• Bregje Hofstede op drift

    Bregje Hofstede op drift

    Om te weten of je moet blijven, moet je weggaan. Niet voor een midweek naar een huisje op de Veluwe – dat leidt tot niets – maar echt weglopen. Dat is wat schrijfster Bregje Hofstede deed en daar schreef ze later de roman Drift over, (op drift geslagen, losgeslagen, roekeloos, reddeloos, schipbreukeling op volle zee). Ze beschrijft de veertig dagen dat ze van kennis, naar Airbnb, van hotel naar logeerzolder gaat. Haar rugzak, gevuld met schriften en notitieboekjes is haar belangrijkste bezit.
    Alles schreef ze op: wat er gezegd, gekeken, gegeten en gereageerd werd; als een op voorhand uitgeschreven speurtocht naar onvolkomenheden. Zelfs de vele uitgewisselde sms’jes tussen de Bregje in het boek en haar man, schreef ze in die notitieboekjes. Ze leest er obsessief in terug tijdens die veertig dagen dat ze rondzwerft. Speurend naar de eerste barsten en wie die veroorzaakt heeft. Want is er niet in alles wat er misgaat een oorsprong, een eerste wanklank, een schuldige te vinden?

    Er was sprake van twee manuscripten voor Hofstede tot deze versie van Drift kwam. Daarvan zijn gedeelten onder de titel De welp in Drift opgenomen met een unieke paginering, wat het lezen tot een diepgravende maar ook alerte onderneming maakt: de liefde laag voor laag beleefd en beschreven. Het leest als een essay in romanvorm. De breukvlakken in haar relatie vergelijkt ze met Japans porselein, waarvan de barsten met goudstof gelijmd worden. De gouden lijnen krijgen op den duur meer aandacht dan het porselein zelf. Hofstede noemt zichzelf ‘geen fijn mens’. Als kind noemden haar ouders haar heftig, huilerig, dramatisch, arrogant. Ze vraagt zich af: ‘Waren dit de woorden die het beste bij me pasten of paste ik me aan de woorden aan?’

    Ruim over de helft van het boek wanneer de liefde beschreven is in speelse vrijscènes, de ‘goedmaakseks’ en er à la Sartre en De Beauvoir de vrije liefde is gezocht in een triootje, beseft de Bregje uit het boek, in dit fragment onvermijdelijk opgaand in Hofstede, haar tekortkomingen:
    Terwijl ik dit schrijf [de roman], juist terwijl ik probeer terug te halen wat er gebeurde, verander ik alles en pers het in een vorm waar het, vrees ik, niet meer uit komt. Ik wil ze allebei naast elkaar laten bestaan: de liefdevolle scènes in de gloed van onze toekomst samen, en, genesteld in die gloed, het onafwendbare einde dat, juist omdat het zich al zolang had aangekondigd niet helemaal mijn schuld kan zijn.’

    Truus Schröder – tweede vrouw van Gerrit Rietveld, – vond dat binnenhuisarchitectuur erop gericht moest zijn de bewoners tot activiteit te inspireren, iets te creëren. Een gedachte die me zeer bevalt. De architectuur van een relatie zou zo moeten zijn dat muren verplaatst kunnen worden en deuren geopend blijven. Het gaat in het leven niet om geluk maar om ‘creëren’, is het signaal dat Hofstede met haar buitengewoon openhartige en sensitieve roman afgeeft.
    Denk ik aan Schopenhauers ‘Eenzaamheid is het lot van alle voortreffelijke geesten’, denk ik aan Bregje Hofstede.

     

     


    Inge Meijer is een pseudoniem. Zij schrijft over ontdekkingen in de marges van de literatuur.

  • Oogst week 43 – 2018

    Om aan te raken

    Harm Hendrik ten Napel is schrijver, filosoof en boekverkoper. Zijn verhalen en essays zijn onder andere in Tirade en De Revisor verschenen, en op Klecks, dat hij in 2016 samen met zijn broer oprichtte. ‘Met Klecks willen we ruimte maken voor literaire kritiek, en dan met name die van poëzie.’

