• Oogst week 22 – 2021

    Fantasii

    Op een dag ontwaakt een meisje in een letter en spreekt ze geen mensentaal meer, maar de taal van de bomen. Als ze uiteindelijk terug naar huis wil gaan, heeft ze geen thuis meer en is haar enige bezit haar handschrift. Daarover gaat de dichtbundel Fantasii van Ineke Riem (1980).

    In 2013 debuteerde ze met de roman Zeven pogingen om een geliefde te wekken, die haar de Bronzen Uil en een nominatie voor de Libris Literatuur Prijs en de Academica Literatuurprijs opleverde. Momenteel is ze een van de drie schrijvers die in het Witsenhuis verblijft, waar auteurs maximaal vijf jaar lang gratis kunnen wonen en werken.

    Fantasii
    Auteur: Ineke Riem
    Uitgeverij: De Arbeiderspers

    Virgula

    Sasja Janssen (1968) schrijft proza en poëzie. In 2001 debuteerde ze met de absurdistische roman De kamerling, over een jongen die is ondergebracht in de bibliotheek van zijn leraar Nederlands, die niet bepaald vriendelijk met hem omgaat. Haar dichtbundel Ik trek mijn species aan leverde haar een nominatie op voor de VSB Poëzieprijs.

    In het juryrapport werd dit werk ‘een perfect aan elkaar geregen korset van woorden’ genoemd. Daarnaast is Janssen poëziedocent aan de Schrijversvakschool in Amsterdam en bij CREA. In haar nieuwe dichtbundel Virgula, vernoemd naar het Latijnse woord voor ‘komma’, strijdt ze met gedachten en taal tegen stilstand.

    Virgula
    Auteur: Sasja Janssen
    Uitgeverij: Querido

    De belofte

    De Zuid-Afrikaanse auteur Damon Galgut (1963) schreef op zijn zeventiende al zijn eerste boek. Hierna volgden er meer titels, waarvan enkelen naar het Nederlands zijn vertaald. Zijn roman In een vreemde kamer (2011) werd genomineerd voor de Man Booker Prize.

    In zijn nieuwste roman, De belofte, staat een familiegeschiedenis centraal. Een stervende vrouw dwingt haar man te beloven dat de zwarte hulp na jarenlang trouwe dienst haar eigen huis zal krijgen. De man komt deze belofte niet na. Hun kinderen gaan hier alle drie anders mee om: de een is laf en durft geen keuzes te maken, de ander denkt alleen aan zichzelf en hoofdpersoon Amor hoopt, geleid door schuldgevoel, dat zij het verschil kan maken.

    De belofte
    Auteur: Damon Galgut
    Uitgeverij: Querido
  • Onder de realiteit

    Onder de realiteit

    De verhalen in de bundel Onderwaterverhalen van Ineke Riem hebben iets ongrijpbaars. De personages dwalen rond in herinneringen en het verlangen naar wat verloren is gegaan of misschien nooit is geweest. De titel van de bundel is goed gekozen en geeft precies aan waar het om draait. Het zijn verhalen die onder de oppervlakte leven. Ineke Riem debuteerde in 2013 met de roman Zeven pogingen om een geliefde te wekken. In 2015 verscheen haar poëziedebuut Alle zeeën zijn geduldig en in 2017 de roman Rauw hart

    In deze bundel zijn twaalf verhalen opgenomen. Het is duidelijk waar elk verhaal zich afspeelt en in welke tijd, maar de personages zijn daar nooit echt aanwezig. Ze worden in beslag genomen door herinneringen en het verlangen naar een andere tijd, plaats, een verloren liefde, een eiland ergens in de oceaan, een fantasie of droom. Dat kunnen ze even boven water halen, maar niet bij zich houden. Het onherroepelijke verstrijken van de tijd maakt dat onmogelijk. In het verhaal Voorbereidende aardrijkskunde vindt een scholiere op de zolder van haar school een aardrijkskundeboek uit de jaren zestig. Ze ziet tekeningen van landschappen en dorpen die in die vorm niet meer bestaan. Alles verandert, niets blijft hetzelfde en dat stemt haar treurig. ‘Ik zou willen ontsnappen aan de tijd. […] Ik wil de oude wereld redden.’

