• Achterliggende filosofie in het werk van de Zuid-Afrikaanse meester

    Achterliggende filosofie in het werk van de Zuid-Afrikaanse meester

    Van Nobelprijswinnaar J. M. Coetzee verscheen onlangs de verhalenbundel, De oude vrouw en de katten. Eerder dit jaar publiceerde voormalig Denker des Vaderlands en professor emeritus Hans Achterhuis het boek Coetzee, een filosofisch leesavontuur, waarin hij de filosofie in het werk van de Zuid-Afrikaanse meester belicht. In zijn inleiding heeft hij het over zijn persoonlijke fascinatie met Coetzee, al had hij aanvankelijk weinig affiniteit met zijn werk omdat het niet altijd even politiek correct overkwam. De omslag kwam er pas met In ongenade, zoals waarschijnlijk ook voor veel andere Coetzee-lezers geldt.

    Coetzee en de lezer

    Geheel onlogisch is dat niet: Achterhuis was naar eigen zeggen doordrongen van Sartres opvattingen over ‘engagement’: literatuur zou politiek betrokken moeten zijn en het standpunt van de onderdrukten verdedigen. Typisch voor J.M. Coetzee is echter  dat zijn werk helemaal niet zo zwart-wit, maar zelfs opzettelijk meerduidig is. Om die reden weigert hij uitleg over zijn werk te geven, de lezer moet immers zelf aan de slag. Je kunt je afvragen of het dan nog überhaupt mogelijk is om over dat werk te schrijven, maar Achterhuis stelt zijn interpretaties gelukkig nergens als zaligmakend of definitief voor en beseft dat ook filosofen het risico lopen om ‘gevangen te zijn in hun eigen wijsgerige denkkaders’.
    Niet onbelangrijk in dit opzicht zijn de verwijzingen naar wat bijvoorbeeld Kundera zoal schreef over de verschillen tussen de filosofie en de roman. Zo mogen we niet uit het oog verliezen dat de roman geen eenduidige waarheid verkondigt, een polyfoon karakter heeft, en dat het denken in de roman niet alleen rationele, maar ook irrationele, verhalende en meditatieve middelen mobiliseert om inzicht te krijgen in het menselijke bestaan.

    Geen inleiding tot

    Dit boek is dus niet bedoeld als inleiding tot het werk van Coetzee. In feite wordt van de lezer verwacht dat hij niet alleen zijn belangrijkste romans heeft gelezen, maar ook vertrouwd is met het filosofische begrippenapparaat en een bovengemiddelde kennis heeft van de filosofie. Voor wie nog nooit van Hannah Arendt, Jacques Derrida, Walter Benjamin of Michel Foucault heeft gehoord, kan het boek beter laten liggen.

    Coetzee, een filosofisch levensavontuur bestaat naast de vermeldenswaardige inleiding – uit zeven hoofdstukken waarin Achterhuis telkens een bepaald thema belicht (de mens-dierverhouding in de filosofie en literatuur, de omgang met het koloniale verleden enzovoort) aan de hand van een of meerdere romans. De roman Schemerlanden uit 1974 is bijvoorbeeld een houvast om op zoek te gaan naar een antwoord op de vraag hoe we moeten omgaan met ons ‘vaak van geweld doortrokken’ koloniale verleden. Een actueel onderwerp, vooral omdat Coetzee weerstand biedt tegen de pogingen om dat verleden uit te wissen door angstvallig namen van straten te veranderen of standbeelden te verwijderen. Was het maar zo eenvoudig, lijkt hij te willen zeggen.

    Onomkeerbaar verleden

    Coetzee wil wel degelijk ‘de beerput’ openen van wat het betekent om Zuid-Afrikaan te zijn en is geenszins blind voor het koloniale geweld, maar probeert zich in Schemerlanden toch in te leven in Jacobus Coetzee, een kolonist uit de achttiende eeuw die een strafexpeditie door de Kaapprovincie onderneemt. Vanuit zijn logica is geweld immers onvermijdelijk om de barbaarse Hottentotten in bedwang te houden.

