• Oogst week 6 – 2025

    Oogst week 6 – 2025

    Bewogen selfies

    Door Marjet Maks

    Eind 2024 verscheen Bewogen selfies van Obe Alkema bij uitgeverij het balanseer in Gent.  Obe Alkema (1993) werkte bij uitgeverij AnkhHermes, is poëziecriticus bij NRC Handelsblad en publiceert in/op diverse Nederlandse, Vlaamse en internationale tijdschriften/platforms. Bewogen selfies is het eerste deel van zijn autobiografie waarin hij de verhouding tussen landschap en herinnering onderzoekt. Wat treft hij aan bij terugkeer naar belangrijke plaatsen uit zijn geheugen? Wat herinnert hij zich niet, maar Google wel? Met die gegevens tracht hij een gedenkschrift te peuren uit zijn metadata.

    ‘Aan werkelijkheid alleen heb ik niet genoeg, dus is het onverstandig het fantaserende brein af te remmen. Het gevolg is meer horizon, terwijl je nergens op rekent. Het leven ontleent zijn structuur niet meer aan tijd.’

    Memoires, rechtstreeks verteld en met omwegen, uit eerste hand en van horen zeggen. Archieven en herinneringen eisen spreektijd, houden het niet meer droog of worden tot spreken gebracht. Wat hebben ze eigenlijk te melden? Ze lopen helemaal leeg, net als Alkema zelf. Een leven zoals zovele, poedelnaakt en geretoucheerd, vol zin en onzin.

     

    Bewogen selfies
    Auteur: Obe Alkema
    Uitgeverij: het balanseer

    De dochter – herinneringen aan anders zijn

    De Nederlandse journaliste en columniste Harriët Duurvoort schreef met De dochter  – herinneringen aan anders zijn het verhaal haar moeder. Die werd in 1928 geboren als dochter van een Afro-Amerikaanse vader en een Friese moeder. Een gereformeerd Schevenings echtpaar adopteerde haar, waarmee ze de eerste interraciale adoptie in Nederland was. Begin jaren dertig in Scheveningen leek niemand op de kleine Eva. Mensen voelden aan haar haren of vroegen of haar kleur niet afgaf. Haar adoptieouders benadrukten dat ze een van hen was als ze gepest werd. Niet iedereen dacht daar hetzelfde over. Ze is nu oud en de tijden zijn veranderd, maar kleur is nog steeds een beladen onderwerp.

    In De dochter beschrijft Harriët Duurvoort bijna een eeuw Nederlandse geschiedenis met thema’s als de pijn van migratie, liefde en beklemmende, soms verlammende loyaliteit. Het is de zoektocht naar identiteit wanneer adoptie de lijnen met het verleden heeft afgesneden en onvindbaar gemaakt.

    De dochter  - herinneringen aan anders zijn
    Auteur: Harriët Duurvoort
    Uitgeverij: uitgeverij Pluim

    Het verhaal van mijn schaarste

    Met De andere familie Klein (2016) schreef Marieke Groen een beklemmende roman over een gezin waarin de dreiging niet van buitenaf komt, maar van binnenuit, en over een meisje dat alles aangrijpt om zich daarvan los te maken.

    In 2024 verscheen Marieke Groens eerste non-fictie boek Het verhaal van mijn schaarste, dat gaat over mechanismes die schuilgaan achter schaarste. Groen onderzoekt gebeurtenissen uit haar verleden hoe de ideeën en overtuigingen waarmee ze opgroeide een voedingsbodem konden vormen voor een leven vol tekorten. Wanneer ze bij de gemeente moet aankloppen voor financiële hulp dringt voor het eerst tot haar door dat haar leven al heel lang door schaarste wordt gedomineerd: door armoede, ziekte, honger en eenzaamheid. Hoe heeft het zover kunnen komen?

    In dit persoonlijke gedenkschrift vindt ze antwoorden op vragen als: wat gebeurt er in je hoofd als je ergens structureel te weinig van hebt? Waarom is het zo moeilijk om schaarste te overwinnen en hoe komt het dat verschillende vormen van schaarste onlosmakelijk met elkaar verbonden zijn?

    Marieke Groen (1966) is auteur en publiceerde eerder vier romans. Het verhaal van mijn schaarste is haar eerste non-fictieboek.