    Herinnering, verbeelding en werkelijkheid

    De verhalen hebben geen duidelijke plot, begin of einde. We vallen op een zeker moment in het leven van het personage en mogen even met hem of haar meewandelen. Door het gekozen perspectief in een aantal verhalen lijken we er soms boven te zweven. Dan moeten we weer loslaten en verder gaan naar het volgende verhaal dat anders is en toch doet terugdenken aan het vorige. 

    Steeds weer bevinden de personages zich in een eigen en besloten wereld waarin herinnering, droom en verlangen belangrijker zijn dan de realiteit van het hier en nu. Dat maakt het moeilijk de verhalen exact te duiden, zoals de personages dat zelf ook niet altijd kunnen. ‘Ik kan er de vinger niet achter krijgen, […] maar sinds ik hier weer ben, lopen herinnering, verbeelding en werkelijkheid steeds in elkaar over.’

    Riem plaatst haar personages in verschillende tijden en op verschillende locaties. Van een villa in Pompeï tot de Hollandse polder en van de Azoren tot verdronken dorpen in Zeeland. Door de thematiek en de associatieve vertelstijl zijn de verhalen toch sterk met elkaar verbonden.
    In het eerste verhaal, Manomayakosha forever, is een meisje van dertien tegen haar zin van de stad naar het platteland verhuisd. Onder een brug in de polder kijkt ze naar stomme films met oude stadsbeelden van Parijs, Rome en New York. Het zijn werelden die niet meer bestaan, zoals ook de afbeeldingen in het aardrijkskundeboek geschiedenis zijn geworden. De antieke filmprojector waarop ze de films afspeelt, heeft ze gekregen van haar vriendje uit de stad. Ze kan niet meer bij hem zijn. Het bekijken van de films is ook een manier om aan hem terug te denken. 

    Terugkerende begrippen en woorden

    De herinnering aan een verloren liefde komt in meer verhalen terug. Dat kan een jeugdliefde zijn, een geheime liefde of een gedroomde liefde. In Souvenirs, het tweede verhaal in de bundel, wordt een oude dame geconfronteerd met de herinnering aan haar eerste liefde. Ze ontmoette hem in een zwembad waar ze graag kwam, omdat de warmte haar terug deed denken aan haar kindertijd in Indonesië. Ze adoreerde hem, maar hij liet haar in de steek.

    In het derde verhaal, Wiederkehr, keert een dichter terug naar de stad van zijn jeugd. Ook Indië komt terug. ‘Hij was een Duitser met dromen over tempo doeloe.’ Zijn jeugdliefde Emma droeg als meisje een gebatikte sarong. Tijdens het festival waar hij optreedt, heeft hij een vluchtige ontmoeting met een jonge vrouw die om haar hals een kettinkje draagt ‘met een kleine hanger van het hoofd van Nefertiti’. Deze hanger komt terug in het vierde verhaal Terug naar Thebe. Zo rijgt Riem de verhalen aan elkaar.

    Ze maakt daarbij veelvuldig gebruik van het motief van steeds terugkerende begrippen en woorden: bossen en bomen met als meest opvallende de reuzenboom sequoia, de zee, de walvis en de zeemeermin, schelpen, vormen als de spiraal en de kubus, de klassieke oudheid, Shakespeare, Egypte, Schotland, eilanden in de oceaan, het verlangen naar een verre reis, een schoolgebouw. Het zijn maar een paar voorbeelden. 

    Cirkels

    Steeds weer weet de schrijfster een associatie met de voorgaande verhalen op te roepen. De verhalen cirkelen om elkaar heen, zoals de spiraal op de schelp op het omslag. Elk verhaal brengt een nieuwe wending. Samen vormen ze een onlosmakelijk geheel. Het wekt dan ook geen verbazing dat het laatste verhaal de titel Cirkels heeft. Een oude man uit de ‘Nieuwe Wereld’ bezoekt in Griekenland het heiligdom van Delphi, de oude wereld. Bij de ruïne van een kleine, ronde tempel schijnt de zon in zijn ogen. ‘Om me heen zag ik overal cirkels verschijnen, elkaar overlappend in een patroon dat zich tot in het oneindige voortplantte. […] Was ik zelf ook een cirkel? Waren we allemaal cirkels die onderling waren verbonden in een eenheid, onze levens vol echo’s uit andere levens?’

