• Vergeten woorden

    Vergeten woorden

    ‘”Oelewapper! Ben je belatafeld!  Je maakt me kierewiet met dat gemiereneuk.” riep ze nuffig.
    “Ja dat is de kift”, glunderde Jaap’. In deze twee zinnen zitten zeven woorden die veel millennials (geboren tussen 1985 en 2000) vermoedelijk niet meer kennen en de Z-generatie al helemaal niet. Ten minste naar de ervaring van tv- en filmscenario schrijver en radiomaker Rogier Proper, de bedenker van de eerste Nederlandse soapserie GTST. Hij merkte dat sommige woorden die voor hem gesneden koek waren (ook al zo’n verouderde uitdrukking) door jonge mensen niet meer begrepen werden, en begon daar een alfabetische lijst van aan te leggen. Die verscheen onlangs bij uitgeverij Balans onder de titel ‘Van Allegaartje tot Zeebenen – een niet zo gebruikelijk woordenboek.

    En inderdaad, wie weet bijvoorbeeld nog wat een bakvis is. Vishandel ‘De Bakvis’ in Hengelo verkoopt ze voor een habbekrats. Daar is de oude betekenis nog van kracht: (te) kleine visjes die je het best in twee- of drietallen kon bakken. Dat er tot in de jaren vijftig/zestig een meisje in de puberteit mee bedoeld werd, is achteraf eigenlijk wel vreemd en niet goed te verklaren, vindt Proper. Hij geeft van alle woorden de betekenis en koppelt daar van alles aan vast. Van kookadvies bij ‘bekokstoven’ (‘kool bijvoorbeeld, met wat verse gember, knoflook en bakolie is zeer aan te bevelen’)  tot mini-fantasie (‘Al dagenlang sjokte de mierenneuker mismoedig door het herfstbos (..) Geen mier te bekennen!’) tot – vele! – persoonlijke bekentenissen en herinneringen. Zoals bij het woord opkrassen.

    ‘Het is 1956. Russische tanks donderen Boedapest binnen om de opstand tegen het communistisch regime neer te slaan. Op het schoolplein van het gymnasium in Haarlem omringt een groepje leerlingen uit de hoogste klas een jongetje uit de tweede, wiens vader een bekende plaatselijke communist is.
    “Zo kereltje, en wat vind jij van de inval in Hongarije, hè?” Het jongetje is benauwd, maar fier. “Ik ben er ook tegen, meneer,” piept hij. Een lerares nadert, juffrouw Appeldoorn, bijgenaamd Appeltje, en roept: “Willen jullie wel ’s onmiddellijk opkrassen?!” Haastig maken ze zich uit de voeten.’

    Propers vader was mr. Michael Dirk Proper, hoofdbestuurslid van de CPN. Dan heb je het als klein uitgevallen zoontje lastig als je dertien bent en de Russen vallen Hongarije binnen. Deze herinnering roept trouwens de vraag op of de term ‘Hongaarse Opstand’ nog bekend zou zijn bij de millennials? Ik denk het niet. Dat is dan al één uitbreiding voor een tweede druk. Want daar ga je als lezer van dit woordenboek natuurlijk meteen naar op zoek. Welke woorden ontbreken en moeten er in een volgende druk worden toegevoegd. ‘Meesmuilend’ wordt node gemist, kon ik al snel constateren. Ook ontbreken er enkele van mijn literaire heimwee-woorden. 

    Woorden die mij doen denken aan de boeken die ik in mijn jeugd las. Boeken van schrijvers als Johan Kieviet of J.B. Schuil , die ik nu vermoedelijk niet meer kan lezen zonder te gruwen, maar destijds manna uit de hemel waren. Een woord als ‘subiet’, of ‘bruusk’ bijvoorbeeld. Of zelfs een eenvoudig woord als ’terstond’ (‘dat gaan we terstond doen!’). Maar dat is natuurlijk ‘muggenzifterij’. Laten we blij zijn met wat Proper bijeen heeft gebracht aan in onbruik geraakte woorden, ruim vijfhonderd. Als we ze gewoon weer vaak gebruiken, dan komen de goede oude tijden vanzelf terug!

     

     

    Van Allegaartje tot Zeebenen – een niet zo gebruikelijk woordenboek / Rogier Proper / 160 blz. / Uitgeverij Balans



    Hans Vervoort (1939) publiceerde tussen 1970 en 2020  vijfentwintig titels waaronder de verhalenbundel Heden Mosselen Morgen Gij en de trilogie Het Bedrijf.

  • Oogst week 14 – 2024

    Baba Jaga legde een ei

    ‘In het begin vallen ze u niet op…’ Zo begint Baba Jaga legde een ei van Dubravka Ugrešić (1949-2023). Daarna heeft ze het over afgezakte kousen, muizenpasjes, opgedroogde appeltjes, een gerimpelde huid, een nek als van een kalkoen en meer van die genadeloze typeringen van ‘kleine lieve oude vrouwtjes’.
    Baba Jaga is in de Slavische mythologie een heks, een wilde vrouw met magische krachten, een bosgeest. Haar hut staat op kippenpoten en ze kidnapt kinderen.

