• Schilderes van stillevens in woorden

    Schilderes van stillevens in woorden

    Het beroemdste korte verhaal in de literatuur is waarschijnlijk dat van Ernest Hemingway: ‘For sale: baby shoes, never worn’. Zes woorden en in Nederlandse vertaling (‘Te koop: babyschoentjes. Nooit gedragen’) zelfs maar vijf. Het is de vraag of Hemingway het zelf bedacht heeft, want er bestaan vrijwel gelijkluidende advertenties uit oude kranten. In elk geval zág hij er het verhaal in.
    Eén van de verhalen uit het eind vorig jaar verschenen Onze vreemden van Lydia Davis is getiteld ‘Excuses voor het storen’. Het beslaat twintig pagina’s met zo’n tweehonderd van dergelijke zinnen uit oproepen in kranten, buurtapps of Facebook.  Ze zijn door Davis verzameld omdat ze steeds weer een verhaal doen vermoeden. De adverteerders beginnen hun vraag af en toe met een excuus voor de storing van de lezer – vandaar de titel van deze verzameling. Davis rangschikt de oproepen bovendien zo dat ze onderling samen lijken te hangen door een chronologie: ‘Mahoniehouten sopraan-ukelele van Ohana met koffer. In perfecte staat, nauwelijks aangeraakt’ wordt bijvoorbeeld gevolgd door ‘Ukelele weg! Dank u.’  Ook deze verbindingen doen weer verhalen vermoeden: waarom werd de ukele afgedankt? Wie nam hem over? Leerden de twee personen elkaar kennen?

    De Amerikaanse Lydia Davis (1947) is naast schrijver vertaler van Franse literatuur (onder andere Proust). Haar eigen werk omvat voornamelijk essays en korte verhalen. In die laatste categorie geldt zij min of meer als ‘the Queen of the short story’. Dat wordt bevestigd door de talloze prijzen die ze ontving. Ook in het Nederlands is veel werk van haar verkrijgbaar.

    Boekenlegger

    Onze vreemden is opnieuw een sterk staaltje van hoe ze met een paar woorden een hele wereld of een karakter weet neer te zetten. Bijvoorbeeld in ‘Smachtende oude vrijster’ dat er in zijn geheel zo uitziet:

    Wat is het
    dat haar heel licht aanraakt in het bad
    terwijl ze achterover ligt in het warme water?
    Ach,
    een drijvende boekenlegger…

    Dat lukt Davis ook in de wat langere stukken, zoals ‘Winterbrief’, met zijn veertien pagina’s het langste in de bundel. Het is een brief van een moeder aan haar ‘kinders’. Ze is met haar man op een vakantie en ze schrijft ‘wat we zoal hebben uitgevoerd’. De dagen brengen weinig opwinding met zich mee, maar onderhuids komt de lezer van alles te weten over de relatie tussen haar en de vader van haar kinderen zonder dat daar over wordt uitgewijd. Dat gebeurt hooguit in verzuchtingen als ‘Ik weet dat dit niet erg boeiend is, maar zo is ons leven.’

    Zoutkorrel

    Veel van de verhalen bevatten niet echt een pointe. Het zijn eerder sfeerschetsen of observaties, die vaak poëtisch zijn. Hoe sterk is bijvoorbeeld deze bijna-haiku (zowel in het Engels als in het Nederlands wordt niet strikt aan het aantal vereiste lettergrepen voldaan) ‘Achternamiddag’:

    Zo lang als de schaduw is,
    die over het aanrecht valt,
    van deze zoutkorrel.

    Davis beschrijft situaties die je aandacht vestigen op eigenaardigheden van de taal of van  intermenselijke contacten. In het titelverhaal ‘Onze vreemden’ lezen we onder andere (de verteller is verhuisd en heeft dus een nieuwe buurman): ‘door wat we met elkaar gemeen hebben worden we samen een soort familie. We lijken op een familie en niet op een familie, aangezien we als vreemden bij elkaar zijn gekomen en een tijdelijk verbond vormen, terwijl familieleden vaak vreemden voor elkaar worden en alleen nog verbonden blijven door bloed. Een buurman wordt een soort neef of ouder. En anders wordt een buurman een bittere vijand, een ondraaglijke aanwezigheid die je grondgebied belegert’. Waarna in dit verhaal nog eens tien andere schetsen van mogelijke verhoudingen tussen buren volgen.

    Commotie

    In enkele verhalen laat Davis zien hoe zij / haar personages betrokken zijn bij bijvoorbeeld het milieu. Dat gebeurt bijvoorbeeld in het verhaal ‘Brief aan de Amerikaanse Posterijen inzake een affiche’ waarin de verteller zich druk maakt over verzending van bestellingen in te grote verpakkingen – zeer herkenbaar; en in ‘Best Who gives a C’, een brief die gaat over de opdruk van zo’n tekst op verpakking van WC-papier. Daarmee word je als koper liever niet gezien (‘Who gives a C’ betekent ‘Iedereen heeft er sch*** aan’), schrijft ze de fabrikant.

    Davis schrijft geen letter teveel. In haar verzameling beschouwingen De schoonheid van weerbarstig proza uit 2019 staat een essay waarin ze uitlegt hoe ze soms maanden kan doen over één zin. Aan de hand van een voorbeeld laat ze zien hoe die ene zin steeds weer werd bijgeslepen. Dat leidt tot een beknoptheid en kernachtigheid waarin alle overbodigheid is weggesneden. Een prachtig voorbeeld is het verhaal ‘Treinincident’. Daarin wordt met humor en zonder opgeklopte bewoordingen de commotie beschreven die de ik-figuur in een treincoupé veroorzaakt als ze naar het toilet moet en wil voorkomen dat haar spullen worden gestolen.

