• Uit de nalatenschap – nieuw hoofdstuk Chr. J. van Geel

    door Ingrid van der Graaf

    Elly de Waard plaatst alle gedichten van Chr. J. van Geel, die eerder posthuum verschenen zijn, op haar website. Op het speciaal daarvoor geopende deel over leven en werk van kunstenaar en dichter Chr. J. van Geel.

    Geplaatst onder de titel Uit de nalatenschap is een nieuw hoofdstuk geopend over het werk van Chr. J. van Geel (1917-1974) door dichteres Elly de Waard. De gedichten zijn eerder posthuum, dus niet geautoriseerd, in de bundels Vluchtige Verhuizing en Dierenalfabet verschenen, meestal onder redactie van Tom dan Deel en De Waard. Deze gedichten zijn niet in de Verzamelde Gedichten – omdat ze ongeautoriseerd zijn – opgenomen en de hierboven genoemde bundels zijn niet meer verkrijgbaar. Daarom is het dat De Waard de gedichten online zet zodat – voor wie de gedichten van Van Geel liefheeft – ze daar kan vinden. Op dit moment zijn er 28 gedichten geplaatst en er volgen er nog vele. Hieronder een voorproefje met het openingsgedicht uit het nieuwe hoofdstuk over Chr. J. van Geel op de site.

    Zwanenpaar

    Zij die bij dag niet witter zijn, zij slapen
    nooit in het licht hun droom van witte pauw
    maar in het donker als hun hals zich vouwt
    in veren, als zij niet op vleugels gaan.

    Zij werpen lussen schaduw op elkaar,
    halsdun in hun aanhankelijk beschrijven,
    in hun voor elke tijd bestemd vertoon
    van drijvend boven overleven staan.

    Uit: Vluchtige verhuizing

    Hierna gaat De Waard over tot het plaatsen van werk uit de nalatenschap dat tot nog toe volkomen onbekend is. Als voorproefje daarvan staat er – als een soort motto – een regel van Chr. J. van Geel aan het begin van het onlangs geopende hoofdstuk: ‘Poëzie is een antwoord zoals een maaltijd van meer dan een rauwe wortel een antwoord is op honger.’

    Bezoek de website: www.ellydewaard.nl

    Verzamelde gedichten van Chr. van Geel is te verkrijgen bij uitgeverij Van Oorschot.
    Blz: 1084
    Gebonden € 45,00 .
    Bestellen kan hier.

    De Parelduiker, waarvan hierboven de afbeelding met Chr. J. van Geel en geheel aan hem gewijd, kwam uit in 2009 en is nog te verkrijgen bij www.lubberhuizen.nl/detail.php?id=424.

     
  • Nieuw hoofdstuk Chris van Geel (1917-1974)

    Dichteres Elly de Waard (1940) debuteerde in 1978 met de bundel Afstand  en schreef meer dan vijftien jaar over popmuziek voor de Volkskrant en Vrij Nederland. Zij gold als een der spraakmakers op dit gebied en maakte voor muziektijdschriften interviews met beroemdheden als David Bowie. Haar studie Nederlands aan de Universiteit van Amsterdam brak zij vroegtijdig af om dichter Chr. J. van Geel te begeleiden op zijn weg in de poëzie . ‘Je zou kunnen zeggen dat ik de levende en toegespitste studie (en de liefde) verkoos boven de grotere dorheid van een universiteit.’ (KB)

    Elly de Waard deelde twaalf jaar van haar leven met dichter Chr. J. van Geel en je zou kunnen zeggen dat zij zijn werk als geen ander kent. Sinds begin dit jaar beheert De Waard een website waarop ze onder andere het nalatenschap van Van Geel heeft ondergebracht. Het werken aan teksten over het beeldende en literaire werk van Van Geel gebeurt in etappes en onlangs is aan het lemma ‘De ontwikkeling van een dubbeltalent’ dat als eerste hoofdstuk bevatte, Van Geel en het surrealisme nu een tweede hoofdstuk Van Geel en Forum toegevoegd.

    Hierin aandacht voor hoe Chris van Geel zijn dichterschap ontwikkelde, hoe moeizaam zijn weg was  en er uiteindelijk twintig jaar over deed om in 1958 zijn eerste bundel te kunnen presenteren. Als autodidact op letterkundig gebied schoolde hij zichzelf door veel te lezen en de literatuur van die tijd op de voet te volgen. Hij raakte betrokken bij het tijdschrift Forum en zelfs bevriend met Forums voorman E. du Perron, die hij als vaderfiguur en raadgever zag in zijn zoektocht in de kunsten.

