• Oogst week 20 – 2022

    De doden houden we bij ons – Een moord op Harvard en een halve eeuw stilzwijgen

    Aan de prestigieuze en conventionele Harvard Universiteit studeert in 1969 Jane Britton, een jonge vrouw die geheel volgens de dan heersende cultuuromslag een ongebonden leven leidt. Aan de universiteit wordt ze met haar studie archeologie nauwelijks serieus genomen – net zo min als andere vrouwelijke studenten. Op een dag wordt ze vermoord aangetroffen.

    De omstandigheden zijn duister, onderzoek faalt en een dader wordt nooit aangehouden. Maar de geruchten en roddels zijn veertig jaar later nog niet verdwenen. Jane zou vermoord zijn door haar hoogleraar antropologie, tevens haar minnaar, tijdens een mysterieus ritueel.

    Als Becky Cooper aan Harvard gaat studeren raakt ze geïntrigeerd door het verhaal. De hoogleraar loopt vrij rond. Na haar studie werkt Cooper onder meer als redacteur bij The New Yorker. Ze houdt zich ook bezig met onderzoeksjournalistiek en omdat de dood van Jane Britton haar niet loslaat keert ze terug naar Harvard om de onopgeloste moord te onderzoeken.

    Tien jaar lang speurt ze naar wat er is gebeurd en legt haar bevindingen vast in De doden houden we bij ons. Het resultaat is een verbijsterende inkijk in de al eeuwenlang vastliggende machtsverhoudingen binnen een elite-instituut. Jane Britton leren we kennen als een vrouw die droomde van gelijkwaardig functioneren in een mannenbolwerk.

     

    De doden houden we bij ons - Een moord op Harvard en een halve eeuw stilzwijgen
    Auteur: Becky Cooper
    Uitgeverij: De Geus

    De jacht op het snoekje

    De Finse journalist Juhani Karila (1985) won met zijn debuutroman De jacht op het snoekje meteen twee prijzen en was voor een derde genomineerd. Het boek kwam in 2019 in Finland uit en is inmiddels in dertien andere landen verschenen, waaronder nu Nederland.

    De jacht op het snoekje is een noodlottig liefdesverhaal gecombineerd met magische natuur en een zonderling avontuur. In het oosten van Lapland, waar haar geboortehuis zich bevindt, gaat Elina Ylijaako in drie dagen tijd proberen om volgens de jaarlijkse traditie een snoek te vangen. ‘Een ongelukkige opeenvolging van gebeurtenissen had ertoe geleid dat Elina de snoek ieder jaar vóór 18 juni uit het ven moest halen. Haar leven hing ervan af.’
    Uit het meertje waarin de snoek verblijft, verrijst een watergeest die van wat een eenvoudige opdracht leek een ijzingwekkend avontuur maakt. Elina raakt betrokken bij een magische wereld en mysterieuze wezens die onlosmakelijk met elkaar zijn verbonden. Zelf wordt Elina gezocht voor moord. Een vloek uit haar verleden moet worden verbroken om haar te redden van een strijd op leven en dood.

    Finse en buitenlandse recensenten reppen van grote fantasie en humor, van originaliteit en virtuositeit, van een verbluffend detectiveverhaal.
    Voor De jacht op het snoekje publiceerde Juhani Karila twee verhalenbundels.

    De jacht op het snoekje
    Auteur: Juhani Karila
    Uitgeverij: Koppernik

    Hebben en zijn

    Malodot is dood. Maar toch niet helemaal. Na een auto-ongeluk waarbij hij overlijdt verhuist hij niet meteen naar het land der doden. In Hebben en zijn van Dimitri Verhulst blijkt hij te zijn beland in een ontwenningskliniek om af te kicken van het leven. Pas als dat is gelukt zal Malodot volledig dood zijn.

