• Levensecht en eigentijds

    Levensecht en eigentijds

    Sally Rooney is inmiddels een naam die niet meer weg te denken is uit de internationale literatuur. Sinds haar debuut Conversations with Friends en het megasucces van Normal People wordt ze overal ter wereld gelezen, besproken en soms ook verguisd. Ze wordt de stem van haar generatie genoemd, een auteur die de twijfels en verlangens van jonge volwassenen weet te vangen in glashelder proza. Maar met haar vierde roman, Intermezzo, gooit Rooney het over een andere boeg. Het boek voelt ambitieuzer, donkerder en stilistisch uitdagender dan wat we van haar gewend zijn.

    Rouwverwerking

    De roman draait rond twee broers in Dublin. Peter, 32, is een briljante, maar zelfdestructieve advocaat die mensenrechtenzaken pleit, maar intussen zijn eigen leven nauwelijks op de rails krijgt. Zijn tien jaar jongere broer Ivan is een voormalig schaaktalent dat zich opnieuw op het spel stort, terwijl hij een geheime relatie aangaat met Margaret, een vrouw van zesendertig uit Leitrim. Ook Peter worstelt met ingewikkelde liefdes. Enerzijds blijft hij emotioneel verstrikt in zijn ex Sylvia, die na een zwaar ongeluk een seksuele relatie niet meer ziet zitten. Anderzijds begint hij tegelijk iets met Naomi, een veel jongere studente die geld verdient met expliciete foto’s online. Over al deze relaties hangt de schaduw van het verlies van hun vader, dat de broers ieder op hun eigen manier proberen te verwerken.

    Geslaagd vertelexperiment

    Rooney kiest voor een opvallend vertelexperiment. In plaats van haar kenmerkende sobere stijl en strakke dialogen, krijgen we drie heel verschillende stemmen. Peters passages zijn fragmentarisch, soms haast staccato: korte, afgebroken zinnen die de chaos in zijn hoofd perfect weerspiegelen, een soort van stream-of-consciousness. Ivan klinkt luchtiger, met droge humor en een zekere lichtheid die past bij een jonger iemand die nog zoekend is. En dan is er nog Margaret, die traag en bedachtzaam spreekt, als een soort tegengewicht voor de onrust van de broers. Bovendien gebruikt Rooney geen  aanhalingstekens, waardoor dialogen en gedachten in elkaar overlopen. Dat maakt het lezen intens, maar soms ook moeilijker en verwarrend. Het is geen roman die je zomaar even gedachteloos kunt weglezen; hij vraagt concentratie en geduld. Toch is die vorm geen spielerei, maar inhoudelijk doordacht. Peters fragmentarische stijl laat voelen hoe hij de controle over zijn leven verliest. Ivan, jonger en nog kneedbaar, klinkt toegankelijker, bijna uitnodigend. Margaret brengt dan weer balans en reflectie. Zo wordt Intermezzo niet alleen een verhaal over rouw en liefde, maar ook een oefening in perspectief: wie kijkt, wie spreekt, en hoe kleurt taal onze beleving van verdriet?

    Kleinmenselijke thema’s

    De thematiek is herkenbaar voor wie eerder werk van Rooney las: relaties, macht, intimiteit, onzekerheid. Maar in Intermezzo komt daar een duidelijke laag van rouw en familiebanden bij. Hoe gaan twee heel verschillende mensen om met hetzelfde verlies? Hoe houd je elkaar vast als broers, wanneer je elk je eigen copingmechanisme hebt? Rooney schrijft daarover zonder pathetiek, maar met een melancholische scherpte die ontroert. De broers lijken elkaar soms te verliezen in hun verdriet, maar er is altijd dat onderhuidse besef van verbondenheid. Ook de liefdesverhalen zijn typisch Rooney: ongemakkelijk, gelaagd, vol spanning. Het leeftijdsverschil tussen Ivan en Margaret roept vragen op over macht en wederkerigheid. Peter laveert tussen de volwassen Sylvia en de jonge Naomi, en juist die driehoek legt bloot hoe verlangen vaak ook met controle en kwetsbaarheid te maken heeft. Rooney veroordeelt niet, maar legt bloot. Ze schrijft over mensen zoals ze zijn: tegenstrijdig, soms egoïstisch, vaak onzeker, altijd zoekend. Dat is ook meteen de kracht van de roman. Rooney maakt haar personages geloofwaardig door hun tekortkomingen. Peter kan briljant pleiten in de rechtszaal, maar faalt in zijn privéleven. Ivan is charmant en intelligent, maar ook onzettend naïef. Margaret is tegelijk liefdevol en afstandelijk. Die ambiguïteit maakt dat je als lezer voortdurend heen en weer geslingerd wordt: je begrijpt hun keuzes, maar je fronst er ook de wenkbrauwen bij.