    Elly de Waard geeft een blik op de jaren dertig, veertig en vijftig van de vorige eeuw waarin verschillende stromingen in de kunsten ontstonden.  En waar Van Geel zocht naar een verbinding tussen dit alles die tot een associatieve en vrije kunst moest leiden. Een kort beeld in de tijd wordt weergegeven van o.a. Bertus Aafjes, Vasalis, Ida Gerhardt, Leo Vroman, Louis Lehmann en Kouwenaar en Lucebert.
    Op de webpagina staan verschillende afbeeldingen van de dichter Van Geel en enkele van zijn kunstwerken.

     

    Interview met Elly de Waard op site Koninklijke Bibliotheek: http://www.kb.nl/dichters/waard/waard-04.html)
    www.ellydewaard.nl

     

  • Aandacht voor leven en werk van Chr. J. van Geel op website van Elly de Waard

    Dichteres Elly de Waard, die van 1962 tot 1974 samenleefde met Chris van Geel (1917-1974), richtte in 1974 de Chr. J. van Geel Stichting  op. Sinds mei 2011 beheert zij een website waar  ruim aandacht wordt geschonken aan leven en werk van Van Geel.

    Het is een mooi vorm gegeven site met veel informatie over het werk van de beeldend kunstenaar en dichter Chris van Geel. De site bevat biografische gegevens en er is onder meer een hoofdstuk over Van Geel en het surrealisme met veel bijzonder veelzeggende en onbekende tekeningen; er zijn biografische gegevens met foto’s en schilderijen te bekijken; er is een overzicht van de diverse stadia van zijn beeldende werk. En er worden dwarsverbindingen getrokken tussen de gedichten en de tekeningen.

    Aan Chris Van Geel zijn op dit moment zeven pagina’s gewijd, waarop informatie over onder andere zijn nalatenschap, de plannen daarmee en over de activiteiten van de Stichting Chr. J. van Geel.

     

    Het volgende gedicht staat op de site en is geplaatst bij een schilderij van zijn moeder.

    ZOON, BIJ DE DOOD VAN ZIJN MOEDER

    Het dood gezicht achter het glas:
    het eerste schooluur in de klas,
    de glazen deur waardoor ik tuur
    naar wie mij bracht en zag hoe het mij
    verging. – Ik houd mij strak en koel
    als zij, zo strak als toen, ik voel
    opnieuw, dit is van langer duur
    dan voor zes jaar. – En weer die schrik
    dat zij bemoedigend naar mij knikt.

     

    Tevens op haar site aandacht voor J.A Emmens, (vriend van Chris Van Geel) en de Amerikaanse dichteres Amy Clampitt.

     

    Bezoek de website van Elly de Waard op www.ellydewaard.nl

  • De dood schittert als het leven

    De dood schittert als het leven

    In een van de eerste decennia van de vorige eeuw verscheen bij uitgeverij De Wereldbibliotheek een Nederlandse vertaling van Leaves of Grass. Het was een wonderlijke – niet verantwoorde – keuze uit dit werk door Maurits Wagenvoort. Het duurde lang voordat in Nederland een nieuwe vertaling van dit boek verscheen. In juni was het zover.

    Walt Whitman publiceerde zijn eerste uitgave van Leaves of Grass in 1855. En bleef zijn leven lang hetzelfde boek opnieuw uitgeven, vermeerderd en verbeterd. Zo begint het:

    I Celebrate myself,
    And what I assume you shall assume,
    For every atom belonging to me as good belongs to you.

    I loafe and invite my soul,
    I lean and loaf at my ease… observing a spear of summer grass.

    En het loopt uit in een poging het heelal, de hele kenbare wereld in poëzie te vatten. Het mondt uit in een enorme opsomming van al het zijnde, een bejubeling van elke atoom die de dichter als zijn bezit ervaart en wil delen. Dit is poëzie van het grote gebaar. Het is eigenlijk wonderlijk dat in de jaren ’80 niet een goede vertaling van dit werk is verschenen. De dichters die zich Maximalen noemden en Nederland wilden bevrijden van poëzie waarin de betekenisvolle stilte van een dubbele witregel voor het hoogst haalbare stond – hebben zij Whitman als held op het schild getakeld?
    Het heeft iets geweldig naïefs dit gedicht, deze verbale waterval. Er was een periode dat een schrijver kennelijk nog kon proberen zijn Divina Commedia te scheppen, zijn Paradise Lost. Het Al omvattend kunstwerk is na zekere datum geproblematiseerd. Wanneer was dat? Na Mei van Gorter? Is er een ideologisch probleem?
    Whitman staat in New York en voelt de wereld door zich stromen, hij heeft het allemaal gezien, hij heeft Borges’ Aleph in de hand gehad, de lezer heeft hem in de hand. Of wat alledaagser: de ervaring van de Unox-worst reclame: de lezer krijgt in een enorm tempo een shot beelden toegediend.