    Is die combinatie van distantie en inleving tegenstrijdig? Nee, want achteraf bekeken is het gemakkelijk om de misdaden van onze voorouders te veroordelen. We moeten ons ervan bewust zijn dat elk mens kind van zijn tijd is en wordt doordrongen van een bepaalde religieuze en maatschappelijke overtuiging. In feite kunnen we ons moeilijk moreel superieur opstellen ten aanzien van onze voorouders, omdat ook onze nazaten wellicht een en ander aan te merken zullen hebben op ons gedrag en ons tijdsgewricht. Zullen zij het ons vergeven, om maar één voorbeeld te geven, dat we het klimaatprobleem niet grondig hebben aangepakt toen het nog kon?

    Moed of conservatisme

    Begrip hoeft echter niet per se tot onverschillig relativisme te leiden. Achterhuis citeert historicus Doeko Bosscher: ‘Het is goed mogelijk te “begrijpen” waarom mensen in vroeger tijd bedenkelijke dingen hebben gedaan zonder er in morele zin “begrip” voor te hebben.’ Achterhuis schuwt daarbij trouwens ook geen kritisch zelfonderzoek: als jonge snaak verbleef hij in North Carolina, op een uitsluitend blanke school. In die tijd bestond er nog een strikte rassenscheiding in het zuiden van de Verenigde Staten, maar voor wie daar toen mee leefde, werd die toestand als vanzelfsprekend aanvaard. Er kwam pas schoorvoetend verandering door de Amerikaanse burgerrechtenbeweging. Geschiedfilosoof Frank Ankersmit merkt daarover op dat er periodes in de geschiedenis zijn waarin normen beginnen te verschuiven en mensen de keuze hebben om zich conservatief op te stellen of moed te tonen.
    Op gelijkwaardige genuanceerde wijze bekijkt Achterhuis door middel van In ongenade ook het probleem van de seksualiteit, die geen neutraal terrein blijkt te zijn ‘waarin vrijelijk afspraken kunnen worden gemaakt om lichamelijke behoeften te bevredigen’.

    Seks en macht in Coetzees werk

    In feite was Coetzee met In ongenade de hele MeToo-discussie jaren voor. Niet verwonderlijk, want het inzicht dat seks en macht innig met elkaar zijn verbonden, is niet nieuw – lees er Foucault maar op na. Het lijkt nu echter haast een gewaagd, volstrekt utopisch standpunt dat seks tussen gelijkwaardige partners, zonder machtsmisbruik, misschien nog zou kunnen bestaan. En weer blijkt dat Coetzee met In ongenade niet voor de gemakkelijkste, simplistisch moraliserende weg koos: hoofdpersoon David Lurie doet aanvankelijk een beroep op een prostituee om zijn seksuele verlangens te bevredigen, maar knoopt later een relatie met een van zijn studentes aan. Terugblikkend op een vrijpartij zegt hij: ‘Geen verkrachting, dat net niet, maar niettemin ongewenst, ongewenst tot op het bot. Alsof ze had besloten zich slap te houden, vanbinnen dood te gaan zolang het duurde, als een konijn wanneer de tanden van de vos zich om zijn nek sluiten.’ Dat Achterhuis pas walging en afkeer voelde toen hij de verfilming zag, waarin deze passage zonder meer een gewelddadige verkrachtingsscène wordt, is tekenend voor de meerduidigheid van Coetzee’s werk.

     

  • Oogst week 15 – 2019

    Weldra zal ik onder de guillotine liggen

    Hoewel dit autobiografische verhaal van de van oorsprong Schotse Grace Dalrymple Elliott (1754-1823) door historici niet helemaal geloofwaardig wordt gevonden, – het is zo hier en daar wel erg toevallig en gekleurd -, is het wel ‘een prachtige blik van binnenuit op het gekonkel aan het koninklijk hof en van de intriges in revolutionaire kringen ten tijde van de Franse Revolutie’.

    Zo’n tweehonderd jaar geleden heeft deze courtisane haar memoires geschreven. De Engelse koning George III had haar gevraagd haar belevenissen uit de jaren tussen 1789 en 1794 in Parijs voor hem op te schrijven. Als maîtresse van Louis- Philippe d’Orléans, intrigant en neef van de onthoofde Franse koning Lodewijk XVI, maakte ze de Franse Revolutie van nabij mee. Haar boek is nu voor het eerst in het Nederlands vertaald.