    Valkuilen

    Waar sterktes zijn, zijn ook valkuilen. Niet iedereen zal gecharmeerd zijn van de experimentele stijl. De fragmenten van Peter kunnen vermoeiend worden, en het ontbreken van duidelijke dialoogmarkeringen leidt soms tot frustratie. Ook de keuze om vooral vanuit mannelijke perspectieven te schrijven, waarbij vrouwen soms vooral dienen als spiegels of katalysatoren, is een punt van kritiek dat al vaker naar voren kwam. Bovendien klinkt het bredere maatschappelijke engagement dat haar eerdere werk typeerde hier minder luid. Rooney’s personages lijken zich vooral in hun eigen universum te bewegen, ver weg van de grote politieke vraagstukken.

    Toch is Intermezzo in veel opzichten Rooney’s meest geslaagde roman tot nu toe. Ze durft meer risico’s te nemen, zowel stilistisch als thematisch. Het resultaat is een boek dat niet iedereen zal bevallen, maar dat wel blijft hangen. Het is literatuur die traag binnendringt, die je dwingt stil te staan bij hoe mensen omgaan met verlies en liefde, bij hoe broers elkaar kunnen kwijtraken en terugvinden, bij hoe intieme relaties altijd balanceren tussen macht en overgave.

    Wie op zoek is naar een lichtvoetige pageturner, zal teleurgesteld zijn. Intermezzo vraagt inspanning en aandacht. Maar wie zich eraan overgeeft, ontdekt een rijk, gelaagd verhaal dat je niet zomaar loslaat. Rooney toont zich hier niet alleen als de chroniqueur van een generatie, maar als een auteur die blijft groeien, die durft te experimenteren en die diep onder de huid van haar personages kruipt.

     

     

  • Oogst week 8 – 2024

    Neem mijn verdriet weg, Stemmen uit de oorlog

    Bij uitgeverij Murrow (onderdeel van Uitgeverij Overamstel) is eind 2023 Neem mijn verdriet weg verschenen. Op de website van deze uitgeverij staat geschreven dat Murrow ‘staat voor goede verhalen. Voor bijzondere journalistiek. Voor non-fictie die ertoe doet. Daarom specialiseert de uitgeverij zich in boeken van geëngageerde auteurs die een verhelderend en noodzakelijk venster op de wereld bieden. Die een onderwerp vol passie op de kaart durven te zetten.’

    Neem mijn verdriet weg past naadloos in die beschrijving. De onafhankelijke Russsische journaliste en documentairemaker Katerina Gordejeva verliet Moskou in 2014 uit protest tegen de annexatie van de Krim door Rusland. Sinds de inval van Rusland in Oekraïne in 2022 is ze in gesprek met talloze gevluchte Oekraïers, veelal vrouwen, in zowel Rusland, Oekraïne en Europa om hun verhalen op te tekenen. In eerste instantie om een documentaire te maken, maar het mondde uit in het spraakmakende boek Neem mijn verdriet weg, met als ondertitel ‘Stemmen uit de oorlog’. Het is het verslag van groot verdriet, frustratie, pijn en haat.

    Gordejeva schrijft in haar voorwoord:’ De oorlog eiste levens en slingerde ons allemaal in een eindeloze spiraal van haat, maar stap voor stap lukte het me een weg te vinden door het meest hopeloze, onvergeeflijke en fatale. Ik weet hoe zwaar het af en toe was voor de protagonisten van dit boek om af te spreken en te vertellen. Soms was het problematisch om juist met mij te praten. Maar iedere keer vonden die buitengewonde mensen de kracht in zichzelf. En we hielden gesprekken.’

    Neem mijn verdriet weg is al in verschillende landen verschenen. Het is ook al voor de Russische markt geredigeerd, maar, zo schrijft Gordejeva: ‘Niet één uitgeverij in Rusland durft het aan dit boek te accepteren en te drukken.’

    Katerina Gordejeva woont momenteel in Letland, heeft een eigen YouTube-kanaal met veel volgers en is door Rusland tot ‘buitenlands agent’ verklaard.