    Hij deelt een kamer met drie andere bijna-dode mannen. De ene heeft een lamme linkerarm en ‘een tong die ietwat lusteloos uit zijn mond hangt, als wasgoed uit het raam om te drogen.’ De volgende heeft brandwonden, de meeste in zijn gezicht en meldt: ‘Terpentine op de barbecue is nooit een goed idee.’ En de derde heeft een oog dat met een 9 mm Luger is doorboord door een echtgenoot van wie hij de vrouw op de wasmachine nam. En hoe is Malodot aan zijn eind gekomen, willen ze weten. ‘Daar moet hij nog even over nadenken, eigenlijk, hetgeen normaal schijnt te zijn, iedereen heeft in het begin last van een beetje geheugenverlies.’ Er zijn groepstherapieën en individuele gesprekken met een counselor, allemaal bedoeld om van de verslaving aan het leven af te komen. Als de overledenen dat niet voor elkaar krijgen, moeten ze hun totale leven overdoen, op precies dezelfde wijze.

    Dimitri Verhulst biedt een onvervalste, filosofische blik op de eindigheid, op leven en dood. Hij liet zich voor dit boek inspireren door het Franse existentialisme. Hebben en zijn doet dan ook denken aan Met gesloten deuren – ‘De hel, dat zijn de anderen’ – van Jean Paul Sartre. Daarin discussiëren drie overleden personages in een kamer voortdurend met elkaar om te proberen aan hun situatie te ontsnappen.

    Hebben en zijn
    Auteur: Dimitri Verhulst
    Uitgeverij: Atlas Contact
  • Oogst week 35 – 2018

    Zeemansgraf voor een kort verhaal

    We beginnen dit nieuwe boekenseizoen met een debuut met een intrigerende titel, Zeemansgraf voor een kort verhaal geschreven door Dorothée Albers (1966). Albers studeerde Franse Taal- en Letterkunde en Communicatiewetenschap en is o.a schrijfcoach.

    ‘Zeemansgraf voor een kort verhaal vertelt het verhaal van drie generaties musici. Saxofonist Jurre wordt als pasgeboren baby weggehaald bij zijn moeder Jet, een concertpianiste, waardoor ze elkaar nooit ontmoeten. En wanneer Jurre ontdekt dat hij geadopteerd is, houdt hij dit voor zichzelf. Ook zijn dochter Fine komt dat niet te weten.

    Hoewel deze drie generaties gescheiden zijn door het leven, zijn zij verbonden door hun muzikale talent, waarvoor zij alles overhebben, maar die ook een zware last op hun leven legt.’

    Zeemansgraf voor een kort verhaal
    Auteur: Dorothée Albers
    Uitgeverij: Uitgeverij Cossee

    In aanwezigheid van Schopenhauer

    Michel Houellebecq is al jaren zeer gefascineerd door de Duitse filosoof Arthur Schopenhauer (1788 – 1860).
    In In aanwezigheid van Schopenhauer geeft hij aan waarom.

    … ‘Dat is meer in het algemeen het doel van dit boek: aan de hand van een aantal van mijn favoriete passages wil ik laten zien waarom Schopenhauers intellectuele houding in mijn ogen een voorbeeld blijft voor elke filosoof in spe; en ook waarom je, zelfs als je het aan het eind van de rit met hem oneens blijkt, niet anders dan grote dankbaarheid jegens hem kunt voelen. Waarom, om nogmaals met Nietzsche te spreken, “het feit dat zo iemand heeft geschreven, werkelijk het plezier om op deze aarde te leven heeft vergroot”.’

    Martin de Haan is de vaste vertaler van de boeken van Houellebecq. Van hem verscheen in 2015 Aan de rand van de wereld. Michel Houellebecq. Portret in dertig korte stukken. Hij schreef een uitgebreid voorwoord in In aanwezigheid van Schopenhauer.

    In aanwezigheid van Schopenhauer
    Auteur: Michel Houellebecq
    Uitgeverij: De Arbeiderspers

    Hoe wij kijken

    De BBC-reeks Civilisations is een remake van de bekende serie Civilisation uit 1969. Het oorspronkelijke Civilisation kwam voort uit de visie van kunstkenner en presentator Kenneth Clark. Clark besteedde vooral aandacht aan de tijd vanaf de Middeleeuwen.