    Joris Verbeurgt vertaalde haar boek en voorzag het van een inleiding en een uitgebreid register met informatie over tal van personages die erin voorkomen, van adelijken tot aan het  personeel.

    Weldra zal ik onder de guillotine liggen
    Auteur: Joris Verbeurgt
    Uitgeverij: Uitgeverij Vrijdag

    De Chinese Droom

    Jarenlang was Oscar Garschagen correspondent voor het NRC in China.
    De Volksrepubliek China viert op 1 oktober 2019 haar zeventigste verjaardag. Trots wordt gevierd dat het ‘Land van het Midden’ welvarender en machtiger is dan ooit. Onder de strakke regie van partijleider en president Xi Jinping ontstaat een socialistische supermacht met een modern leger en ambitieuze plannen voor nieuwe zijderoutes en hoogtechnologische vernieuwing. In De Chinese droom beschrijft Oscar Garschagen hoe de grootste, bijna honderdjarige Communistische Partij zich voortdurend vernieuwt en brede steun behoudt, zonder democratische hervormingen – de nachtmerries van de armen, de repressie van christenen, minderheden en de media ten spijt.

    De Chinese Droom
    Auteur: Oscar Garschagen
    Uitgeverij: De Geus

    Niemand bleef

    Met Niemand bleef, het Dagboek van Meneer B. legde Alfred Birney volgens de uitgeverij de kiem voor De tolk van Java, het grote succes van Birney uit 2016 waar hij de Libris Literatuur Prijs en de Henriette Roland Holst-prijs mee won.

    ‘”De nacht is mijn vijand als ik slaap, mijn vriend als ik waak.” In 2005 wordt de wereld van Meneer B. kleiner als hij het na een hartinfarct rustig aan moet doen. In dit dagboek mijmert hij tijdens het herstel zonder schroom over voorbije liefdes, muziek maken, het schrijven, de boeken en de schrijvers die hem irriteren of inspireren. Hij fantaseert bij het uitzicht dat hij vanuit zijn flat heeft op vrijmoedige buurvrouwen. Hij maakt zich zorgen over zijn zoon die bij hem woont en zich afsluit. Gaandeweg herwint Meneer B. de lust om te schrijven en hij preludeert op een groots plan.’

    .

     

    Niemand bleef
    Auteur: Alfred Birney
    Uitgeverij: De Arbeiderspers

    Coetzee, een filosofisch leesavontuur

    ‘De Zuid-Afrikaanse Nobelprijswinnaar J.M. Coetzee is vooral bekend als romanschrijver. Wat vele lezers niet weten, is dat zijn werk doordrenkt is van filosofie. Door de thematiek in zijn romans en verwijzingen naar bekende denkers als Jacques Derrida en Michel Foucault, laat Coetzee zien dat hij ook als filosoof een waardevolle gesprekspartner is. In Coetzee, een filosofisch leesavontuur gaat Hans Achterhuis op zoek naar deze filosofie in het werk van Coetzee. In het verlengde van iedere roman ligt een maatschappelijk vraagstuk. Zo koppelt Achterhuis bijvoorbeeld In ongenade aan de MeToo-discussie, Schemerlanden aan onze omgang met het koloniale verleden en Mr. Foe en Mrs. Barton aan de postmodernistische ideeën over de relatie tussen feiten, interpretatie en leugens. Hij geeft niet alleen een introductie in het werk van Coetzee, maar biedt ook nieuwe interpretaties’

    Coetzee, een filosofisch leesavontuur
    Auteur: Hans Achterhuis
    Uitgeverij: Uitgeverij Lemniscaat

    Heimat

    Een bijzondere graphic novel tot slot. Hij is van de Duitse Nora Krug, kunstenaar in New York. Zij leeft al jaren in de Verenigde Staten als zij op zoek gaat naar de oorlogsgeschiedenis van haar familie.

    De uitgeverij: ‘In het schitterende en volkomen originele Heimat graphic novel, familieplakboek en onderzoeksjournalistiek in een – maakt Nora Krug gebruik van brieven, archiefmateriaal, spullen van de vlooienmarkt en foto’s om duidelijk te maken wat het betekent om bij een land te horen en bij een familie.’

    Heimat
    Auteur: Nora Krug
    Uitgeverij: Uitgeverij Balans