    Neem mijn verdriet weg, Stemmen uit de oorlog
    Auteur: Katerina Gordejeva
    Uitgeverij: Uitgeverij Murrow (2023)

    Veertien dagen

    Zesendertig Amerikaanse en Canadese schrijvers kropen in de huid van evenzovele personages. De schrijvers zijn heel verschillend: beroemd, niet beroemd, oud of jong, schrijvers van thrillers en van literaire fictie. Hun personages treffen elkaar op een dak van een bouwvallig flatgebouw in Manhattan in de Lower East Side. Daar vertellen ze elkaar verhalen. De conciërge van het gebouw ontdekt het dak als eerste, maar gaandeweg wordt het steeds drukker daar bovenop een gebouw in New York. Het is voor de bewoners de enige manier om te ontvluchten uit het letterlijk dodende klimaat beneden op straat. Het is maart 2020 en de sterftecijfers van corona in New York zijn huizenhoog. Twee weken lang zitten ze daar elke avond om de tijd te doden.

    Veertien dagen is een een geconstrueerd boek, een soort raamvertelling. Het is geschreven op initiatief van de Amerikaanse schrijversorganisatie Authors Guild Foundation. Schrijfster Margaret Atwood en oud-Authors Guildvoorzitter Doug Preston houden de rode draad in het oog en zijn als het ware de architecten van het verhaal.

    Veertien dagen
    Auteur: Margaret Atwood, Emma Donoghue, Dave Eggers e.a.
    Uitgeverij: Uitgeverij de Arbeiderspers

    Spiegeldagen

    Spiegeldagen is de tweede roman van Mark Stokmans, die voor zijn debuut Land van echo’s bekroond werd met de Nederlandse Boekhandelsprijs 2023. Hoofdpersoon in Land van Echo’s is de Nederlander Herman Kruijssen. Hij vocht in de Eerste Wereldoorlog aan de kant van de Duitser en kan daarna niet meer terug naar Nederland. Hij komt na omzwervngen door Europa in 1929 in Zuid-Spanje terecht en voelt zich daar thuis. Als de Spaanse Burgeroorlog uitbreekt moet hij (weer) partij kiezen.

    In Spiegeldagen maken we kennis met de kleinzoon van Herman, Ruben Kruijssen die naar Spanje afreist om het familiehuis aldaar te verkopen. Hij kent het daar goed, hij is er in zijn jeugd vaak op bezoek geweest.
    Hij wordt geconfronteerd met allerlei vragen over de geschiedenis van zijn grootouders: wat was de rol van zijn grootvader in de Spaanse Burgeroorlog, waarom is zijn grootmoeder verdwenen?

    Spiegeldagen is een roman over geschiedenis, liefde, landschap en generaties. Over kiezen en herinneren. Over zwart, wit en grijs. Over conflicten uit het verleden die tot op de dag van vandaag van invloed zijn op de Spaanse maatschappij.

     

    Spiegeldagen
    Auteur: Mark Stokmans
    Uitgeverij: Uitgeverij Ambo|Anthos
  • Bedreigend én bindend water

    Bedreigend én bindend water

    Water val, de tweede roman van Ingrid de Vries, gaat over twee tienerjongens die worstelen met diverse opgroeiproblemen en met twijfels en onzekerheden. Hamid is een Afghaanse vluchteling die lastig kan leven met het gemis van dierbaren. Hij heeft te maken met vooroordelen en op school wordt hij gepest. Einar is net verhuisd, heeft een ingewikkelde thuissituatie en vindt het moeilijk keuzes te maken. Hamid en Einar worden door een schoolopdracht aan elkaar gekoppeld, waardoor er contact ontstaat en vriendschap lijkt te groeien. Ze lijken blij met elkaar, tot een ‘ontgroeningsopdracht’ voor Hamid vanuit de pestersgroep tot een vertrouwensbreuk leidt.