    Wellicht het mooiste stuk in Onze vreemden is ‘Hoe hij in de loop van de tijd is veranderd’. Het is de beschrijving van de teloorgang van een voormalige geleerde die steeds meer van de zinvolle invullingen van zijn leven verliest waar hij een grote waarde aan hechtte. Zonder dat Davis uit is op effectbejag voel je steeds meer compassie met de man.
    Een paar jaar geleden zei Davis in een interview met The Guardian dat ze in dit verhaal (toen nog alleen los gepubliceerd in een Amerikaans magazine) een fictieve gedaanteverandering van Thomas Jefferson in Donald Trump voor ogen had. Dat wetend wordt de beschrijving zoveel groter en tragischer: in nog geen acht pagina’s lezen we hier het mentale verval van de VS.

    Onze vreemden is meesterlijk en overrompelend.

     

     

  • Oogst week 9 -2024

    Mijn moeder lacht

    De Belgische regisseur Chantal Akerman (1950 – 2015) begon al op jonge leeftijd met films maken, en is vooral bekend van de film die zij op 25-jarige leeftijd maakte en die wordt beschouwd als een van de eerste en grootste voorbeelden van de feministische film: Jeanne Dielman, 23 Quai du Commerce, 1080 Brussel uit 1975. De film werd in 2022 door het Britse Film Institute uitgeroepen tot ‘beste film aller tijden’.

    Daarvóór had zij al diverse films op haar naam staan waaronder Hotel Monterey (1972) en Je, Tu, Il, Elle (1974), maar ook daarna heeft zij nog tal van films gemaakt. Akerman was en bleef een inspiratie voor een hele generatie regisseurs.

    Akerman kwam uit een Joods-Pools gezin. Haar moeder met wie zij een hechte band had, was een overlevende van Auschwitz. Haar grootouders stierven daar. De band met haar moeder en de oorlogsgeschiedenis van haar familie zijn terugkerende thema’s in haar werk.

    Akerman schreef Mijn moeder lacht toen ze haar moeder verzorgde toen die in 2013 op sterven lag. Mijn moeder lacht gaat over haar jeugd, de ontsnapping van haar moeder uit Auschwitz, haar liefde voor haar vriendin C. en de angst voor de tijd na het overlijden van haar moeder.
    Niña Weijers schreef het voorwoord bij Mijn moeder lacht.

    In het Paleis voor Schone Kunsten in Brussel is vanaf half maart t/m half juli 2024 een expositie over het werk van Chantal Akerman te zien.

    Meer informatie over Chantal Akerman is terug te vinden op de website van de Chantal Akerman Foundation.

    Mijn moeder lacht
    Auteur: Chantal Akerman
    Uitgeverij: Uitgeverij Koppernik (2024)

    Starfighter

    Binnenkort verschijnt er bij uitgeverij Palmslag het boek Starfighter van Jan Kloeze.
    Op de flaptekst is te lezen: ‘Aanvankelijk is Job een dromerige jongen die in de jaren tachtig opgroeit met een onverdraagzame vader en een behoeftige moeder. Hij is bereid ver te gaan om zijn ouders het hoofd te bieden; hij kruipt in de grond, brengt een offer, strijdt letterlijk tegen het leger, dreigt bij partnerruil zijn vaders plaats in te nemen en schaart zich aan de kant van het zwarte schaap in de familie. Steeds echter blijft hij met lege handen achter.

    Jaren later kenmerkt zijn volwassen leven zich door voorzichtigheid. Hij durft niet meer voluit te leven. Gedwongen door zijn vrouw treedt hij toe tot een therapiegroep aan de Waal. Daar wordt hij als het ware wakker geschud. Hij verandert in een handelende man die na het overlijden van een vriendin besluit tot een radicale actie. Dat zet een reeks gebeurtenissen in gang, alsnog leidend tot de confrontatie met zijn verleden.’

    Jan Kloeze (1959) studeerde met Starfighter af aan de ‘Schrijversvakschool’ Amsterdam.

    Starfighter
    Auteur: Jan Kloeze
    Uitgeverij: Uitgeverij Palmslag (2024)

    Onze vreemden

    Onze vreemden is een verhalenbundel van de Amerikaanse Lydia Davis. Daarin treffen de mensen elkaar kortstondig, op allerhande plaatsen en in allerlei situaties. Davis observeert en constateert. Ze schrijft over toevalligheden en over gewone dagelijkse zaken.

    Davis (1947) schrijft (ultra) korte verhalen, romans en essays. Met haar The Collected Stories (in het Nederlands in twee delen verschenen als Bezoek aan haar man en Varianten van ongemak), brak ze internationaal door. In 2013 ontving ze voor haar oeuvre de Man Booker International Prize.

    Davis is ook vertaler. Ze vertaalde o.a. werk van Proust, Foucault en Flaubert al dan niet met haar eerste echtgenoot Paul Auster. Ook selecteerde en vertaalde ze korte verhalen van ‘onze’ korteverhalenschrijver A.L. Snijders die in 2016 in de bundel getiteld Grasses and Trees verschenen.

    Haar verhalen zijn heel kort, 1 tot 3 pagina’s, soms zelfs alleen een paar zinnen, zoals op pagina 14 het verhaal ‘Een klein beetje’ over Agnes Varda:

    ‘Agnes Varda, de Franse filmregisseur,
    zei tijdens een interview
    dat ze het leuk vond om een beetje te naaien
    een beetje te koken, een beetje te tuinieren, een beetje voor de
    baby te zorgen,
    maar alleen een klein beetje.’

     

     

    Onze vreemden
    Auteur: Lydia Davis
    Uitgeverij: Uitgeverij Atlas Contact (2023)