• Debuteren leer je op het Debutantenbal

    Debuteren leer je op het Debutantenbal

    Gevestigde en recent gedebuteerde schrijvers delen hun ervaringen, uitgevers vertellen over hun werk en voor iedere bezoeker is er gratis schrijfadvies. Je kunt schrijvers horen vertellen over feit en fictie en hun eerste pogingen tot schrijverschap, met redacteuren en schrijfdocenten aan de bar hangen en erachter komen hoe die relatie tussen schrijver en redacteur nu in elkaar zit.

    De verschillende programma onderdelen zijn:

    Feit en fictie
    Veel schrijvers verwerken gebeurtenissen uit hun eigen leven in hun werk. Andersom worden fictieve gebeurtenissen soms door lezers voor waar aangenomen. Waar ligt de grens tussen feit en fictie en hoe beïnvloeden de twee elkaar? Met de auteurs: Karin Amatmoekrim, Pieter Waterdrinker en Michael Bijnens.

    Rijp voor je eerste boek? 
    Tijdens dit programma spreken schrijvers en hun redacteuren met elkaar over de totstandkoming van hun eerste boek. Waar letten de redacteuren op en wat vinden de schrijvers hiervan? Hoe weet je dat een schrijver klaar is om te debuteren en welke relatie hebben schrijvers met hun redacteuren? Met o.a.: Jelte Nieuwenhuis (redacteur Atlas Contact), Jerry Hormone (schrijver en muzikant), Suzanne Holtzer (redacteur De Bezige Bij), Frederik Willem Daem (schrijver), Roos van Rijswijk (schrijver en journalist) en Josje Kraamer (redacteur Querido).

    Terug naar het debuut 
    Bekende gevestigde schrijvers lezen voor uit hun debuut en vertellen over het schrijfproces. Ze spreken over welke invloed hun debuut gehad heeft bij het verschijnen, maar ook op de vorming van hun oeuvre. Met o.a.: Connie Palmen en Renate Dorrestein.

    Aan het eind van de avond maakt een vakjury de winnaar bekend van de Debutantenschrijfwedstrijd.

    Koop hier een ticket.

     

  • Boeken benefiet voor vluchtelingenkinderen

    Boeken benefiet voor vluchtelingenkinderen

    Onder de titel Een nieuw hoofdstuk wordt een grote literaire benefietavond gehouden voor vluchtelingenkinderen. Vele auteurs hebben zich hierbij aangesloten en treden die avond belangeloos op in een uniek programma dat in en samen met de Stadsschouwburg Amsterdam wordt georganiseerd. Naast initiatiefnemer Dimitri Verhulst geven onder anderen Tommy Wieringa, Connie Palmen, Jelle Brandt Corstius, Christine Otten, Anne Vegter, Kader Abdolah, Renate Dorrestein, Maartje Wortel en Esther Gerritsen acte de présence. Presentatie van de avond is in handen van onder meer Ruben Nicolai en er is muziek van Wende Snijders.

    De opbrengsten van de avond gaan naar My Book Buddy. Dit project voorziet alle kinderen in AZC’s van een eigen prentenwoordenboek Nederlands en zorgt ervoor dat AZC-scholen boekenkasten met geschikte leesboeken krijgen. In dit project wordt niet ingegaan op de oorzaken en gevolgen van het vluchtelingenvraagstuk, dat vele nuances kent. Het richt zich op een groep kwetsbare kinderen die de huidige crisis niet heeft veroorzaakt, maar er wel door wordt geraakt.

    2016 Jaar van het Boek
    Het benefiet wordt georganiseerd door de Leescoalitie* in het kader van 2016 Jaar van het Boek. Doel van dit jaar is om boeken dichter bij iedereen te brengen: bij jong en oud, rijk en arm, laaggeletterd en boekenwurm, bij hen die al generaties lang hier wonen en bij nieuwkomers. Taal en lezen als basisvaardigheden kunnen gevluchte kinderen op weg helpen in een nieuwe samenleving. Beschikbare en aantrekkelijke boeken helpen bij de taalontwikkeling, bieden inspiratie en (voor)leesplezier.