    De motieven vluchtelingentrauma, vriendschap en verraad zijn alle drie gekoppeld aan het water. Om die reden prijkt op de omslag van het boek een foto van twee jongens die in zwemkleding aan de waterkant zitten. De hoofdpersonen van de roman kunnen het niet zijn, want Hamid is een getinte Afghaanse jongen en Einar is een jongen uit Friesland met witte stekeltjes en zo zien de jongens op het omslag er niet uit. Toch zijn ze het ook wel, vanwege hun samenzijn aan de waterkant: benen bungelend over de rand. Hamid is doodsbang voor water, wat te maken heeft met zijn traumatische ervaring als bootvluchteling. Einar gaat hem leren zwemmen in het zwembad bij zijn huis. Voor de lezer is dan al duidelijk dat Einar niet alleen maar ijdele motieven heeft, maar ook een geheime agenda. Doordat hij als nieuweling op school geen kant weet te kiezen, faciliteert hij de pesters van Hamid, die ‘de Afghaan’ een gevaarlijke act boven een bosvijver willen laten uitvoeren. Einar leidt hen naar zijn geheime boshut waar ze kunnen kaarten, bier drinken, roken en muziek luisteren en waar ook de vijver, het water, is waar zij Hamid willen uitdagen.

    Hamid en Einar

    Hamid is een nieuwkomer in Nederland. Hij is geboren in Kandahar en zeven jaar geleden met zijn moeder en zusje gevlucht uit Kabul, Afghanistan. Hamids naam betekent ‘de prijzenswaardige’. Prijzenswaardig is hij in het rustig, zelfbewust en ogenschijnlijk onaangedaan verduren van pesterijen van een aantal klasgenoten. Hij ziet het als een opdracht, ‘een boetedoening die hij moet ondergaan voor wat er is gebeurd met baba en met Rachid’. Beiden, zijn vader en zijn beste vriend, zijn omgekomen door Talibangeweld in Afghanistan. Wat volgde is een vlucht van driehonderd dagen met onder andere een boottocht die hem bijna noodlottig werd. Hamid herkent zich in de eekhoorn uit een van de verhaaltjes van Toon Tellegen die zich ‘verdrietig en onherbergzaam’ voelt.

    Einar is een nieuwkomer op de school van Hamid. Hij is net verhuisd vanuit Leeuwarden. Zijn Scandinavische naam betekent ‘eigen-overwinnaar’, maar voor hij zichzelf overwint, zal er nog heel wat water door zwembad en bosvijver moeten stromen. Op school wil hij graag de ‘gouden middenweg’ bewandelen. ‘Kiezen is altijd fout’, denkt hij. Dit geldt ook in zijn lastige thuissituatie. Moeder blijkt geheime nachtelijke uitjes te ondernemen, vader is vooral afwezig vanwege zijn werk. Einar wordt door hem ingezet als privédetective. ‘Hij wil niemand verraden. […] Je raakt iemand kwijt die je gaat missen of je wordt zelf aan de kant geschoven en dan ben je alleen.’

    Twee perspectieven

    Het verhaal start met verschillende spanningsbogen en open plekken. Waarom trekt Einar ’s nachts krijtstrepen voor de autobanden van zijn moeders auto? Waardoor is Hamid zo bang voor het water? Deze open plekken worden vlot opgelost en ingevuld, misschien zelfs wel te vlot. Het verloop van de gebeurtenissen is soms ongeloofwaardig, soms voorspelbaar en het verhaal kabbelt gestaag door zonder dat er van de volwassen lezer veel inspanning of reflectie wordt gevraagd. Ook de beschrijving van de ontwikkeling van de vriendschap tussen Einar en Hamid is nogal voorspelbaar.

     Het verhaal wordt afwisselend verteld vanuit het perspectief van beide jongens. Soms wordt dezelfde situatie vanuit de twee verschillende perspectieven en belevingen beschreven, soms krijgen we een inkijkje in hun thuissituatie, innerlijke wereld of achtergrond. Bij Hamid zijn er bovendien geregeld flashbacks naar vroeger in Afghanistan met soms fijne, soms pijnlijke, levendige herinneringen. Herinneringen aan het sprookjesleven waarin hij vanaf het dak van hun huis samen met zijn vader de wereld beschouwde, waarin zijn Afghaanse vriend Rachid de prins was in hun ‘koninkrijk tussen de takken van de walnootbomen’, maar ook aan die waarin Rachid omkomt en zijn vader verdwijnt.

    Samenwerking

    De jongens hebben beiden geen zin in het samen werken aan de schoolopdracht, een schrijfopdracht over discriminatie, maar uiteindelijk brengt de samenwerking hen toch dichter bij elkaar. ‘Einar kijkt hem echt aan’, merkt Hamid, ‘alsof hij hem gemist heeft en blij is hem weer te zien.’ Einar is op zijn beurt onder de indruk van Hamids verschijning: van zijn onpeilbare, donkere ogen en donkere, gladde haar en zijn stoïcijnse houding. Als hij Hamid tijdens een zwemles stevig moet vasthouden ervaart hij die intense, stevige en lange aanraking als een intimiteit, wat hem verwart. En als de jongens na het incident met de pesters bij de bosvijver ruzie hebben gekregen en elkaar niet meer zien, is hij compleet van slag. ‘Is hij verliefd?’ vraagt Einar zichzelf af na hun breuk.