     

    Het verhaal van mijn schaarste
    Auteur: Marieke Groen
    Uitgeverij: Thomas Rap
  • Der Tod und das Mädchen

    Der Tod und das Mädchen

    Amber Klein, de 12/13-jarige hoofdpersoon van de vierde roman van Marieke Groen, groeit op in een gezin met een vader, moeder en broertje. De beklemmende sfeer van dit gezinsleven spreekt uit een zinnetje als: ‘De vader zit al aan tafel. Ze [d.i.Amber] aarzelt even, maar gaat dan toch tegenover hem zitten. In zijn zicht, maar buiten zijn bereik.’ Het is niet de beklemming van een streng gelovig gezin, zoals bijvoorbeeld bij Franca Treur, want het gezin is niet gelovig. Maar het is de beklemming van een gezin dat bang is om (samen) te leven. Een angst die we bijvoorbeeld ook kennen uit de boeken van generatiegenote Annelies Verbeke.

    Amber is een meisje vol angst en fantasie. Ze is bang dat haar grootvader iets zal overkomen: ‘Er hoeft maar één automobilist de macht over het stuur te verliezen, één dakpan van een dak te vallen.’ Ze heeft soms medelijden met haar broertje dat scheel is en eczeem heeft, en ze ‘droomt van giframpen en aardbevingen. Van terroristische aanslagen en ongelukken. Ze zou er goed in zijn, ze zou uitblinken. Ze zou een van de weinige overlevenden zijn.’ Daar gaat het om: overleven.

    Het gezin waarin Amber opgroeit, is het soort gezin dat op straat wordt nagekeken: ‘Amber voelde de blikken als kiezelsteentjes tegen haar rug landen.’ De moeder correspondeert met ter dood veroordeelde Amerikanen. Eén ervan ontkomt aan de doodstraf. Dat komt, denkt Amber, omdat zij op de dag dat de executie zou worden voltrokken, aan hem heeft gedacht en omdat ze thuis hetzelfde galgenmaal aten als hij.

    Amber heeft geen vriendjes en vriendinnetjes behalve Jong, een ‘poepchinees’ die ‘overbleef toen de andere kinderen op school vriendschappen hadden gevormd.’ Ze spelen samen in een uitgebrand huis. Ze had de kinderen die er woonden graag gered, maar ‘de ouders zou ze laten liggen.’
    Amber voelt zich schuldig aan het feit dat ze er überhaupt is, omdat ze alle fut heeft gezogen uit haar moeders borsten (‘de moeder’ heet ze consequent). En omdat ze voor de helft afkomstig is van de zaadcel van haar vader (‘de vader’). Het kwaad zit met andere woorden in het gezin, en komt niet van buitenaf.
    Amber wil proberen los van de familie te komen, al is dat zwaar omdat de ouders geen naam, en daardoor als het ware geen eigen identiteit hebben, waardoor het moeilijker is om zich ergens tegen af te kunnen zetten. Ze zijn even leeg als het uitgebrande huis. Amber, Jong, twee vissen (Saskia en Jeroen), twee moerasschildpadjes (Schildje en Padje) zijn met de gedetineerden uit Amerika de enige levende wezens die in het boek een naam hebben. Al mogen ze figuurlijk geen naam hebben.

    Het boek is op een onderkoelde toon geschreven vanuit het perspectief van een alwetende verteller. Met een humor die een diepere laag heeft en soms vooruit wijst naar onheil dat spoedig zal volgen. Zoals in de passage over de vaat die de moeder opstapelt om naar de keuken te brengen: ‘”Alweer die afwas,” verzucht de moeder (…). “Ik heb zo’n zin om de boel gewoon uit mijn handen te laten kletteren.” De vader steekt een tandenstoker tussen zijn kiezen. “Dan doe je dat toch?” De moeder blijft stilstaan en kijkt hem aan. Het volgende moment klinkt er een enorme klap. Borden spatten uit elkaar, bestek vliegt alle kanten op. De stilte die erop volgt is oorverdovend. Amber knippert met haar ogen. De vloer is bezaaid met scherven. Op het raam zit een gebakken aardappeltje dat langzaam in zijn eigen vet naar beneden glijdt. De vader begint als eerste te lachen, en dan lachen ze allemaal, hard en opgelucht.’

    Wat volgt is een periode waarin de moeder kampt met overspannenheid. Dat komt, zegt de vader, door Amber. En daarom trekt hij zijn handen van haar af. Vanaf het moment dat hij dit aan Amber heeft meegedeeld, doet hij er het zwijgen toe. Dit wordt beschreven in passages die snijden door de ziel. ‘Haar leven heeft ze geprobeerd onzichtbaar voor hem te zijn, nu is ze het, en het voelt alsof ze dood is.’