    De line up wordt nog steeds aangevuld, zie voor een actueel overzicht 2016jaarvanhetboek.nl. Tickets voor het benefiet zijn verkrijgbaar via de ticketshop van Stadsschouwburg Amsterdam. De opbrengsten uit de kaartverkoop gaan volledig naar My Book Buddy.

    De benefiet wordt mede mogelijk gemaakt door het Nationale Toneel.

     

  • Oogst week 6

    Door Carolien Lohmeijer

    Eind vorige maand droeg Antjie Krog tijdens Gedichtendag zelf voor uit haar nieuwe bundel Medeweten. De Zuid-Afrikaanse wordt geroemd om haar poëzie, ‘een ‘oordonderende leeservaring, met sagte en kragtige gedigte’, maar ook om haar voordrachtskunsten. Bent u daarbij geweest en zou u daar op Literair Nederland verslag van willen doen? Kijk dan elders op deze site, en maak uw belangstelling kenbaar aan Ingrid van der Graaf of Menno Hartman. Wij zoeken mensen met kennis van en liefde voor poëzie. Of misschien bent u wel diegene die voor ons een recensie gaat schrijven over deze tweetalige nieuwe bundel?

    Medeweten, Antjie Krog, Uitgeverij Podium, vertaling: Robert Dorsman, Jan van der Haar en Alfred Schaffer, 260 pagina’s, € 25,-

    RaadselwaterOf zou u liever schrijven over de personages die de nieuwe bundel van dichter Juliën Holtrigter bevolken: een jutter, een bloemist, een rouwbegeleider, een astronoom, een trucker, een houthakker en de nodige kelners.
    Raadselwater is de zesde bundel van de dichter die onder zijn eigen naam, Henk van Loenen schildert en fotografeert. Over zijn bundel Snijderseiland uit 2012 schreef Ingrid van der Graaf op deze site een aankondiging.

    Raadselwater, Juliën Holtrigter, 55 pagina’s, Uitgeverij Harmonie, € 15,90

    WeerwaterDrie maanden lang heeft Renate Dorrestein op uitnodiging van de gemeente Almere in die stad gewoond om zich te laten inspireren tot het schrijven van een roman in de literaire serie ‘De Almere Verhalen’.

    Het resultaat daarvan heet Weerwater. Op Almere na is de wereld vergaan. Vooral vrouwen zijn er over. De schaarse overlevende mannen zijn ontsnapte gevangenen.

    Weerwater, Renate Dorrestein, uitgeverij Podium, 272 pagina’s, € 19,50

    Echtscheiding in de luchtOok het leven van de hoofdpersoon in Echtscheiding in de lucht, Joan-Marc, staat op instorten. In een van zelfspot doordrenkte klaagzang laat hij zien hoe hij en zijn ex-vrouw elkaars leven tot een emotionele hel maakten.
    Echtscheiding in de lucht is de derde roman van Gonzalo Torné (1976) en werd, samen met De vlucht van Jesús Carrasco, in Spanje onthaald als een van de beste boeken van 2013.

    Echtscheiding in de lucht,  Gonzalo Torné, vertaald door Arie van der Wal, Uitgeverij Atlas/Contact, 384 pagina’s, € 24,99

    Mocht u nou liever over proza dan over poëzie schrijven, dan kunt u contact opnemen met Carolien Lohmeijer. De voorwaarden en mogelijkheden zijn hetzelfde als voor poëzierecensenten.

  • Vierde seizoen Benali Boekt met zes klassiekers

    Ter gelegenheid van een nieuw seizoen van Benali Boekt was er een speciale viewing in SPUI25 te Amsterdam. Er werden fragmenten uit de serie getoond en er stonden live interviews door Abdelkader Benali met o.a. Renate Dorrestein en Gerbrand Bakker gepland. De laatste liet helaas verstek gaan. Maar Abdelkader Benali loste dit op door L.H. Wiener, die ook in de zaal zat, aan tafel te nodigen voor een gesprek over zijn ontmoeting als zestienjarige met de door hem bewonderde schrijver F. Bordewijk.