    Riem creëert in Onderwaterverhalen een eigen wereld. Het is aardig om haar personages te leren kennen, maar de verhalen beklijven niet echt. Het is de vraag of dat erg is. Herinneringen, dromen en verloren werelden zijn nu eenmaal vluchtig en ongrijpbaar. Bovendien biedt elk verhaal een innerlijke wereld die wel eventjes fascineert maar vervolgens plaatsmaakt voor het volgende verhaal met daarin prettig herkenbare flarden van de verhalen die je daarvoor gelezen hebt. Dat maakt het boek vooral tot verstrooiende bellettrie.

     

     

  • Oogst week 26 – 2020

    Onderwaterverhalen

    Onderwaterverhalen was volgens schrijver en dichter Ineke Riem niet wat ze aanvankelijk wilde schrijven: ze begon aan een roman, en eindigde met een heel nieuw manuscript, dat van een verhalenbundel. Ze werd onder andere geïnspireerd door een reis naar de Azoren en door het idee van een zogenoemde ‘eenheidservaring’ of verbintenis van afzonderlijke verhalen. Mensen die niet helemaal passen in de tijd waarin ze leven lijken een thema in haar werk: in haar nieuwste bundel hebben alle personages een ‘oude ziel’. Haar boek Rauw hart (2017) handelt over een man die geen binding voelt met het moderne tijdperk. Ook de sprookjesachtige sfeer en onderwatersymboliek keren in verschillende boeken van Riems hand terug: niet alleen in Onderwaterverhalen, maar ook in haar debuutroman Zeven pogingen om een geliefde te wekken (2013) en poëziedebuut Alle zeeën zijn geduldig (2015) – what’s in a name. Riem ontving voor Zeven pogingen om een geliefde te wekken de Bronzen Uil en de Dioraphte Jongerenliteratuur Prijs. Daarnaast werd haar debuut genomineerd voor de Libris Literatuur Prijs.

    Onderwaterverhalen
    Auteur: Ineke Riem
    Uitgeverij: De Arbeiderspers

    Het boek der tranen

    Heather Christle schreef met The Crying Book, door Koen Boelens en Helen Zwaan vertaald als Het boek der tranen, een boek over de rol van tranen in onze hedendaagse samenleving. Ze schuwt haar eigen kwetsbaarheid daarbij niet: zelf verloor ze haar beste vriend en maakte ze een emotionele zwangerschap door. Haar ervaringen en beelden vervlecht ze met haar cultuuranalyse. Ze snijdt overkoepelende thema’s en vragen aan die te maken hebben met het fenomeen huilen: scheikunde, poëzie, geschiedenis, feminisme – hoe komt het toch dat huilen als iets typisch vrouwelijks – en (onterecht) zwaks – wordt gezien? –; semantiek – to cry is “luider” dan “to weep, schreien”, dat is het “natst”; esthetiek – Christle constateert wat er mooi en lelijk is aan huilen, en is nu eens droog en humoristisch, dan weer ernstig.

    Het boek der tranen
    Auteur: Heather Christle
    Uitgeverij: Atlas Contact

    Ness

    Ness van Robert Macfarlane is lastig eenduidig te omschrijven: het verhaal doet zowel denken aan toneel als aan poëzie en is een moderne mythe, een met trekjes van een dystopische novelle. De Ness waarnaar met de titel wordt verwezen is de natuur van een landtong voor de oostkust van Engeland. Vroeger was er een militaire basis gehuisvest waar nucleaire experimenten werden uitgevoerd. Nu is de bunker vervallen en overwoekerd en strijden natuur en De Wapenmeester, een geheimzinnige kracht, om de heerschappij. De intrigerende zwart-witbeelden komen uit de pen van illustrator Stanley Donwood (pseudoniem van Dan Rickwood), die sinds jaar en dag het artwork van de band Radiohead verzorgt.

    Ness
    Auteur: Robert Macfarlane
    Uitgeverij: Athenaeum