een gereformeerd Schevenings echtpaar adopteerde haar, waarmee ze de eerste interraciale adoptie in Nederland was. Begin jaren dertig in Scheveningen leek niemand op de kleine Eva. Mensen voelden aan haar haren of vroegen of haar kleur niet afgaf. Haar adoptieouders benadrukten dat ze een van hen was als ze gepest werd. Niet iedereen dacht daar hetzelfde over. Ze is nu oud en de tijden zijn veranderd, maar kleur is nog steeds een beladen onderwerp.

    In De dochter beschrijft Harriët Duurvoort bijna een eeuw Nederlandse geschiedenis met thema’s als de pijn van migratie, liefde en beklemmende, soms verlammende loyaliteit. Het is de zoektocht naar identiteit wanneer adoptie de lijnen met het verleden heeft afgesneden en onvindbaar gemaakt.

    De dochter  - herinneringen aan anders zijn
    Auteur: Harriët Duurvoort
    Uitgeverij: uitgeverij Pluim

    Het verhaal van mijn schaarste

    Met De andere familie Klein (2016) schreef Marieke Groen een beklemmende roman over een gezin waarin de dreiging niet van buitenaf komt, maar van binnenuit, en over een meisje dat alles aangrijpt om zich daarvan los te maken.

    In 2024 verscheen Marieke Groens eerste non-fictie boek Het verhaal van mijn schaarste, dat gaat over mechanismes die schuilgaan achter schaarste. Groen onderzoekt gebeurtenissen uit haar verleden hoe de ideeën en overtuigingen waarmee ze opgroeide een voedingsbodem konden vormen voor een leven vol tekorten. Wanneer ze bij de gemeente moet aankloppen voor financiële hulp dringt voor het eerst tot haar door dat haar leven al heel lang door schaarste wordt gedomineerd: door armoede, ziekte, honger en eenzaamheid. Hoe heeft het zover kunnen komen?

    In dit persoonlijke gedenkschrift vindt ze antwoorden op vragen als: wat gebeurt er in je hoofd als je ergens structureel te weinig van hebt? Waarom is het zo moeilijk om schaarste te overwinnen en hoe komt het dat verschillende vormen van schaarste onlosmakelijk met elkaar verbonden zijn?

    Marieke Groen (1966) is auteur en publiceerde eerder vier romans. Het verhaal van mijn schaarste is haar eerste non-fictieboek.

     

    Het verhaal van mijn schaarste
    Auteur: Marieke Groen
    Uitgeverij: Thomas Rap
  • Ellen Deckwitz wint Italiaanse Premio Ciampi

    Ellen Deckwitz wint Italiaanse Premio Ciampi

    Ellen Deckwitz (1982) stond in 2020 op de nominatie voor De Grote Poëzieprijs met Hogere natuurkunde (Uitg. Pluim, 2019), maar kreeg hem niet. Nu heeft ze met diezelfde bundel de Premio Ciampi prijs gewonnen en is hiermee de eerste Nederlandse dichteres die deze prestigieuze prijs krijgt toegekend. De Premio Ciampi staat qua aanzien in dezelfde lijn als onze De Grote Poëzieprijs of de T.S. Eliot Prize in Engeland.

    Hogere Natuurkunde is ontstaan na het overlijden van Ellen Deckwitz’ Indische grootmoeder. Ze ontdekte dat zij de enige in haar familie is die het levensverhaal van haar grootmoeder te horen heeft gekregen. Het is deels een reisverhaal, deels mythe, maar ook een getuigenis. Het is het resultaat van talloze gesprekken die Deckwitz voerde met mensen wier wortels ook in voormalig Nederlands-Indië liggen. Ontroerend, geestig en confronterend schetst Ellen Deckwitz de gevolgen van een oorlog die inmiddels in miljoenen Nederlanders doorwerkt en tot op de dag van vandaag hun levens tekent.

    Mariken Heitman schreef in een column dat ze de bundel direct na de laatste regels opnieuw begon te lezen. ‘Om de lucide taal, scherp en soms geestig, om de overlevingsadviezen van het oma-personage, voortkomend uit een Indisch verleden, adviezen tussen twee haakjes die subtiel het zwijgen over oorlogstrauma en het loodzware gewicht van geheimen lijken te benadrukken, generatie op generatie doorgegeven.’

    Ellen Deckwitz won in 2021 De Johnny, de oeuvreprijs voor podiumpoëzie. In 2022 won ze de oudste literaire prijs, de ­Tollensprijs, voor haar oeuvre. Ze is columnist voor NRC en maakt samen met schrijvers Joost de Vries en ­Charlotte Remarque de literatuurpodcast Boeken FM. Daarnaast heeft ze de dagelijkse podcast Poëzie Vandaag. Sinds januari 2024 is zij Stadsdichter van Amsterdam. En dan nu deze mooie Italiaanse prijs.

    Sinds 2010 wordt de Premio Ciampia jaarlijks uitgereikt en is verdeeld in een binnenlandse en buitenlandse sectie. Deckwitz wint in de buitenlandse sectie met Hogere natuurkunde, de Italiaanse winnaar van dit jaar is Vincenzo Frungillo. De prijs wordt uitgereikt tijdens een groots, tweedaags evenement op 20 en 21 november in het Goldoni Theater in Livorno.

     

    Opmerkelijk is dat deze winnende bundel, gewoonlijk € 21,99, nu bij Bol.com tweedehands voor € 50,00 wordt aangeboden.