    In de nieuwe serie Benali Boekt bij NTR, onderzoekt Abdelkader Benali de blijvende invloed van zes boeken uit zeer uiteenlopende periodes van de Nederlandse literatuur. Literaire klassiekers die nog steeds actueel zijn, zoals de novelle Bint van F. Bordewijk en Jan Rap en z’n maat van Yvonne Keuls. Maar ook het boek Een hart van steen van Renate Dorrestein, dat met groot succes maar ook met gemengde gevoelens werd ontvangen, behandelt een thema dat nog steeds aan de orde is: kindermoord door een (van de) ouder(s). En waarom sloeg Opwaaiende zomerjurken van Oek de Jong zo aan bij het grote publiek? En wat is er te zeggen over de theorie van Harry Mulisch, dat iedereen zich net zo kan ontwikkelen als de oorlogsmisdadiger Eichmann. Was De zaak 40/61 een journalistiek verslag of literaire fictie? Ook dat wordt onderzocht in Benali Boekt. Benali gaat in gesprek met twee van de zes schrijvers die nog in leven zijn, om te weten te komen hoe deze literaire klassiekers tot stand zijn gekomen, hoe ze ontvangen werden en waar ze aansluiten bij de actualiteit van nu.

    L.H. Wiener (1945) is fan van het eerste uur van F. Bordewijk en ontving in 2003 zelfs de F.Bordewijk-prijs, vernoemd naar zijn geliefde schrijver, voor zijn roman Nestor. Wiener vertelt dat hij als jongen in 1951 door middel van een briefje, de schrijver had gevraagd hem te mogen interviewen, waarop hij werd uitgenodigd langs te komen. Hoe zenuwachtig hij was en dat Bordewijk hem iets te roken en te drinken aan bood. Op de vraag van Wiener of Bordewijk met de vreemde namen die hij in zijn boeken gebruikte een bedoeling had, antwoordde de schrijver kortweg: ‘ Nee, zomaar’. In de aflevering over Bordewijk keert Wiener met Benali terug in de kamer waar hij Bordewijk geïnterviewd heeft.

    Renate Dorrestein schreef acht boeken alvorens ze in 1983 met Buitenstaanders debuteerde. Zij vraagt zich aan het eind van het gesprek met Benali af, of ze zou zijn gaan schrijven, zoals ze schrijft, als haar jongste zusje geen zelfmoord had gepleegd. Haar zusje had ook plannen om schrijver te worden en in zekere zin is Dorrestein na de dood van haar zusje gaan schrijven voor haar. Tot op de dag van vandaag is deze ingrijpende gebeurtenis in het leven van Dorrestein van grote invloed op haar werk. Haar nieuwste boek, Blokkade, over het writersblock dat haar overviel, doet haar zichzelf afvragen: ‘Wat als ik moest kiezen tussen mijn zusje en blijven schrijven?’ Waarop Benali afsluit met: ‘Altijd dat ongeluk bij Dorrestein.’ Ongeluk als drijfveer, veel auteurs schrijven daarmee hun beste werken.

    Een bruisend fragment uit de aflevering met Yvonne Keuls, doet Benali de opmerking ontsnappen dat de samenwerking met Keuls de meest uitputtende was. Zoveel energie bezit Keuls dat een oud-medewerker van het jongerenhuis, waar Jan Rap en z’n maat op gebaseerd is, niet aan het woord kwam. Genieten is het wel om deze enerverende 80 jarige dame de tijden van toen te zien herbeleven. Zelf kijk ik uit naar de laatste aflevering over het ontstaan van Boven is het stil van Gerbrand Bakker. Het fragment, opgenomen op verstilde sneeuwakkers met dichtgevroren sloten en Bakker zelf, die duidelijk niet teveel wil prijs geven, stemt empatisch.

