• Oogst week 21 – 2019

    De grote verkilling

    In deze week van de Europese Verkiezingen ontvingen wij op de redactie het nieuwe boek De grote verkilling van Geert van Istendael (1947), schrijver, vertaler, essayist en dichter. De uitgeverij omschrijft dit boek op de achterflap als: ‘een manifest voor een sociaal Europa, geschreven door een gedreven Europeaan’
    Van Istendael neemt duidelijk stelling in De grote verkilling.

    Uit de flaptekst: Ons Europa verkilt zienderogen. De grote middenpartijen die na 1945 de genereuze sociale bescherming hebben opgebouwd die de halve wereld ons benijdt, zijn aan het verschrompelen of liggen al tijden op apegapen. De burgers hebben hen afgestraft en keren zich naar rattenvangers die beweren in de naam van het volk te spreken. Hebben sociaaldemocraten en christendemocraten – want over hen gaat het – al te gretig het neoliberale geloof omhelsd? Land voor land laat Van Istendael zien hoe de verzorgingsstaat wordt afgekalfd. Dit boek probeert buiten ieder dogma of makkelijke verklaring om de grote verkilling van Europa te beschrijven en de oorzaken van de malaise te achterhalen. Het is daarnaast een vurig pleidooi voor de sociale zekerheid als toekomstproject in het belang van ons allen, zowel binnen als buiten Europa, of zoals van Istendael zelf schrijft:

    ‘Ik stel dat de sociale zekerheid een toppunt is van Europese beschaving en dat zij ons aller borstwering is tegen oeverloze ellende.’

     

    De grote verkilling
    Auteur: Geert van Istendael
    Uitgeverij: Atlas Contact

    De kleine Huizinga

    In de serie Kleine boekjes – grote inzichten van uitgeverij Atlas Contact is onlangs De Kleine Huizinga verschenen, geschreven door Willem Otterspeer. Otterspeer, hoogleraar geschiedenis aan de universiteit van Leiden publiceerde al eerder over Huizinga in Orde en Trouw, een serie essays dat in 2006 verscheen.

    Herfsttij der Middeleeuwen, maar ook de andere boeken van Huizinga worden vaak geprezen, maar evenzo vaak niet goed begrepen.
    In De kleine Huizinga probeert Otterspeer niet alleen Herfsttij der Middeleeuwen maar ook de samenhang met het andere werk van Huizinga te duiden. Om die samenhang te ontdekken vindt Otterspeer dat men Huizinga niet als historicus moet lezen maar als schrijver.

    Inge Meijer schreef een column over De kleien Huizinga en Otterspeer bij VPROBoeken.

    De kleine Huizinga
    Auteur: Willem Otterspeer
    Uitgeverij: Atlas Contact

    Aan de andere kant van de natuur

    De andere kant van de natuur omvat twaalf prozaschetsen die Rilke in het tweede decennium van de twintigste eeuw schreef en die niet eerder samen in Nederlandse vertaling in boekvorm verschenen. Ze worden gevolgd door een voordracht van Stefan Zweig over Rainer Maria Rilke.

    Het verhaal Gym begint als volgt:

    ‘In de militaire school van Sankt Severin. Gymzaal. In de lichtgekleurde tijkhemden staat de klas in twee rijen opgesteld onder de grote gaslampen. De gymleraar, een jonge officier met een hard, getaand gezicht en spottende ogen, heeft het commando tot vrije oefeningen gegeven en deelt nu de groepjes in. ‘Eerste groep rekstok, tweede groep brug, derde groep paard, vierde groep klimmen! Ingerukt!’ En op hun lichte schoenen met colofonium op de zolen verspreiden de jongens zich ogenblikkelijk. Enkelen blijven midden in de zaal staan, aarzelen, quasi-onwillig. Ze vormen het vierde groepje, dat van de slechte gymnasten die geen zin hebben om iets aan de toestellen te doen en al moe zijn van de twintig kniebuigingen, een beetje ontredderd en buiten adem.
    Maar een van hen, normaal hierbij altijd de laatste, Karl Gruber, is al bij de klimstangen die in een nogal schemerige hoek van de zaal staan opgesteld, pal voor de nissen waar de uitgetrokken uniformen hangen. Hij heeft de eerste de beste stang vastgepakt en trekt die met buitengewone kracht naar voren, zodat ze vrij op de voor de oefening geschikte plaats staat te wiegen. Gruber laat de stang niet eens eerst weer los, hij springt omhoog en blijft op een behoorlijke hoogte aan de stang hangen, met zijn benen onwillekeurig in de klemhouding waar hij eerder nooit iets van heeft begrepen.’
    […]

    Aan de andere kant van de natuur
    Auteur: Rainer Maria Rilke
    Uitgeverij: Uitgeverij Koppernik (2019)

    Lezen in tijden van Netflix

    Het is misschien gek om op een website voor lezers een boek te signaleren dat aandacht vraagt voor de concurrentiestrijd tussen de moderne media en het boek. Want lezers weten allang dat de rust, concentratie en onthaasting tijdens het lezen bijzonder aangenaam en waardevol zijn.
    Maar toch, ook echte lezers zullen wel eens voor de keuze staan: lezen of kijken?

