• Deeg, vruchten en chocolade

    Deeg, vruchten en chocolade

    Voor Lennart Willoughby, de hoofdpersoon in Suiker, zit het leven aanvankelijk flink tegen. Hij wordt geboren als onwettige zoon van een graaf uit Beieren, August von Schauenstein-Hirschbach, en blijft als bastaard een buitenbeentje in het kasteel van zijn vader. Zijn echte moeder, die als dienstmeid voor de graaf werkt, wordt na Lennarts geboorte ontslagen. Door de pesterijen die Lennart het leven zuur maken, vertrekt hij richting Zwitserland, om daarna vanuit Italië met een vrachtschip mee te kunnen varen naar Engeland, het land van zijn geliefde (stief-)moeder. Alleen zal het zover niet komen. Onderweg leert hij bij toeval een Zwitserse meester-patissier kennen, die hem meeneemt naar Venetië, waar hij Lennart de kneepjes van het banketbakkersvak bijbrengt. Het vertrouwen dat de oude Zuckerbäcker in hem stelt, vergroot Lennarts zelfvertrouwen, en hij gaat op zoek naar ‘het geheim’ van zijn meester, zodat hij diens zaak kan overnemen.

    Eenzame bastaard
    Suiker is de tweede historische roman van Onno Wesseling, die twee jaar geleden debuteerde met De eeuw van Carlos Moreno Amador, over het tragische leven van Italiaanse immigranten in Argentinië aan het begin van de twintigste eeuw. Suiker speelt zich af rond dezelfde periode, maar deze keer is Wesseling dichter bij huis gebleven. Met gevoel voor detail schetst hij de couleur locale van Venetië, inclusief schilderachtige steegjes en rijkversierde maskers. Toch vormen de jaren in het Beierse slot de meest indrukwekkende scènes in het boek. De eenzaamheid van Lennart, die wordt gepest en geïntimideerd door zijn broers en zijn vader, wordt versterkt door de enorme afmetingen van het kasteel, waar hij is weggestopt in een kleine zolderkamer die zover mogelijk van de andere slaapkamers afligt. Lennart vindt troost in de literatuur, die zijn stiefmoeder Amanda Willoughby hem bij kaarslicht voorleest, en in de keuken. Alleen daar voelt Lennart zich veilig en observeert hij hoe gerechten worden klaargemaakt en leest hij boeken met recepten. De manier waarop het keukenpersoneel zich aarzelend over de merkwaardige, verstoten zoon van de graaf ontfermt, is ontroerend en geloofwaardig. Ze hebben immers geen behoefte aan pottenkijkers, maar weten ook (in tegenstelling tot Lennart zelf) dat de jongen bij hen hoort.

    Zoet banket
    De dubbelzinnigheid in het gedrag van de personages en de beklemmende sfeer van het sombere Duitse kasteel, maken in de loop van de roman plaats voor het zonnige Venetië, dat met zijn grachten, kerktorens en pittoreske pleinen het decor vormt voor de verdere ontwikkeling van de onfortuinlijke protagonist. Als talentvolle leerling van de beroemde banketbakker L’Orsa baant hij zich een weg van de spoelkeuken naar het atelier, waar de mooiste en lekkerste creaties van deeg, vruchten en chocolade worden gemaakt. Deze scènes zijn stilistisch niet allemaal even sterk en Wesseling laat door zijn woordkeuze soms weinig aan de verbeelding over.

    Pas bij de poort vond hij Madlaina weer. Met haar schoen probeerde ze een plas braaksel met aarde en bladeren toe te dekken. 

    Op andere momenten doet de plastische beeldspraak afbreuk aan de illusie die Wesseling probeert te creëren.

    De zon was al langs de muren omhoog gekropen en had de kleuren van de stad gestolen, die hij nu uitsmeerde in een palet van geel, roze en rood over de toppen van de kerktorens […]

    Bouwwerk
    Wesseling gaat vakkundig om met uitstel van informatie en cliffhangers aan het einde van een hoofdstuk, waardoor spanning ontstaat. Zo is het lange tijd de vraag of Baci di Cielo, de roemruchtige banketbakkerij waar Lennart werkt, uit handen van de concurrent blijft. Ook is er veel onduidelijkheid over de verdwijning van Lennarts geliefde. Maar de manier waarop Wesseling personages psychologisch uitwerkt, is minder overtuigend. Sommige reacties komen geforceerd en ongeloofwaardig over. Lennarts geliefde, een milde, intelligente en humorvolle vrouw die van avontuur houdt, wordt bijvoorbeeld heel erg boos wanneer ze zichzelf per ongeluk in een verlaten villa opsluit. Lennart kan haar niet meteen helpen, omdat hij haar niet goed hoort. ‘Je bent een sadistische klootzak, Lennart!’ reageert ze later, waarna ze hem slaat. Omdat Lennart geheimen voor zich houdt, komt hij wel vaker in de problemen. Wesseling volstaat met de mededeling dat hij geen slecht mens is, ‘maar alleen bang vanaf zijn eerste uur’.

    Heftige ontknopingen en onverwachte wendingen maken een roman, die toch in eerste instantie wordt gedragen door de personages, er niet per se beter op. Als bouwwerk staat Suiker daarom overeind, maar de architect is nog niet helemaal aan de inrichting en de aankleding toegekomen.

  • Tango, tango en nog eens tango

    Tango, tango en nog eens tango

    Alles draait om de tango in De eeuw van Carlos Moreno Amador, het romandebuut van Onno Wesseling. De tango als metafoor voor het leven. Liefde, lijden en passie. We zien het allemaal voorbij komen in deze familiekroniek die drie generaties omspant.

    Het verhaal begint aan het einde van de negentiende eeuw wanneer de jonge Antonio Moreno de Italiaanse armoede ontvlucht en zich vestigt in Buenos Aires. Hij wordt wanhopig verliefd op de getraumatiseerde Ana, die niets van hem wil weten. Toch weet hij haar voor zich te winnen door middel van veel geduld en de tango. Samen krijgen zij zoon Carlos. Ana bezwijkt in het kraambed en laat een gebroken echtgenoot achter die zijn zoon de dood van diens moeder verwijt. Ondanks zijn weinig liefdevolle jeugd ontwikkelt Carlos zich tot een charismatische persoonlijkheid en buitengewoon getalenteerd tangodanser. Samen met zijn geliefde, de ex-prostituee Miguela, ontvlucht hij het Argentijnse onderwereldmilieu en vestigt zich in Frankrijk. In het vooroorlogse Parijs oogsten ze al gauw succes met het dansen van de tango. Van dakloze verschoppelingen weten ze zich omhoog te werken tot een beroemd tango-echtpaar. Het zijn goede jaren waarin ook zoon Leon wordt geboren. Het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog en wegvoeren van de Joodse Miguela maken een einde aan dit familiesprookje. Carlos stort in, laat het opvoeden van Leon aan anderen over en leeft erop los zonder doel. Maar niet voor eeuwig. Daarvoor stroomt er teveel tango passie door zijn bloed.

    Wesseling heeft een treffend en mooi debuut geschreven dat naar meer smaakt. Het gemak waarmee de schrijver zijn verhaal door de historie en verschillende culturele achtergronden heenloodst, dwingt bewondering af. Des te meer omdat we hier met een debutant te maken hebben. Daar doen zelfs de personages die wat meer uitgewerkt hadden kunnen worden en een wat gekunsteld einde niets aan af.

    Kortom een mooi boek dat menig in het water vallende vakantie kan redden.