    De nieuwe serie biedt een blik op kunst en cultuur in zes continenten, van oertijd tot nu. De verschillende afleveringen worden gepresenteerd door Simon Schama, Mary Beard en David Olusoga. Aan de hand van kunstenaars en objecten uit verschillende culturen staan zijn stil bij het ontstaan en de ontwikkeling van de menselijke creativiteit, en hoe beschavingen elkaar daarbij beïnvloedden.

    In het verlengde van die serie zijn afgelopen juli en augustus bij uitgeverij Athenaeum de boeken Met gelovige ogen van Mary Beard en Verering van de vooruitgang van David Olusoga verschenen.

    Beard is een Britse classica, o.a. hoogleraar aan de Universiteit van Cambridge en auteur over de Oudheid in The Times Literary Supplement. Zij weet die periode voor een breed publiek toegankelijk te maken. In Hoe wij kijken onderzoekt zij ‘hoe de menselijke gestalte werd vormgegeven in een aantal van de vroegste kunstuitingen ter wereld – van de gigantische stenen hoofden van de Olmec in Midden-Amerika tot het terracottaleger van de eerste keizer van China. Ze legt uit hoe een uit de oudheid afkomstige weergave van het menselijk lichaam de manier waarop mensen in het Westen hun eigen cultuur en die van anderen zien beïnvloedt, en soms vervormt. In het tweede deel
    van het boek staat deze vraag centraal: wat is de functie van de beeldende
    kunst in de religie? Met andere woorden: hoe kijken we naar
    mensen en naar goden?’

    Hoe wij kijken
    Auteur: Mary Beard
    Uitgeverij: Athenaeum

    Eerste ontmoetingen

    David Olusoga is dus een van de andere presentatoren van de hierboven genoemde serie Civilisations.

    ‘De van oorsprong Nigeriaanse historicus David Olusoga reist de wereld rond om de geschiedenissen die volken met elkaar verbinden aan elkaar te knopen. We lezen wat er met de kunst gebeurde tijdens het tijdperk van de ontdekkingsreizen, toen beschavingen elkaar voor het eerst ontmoetten. Natuurlijk was dat een periode van veroveringen en vernietiging, maar het was ook een tijd van wederzijdse nieuwsgierigheid, wereldhandel en de uitruil van ideeën.
    Met de industriële revolutie in de negentiende eeuw veranderde de kijk van de kunstenaar op de wereld: de nieuwe fabrieken, de urbanisatie en de onderwerping door Europa van andere volken lieten hun sporen na in de kunst.’

    Eerste ontmoetingen
    Auteur: David Olusoga
    Uitgeverij: Athenaeum
  • Niet langer alleen op de wereld

    Niet langer alleen op de wereld

    In Beste fanatici heeft de Israëlische publicist Amos Oz (1939) drie essays samengebracht over haat en verdeeldheid en over liefde en verstandhouding. Wie zit niet te wachten op een boek over vrede!
    Toch is dit een boek dat moet worden tegengesproken, of zoals Oz het formuleert in zijn voorwoord, een boek dat gehoord moet worden ‘door mensen die een andere mening hebben dan ik’. Stel u open voor de boodschap in Beste fanatici waarde lezer, zegt Oz. Voorzie haar van uw correcties. Is er een mooier begin van een dialoog tussen opponenten, een fantastischer begin van verstandhouding wellicht?

    Er zijn thans in de wereld vele fronten waarvan de controverse tussen IS en het Westen het dagelijks nieuws vaak beheerst. Over dit hot item heeft Oz het niet specifiek. Met het titelessay ‘Beste fanatici’, aanhef van een (uitnodigende) brief, richt hij zich evengoed tot bij voorbeeld Ku Klux Klan of tot zijn radicale landgenoten.

