• Bijzondere beesten binnenstebuiten

    Bijzondere beesten binnenstebuiten

    Met een titel als Het beestenbinnenstebuitenboek kun je niet anders dan nieuwsgierig worden. Er zijn genoeg boeken over dieren en over de skeletten van dieren. Maar met dit boek heeft Merel toch iets extra’s toegevoegd aan het bestaande aanbod informatieve boeken. Het beestenbinnenstebuitenboek geeft je een letterlijk kijkje in twaalf verschillende dieren: van de slak in je achtertuin tot aan de gigantische potvis. 

    […]

    Het beestenbinnenstebuitenboek is een fijn informatief kinderboek dat de nieuwsgierigheid van kinderen niet alleen stilt door de antwoorden die het geeft, maar ook zeker verder zal aanwakkeren. Een boek waarin kinderen zelf heerlijk kunnen bladeren of wat in de klas goed ingezet kan worden.

    Lees de hele recensie op Jong Literair Nederland.

     

     

  • ‘Ga niet naar binnen, ik zei het toch…’

    ‘Ga niet naar binnen, ik zei het toch…’

    Het Besiendershuis is een monumentaal pand dat al ruim vijfhonderd jaar aan de Waalkade in Nijmegen staat. Een huis met een rijke geschiedenis. ‘Er zouden mensen in zijn verdwenen. Er zouden geesten rondspoken. En er staan drie witte vrouwen achter de ramen.’
    Marloes Morshuis is onder andere bekend van Koken voor de Keizer en Borealis. De geest van het Besiendershuis is haar zesde jeugdboek dat uitkwam bij Lemniscaat. Het is een originele insteek om via de geschiedenis van een huis terug in de tijd te gaan, waardoor het verhaal een mengelmoes is van fictie en een leerzaam stukje geschiedenis van Nijmegen.

    Op zoek naar spoken

    Het vriendengroepje van Kleine Saar, Mette, Dex, Sami, Caya en Mats, is geïntrigeerd door het Besiendershuis, ze willen weten wat er waar is van de spokerij in het huis. Stiekem dringen de kinderen het huis binnen, ze gaan de trap op en… ‘De luiken van de ramen in de buitenmuren beginnen wild te klapperen. Pats, pats, pats… een voor een knallen ze dicht. Het is aardedonker in de kamer. “Filmen,” roept Mette, maar de telefoons schieten uit hun handen en spatten tegen de muren uit elkaar in duizend stukken. Ze gillen als er van drie kanten slierten nevel de kamer insijpelen. […] Het donker duurt een minuut, een uur, een eeuw. Dan vormt zich een plas licht op de vloer. Daarin staat het meisje. […] “Jullie hebben de geest gekwetst. Nu moeten jullie boeten.’’’
    Het meisje en het licht verdwijnen en de kinderen worden terug in de tijd gekatapulteerd, elk in een andere tijd. Ze krijgen slechts één kans om terug te keren naar het heden.

    Terug in de tijd

    In het eerste hoofdstuk gaat Sami terug naar het jaar ’70 ten tijde van Julius Civilus die de opstand leidde van de Bataven tegen de Romeinen. Op de plaats waar later het Besiendershuis zal staan, staat het meisje weer, ze zegt: ‘De geest van het Besiendershuis geeft iedereen een kans. Eén kans. Eer je het verleden, dan leef je weer in het heden.’ Sami heeft geen idee wat hij moet doen, maar maakt er het beste van, hij maakt een vriend en doet uiteindelijk het enige juiste en keert terug.

    Kleine Saar komt in het tweede hoofdstuk in 1545 terecht. Ook zij ontmoet het meisje bij het Besiendershuis dat haar zegt dat ze slechts één kans krijgt om het verleden te eren. Ze raakt in de ban van Moenen, de duivel uit het mirakelverhaal van Mariken van Nimwegen, die haar probeert te verleiden met zijn innemende gedaantes. Saartje beseft dat ze Moenen moet weerstaan, dat lukt haar als ze hem herkent. Omdat ze zich ‘niet meer heeft laten verleiden tot kwade zaken,’ mag ze het Besiendershuis weer binnengaan en ook zij keert terug.

    Ten tijde van de tachtigjarige oorlog, rond 1636, heerst de pest in Nijmegen. Mette is getuige van het leed achter iedere voordeur. Ze wordt het hulpje van de ‘raafman’, een man in een zwarte cape met een snavelmasker. Hij is de pestmeester, Meester van Diemenbroeck en heeft het erg druk. Mette mag hem helpen met de bereiding van genezende kruidenmengsels. Ze weet het lijden van Metgen, een meisje dat veel op haar lijkt te verlichten, Mette mag ook terugkeren, maar of ze dezelfde Mette is, blijft een beetje mysterieus.

    Dex krijgt in 1880 één kans om een meisje te redden uit de wrede handen van de slager Knuvelder. Caya gaat terug naar de oorlog in 1944 ten tijde van Operatie Marketgarden. Zij kan iemand uit de handen van de politie redden en Mats is aanwezig tijdens de Pierson acties in 1991, een heftige periode in Nijmegen toen krakers demonstreerden tegen de komst van een parkeergarage, waar woonhuizen voor moesten wijken. Ze werden verslagen door ME en traangas.

    Spannend en leerzaam

    De hoofdstukjes lezen vlot, toegankelijk en zijn spannend geschreven. Ze staan in dienst van de geschiedenis, maar ze zijn wat kort en missen daardoor de echte ontwikkeling van ieder kind. De verhalen blijven vrij klein en alle zes kinderen keren terug naar het heden, na iets goeds gedaan te hebben. Na het derde verhaal wordt dat wat voorspelbaar en braaf.
    Dat de doelgroep vanaf tien jaar (toch) zal genieten van dit boek is zeker. De fraaie boekverzorging met illustraties van Marc Suvaal, dwarrelende rook over de bladzijden, is heel bijzonder. Aan het eind worden de verhalen aangevuld met een verhelderende samenvatting van de ware gebeurtenissen in de geschiedenis. Met een QR-code is er toegang tot de website met nog meer achtergrondinformatie en een 3d-animatie van het Besiendershuis.