    De verslaving van het noemen

    Heel de nacht dwaal ik door mijn droombeeld,
    Lichtvoetig stappend, snel en geruisloos stap ik en stop,
    Met ogen wijdopen buig ik over de gesloten ogen van de slapers;
    Verdwaald en verward, in mezelf verloren, niet op mijn plaats, ten prooi aan tegenstrijdige gevoelens,
    Ik houd stil en staar en buig voorover en stop.

    Dit droombeeld is een verslavend droombeeld. Het is niet makkelijk na te voelen waarom het werk door contemporaine critici vuig gevonden werd, naar de schok zoek je dus tevergeefs, maar Leaves of Grass verslaaft in zijn poging volledig te zijn, de maniakale opsomming die Whitman geeft, alles recht willen doen door het maar te noemen, de cadans van de oudtestamentische opsommingen, Abraham gewon Isaac om het allemaal maar niet te vergeten. Het grote hart voor al wat leeft. Het is deze ‘verzamelaarspoëzie’ deze drang aan het woord te blijven met het schuim op de lippen die een vertaler als Pfeiffer moet hebben aangetrokken, Dat wat een lezer aanspreekt in dit werk trekt hem ook door In de naam van de hond heen. Ook Arjen Duinker’s fascinatie – een van de 20 andere vertalers laat zich dan makkelijk raden. En die van Astrid Lampe. Maar Kopland? En Anne Vegter?

    Jacob Groot en Kees ’t Hart haalden 21 dichers bijeen voor dit project. ‘Zo is de Nederlandstalige primeur van deze pionier niet alleen een bevestiging van Whitman’s stemmentheater, ze versterkt het temperament van zijn verteller, de meervoudige acteur pur sang. Daarbij is het ook nog eens een volstrekt unieke bloemlezing uit het taalarsenaal van de moderne Nederlandse poëzie geworden.’

    Met deze claim zijn de samenstellers in elk geval zelf dicht bij de Pionier gebleven: ze willen teveel. Ze hadden er met een veel geruster hart aan kunnen toevoegen dat hiermee waarschijnlijk de eerste tweetalige uitgave in Nederland verschijnt waarin bijna op elke spread beide talen worden gelezen.
    Het idee is namelijk alleen productief in de zin dat het heel leuke voorleessessies oplevert, onlangs op Poetry. Verder moet het geweldig zijn als je Whitman al heel goed kent. Dan lees je vooral Nederlandse dichters.
    Onbekend met dit werk blijf je echter met een voor de vertaalwetenschap vast heel boeiend fenomeen zitten. Je bent zeer gefascineerd geraakt door een gedicht, en opeens is het weg, de aria waarnaar je op de radio luisterde is weggedraaid voor een smartlap. Niet omdat Whitman het zo wilde, maar omdat daar toevallig de samenstellers de schaar hadden gezet.

    Zo beland je opeens bij een dichter die

    Who need be afraid of the merge?
    Undrape… you are not guilty to me, nor stale nor discarded,
    I see through the broadcloth and gingham wether or no,
    And am around, tenacious, acquisitive, tireles… and can never be shaken away.

    vertaalt met:

    Wie durft zich niet over te geven?
    Toe, toon jezelf… het ligt echt niet allemaal aan jou, je make-up liep niet uit, je bent geen afdankertje,
    En door je katoentjes kijk ik toch wel heen,
    Hou er rekening mee dat ik hardnekkig ben, hebberig, onvermoeibaar… en dat je met me zit opgescheept.

    Dan begin ik al te denken dat het misschien 20 vertalers hadden moeten zijn. Dan maar wat minder bloemlezing uit het taalarsenaal van de moderne Nederlandse poëzie.
    Een mooi bijeffect is wel dat je na lezing denkt: nu wil ik een versie helemaal vertaald door Toon Tellegen, en een helemaal vertaald door Astrid Lampe, en ook maar een hele Pfeiffer, toch een van de weinige die een vertaling aflevert die zowel recht doet aan Whitman alsook zeer onmiskenbaar Pfeiffer is.

    Genoeg gezeurd. Dit is een heel mooi boek. Dit moet onmiddelijk aangekocht worden, vooral om Whitman. Alle eer aan het samenstellend duo, omdat het onbegrijpelijk hoog tijd werd dat de Nederlandse poëzie verrijkt werd met Whitman.
    Dat is natuurlijk de ware gedachte achter deze opzet: er zijn alvast 21 dichters geïnfecteerd.

     

    De vertalers zijn:
    Huub Beurskens, Anneke Brassinga, Tsead Bruinja, Geert Buelens, Maria van Daalen, Arjen Duinker, Jacob Groot, Kees ’t Hart, Judith Herzberg, Gerrit Komrij, Rutger Kopland, Jan Kuijper, Astrid Lampe, Hagar Peeters, Ilja Leonard Pfeijffer, Toon Tellegen, Anne Vegter, Hans Verhagen, Peter Verhelst, Simon Vinkenoog, Elly de Waard en Menno Wigman