    Baba Jaga legde een ei bestaat uit drie delen. In het eerste bezoekt de ‘ik’ haar moeder in Bulgarije die last heeft van toenemende ouderdomsgebreken. In het tweede veroorzaken drie oude vrouwen in een Tsjechisch kuuroord magische gebeurtenissen en in het derde deel laat Ugrešić een deskundige op het gebied van Slavische folklore de twee eerste delen analyseren vanuit wetenschappelijk-folkloristisch perspectief, doorspekt met talloze weetjes over Baba Jaga. Zo verbindt Ugrešić de verschillende verhaallijnen, eigenzinnig, humorvol en soms ontroerend.

    Dubravka Ugrešić werd ooit zelf voor Baba Jaga uitgemaakt. Geboren in Joegoslavië vluchtte ze voor de oorlog in Kroatië die uitbrak nadat Joegoslavië uiteen was gevallen. Ze had een kritisch essay over het nationalisme in Kroatië geschreven, aanleiding voor collega’s om haar te beschimpen als landverraadster en Baba Jaga.

    Ugrešić woonde sinds 1996 in Amsterdam. Ze was literatuurwetenschapper en schrijfster van romans, verhalen, essays, columns en artikelen in Nederlandse en internationale kranten en tijdschriften. Ze doceerde aan Amerikaanse en Europese universiteiten. Haar werk is in meer dan dertig talen vertaald.

     

    Baba Jaga legde een ei
    Auteur: Dubravka Ugrešić
    Uitgeverij: Nijgh & Van Ditmar (2024)

    Van Allegaartje tot Zeebenen – Een niet zo gebruikelijk woordenboek

    Veel mensen hechten aan oude, mooie woorden, blijkt uit het zaterdagochtendprogamma De Taalstaat op Radio 1. Daarin kunnen luisteraars een ‘vergeetwoord’ indienen. Nelleke Noordervliet, beschermvrouwe van het Gezelschap van Geadopteerde Vergeetwoorden, opgericht door Frits Spits, keurt het woord al of niet goed. Duizenden in onbruik geraakte of ‘ouderwetse’ woorden zijn inmiddels geadopteerd.

    Dat de taal verandert weet ook journalist en scenarioschrijver Rogier Proper (1943). Zeker vandaag de dag gaat het snel. De verengelsing heeft al lang toegeslagen en op internetfora en -platforms doet het er vaak niet meer toe of iemand zich duidelijk uitdrukt. Punten, komma’s en hoofdletters spelen nauwelijks een rol, een lidwoord is niet belangrijk. Op mobiele telefoons vieren simpelheid en snelheid hoogtij. Jongeren en ouderen verstaan elkaar niet altijd, merkte Proper. Al heel lang bestaande woorden worden niet begrepen door jonge mensen en al helemaal niet gebruikt. Vice versa overigens. Weten jongeren wat bombarie betekent, of allegaartje? Of wat een telefooncel is? Of dat ze hunkeren naar aandacht?

    Proper heeft veel van deze woorden opgetekend in zijn Van Allegaartje tot ZeebenenEen niet zo gebruikelijk woordenboek. Hij verzamelde bijzondere, mooi klinkende en inspirerende woorden en geeft er een toelichting bij. Het boekje is een verhelderend naslagwerk.

    Proper publiceerde eerder het Jaap Knasterhuis Groot Filmwoordenboek (voor jeugdigen) en een handboek voor scenarioschrijvers: Kill Your Darlings. Hij was ook radiomaker, schreef kinderboeken en ontwikkelde honderden scenario’s. Nog steeds houdt hij zich met tv-series bezig.

    Van Allegaartje tot Zeebenen - Een niet zo gebruikelijk woordenboek
    Auteur: Rogier Proper
    Uitgeverij: Balans (2023)

    Schuilhuisje

    De in Nederland wonende en werkende Lena Kurzen (1982) komt oorspronkelijk uit Duitsland. Die kwam naar Nederland om logica te studeren en ook promoveerde die er als logicus. Op de website Papieren helden schrijft die korte verhalen en op Shortreads kleine verhaaltjes naar aanleiding van een nieuwsbericht. Schuilhuisje is diens debuutroman.

    Een man van in de vijftig en zijn jongere vrouw lijken gelukkig samen. De coronapandemie heerst, waardoor ze allebei thuis werken en hele dagen bij elkaar zijn. Echt contact hebben ze echter niet, hun gedachten en gevoelens houden ze voor zichzelf. Dat kan niet anders dan tot misverstanden en onbegrip leiden. De vrouw wil graag een kind, de man is vaag over wat hij wil, de liefde voor zijn bonsaiboompje lijkt groter. Hij mist zijn zoon die hij niet meer ziet. Samen heeft het stel cavia’s, welke beestjes de dupe worden van hun onuitgesproken strijd.

    In het ik-perspectief vertelt de vrouw het verhaal, met soms zulke overdrijvingen dat het hilarisch wordt. Ze komt erachter dat haar man een dubbelleven leidt. Ontkenning en nieuwsgierigheid volgen, ontmaskering kan niet uitblijven.

    Schuilhuisje
    Auteur: Lena Kurzen
    Uitgeverij: Nijgh & Van Ditmar (2024)