    De geest van het Besiendershuis is een ode aan Nijmegen en een geweldige manier om kinderen en hun ouders in aanraking te laten komen met de geschiedenis van deze stad.


    Literair Nederland is bezig met het opzetten van Jong Literair Nederland. Om alvast in de stemming te komen, zullen er zo nu en dan recensies over kinder- en jeugdboeken op Literair Nederland verschijnen. Wij zijn nog op zoek naar recensenten. Ben je bekend in de kinderboekenwereld? Lees je kinderboeken en lijkt het je leuk ze te recenseren, laat het ons weten of stuur alvast een proefrecensie op!  mohana@literairnederland.nl of carolien@literairnederland.nl

  • ‘Yihaaaa ninjavia’!

    ‘Yihaaaa ninjavia’!

    Ooit gehoord van een ninjavia? In het boek Pluk en Pluis. De weg naar terug, kan je er alles over lezen. Mathilde Stein schreef een prachtig verhaal over vriendschap, moed en avontuur.

    ‘Pluis zit in zijn hok.
    Lekker in de zon. Met zijn ogen dicht.
    Hij is een beetje aan het dromen.
    Hee!
    Opeens komt er en wolk voor de zon.
    Pluis schrikt wakker.
    In de lucht ziet hij een bal.
    Een zwarte bal met heel veel haar.
    En die haarbal
    komt naar hem toe!
    Help!’

    Zo begint het verhaal over de cavia’s Pluis en Pluk. Pluis de cavia leeft een fijn en rustig leven in zijn hokje. Op een dag wordt er een zwarte harige bal bij hem in zijn hok gezet. Dan is de rust voorbij.
    Die harige bal is Pluk. Pluk rent de hele tijd rondjes, eet van de brokjes en drinkt van het water. Pluis is helemaal niet blij met die indringer. En zeker niet als blijkt dat hij nu de aandacht van Aaihand, Kleurhand en Kleinhand met Pluk moet delen. Toch worden Pluk en Pluis goede vrienden. Pluk blijkt een ninjavia te zijn, hij durft zelfs die enge Sis, met hypnose, met de kattenstaar weg te jagen!

    Op avontuur

    Maar soms is Pluk heel stil, zou hij ergens bang voor zijn? Wat je ook nog moet weten is dit: In de krant las Groothand een artikel: De ring van prinses Miski is gestolen uit het paleis. Maar wat heeft Pluk te maken met de verdwijning van die ring?  Pluk bedenkt een plan om de ring weer terug te brengen naar het paleis. Zo komt Pluis voor het eerst buiten het hok, en ze moeten nog veel verder. Pluis houdt eigenlijk niet zo van avontuur maar hij laat zijn vriend Pluk niet alleen gaan. Hij helpt zijn vriend, de ninjavia, op ‘De weg naar terug’. Onderweg krijgen ze te stellen met Boef B., de hoofdhond en de de Anti Ratten Brigade, de A.R.B. Het is maar de vraag of Pluk en Pluis ooit nog veilig thuiskomen.

    ‘Hé Bro’!

    Het is Mathilde Stein gelukt om in een ogenschijnlijk eenvoudig en ook grappig verhaal een diepere laag te verwerken. Het verhaal is geschreven vanuit het perspectief van Pluis de cavia.
    Namen van huisgenoten zoals Groothand en Aaihand bieden mogelijkheid tot eigen verbeelding en invulling. Pluk gebruikt graag ‘stoere’ woorden, zo spreekt hij zijn vriend aan met: ‘Hé Bro’ of ‘Brootje’, en uit hij bij zijn acties kreten als ‘Yihaaaa ninjavia’, deze woorden staan vetgedrukt over de pagina geschreven om ze kracht bij te zetten.

    Vriendschap, moed en iets voor een ander over hebben zijn door het verhaal heen geweven zonder dat het moralistisch wordt. Spanning en ontspanning wisselen elkaar goed af. Het is een grappig en spannend boek om in één adem uit te lezen. De korte zinnen met veel witruimte op de pagina maken het boek toegankelijk voor de jonge, sterkere lezer. En hoewel de uitgave kinderen uitnodigt om zelf te lezen, is het taalgebruik ook voor een volwassene prettig (voor) te lezen (vanaf vijf jaar). Op bijna elke pagina staat wel een illustratie, door Mathilde Stein zelf getekend. Deze grappige tekeningen ondersteunen of verduidelijken de tekst, ze zijn echt van toegevoegde waarde. Ze zijn in zwart en hier en daar wat oranje en zien er uit als vlotte schetsjes. Ze geven de sfeer van het verhaal goed weer maar laten ook ruimte voor eigen fantasie.
    Met zijn 317 pagina’s is het een lekker dik boek voor liefhebbers van avontuur en echte vriendschap.

    Dus: Yihaaa, duik snel in de avonturen van deze caaf-boys!

     

     


    Literair Nederland is bezig met het opzetten van Jong Literair Nederland. Om alvast in de stemming te komen, zullen er zo nu en dan recensies over kinder- en jeugdboeken op Literair Nederland verschijnen. Wij zijn nog op zoek naar recensenten. Ben je bekend in de kinderboekenwereld? Lees je kinderboeken en lijkt het je leuk ze te recenseren, laat het ons weten of stuur alvast een proefrecensie op!  mohana@literairnederland.nl of carolien@literairnederland.nl