    Met dit vierde seizoen is volgens Benali de huidige vorm gevonden die hem, als presentator, voor ogen stond vanaf de eerste serie Benali Boekt. ‘Hoe we naar de wereld kijken, bepaalt ons wereldbeeld’, is het credo van Benali.

    De volgende boeken  worden besproken:
    Een hart van steen – Renate Dorrestein (zondag 3 maart)
    Opwaaiende zomerjurken  – Oek de Jong (zondag 10 maart)
    Jan Rap en z’n maat – Yvonne Keuls (zondag 17 maart)
    Bint – Ferdinand Bordewijk (zondag 24 maart)
    De zaak 40/61 – Harry Mulisch (zondag 31 maart)
    Boven is het stil – Gerbrand Bakker (zondag 7 april)

    Uitzending op Ned. 2 om 18.50 uur.

     

     

  • De symboliek van het quilten

    De symboliek van het quilten

    Een eigengereide, quiltende reuzin met een fluwelen stem: de stiefmoeder die Dorrestein neerzet in haar nieuwste roman lijkt op het eerste gezicht te zijn weggelopen uit een modern sprookje. De kloeke Claire Paagman leeft al twaalf jaar samen met haar zachtmoedige, zorgzame echtgenoot Axel en zijn hevig puberende dochter Josefien. Het ogenschijnlijk harmonieuze gezin krijgt te maken met een meervoudig loyaliteitsconflict. Daarbij lijkt de bloedband sterker dan de liefde. Dorrestein werpt een pijnlijke vraag op: kan een stiefmoeder überhaupt ooit deel uitmaken van een door genen verbonden eenheid? Al bij haar eerste ontmoeting met de kleine Josefien weet Claire dat dergelijke verwachtingen op een illusie berusten: ‘(…) zo onontkoombaar als braaksel door de bodem van een papieren zak heen zal lekken, zo levensgroot was de kans aanwezig dat ze nu oog in oog stond met niet minder dan haar noodlot.’

    Familieproblematiek. Feilbaarheid. Onverwachte ontknopingen. Dorrestein laat haar laatstgenoemde handelsmerk enigszins varen in De stiefmoeder. Het grote geheim, waarover Claire ruzie heeft gemaakt met haar man, wordt in het eerste gedeelte van de roman al duidelijk. ‘Josefien was vijftien geweest, zelf nog een kind. (…) Alleen daarom al was er uiteindelijk maar één juist besluit voorhanden geweest.’ De spanningsboog in het verhaal bestaat uit een misverstand ten gevolge van dit geheim: Axel heeft geen weet van zijn dochters misstap. Na de ontdekking van een alarmerende medische afspraak in de agenda van zijn vrouw, trekt hij direct de meest voor de hand liggende conclusie. Claire heeft Josefien echter haar woord gegeven en houdt tijdens een harde confrontatie met Axel haar lippen op elkaar. De grote vraag die de lezer bij de les moet houden is dus niet wát er is gebeurd, maar of de ware toedracht aan het licht zal komen. De uiteindelijke afwikkeling van het plot is niet erg verbazingwekkend. Des te interessanter is het om de symboliek die Dorrestein in dit familiedrama heeft verwerkt te ontrafelen.

    Quilten, Dracula, voodoo en sprookjes. Het zijn elementen in De stiefmoeder die te denken geven. Het eerste gedeelte van de roman speelt zich vermoedelijk af in het Engelse Whitby, de plek waar Bram Stokers Dracula aan land kwam, al wordt dat niet letterlijk genoemd in het verhaal. Het is de plaats waar Claire naartoe is gereisd om een hoge onderscheiding in ontvangst te nemen voor haar quilts. Wat is dat eigenlijk, quilten? Een eeuwenoude handwerkkunst, inderdaad. Bij deze specifieke vorm van handwerken worden drie lagen textiel op elkaar genaaid, verbonden door een doorstiknaad. ‘Het geheim zit ‘m meestal in hoe de doorstiknaad wordt gezet, de bescheiden, amper zichtbare maar ordende doorstiknaad. Hoe kan zoiets onooglijks van zulk doorslaggevend belang zijn?’ Onooglijk, zo wordt ook Claire beschreven. Groot, dik, zwetend. Ook is zij van doorslaggevend belang voor de drie-eenheid die in de roman centraal staat. Bescheiden, op de achtergrond, niet pretenderend dat ze een actieve rol moet spelen in de opvoeding van Josefien. Als stiefmoeder heeft ze tegelijkertijd wel een bindende functie: zij is degene die de fragiele verstandhouding intact dient te houden. Ze wil trouw zijn aan haar echtgenoot, maar ook het vertrouwen van haar stiefdochter hebben en houden. Ondanks haar eerdere profetische constatering, hoopt Claire door het delen van het geheim van Josefien een moederrol te vervullen. Dat blijkt echter een onhoudbare illusie te zijn, waartegen de doorstiknaad niet is bestand.