    Bij Hamid komt er een keerpunt. Hij realiseert zich op een moment dat hij niet meer leeft in nare herinneringen, zijn belaste verleden en schuldgevoelens over Rachid. ‘Zijn voeten maken geen uitstapjes meer naar het verleden, ze blijven in het hier en nu […]. Hij hoort bij een jongen met stekeltjeshaar die zijn vriend is.’ Einar op zijn beurt ziet na de vijveraffaire in dat Hamid en hij nooit gepraat hebben, dat hij niets van hem weet en dat zij beiden hun angsten hebben. Eén van zijn angsten is dat hij Hamid kwijtraakt en dat wil hij niet. Hij staat op tegen pester Maurits en zoekt weer contact met Hamid. ‘In de berm langs het kanaal buigen lange grassen. Een binnenvaartschip is versierd met kleurige vlaggetjes. Ze wapperen dezelfde kant op als het buigende gras. Tegen de beschoeiing klotsen de golven. Ze hebben tegenwind, maar dat geeft niet. Alles glanst in het zonlicht.’

    Het laatste hoofdstuk heet ‘Einar en Hamid’. Hamid heeft het roze zwemplankje van zijn zusje niet meer nodig. De jongens zitten samen bij de boshut waar ‘hysterisch roze’ rododendrons groeien. ‘Een vader is verdwenen en in de nacht rijdt een moeder naar haar geliefde. Maar hier zitten zij.’
    Water val is uitgebracht als volwassenenroman, maar kan vooral als jongerenroman gezien worden. Het is geschreven in een verzorgde, vaak beeldende en toegankelijke stijl, die ook voor beginnende literaire lezers beslist goed te lezen is. Er spelen veel motieven zoals keuzes maken, vertrouwen en liefde. Net als de hoofdpersonen Einar en Hamid zullen jongeren deze niet zo snel hardop benoemen en bespreken, maar herkennen zullen ze ze zeker.

     

     

  • Een explosieve roman over ouder worden

    Een explosieve roman over ouder worden

    Ouder worden is vooral voor vrouwen een taboe. De laatste jaren lijken oudere vrouwen wat meer in de mainstreammedia te komen (Judi Dench als M in James Bond, Maggie Smith als Violet Crawley in Downton Abbey, Diana Rigg als Olenna Tyrell in Game of Thrones), maar de leeftijdsgroep rond de pensioenleeftijd blijft toch veelal onzichtbaar in verhalen. Alleen al daarom valt het te prijzen dat de Australische bestsellerauteur Charlotte Wood (1965) met Het weekend een roman heeft geschreven waarin drie vriendinnen centraal staan die in de zeventig zijn.

    Voormalige horecakoningin Jude, literatuurwetenschapper Wendy en uitgerangeerde actrice Adele gaan met kerst naar het vakantiehuisje van hun vriendin Sylvie, die elf maanden eerder is overleden. Zoals ze zelf benadrukken is het geen vakantie, ze zijn er om het huis op te ruimen zodat de partner van Sylvie het kan verkopen. Doordat het viertal een drietal is geworden, staan de verhoudingen op scherp.

    Originele zinnen

    De leeftijd van de vrouwen wordt niet alleen duidelijk uit de context, maar ook door het taalgebruik. Zo worden er in de tekst verouderde uitdrukkingen gebruikt als ‘ginnegappen’ en ‘het land hebben aan’. Complimenten voor vertaler Ireen Niessen, deze mooie toevoeging van Wood voelt in het Nederlands nergens geforceerd. Ook schuwt Wood humor niet: ‘Wat ze nu het liefst wilde was naar huis gaan en eten, en nog eens eten, en heel dik worden.’ Daarnaast stelt Wendy zich voor hoe twee mensen die zij niet mag samen in bed liggen ‘als droge takken’.