    Behandelt Oz in het titelessay het fanatisme in algemene zin, in de twee volgende stukken betrekt hij het op zijn geboorteland en land van inwoning Israël. Hij groeide op in het Jeruzalem van vóór en tijdens de jonge staat Israël en werd van meet af aan, zoals we tegenwoordig zouden zeggen ‘geradicaliseerd’. Kneedbaar was hij destijds zoals ieder kind en al vroeg rijp om de mens te worden die hij in Beste fanatici toespreekt. Zelf noemt Oz zich terugkijkend op die tijd, ‘een kleine, fanatieke nationalistische zionist, het gelijk aan mijn kant, vurig en gehersenspoeld.’

    Dat in ieder van ons fanatisme schuilt, klinkt op elke bladzijde in het titelessay door. Fanatisme begint thuis en kan buitenskamers eindigen in dood en verderf. Maar wie op tijd ontdekt dat er ook andere meningen in de wereld zijn en dat voor een afwijkende visie iets te zeggen valt raakt op de goede weg. Oz heeft, zoals hij in zijn roman Panter in de kelder neerlegde, deze ontwikkelingsgang doorgemaakt.

    Daarmee is deze roman een persoonlijk manifest van volwassenwording en een toonbeeld. Evenals Beste fanatici heeft die niets zelf ingenomens en belerends. Integendeel, in zijn essays betwist Oz eigen bevindingen en geeft hij ze voor betere. Voor oplossingen die niet zwemen naar inperking van menselijke vrijheid of monddood maken. De verleiding om een ander te overheersen is groot maar ook begrijpelijk. Fanatisme is een besmettelijke ziekte. Wie zich ervan bewust is dat ieder mens een fanaticus kan worden stelt zich de vraag hoe kortzichtigheid en agressie uit de wereld kunnen worden geholpen. Onmiskenbaar is de mens ‘slecht’ en is zijn ‘zwarte kant’ niet te elimineren. Maar evengoed schuilt in hem de drang ‘iets van het leven te maken’. Het is niet alleen deze instelling die Oz optimistisch stemt.

    Om zich heen kijkend in zijn eigen familie, eigen land en daarbuiten ziet hij veel dat voldoening geeft. Zo realiseert hij zich terugblikkend op zijn diensttijd tijdens oorlogen in zijn vaderland hoe abominabel Israël ervoor stond. Als toen iemand gezegd had dat hij op een dag een visum zou krijgen voor Egypte en Jordanië, dan zou hij ‘de duif, de voorvechter van vrede, gezegd hebben: overdrijf niet zo. Misschien mijn kinderen of kleinkinderen, maar ik niet.’

    Mild en hoopvol is Oz in het titelessay, maar sprekend over zijn eigen land kan hij soms bijtend uit de hoek komen. In het volgende stuk ‘Lichtend, niet een licht’ neemt hij het aloude halachisch Jodendom bij de kop dat verankerd is in de Thora en uit de vierde eeuw voor Christus stamt. Een cultuur (veel ouder dan de Westerse beschavingen) waarop Oz zeer trots is. Hij haat echter de zienswijze van dit Jodendom dat de traditie heilig zou zijn. Daar stelt hij tegenover: ‘Er valt niets te vernieuwen als er niets oud is en het bestaan kent geen vooruitgang zonder vernieuwing.’

    Beste fanatici is een boek dat de lezer behalve tot tegenspreken aanzet tot het overschrijven van uitspraken om die vervolgens in te lijsten. Zeker geldt dit voor het derde, geserreerd en scherpzinnig essay ‘Dromen die Israël maar beter snel op kan geven’. Hierin verplaatst Oz zich in het standpunt van de Israël omringende landen en in het bijzonder in dat van Palestina.

    Zo raakt hij heel dichtbij het vredesidee dat in het eerste essay is bepleit. ‘Mijn zionistische uitgangspunt,’ en misschien is deze passage wel de meest aanstekelijke in Beste fanatici: ‘(…) al decennialang heel simpel: we wonen niet alleen in dit land. We wonen alleen in Jeruzalem. Tegen mijn Palestijnse vrienden zeg ik precies hetzelfde. Jullie wonen niet alleen in dit land. Je ontkomt er niet aan dit kleine huis onder te verdelen in twee nog kleinere appartementen. In een tweegezinswoning.’