    Eigenlijk zou Amber tot de andere familie Klein willen behoren, een oom en tante met hun zoontjes, die aan de overkant van de straat wonen. Daar is geen ruzie, heerst geen beladen stilte en kan iedereen tijdens het eten zijn/haar verhaal doen zonder bang te zijn een klap of een scheldkanonnade over zich heen te krijgen. Zoals er in het verhaal van Alice in Wonderland een verkeerde Alice (‘the wrong Alice’) en een goede Alice bestaat, zo is er in het ondermaanse een goede en een slechte familie Klein.

    De achtergrond van het boek wordt gevormd door een Darwinistisch idee van overleven: degene die niet opvalt, zich aanpast aan de omgeving en het sterkst is, is daartoe in staat. Telkens weer probeert Amber zich aan te passen, door te slijmen met de vader als zijn getreiter haar te erg wordt. Door een mooi cadeau voor hem te kopen van het voorschot aan zakgeld dat de moeder haar gaf. Maar dat mislukt, want ze verliest het geld ergens en kan het niet meer terugvinden. Ze geeft hem een vulpen die hij eerder zelf op straat had gevonden.

    Het boek is sterk, zowel qua stijl en taalgebruik als qua inhoud. De lezer zou bij eerste lezing kunnen denken dat het wellicht nóg meer aan kracht en een strakkere compositie zou hebben gewonnen, als bepaalde subtiele detectiveachtige elementen er niet doorheen waren geweven. Zo blijkt de grootvader een verhouding gehad te hebben met een Spaanse vrouw waaruit een dochtertje geboren is. Dat meisje logeert tijdelijk bij de andere familie Klein wanneer haar moeder is overleden. Maar bij herlezing zal opvallen waarom het tweede verhaal er staat zoals het er staat: een verhaal dat à la Shakespeare is ingevoegd, zoals het kind van de grootvader en de Spaanse vrouw wordt ingevoegd in de bloedverwantschap van de andere familie Klein. Terwijl Amber juist los van de knellende familiebanden probeert te komen. Dat lukt haar even, als ze geruime tijd bij de zieke oma logeert om die te kunnen helpen. Dat komt goed uit, op het moment dat haar eigen moeder overspannen is en de vader niet met haar spreekt. Maar dan sterft ook de oma. Niets blijft Amber bespaard.


    De andere familie Klein

    Auteur: Marieke Groen
    Verschenen bij: Thomas Rap
    Aantal pagina’s: 240
    Prijs: € 18,90

  • Oogst week 16

    Door Ingrid van der Graaf

    Een debuut, literair tijdschrift, korte verhalenbundel, oorlogsroman en een familieverhaal liggen ten burele klaar om gerecenseerd te worden.

    Jonathan Gibbs (1972) recenseerde voor onder meer The Independent en The Daily Telegraph. Hij schreef eerder al verhalen en nu debuteert hij als romanschrijver met Randall. Over de kunstenaar Randall, een rasechte provocateur die pers en publiek bespeelt, daar stinkend rijk van wordt en de internationale kunstscene op zijn kop zet. Een Damien Hirst zou er wel eens bij in de schaduw kunnen vallen. Het verhaal over Randall wordt jaren na zijn overlijden verteld door zijn beste vriend Vincent, die de opdracht heeft om Randalls laatste – en grootste – daad uit te voeren. Hij doet dit samen met Justine, de weduwe van Randall. Ook postuum zal Randall erin slagen relaties onder druk te zetten en over zijn graf heen de kunstwereld te bespelen. Uitgegeven bij Podium, Vertaald door Lidwien Biekman, 368 blz, € 22,50.

     

    images De Australische poet Les Murray is dit jaar eregast van literair tijdschrift Liter. Dit houdt in dat onder begeleiding van zijn vertaler Maarten Elzinga er gedurende dit jaar nieuwe gedichten van Murray opgenomen worden die nog nergens anders verschenen zijn. In dit nummer dan ook een inleiding over de persoon en dichter Murray door Maarten Elzinga en maar liefst acht nieuwe gedichten. Benedictijner monnik en publicist Frans Berkelmans, bezingt de Mankes-cyclus Gerichte gedichten van Willem Jan Otten. Drie gedichten van Literair Nederland recensent Maarten Buser, die inmiddels aan zijn debuutbundel werkt. Een nog niet eerder vertaald verhaal van C.S. Lewis, Namaakwereld en de gedichten serie Kaddisj van Jane Leusink. Liter is te vinden in de betere boekhandel of te bestellen via www.leesliter.nl.