    De originele zinnen zijn lichtpuntjes in deze roman. Verder is het ook interessant om kerst in een zomersetting te beleven, want het verhaal speelt zich af in Australië. Het is jammer dat de personages karikaturen dreigen te worden. De uitgerangeerde actrice die zichzelf regelmatig bij de voor- en achternaam noemt en zich wanhopig vastklampt aan haar nog altijd mooie borsten kennen we allemaal, Jude heeft al veertig jaar een verhouding met een getrouwde man terwijl ze verder zó zelfstandig is en Wendy is dik, heeft een oude, incontinente hond en verwaarloost zowel zichzelf als haar huis. De personages gedragen zich precies zoals je zou verwachten. Gecombineerd met het gegeven dat het verhaal zich afspeelt rond kerst blijven er weinig verrassingen over.

    Nooit géén conflict

    Een ander probleem is dat het lastig is om mee te leven met de personages. Jude is keihard en probeert iedereen haar wil op te leggen. Wendy houdt een hond die aan het wegkwijnen is in leven omdat ze geen afscheid kan nemen. Adele is lui en impulsief. In een toneelstuk zouden deze personages door hun botsende karakters en verschillende problemen in fantastische conflicten belanden, maar in een roman vraag je je door de gedachten van de personages vooral af waarom deze drie met elkaar bevriend zijn. Daarnaast lijkt het alsof ze elkaar sinds Sylvies dood, elf maanden eerder, niet meer hebben gezien. Ze kennen elkaar al veertig jaar, hebben allemaal een rijbewijs en werken geen van allen. Hoe kan het dat ze al die tijd niet hebben afgesproken?

    Geen van hen overweegt het vakantiehuis te verlaten na de zoveelste opmerking onder de gordel. Dat, gecombineerd met de ouderdomskwalen en de hond die lijdt in plaats van leeft, maakt Het weekend deprimerend. De vrouwen hebben niemand anders. Hun vriendschap is praktisch, ontvlambaar, doordrenkt met geheimen, maar nooit leuk. In geen enkele herinnering speelt geluk een hoofdrol. Er is nooit géén conflict. Als lezer hoop je vooral dat iemand op het idee komt om een dierenarts te bellen voor die arme hond.

    Taboes

    Het is bewonderenswaardig hoe Charlotte Wood taboes als ouder worden, niet-heterorelaties, een borstprothese en lichaamssappen een natuurlijke plek geeft in het verhaal. Op die momenten gaat Het weekend over mensen, niet over karikaturale personages. De roman wordt langzaam opgebouwd om tijdens de laatste twintig pagina’s los te gaan. Aan de ene kant werkt dit heel goed. Het levert verrassende momenten op en toont wat er onder de op het eerste gezicht vreemde vriendschap verborgen ligt. Aan de andere kant voelt de climax gehaast en afgeraffeld. Heftige situaties worden erg snel aan de kant geschoven voor een onbevredigend einde.

    De intentie van Het weekend is heel goed. Wood kan duidelijk schrijven en de vertaling is subliem. Het is jammer dat de personages oppervlakkig blijven, hun broze schouders kunnen deze roman niet dragen. Tijdens het lezen overheerst vooral het idee dat dit al eerder is gedaan, de vraag rijst waarom dit verhaal verteld moet worden. Oudere lezers zullen ongetwijfeld herkenning vinden in de innerlijke monologen van de personages. Door de manier van schrijven is dit boek ook interessant voor iedereen die in gedachten naar een vakantiehuis wil vluchten. Voor de lezer die houdt van personagegedreven fictie vertoont deze roman helaas te veel overeenkomsten met de ingezakte pavlova die Jude en Wendy op kerstavond serveren.

     

  • Een boek als een verdovend middel

    Een boek als een verdovend middel

    Recensie door Rein Swart

    Net als Minder dan niets kent het vervolg De figuranten een duizelingwekkende dynamiek. Het zijn nog steeds drugs, seks, drank die het leven in Hollywood bepalen. Verveelde kinderen van steenrijke ouders draaien om elkaar heen. In twintig jaar is er wat dat betreft weinig veranderd, al wordt er meer gemoord. We ontmoeten opnieuw Clay en zijn louche vrienden, die snuiven, spuiten en zich prostitueren. Clay’s handen trillen nog steeds en op weg naar een afspraak met een dealer heeft hij zo’n kater dat hij niet meer weet hoe hij de tank van zijn BMW moet volgooien. Meteen wordt al duidelijk dat Clay zich betrokken voelt bij de moord op zijn jeugdvriend en dealer Julian. In een achteloos – zo lijkt het – tussengevoegde paragraaf zegt Clay dat het eerder tot hem had moeten doordringen welke rol hij in het drama heeft gespeeld.

