• In deze roman is niets of niemand zwart of wit

    In deze roman is niets of niemand zwart of wit

    Anders – hoofdpersoon in deze utopische en fantastische roman van Mohsin Hamid die zich afspeelt in een niet nader genoemde stad – wordt op een morgen wakker en ontdekt dat zijn huidskleur veranderd is van wit in zwart. Hij verstopt zich, ‘wensend dat deze dag, die nog maar net aangebroken was, alsjeblieft, alsjeblieft niet zou aanbreken.’ Hij meldt zich ziek en krijgt het gevoel er niet meer bij te horen, verlangt naar de nabijheid van zijn overleden moeder, durft niet meer de straat op. De schrijver formuleert Anders’ gevoel van vervreemding heel treffend: ‘[hij] voelt zich, of hij was weggeschreven tot een bijfiguur in het tv-programma waarin zijn leven werd nagespeeld.’ Zijn vervreemding leidt tot ander gedrag, hij gedraagt zich bijvoorbeeld minder assertief in het verkeer, en neemt het somatisch normbeeld aan van de zwarte loser die zich ondergeschikt maakt aan de witte almacht.

    Door de verandering sluipt er ook een grote onzekerheid in de relatie met zijn vriendin Oona. Met haar onderhoudt hij sinds kort weer een liefdesrelatie nadat zij op de middelbare school al geliefden waren. Hij snakt naar geruststelling door haar, maar zij herkent hem aanvankelijk bijna niet meer. Als ze vrijen lijken ze vreemden die elkaar als voyeurs bespieden. Tijdens een wandeling, langs de laan der herinnering naar hun middelbare school, vraagt Anders zich af of hij nog wel dezelfde persoon als voorheen is. Hij wordt door anderen anders bekeken en Oona zegt dat het net is of hij in een andere taal spreekt nu hij zwart is geworden. Toch laat zij hem niet los.

    Iedereen verandert van huidskleur

    De andere twee hoofdfiguren hebben veel meer moeite met de veranderingen die gaande zijn en reageren er heel specifiek op. De moeder van Oona ziet in de huidskleurverandering het begin van het einde van de wereld, zij ziet er een complot in tegen ‘hun soort mensen’ en besluit te gaan hamsteren. Anders’ vader gaat er heel praktisch mee om. Hij voorziet hem van eten, geld en een geweer, dat zijn zoon enkele dagen later nodig heeft om zich te verdedigen tegen witte activisten die hem willen oppakken en de stad uitjagen. De huidskleurverandering vindt niet alleen plaats bij Anders, maar overkomt velen, wat leidt tot uitbarstingen van geweld, waarbij de (nog) witte mensen hun positie willen verdedigen tegenover het groeiend aantal ‘donkere mensen’. 

    De verstandhouding tussen Oona en Anders wordt in de loop van het verhaal steeds intiemer en tederder. Ze begrijpen elkaar beter dan ooit, want het is net of Oona nu veel meer de echte Anders ontdekt. Hij wordt voor haar meer dan zijn huidskleur. De moeder van Oona en de vader van Anders zien allemaal leeuwen en beren, voortekenen van rampen en ondergang, terwijl het liefdespaar de verandering ziet als een uitdaging, als iets waar zij zich toe moeten verhouden. Als Oona ook zwart wordt, overvalt haar een gevoel van lichtheid en melancholie. Melancholie omdat haar identiteit en verleden dreigt te verdwijnen en lichtheid omdat ze als een slang haar huid zou kunnen afwerpen en zonder verleden weer ongehinderd zou kunnen doorgroeien. Hun relatie wordt in de loop der tijd steeds beter en als ze zelf een zwart kind krijgen, is hun witte verleden vrijwel verdwenen. Hun dochter kan in de nieuwe maatschappij, waarin alleen donkergekleurde mensen leven, gelukkig zijn. Voor haar bestaat er geen wit verleden, ook al doet haar oma, Oona’s moeder, nog zo haar best vroeger tot leven te brengen.