    9789025445256-huil-maar-ik-wens-je-uitstel-toe-m-LQ-fZijn debuut Er gebeurde o.a. niets (2012) was een roman in korte verhalen die genomineerd werd voor de Academica Literatuurprijs. Daarna schreef Joubert Pignon (1978) een theaterstuk en reportages en verhalen voor verschillende (literaire) bladen. Huil maar, ik wens je uitstel toe, is een bundeling korte verhalen ( soms van maar tien regels) die in hoe ze samengebracht zijn, elkaar versterken in zeggingskracht. Hier thuis heeft een stel pubers zich er een heel weekend mee vermaakt door elkaar er uit voor te lezen en zich daarbij te verbazen over de beschreven gebeurtenissen of halverwege een verhaal hikkend van de lach over de bank te rollen. Ze hebben zich er kortom uitermate mee vermaakt. Als dat geen aanbeveling is. Uitgegeven bij Atlas/Contact, 192 blz, € 22,99.

    Basis CMYKDe Zweedse Steve Sem – Sandberg is auteur en criticus en schreef met De kinderen van Spiegelgrund de aangrijpende geschiedenis van de moord door de nazi’s op gehandicapte en sociaal onaangepaste kinderen tijdens de Tweede Wereldoorlog. Het verhaal wordt verteld aan de hand van het fictieve personage Adrian Ziegler. Als tienjarig kind belandt hij in Spiegelgrund, een voormalig psychiatrisch ziekenhuis dat dienst doet als kindertehuis. Verder is de roman samengesteld uit getuigenissen van overlevenden: de daders in deze roman worden met naam en toenaam genoemd. Zoals hoofdverpleegster Anna Katschenka, die haar taken uitvoert zonder kritische vragen te stellen en na de oorlog veroordeeld werd voor doodslag. Uitgegeven bij Ambo/Anthos, vertaald door Geri de Boer, 504 blz, € 24,99.

    1427899907Hoe beklemmend familie kan zijn. In de vijfde roman van Marieke Groen droomt Amber over ontsnappen. Hoe ze aan brand, explosies en gifslangen ontsnapt, maar vooral aan haar familie. Ontsnappen aan haar moeder die met ter dood veroordeelde gevangenen in Amerika correspondeert, en haar vader, wiens kalmte ze meer vreest dan zijn drift. Het huis van oma en opa is haar toevluchtsoord. Tot opa overlijdt, dan verandert alles. De familie Klein lijkt bijna een gewoon gezin. Maar lang zal dat niet duren, weet Amber, dat doet het nooit. Een roman over dreiging die van binnenuit komt en een meisje dat alle aangrijpt om eraan te ontsnappen. De VPRO gids zei over haar: ‘Marieke Groen is zo’n talent in de marge dat al langer een doorbraak verdient (…).’ Uitgegeven bij Thomas Rap, 256 blz, € 18,90.

  • Dwaalsporen

    Dwaalsporen

    Recensie door Laura Schans

    Aan de titel is het al af te lezen: dit is een boek over de liefde. De flaptekst verraadt nog iets meer: dit boek gaat over de liefde tussen Melle en Fee. ‘Volgens haar vriend Melle zijn grote liefdes het gevolg van overmacht. Van gemiste treinen, vergeten afspraken en vreemde ongelukjes. Fee gelooft niet in overmacht. Een afspraak is een afspraak, treinen mist ze nooit en ongelukjes overkomen je alleen als je niet goed uitkijkt.’ Laat het duidelijk zijn: dit boek gaat over liefde en over botsende overtuigingen. Dat kan niet goed gaan.