    Onlangs is van hem bij uitgeverij Querido Om aan te raken verschenen, een bescheiden verhalenbundel. Korte zinnen, zonder opsmuk. Heel doelgericht. Zo schrijft Ten Napel. Het lukt de mensen in Om aan te raken niet altijd om uit hun hoofd te komen en de intimiteit te vinden waarnaar ze verlangen. Sommigen weten niet eens dat ze hunkeren, anderen kunnen het moeilijk uitdrukken.

    Uit het verhaal ‘Ze kwam en hij toen ook’:
    Hoelang wist hij het al? Al best wel lang. Al voordat ze iets kregen? Ja, in principe wel. Ze was opgestaan. Wilde ze er nog over praten? Nu niet. Het is oké, hoor, had ze gezegd. Het is oké. Ik ga denk ik maar gewoon vroeg slapen. Bel me morgenavond. Dan praten we verder.’

     

     

    Om aan te raken
    Auteur: Harm Hendrik ten Napel
    Uitgeverij: Querido

    Pessimisme kun je leren!

    Om zijn bloemlezing aan te prijzen met werk van Lévi Weemoedt schreef Özcan Akyol het volgende:

    ‘Aan het begin van deze eeuw, toen ik nog een puisterige puber was, voelde ik een grote behoefte om in de literatuur de antwoorden op mijn levensvragen te vinden. Dat lukte niet. Hoewel ik het kunstenaarsleven leidde, inclusief een getormenteerde ziel en een geveinsde zucht naar drank, net als mijn literaire helden, duwden de meeste boeken me verder in de put. Tot ik het werk van Lévi Weemoedt ontdekte.

    De persoonlijke ellende spat van zijn poëzie, maar hij verpakt het in de liefde voor taal en ongebreidelde zelfspot, een combinatie die ik niet voor mogelijk hield. Als hij een mislukking beschreef, bood me dat troost, en moest ik ongemakkelijk lachen om mijn eigen pathetische overdrijvingen. Nog vaker deed hij me huiveren om zijn tekstuele spitsvondigheid en het superieure spel met woorden dat hij telkens speelt. De gedichten kwamen soms wat kort en eenvoudig op me over, maar er zijn maar weinig dichters die het autonoom na kunnen doen.

    Het gedicht ‘Don Juan Lul’ tors ik al ruim een decennium ingelijst met me mee naar de verschillende huizen die ik heb bewoond. Nu hangt het pontificaal in onze woonkamer. In al zijn eenvoud schetst het een beeld van iemand die ogenschijnlijk alles al heeft opgegeven. In werkelijkheid houdt de taal hem overeind. Iedereen moet Weemoedt lezen! Vandaar deze bloemlezing, die ik met veel plezier heb samengesteld.’

    Pessimisme kun je leren!
    Auteur: Levi Weemoedt
    Uitgeverij: Nijgh & Van Ditmar

    Drift

    Haar debuut De hemel boven Parijs dat in 2014 bij Cossee verscheen, werd goed ontvangen (‘een wonderlijk eigen toon’, De Groene Amsterdammer, ‘Een droomdebuut’, Tubantia).
    Het werd bovendien genomineerd voor verschillende literatuurprijzen.

    Haar nieuwste boek Drift is bij DasMag verschenen:
    ‘Feit: een jonge vrouw trouwt met haar jeugdliefde.
    Feit: niet veel later, in het holst van de nacht, verlaat ze hem.
    Ze neemt alleen haar dagboeken mee.
    Die vrouw ben ik. Die nacht is nu. Alles ervoor en erna is een verhaal.’

    Bregje Hofstede (1988) studeerde kunstgeschiedenis en Frans in Utrecht, Parijs en Berlijn. Ze schrijft verhalen en essays. Na De hemel boven Parijs schreef ze de essaybundel De herontdekking van het lichaam: over de burn-out.

     

    Drift
    Auteur: Bregje Hofstede
    Uitgeverij: Uitgeverij Das Mag