    De kracht van de illusie is een terugkerend problematisch gegeven in De stiefmoeder. De stille hoop van Claire wordt afgestraft, maar daarnaast laat Dorrestein de lezer zelf beleven hoe ‘magisch denken’ de zienswijze van mensen kan beïnvloeden. Zo wenst Claire haar echtgenoot een onschuldig, maar ongemakkelijk ongelukje toe om zijn afwezigheid bij haar huldiging in Engeland te verklaren. De pijnlijke val van de keldertrap die Axel maakt, lijkt daardoor niet geheel toevallig. Ook het op haarzelf gelijkende lappenpopje dat Josefien vindt tussen de spullen van Claire, voorzien van naalden in de buikstreek, laat de lezer verband leggen met de stekende pijnen die zij herhaaldelijk voelt in het betreffende deel van haar lichaam. Het is verleidelijk om te denken dat Claire verantwoordelijk is voor deze ongemakken. Maar is de val van Axel niet gewoon een gevolg van zijn eigen blindheid? Hij staat immers in het duister op de trap. En worden de pijnscheuten van Josefien niet veroorzaakt door de abortus, waar ze niet meer aan wil denken?

    ‘Ondoden die zich voeden met andermans bloed zijn in de kunstwereld geen onbekend fenomeen.’ ‘Andermans bloed’ verwijst in de context van deze roman naar het contrast tussen biologische en niet-biologische verbondenheid. Het zwarte capeje dat Claire in Whitby koopt als souvenir voor haar stiefdochter is veelzeggend. Maar ook de ontmoeting die Claire heeft met de Engelse Alfred, alias ‘Dracula’, heeft gevolgen voor de verhaallijn waaruit een duidelijke analogie met het bekende verhaal van Stoker blijkt. De occulte elementen in De stiefmoeder leggen een diepere laag bloot, die de aandacht vestigt op beïnvloedbare beeldvorming en het arbitraire concept van ‘het kwaad’.

    Dit hedendaagse sprookje, waarin de stiefmoeder besluit het clichébeeld te voeden teneinde het te ontkrachten, legt een aantal gevoelige zaken bloot. Gemakkelijk is het om te constateren dat Josefien een verwende puber is, die de wereld naar haar hand probeert te zetten. Even nonchalant zien we in Claire de overheersende matriarch. Een goedbedoelende maar weinig daadkrachtige echtgenoot maakt het plaatje compleet. Dorrestein weet haar personages echter van meervoudige motieven te voorzien. Axel en Claire hebben uiteenlopende ideeën over het gezinsleven, waarbij wens en realiteit door elkaar lopen. De opstandige tienerdochter is het slachtoffer van haar opvoeding: structureel genegeerd door haar biologische moeder, opgehemeld door haar vader, gewantrouwd door haar stiefmoeder. Probeer dan maar eens ongeschonden door de pubertijd heen te komen.