    Nog zonder een letter van de inhoud gelezen te hebben, denk ik een beeld te hebben van het soort verhaal dat verteld wordt in Liefde is een afspraak, de laatste roman van Marieke Groen. Luchtige lectuur, een liefde tussen twee mensen, leuk tijdverdrijf. Een boek om even in weg te zinken, om daarna weer verder te gaan met de orde van de dag. Toch wordt er ook  gesuggereerd dat er een diepere laag in dit liefdesverhaal zit: het gaat immers over verschillende standpunten over de liefde en relaties, over meningsverschillen en misverstanden, en hoe die kunnen leiden naar de ondergang. ‘Marieke Groen [schetst] de onttakeling van een relatie, en ze toont hoe een leven ongezien kan ontsporen’, zo laat de flaptekst weten. Mijn vooronderstelling over deze roman blijkt echter hardnekkig: die diepgang kan nooit ver gaan in een verhaal over ‘Fee’ en ‘Melle’, hoor ik mezelf denken.

    Fee ontmoet Melle op een feestje waar haar broer haar mee naartoe gesleurd had. ‘Ze keek naar de fluorescerende naamsticker op haar truitje. En toen naar die van hem. Melle. Ze sprak de naam in gedachten uit, proefde hem op haar tong.’ Groen bevestigt mijn eerste ideeën met het soort zinnen dat ze gebruikt.

    Na deze onbenullige ontmoeting krijgen Melle en Fee een relatie en gaan samenwonen in het dorp waar Fee is opgegroeid. Dan stelt Fee voor om even uit elkaar te gaan. Het wordt me niet helemaal duidelijk waarom. ‘Ik wil niet dat we wat we hebben, kapot gaan maken door ruzies’, is de enige uitleg die Fee geeft. Melle gaat akkoord en neemt zijn intrek in de caravan in de achtertuin. Niet geheel volgens plan wordt hij vervolgens verliefd op een jonger meisje, India. ‘De naam van een derdewereldland’, denkt Fee. Als hij vervolgens ziek wordt neemt Fee hem ondanks dat, of juist daarom, weer in huis om hem te verzorgen. Ze houdt hem voor dat hij niet naar de dokter hoeft. Ze geniet van zijn afhankelijkheid van haar, terwijl hij nog steeds met die ander is. ‘Liefde is geen bezit, maar een afspraak’, leest Fee in een boek van haar moeder, die succesvol schrijfster van zelfhulpboeken is. Fee houdt krampachtig vast aan de afspraak die zij en Melle ooit maakten.

    Fee houdt voor de buitenwereld de schijn op dat alles goed gaat. Ze vertelt niemand over de achtergrond van haar breuk met Melle, voor sommigen houdt ze zelfs die breuk verborgen. Ze saboteert zijn nieuwe relatie door te voorkomen dat India met hem in contact kan komen. Ze verbergt voor iedereen, ook voor zichzelf, dat Melle misschien wel ernstig ziek is. Ze duwt haar moeder en haar broer steeds verder van zich af. Tot slot lijkt ze haar verdwijntrucs ook voor een goede zaak te willen gebruiken: ze verbergt Fatma, een islamitisch meisje dat op de vlucht is voor eerwraak, in de caravan. Doordat alles vanuit het perspectief van Fee wordt beschreven, drijft de buitenwereld ongemerkt steeds verder weg.

    Daarmee lijkt het dan toch alsof ik op het verkeerde been gezet ben. De plot wordt ingewikkelder en het karakter van Fee krijgt steeds rauwere randjes. Doordat Groen met de perceptie van de werkelijkheid speelt, wordt het verhaal naar een ander niveau getild. Weg is de luchtigheid. Het motto voorin het boek is een citaat van Marek van der Jagt: ‘Eerst komt de dwaling, dan het denken over die dwaling.’ Het pseudoniem waarmee Arnon Grunberg de literaire wereld op een verkeerd spoor zette is interessant gekozen: het gaat natuurlijk om de dwaling van Fee, maar dit boek weet mij ook op een dwaalspoor te brengen. Is het een romantisch verhaal? Is het een psychologische roman? Is het een misdaadthriller? Is Fees karakter toch interessanter dan het op het eerste gezicht lijkt?

    Fee zakt steeds verder weg in haar dwalingen. Uiteindelijk weet de buitenwereld door de constructie te breken die Fee zo krampachtig probeert vast te houden, maar dat heeft voor haar weinig gevolgen. Ze beseft hooguit dat ze een beetje alleen is. Het is beklemmend om te zien hoe Fee zelf vast blijft zitten in haar hardnekkig gecontroleerde denkbeelden. Met dit einde weet Liefde is een afspraak mij opnieuw te verrassen. Ik had een grootse, happily-ever-after ontknoping verwacht waarin Fee al haar dwalingen recht zou zetten. Haar gebrek aan ontwikkeling maakt het verhaal geloofwaardiger.