    Het is vermakelijk dat Clay in het begin met de schrijver in de clinch gaat over een film die van Minder dan niets is gemaakt, over zijn eigen rol in het boek en de manier waarop hij door de schrijver werd neergezet.

    ‘Zo werd ik de jongen die overal de ballen van snapte. Zo werd ik de jongen die naliet een vriend te redden. Zo werd ik de jongen die niet van het meisje kon houden.’

    Daarmee houdt het grappige op. Vanaf het moment dat Clay aankomt uit New York zit je in een complot. Wat dat eerste betreft lijkt dit boek op het vorige waarin Clay in New Hampshire studeert en met kerst een maand naar huis komt.

    Hij wordt door een auto gevolgd als hij op weg is naar zijn tijdelijke luxe appartement, dat is ingericht door een partyboy uit Hollywood die in zijn slaap overleden is, maar wiens geest daar nog rondhangt.

    Clay is inmiddels scenarioschrijver en wordt door de producent en de regisseur gevraagd om mee te denken over de casting voor een nieuwe film. De knappe Rain wil graag een rol in de film. Ze weet dat het soort meisjes waar zij toe behoort maar een korte houdbaarheidsdatum heeft en is er niet vies van om met Clay naar bed te gaan om haar kansen te vergroten. Clay raakt echter verslingerd aan haar. Hij houdt haar aan het lijntje en kan het niet uitstaan dat ze opeens naar San Diego moet, zogenaamd vanwege een bezoek aan haar moeder. Clay krijgt van alle kanten waarschuwingen dat hij met Rain moet kappen, maar hij kan dat niet en offert zijn vriend Julian op.

    Dit boek is meer dan het vorige een crimi met telefoonlijnen die afgeluisterd worden, mensen die geschaduwd worden en geheimzinnige sms-jes die Clay schrijft en die ook vanuit zijn eigen account verstuurd worden. Het is een schaakpartij met vele personen en zetten. Angst speelt een grote rol in het leven van Clay. Hij ziet de woorden Verdwijn hier midden in de nacht in de spiegel. Deze waarschuwing las hij ook al in Minder dan niets op een billboard. Zijn psychiater wil liever niets meer met hem te maken hebben vanwege de gevaarlijke relatie met Rain, die deel uitmaakt van een misdadig netwerk.

    Het boek leest als een drug en is zo verslavend, dat je het niet opzij kunt leggen. Ellis schrijft bedwelmend. Het verhaal wikkelt zich als een Bond-film af met veel verschillende wendingen en korte flitsende scènes. Het nadeel is dat het allemaal nogal veel en vluchtig is wat er gebeurt.

    Wat is het ergste dat je kan overkomen? luidt de slogan die enkele keren over het voetlicht gaat. Onvoorwaardelijke liefde is het antwoord, dat in een filmscène wordt gegeven en dan ook nog ironisch uitgesproken terwijl dat in het script ernstig was bedoeld.

    Daarmee zijn we terug bij Minder dan niets waarin gesteld wordt dat om iets geven pijn kan doen en vermeden moet worden. Een indringend tijdsbeeld van mensen die in de ban zijn van kicks en steeds meer van het rechte pad af raken.

     

     

  • Vliegen tussen Spanje en Nederland

    Vliegen tussen Spanje en Nederland

    Tijdens een vlucht van Barcelona naar Schiphol raken een oudere Spaanse man en een jonge Nederlandse vrouw in gesprek; in een relatief korte tijd vertelt de man de vrouw zijn levensverhaal. De man is in de jaren zestig naar Nederland geëmigreerd om daar tijdelijk te werken, maar het liep anders: hij raakte verliefd op een Nederlandse vrouw, zij trouwden en kregen samen drie zonen. Toen zijn echtgenote ziek werd adviseerden de artsen haar om in een milder klimaat te gaan wonen en het gezin verhuisde naar Spanje. De echtgenote is inmiddels overleden en de man is op weg naar zijn oudste zoon, die in Nederland woont. Hij heeft een houten kistje bij zich dat hij aan deze zoon wil laten zien. Maar tijdens de landing overlijdt de man. De jonge vrouw neemt het kistje mee dat de man bij zich had.
    In afwisselende ‘hij’ – en ‘zij’ hoofdstukken ontrafelt Laia Fàbregas stukje bij beetje de achtergrond van het leven van de Spaanse man en de jonge Nederlandse vrouw.