     

     

     

  • Sneren naar de ouders

    Sneren naar de ouders

    Het zijn vooral de moeders van deze generatie die het zwaar moeten ontgelden in het nieuwe boek van Renate Dorrestein. In Echt Sexy schrijft Dorrestein haar irritatie weg over deze generatie vrouwen, die meer bezig zijn met het uiterlijk dan met het opvoeden van hun kinderen. Ze zet haar tanden in de ‘bimbocultuur’; een maatschappij waarin vrouwen vooral bezig zijn om de man te behagen en willen voldoen aan zijn ideale vrouwenbeeld. Een cultuur waarin jonge meisjes er alles aan doen om maar sexy over te komen, met hun billen lopen te schudden en meisjes die zich laten omkopen met seks. Wat voor effect dit heeft op jonge meisjes als volwassen moeders zich hierin laten meeslepen, beschrijft Dorrestein in Echt Sexy.

    Het boek gaat over de dertienjarige Fiebie Koolveld uit Amsterdam. Het meisje voelt zich erg eenzaam, haar moeder heeft haar verlaten en haar vader kent ze niet, want ze is een kind van de spermadonorbank. Dus woont ze bij haar stiefvader Johnny en haar stiefmoeder Puck. Haar stiefvader overlaadt haar met allerlei cadeautjes: mp3, mobieltjes, een Tom- Tom en een labtop. Al deze materiële snuisterijen kunnen er niet voor zorgen dat het meisje zich toch ongelukkig blijft voelen. Haar stiefvader heeft het zo druk met zijn nieuwe baan als jurist, dat hij vergeet om het meisje aandacht te geven. Met haar stiefmoeder wil Fiebie het liefst niets te maken hebben. Ze is namelijk een bimbo; iemand met hele grote borsten en sexy kleding. Het meisje begint haar leefomgeving steeds minder te begrijpen en op school al helemaal. De wereld daar lijkt overgenomen te zijn door de leerlingen, want minderjarige dealers runnen de boel.

    Er verdwijnen er tientallen meisjes op school, zonder dat er een haan naar kraait. Haar beste vriendinnetje Sasha is op een dag zomaar spoorloos. Fiebie probeert zich aan deze wereld te onttrekken. Toch blijkt dit niet helemaal te lukken, want ze wordt lastiggevallen door de irritante jongen Klimwand. Overal waar zij komt, duikt hij op. Op een dag besluit ze van huis weg te lopen en op zoek te gaan naar haar vriendinnetje. Ze schakelt de hulp in van Van Hamelen. Een jongen die een eigen telefoonzaak heeft en die haar wel wil helpen zoeken naar het vermiste meisje.
    In het begin is het boek makkelijk om te lezen, begrijpelijk en realistisch. Later krijgt het verhaal een iets andere wending. Straattermen duiken op in het boek en het verhaal wordt teveel van het goede. Er wordt zo om het verhaal en de essentie heen gedraaid, dat het verhaal te onzinnig voor woorden wordt. Hoewel bepaalde gebeurtenissen in het boek wel de realiteit zou kunnen zijn. ,,Overal in de klas klinkt het droge getik van telefoontoetsen en het monotone gebonk van ipods onder capuchons.”

    Toch blijft het boek wel interessant om te lezen. Vooral de manier waarop Dorrestein op een humoristische manier sneren blijft uitdelen aan de huidige generatie ouders. Een voorbeeld is de welbekende Scarletreclame-poster, waarin een peuter in haar ondergoed reclame maakt, die ervan langs krijgt.

    ,,Naast haar staat een klein meisje. Nog niet eens groep één, lijkt me. Ze draagt dezelfde blote bikini en ook zij houdt een telefoontje naar voren in dezelfde stoere houding met dezelfde verleidelijke blik. Bij Scarlet ons kindermobieltje gratis staat er in dikke witte letters. Nog vier en al fotomodel. De moeder vindt het goed dat haar dochtertje zowat in haar blootje op een levensgrote foto overal in de stad hangt? Kleine kinderen moeten een T-shirt aantrekken met een plaatje van Bambi ofzo.”

    Na het lezen van dit boek, kun je je een ding afvragen. Is dit boek voor volwassenen of voor kinderen? Voor de eerste groep is het boek te kinderachtig en voor de kinderen is het een overvloed aan grof taalgebruik.