    De Duitse Felicitas von Lovenberg (1974) heeft onderzoek, lezerservaringen en haar eigen leesgedrag in dit boek bijeengebracht. Voor allen die tips nodig hebben om hun leesgedrag te optimaliseren, geen tijd meer hebben om te lezen of met de zin en onzin, het nut en de meerwaarde van het lezen worstelen.
    Von Lovenberg schrijft toegankelijk en geanimeerd en gaat in op de manier waarop het lezen de sociale competentie en het zelfbewustzijn kan bevorderen. Hoe het ideologieën ondermijnt, ons minder eenzaam maakt en nieuwe werelden voor ons opent. Maar dat wist u natuurlijk allang!

    Von Lovenberg studeerde Moderne geschiedenis en werkte als literatuurcritica bij de Frankfurter Allgemeine Zeitung en is in de boekenwereld in Duitsland een bekende persoonlijkheid.

     

    Lezen in tijden van Netflix
    Auteur: Felicitas von Lovenberg
    Uitgeverij: uitgeverij Cossee
  • Zelfmedelijden

    Zelfmedelijden

    Op zaterdag reisde ik met de trein via Deventer richting Vlissingen en weer terug om een broer te bezoeken. Eerder die week was ik een dag in Almere (God behoede me), daarna paste ik twee dagen op de tweeling kleindochters, mijn telefoon liet ik onderweg ergens liggen. Toen werd het moederdag. Er was geen spoor van moederviering (wat een onzin, daar doe je toch niet aan, moederdag) te bespeuren. Buiten guurde een koude wind en ik, de gekwelde moeder bleef in bed, verlangend naar een boeket blauwe Delphiniums en rode Pioenrozen.

    Goddank is er VPRO Boeken. De enthousiaste stem van schrijver Willem Otterspeer klinkt vanuit de op het bed liggende laptop. Otterspeer vertelt dat hij Herfsttij der middeleeuwen (een titel gelijk een boeket bloemen) voor het eerst zag in de bibliotheek op de middelbare school. Hij nam het uit de kast. De meester die het zag, zei: ‘Je mag het meenemen maar je gaat het toch niet begrijpen’. De meester had gelijk. ‘Ik begreep er niets van.’ Toen hij het later nog eens ging lezen, dacht hij het wel te begrijpen. ‘Maar’, zei Otterspeer bij VPRO Boeken: ‘Als je denkt dat je het begrepen hebt, heb je het nog niet begrepen.’ Kijk, daar veerde ik van op. Dat is nog eens een zegswijze die mij de oren doen spitsen en mijn brein prikkelt. Op slag vergat ik dat hele moederdag gedoe. Wie alles begrijpt, heeft niets meer te leren en kan zijn resterende dagen in bed doorbrengen. Zoals de grootouders in Sjakie en de Chocoladefabriek van Roald Dahl.

    Otterspeer spreekt zo gedreven over de historicus Johan Huizinga en het boek Herfsttij, dat ik het als een gemis ervaar dat ik het niet heb gelezen. Een boek dat als een vermenging van de geur van bloed en rozen omschreven wordt. Bloed voor de brute, ruwe kant van het leven, rozen voor de schoonheid van de kunsten en de geestelijke wereld. Huizinga en de tegenstellingen van het leven zelf. Volkeren worden uitgeroeid, kinderen leven onder erbarmelijke toestanden terwijl op hetzelfde moment de reparateur voor de afwasmachine gebeld wordt, er een feest te vieren is en we een reis voor de zomer plannen. Hoe dat kan, dat het leven doorgaat ondanks alles. Huizinga lezen lijkt opeens noodzaak.

    Otterspeer kan na de vijfde keer dat hij Herfsttij las nog niet zeggen dat hij het helemaal begreep. ‘Ik denk dat je iets pas echt begrijpt als je erover schrijft.’ En hij schreef het boekje De kleine Huizinga, een samenvatting van Herfsttij. Hij zei ook: ‘Als ik Huizinga lees raak ik zo enthousiast dat ik moet gaan lopen.’ Dat is zo waar, om iets te begrijpen is beweging nodig, het bed uit, de straat op, de wereld in, een boek kopen.
    Ik laat me eerst gidsen door De kleine Huizinga, dan door naar de grote.

     


    Inge Meijer is een pseudoniem. Zij schrijft over boeken als steunpilaren en over ontdekkingen in de marges van de literatuur.