• Twee talen en twee zielen in hetzelfde lichaam

    Twee talen en twee zielen in hetzelfde lichaam

    Tweemaal een voorplat, twee titels in twee talen. Twee hoofdpersonen, één lichaam, één schrijver. Dat kenmerkt de opmerkelijke dubbelroman Einde verhaal/End of Story van de geboren Amsterdammer Philibert Schogt (1960), die opgroeide in de VS en Canada. Het is niet alleen de tweetaligheid van de auteur maar met name de sociale gevolgen daarvan, is  de kern waar de roman omheen geweven is.

    De lezer mag kiezen. Alleen de Nederlandstalige roman lezen of ook de Engelse? Of alleen de Engelse? Tweederde van het boek omvat de roman Einde Verhaal, de rest is voor End of Story. Twee ogenschijnlijk afzonderlijke geschiedenissen die, maar dat blijkt nadat je ze allebei gelezen hebt, in elkaar te vouwen zijn als de vingers van twee handen. Daardoor ontstaat er een overlap die soms heel vanzelfsprekend is, maar vaak niet. We krijgen immers een en hetzelfde levensverhaal voorgeschoteld, gezien vanuit een dubbel perspectief.  Dat maakt sommige passages ook  saai. Want  de verschillende  perspectieven verschillen niet  echt veel van elkaar en zo krijgen we dezelfde scène nog een keer te lezen.

    Schogt, die in 1998 debuteerde met De wilde getallen, vertelt op twee manieren het verhaal van Johan Butler. Een in Nederland wonende zestiger die geboren is in Canada, uit een Nederlandse moeder en een Canadese vader. Butler is een gepensioneerd literair vertaler Engels-Nederlands die door een uitgever wordt overgehaald  nog één keer een boek te vertalen.  Het gaat om een omstreden roman van een Amerikaanse schrijver die wordt aangevallen door godsdienstfanaten.  In het boek dat nog niet verschenen is, zou god te kakken worden gezet. Het zogenaamde eerste hoofdstuk van die omstreden roman die Schogt in zijn dubbelroman heeft opgenomen, is buitengewoon amusant. Daarin neemt god, hilarisch genoeg,  deel aan een talentenjacht. Om de titel Top Creator te verdienen, moet hij het opnemen tegen Darwin en de duivel.

    Johan Butler is een merkwaardige persoonlijkheid. Noem hem gerust een gespleten persoonlijkheid. Er zit iemand in zijn oor te blazen waarvan hij dacht dat hij ervan verlost was. Het is John, zijn Engelstalige ik. Die vroeger, toen Butler nog in Canada woonde, de toon aangaf. Maar die op de achtergrond is verdwenen toen Butler naar Nederland verhuisde en steeds minder Engels ging spreken. Nu Johan deze vertaling heeft aangenomen, komt deze John in opstand. Want eigenlijk zou Butler zijn vrije tijd gaan besteden aan het optekenen van zijn memoires. Waarin, zo hoopt John, eerherstel zou komen voor hém.

    Na een twintigtal bladzijden in het Einde verhaal word je als lezer geprikkeld: hé, in deze scène zet de hoofdpersoon zich aan het schrijven. Het zal toch niet… En inderdaad, wie dan het boek omdraait en zich aan de eerste bladzijden van End of Story  zet, ontdekt dat die versie het product is van de schrijverij van de protagonist. Wie dat om en om lezen voortzet, belandt steeds weer in die andere taal en ervaart dan bijna aan den lijve hoe het is om tweetalig te denken. Hoe het is om steeds te moeten schakelen. Hoewel het de kloof tussen de ‘enkeltalige’ lezer en de tweetalige schrijver niet dicht, brengt het de thematiek wel dichterbij.

    Schogt heeft het zich niet gemakkelijk gemaakt door Johan en John, als was het een spelletje bokspringen, door de roman te laten stuiteren. Het vraagt ook nogal wat inlevingsvermogen van de lezer om die gespletenheid te accepteren. Het komt allemaal nogal gekunsteld over. Gelukkig schrijft Schogt, zowel in het Nederlands als het Engels, heel toegankelijk en onopgesmukt en dat maakt lezing van de dubbelroman tot een amusante ervaring.


    Einde Verhaal/ End of Story
    ,

    Philibert Schogt
    192 en 124 blz.
    € 19,99
    Uitgeverij de Arbeiderspers

     

  • Oogst week 25

    Oogst week 25

    Door Ingrid van der Graaf

    Philibert Schogt (1960) debuteerde in 1998 bij De Arbeiderspers met De wilde getallen, wat internationaal een succes werd. End of Story – Einde verhaal, is zijn vijfde roman. Het is een tweetalige roman die als twee op zichzelf staande verhalen gelezen kan worden, het ene in het Nederlands, het andere in het Engels. Schogt heeft de verhalen zo gecomponeerd, dat ze tezamen een groter geheel vormen. End of story gaat over een literair vertaler in ruste die zijn memoires gaat schrijven, met zijn tweetalige achtergrond als rode draad. Van jongs af aan heeft hij het gevoel twee verschillende persoonlijkheden in zich te bergen, een Engelstalige en een Nederlandstalige. De ene persoonlijkheid neemt het op tegen de andere. Een boeiend gegeven van een auteur die zelf opgroeide in de VS en Canada en tegenwoordig in Amsterdam woont. Uitgegeven bij De Arbeiderspers, prijs € 19,99, 344 pagina’s.

    De jury van de C. Buddingh’-prijs 2014 noemde hem ‘Een uiterst beweeglijk en vindingrijk dichter.’ Maarten van der Graaff  (1987) debuteerde in 2013 met de bundel Vluchtautogedichten die werd bekroond met bovengenoemde prijs.

    Dood werk/Maarten van der graaff
    Dood werk/Maarten van der graaff

    Dood werk is zijn tweede bundel die Van der Graaff als volgt samenvat: Nederland, ik schrijf dit niet zomaar, / ik zoek naar je dood en gemeenschap. / Ik zoek naar je waarheid en haat. / Ik schrijf gedichten. / Ik ben in de war. / Ik zoek naar je lichaam. Ik ben oppervlakkig.
    Een oproep om grondig te lezen, deze bundel. Dood werk blijkt naast tegenstrijdigheden, vooral vol leven te zitten. Uitgegeven bij Atlas/Contact, Prijs € 19,99.

     

    9200000043452647A.L. Snijders (1937) maakt mee wat iedereen meemaakt maar in tegenstelling tot velen, schrijft hij het op. Op een schetsmatige wijze beschrijft hij wat hij ziet/hoort/leest. De libelleman is een bundeling verhalen. Het titelverhaal gaat over een man die libellen fotografeert. Hij staat een halve nacht tot zijn nek in een inktzwarte bosvijver met de camera in zijn ene hand en een felle lamp in zijn andere. Die man zou Snijders kunnen zijn: een waarnemer en ooggetuige zonder oordeel. ‘De libelleman vertelde me dat hij ooit als goudsmid voor een weddenschap een zeer klein doosje met een scharnierende deksel had gemaakt, een kubus van een millimeter. Ik kon mijn oren niet geloven, maar ik had het goed verstaan, hij zou het bij zijn volgende bezoek meenemen.’
    De illustraties in dit boek zijn gekozen door Y. Sweering. Het is materiaal uit haar eigen verzameling werk: beelden die zij vond passen bij het werk van haar man. Prijs € 34,50, pagina’s 324, bij AFdH Uitgevers.