    Meneer Salgado, de Spaanse man, is als jonge man in de jaren zestig na een teleurstelling in de liefde, zijn vriendin verkoos zijn broer, naar Nederland geëmigreerd om als gastarbeider te gaan werken bij de gloeilampenfabriek in Eindhoven. Hij voelde zich belangrijk, men had hem in Nederland nodig en vol verwachting begon hij aan het avontuur. Ontluisterend was de harde realiteit: Nederland was nat en koud, de extremeños werden gehuisvest in houten huizen, ze moesten met acht man een slaapkamer delen en in plaats van een uitdagende baan bij de productie van televisies of radio’s wachtte een taak als veger in de fabriekshal.

    De ‘hij’ hoofdstukken worden chronologisch verteld. De geschiedenis van Saldago is weliswaar het bekende verhaal van de problemen die gastarbeiders ondervinden bij hun migratie, maar Fàbregas maakt de vervreemding van de Spanjaard ten opzichte van de Nederlanders en zijn eigen familie en dorpsgenoten voelbaar. De ‘hij’ wordt verliefd op een Nederlandse vrouw; maar zijn aanstaande schoonfamilie laat hem voelen dat zij wantrouwig staan tegenover een huwelijk van hun dochter met een Spanjaard. ‘De ouders van Willemien waren natuurlijk tegen ons huwelijk. Vanaf de eerste dag dat ‘de Spanjaarden’ in Someren arriveerden, huiverden alle gezinnen met jonge dochters. De moeders haastten zich om goede Nederlandse kandidaten voor hun dochters te vinden voordat de meisjes met een Spanjaard thuis zouden komen, en de vaders lieten hun strengste gezicht zien zodra de eerste verhalen van verhoudingen hen bereikten.’
    Wanneer het echtpaar vanwege gezondheidsproblemen van de vrouw emigreert naar Spanje, voelt de man zich opnieuw ontheemd, nu in zijn geboorteland.

    De ‘zij’ persoon, een jonge alleenwonende Nederlandse vrouw met een saaie baan bij de Belastingdienst , is met een mysterieuze zoektocht bezig. Toen zij acht jaar was zijn haar ouders bij een auto-ongeluk om het leven gekomen. Bij dit verkeersongeval werd zij, door wat zij noemt ‘een engel’, uit het autowrak gered.

    In het weekend gaat zij op reis om bezoeken af te leggen bij mensen die op haar lijst staan. ‘Ik was bijna op de helft van mijn lijst en nadat ik al zesenveertig namen had onderzocht, door meer dan tachtig mensen telefonisch te spreken of bezoeken, kon ik me niet voorstellen dat ik een van de mensen zou afdanken zonder eerst met hem of haar te praten. Ik hield van systematiek, van orde.’
    De ‘zij’ hoofdstukken zijn niet chronologisch verteld. Pas halverwege de roman wordt duidelijk waarom de jonge vrouw op zoek is naar personen die op haar lijst staan. Haar achtergrond verklaart waarom zij zich ontheemd voelt. Maar ook met de kennis van haar jeugdtrauma blijft de ‘zij’ een eenzame, mysterieuze persoonlijkheid waarvoor je als lezer aanvankelijk nauwelijks sympathie kunt voelen.

    Door de bijzondere structuur wordt de spanning in de roman langzaam opgebouwd. De lezer vermoedt dat de verhaallijnen bij elkaar zullen komen en dat alles verband zal houden met elkaar; maar niet alle vragen die opgeroepen worden, zijn aan het eind van de roman beantwoord. De ontknoping is verrassend.

    ‘Landen is een dubbelzinnige titel,’zegt Fàbregas in een interview met CultuurBewust.nl. ‘Het slaat zowel op ‘de landen’ als ‘het landen’. De ‘hij’ in het boek verhuist van Spanje naar Nederland, om er jaren later met zijn Nederlandse vrouw terug te keren. Beide moeten zich aanpassen en ‘landen’, hun plek vinden.’

    Landen is een prettig leesbaar en een ontroerend verhaal over het verliezen van je dierbaren, over geluk en toeval, over het nut van zoektochten en over gevonden worden.

    Laia Fàbregas, geboren in 1973, is een Catalaanse schrijfster die in het Nederlands publiceert. Zij woont afwisselend in Spanje en Nederland. Zij studeerde beeldende kunst en cultuurmanagement aan de universiteit van Rotterdam. Begin 2008 debuteerde zij met de roman Het meisje met de negen vingers; deze roman werd lovend besproken in de pers.