    Nieuwe verstandhouding tot de wereld

    Opvallend aan deze vrij dunne roman is het gebruik van hele lange zinnen, soms oplopend tot driehonderdvijftig woorden. Deze zinnen bestaan uit vele bijzinnen die verbonden worden door het woordje ‘en’ en door andere nevenschikkende voegwoorden. Ondanks de lengte lezen ze als een trein. Vertaalster Saskia van der Lingen is erin geslaagd die Engelse zinnen haarfijn en prachtig mooi om te zetten in goedlopende Nederlandse zinnen die door hun lengte dwingen tot nauwkeurig lezen. Je wilt geen woord missen. De lange nevengeschikte zinnen onderstrepen dat de hoofdpersonen geen personen uit één stuk zijn, maar wezens die op zoek moeten naar een nieuwe verstandhouding tot de wereld en tot elkaar. Ze moeten als het ware zichzelf opnieuw uitvinden. De lengte van de zinnen brengt de lezer dichtbij deze zoektocht waarin allerlei gedachten in het hoofd van een persoon naast elkaar staan en niet los van elkaar. Deze zinnen geven aan hoe veelzijdig een gebeurtenis, gevoel of activiteit is. In deze roman is niets of niemand zwart of wit. Personen hebben meerdere lagen en doorlopen allerlei eigenschappen en opvattingen.

    Gedachtenexperiment

    Mohsin Hamid is van Pakistaanse afkomst en studeerde en werkte langere tijd in de Verenigde Staten en Engeland en later weer in Pakistan. Hij schreef diverse maatschappelijk geëngageerde romans. Zo beschrijft hij in Exit West (2017) de lotgevallen van twee vluchtelingen die door het uitbreken van een oorlog hals over kop hun land verlaten. De problematiek van de persoon die tussen twee culturen leeft komt onder meer aan bod in de roman De val van een fundamentalist (2007), met kortere zinnen overigens, en in de essaybundel Onbehagen en beschaving (2016). Hamid omschrijft zichzelf als een ‘hybride mens’, die de grenzen tussen groepen fictief en onvruchtbaar acht: ‘(…) creativiteit komt voort uit mengen, uit het verwerpen van het zielloze karakter van zuiverheid.’ 

    De laatste witte man is een gedachtenexperiment waarin Hamid de lezer aanzet tot nadenken, verrast, uitdaagt, verrukt, vertedert en aan het lachen maakt. Hij bevestigt met deze roman dat hij een van de belangrijke schrijvers van deze tijd is. Een tijd waarin toenemende polarisatie verhult dat we als mensen veel meer gemeen hebben dan we door opvoeding, ervaring, frustratie, vervreemding en achterstelling willen en kunnen toegeven. Racisten en extreme nationalisten blazen de verschillen tussen mensen op, wat uiteindelijk alleen maar leidt tot uitsluiting en geweld. De roman wil laten zien dat het voor de mensheid een zegen zou zijn als we ons niet vast laten zetten in de gevangenis van een zelfbenoemde of door anderen opgeplakte identiteit.

     

  • Oogst week 37 – 2022

    Waar de wolf loert

    Hoe is het om je niet thuis te voelen op de plek waar je woont? Dit is het thema in Waar de wolf loert van Ayelet Gundar-Goshen. Een serieus thema en Gundar-Goshen heeft er een geraffineerd verhaal over geschreven.

    Op een dag zakt een islamitische klasgenoot Adam op een feestje dood in elkaar. Zijn moeder ruikt gevaar, maar weet niet van welke kant het komt. En dan is het er weer, het gevoel een buitenstaander te zijn. Hoe meer ze over de dood van de klasgenoot te weten komt, des te groter wordt haar ongemak. Adam blijft opvallend zwijgzaam en blijkt meer te weten dan hij toegeeft.

    Over haar boek Leugenaar schreef Marjolijn van de Gender op Literair Nederland: ‘Door de perfecte balans in de verteltoon en de goed uitgewerkte, meeslepende personages is het onmogelijk dit boek weg te leggen.’

    Ayelet Gundar-Goshen (Tel Aviv, 1982) is psychologe en scriptschrijver. Zij ontving voor haar boek Eén nacht, Markovitsj de Sapirprijs voor het beste Israëlische romandebuut. Ook haar tweede boek Leeuwen wekken (2018) was een (internationaal) succes.

    Op 1 oktober gaat Inge Schilperoord bij ILFU Exploring Stories met Gundar-Goshen in gesprek in TivoliVredenburg, Utrecht.

    Waar de wolf loert
    Auteur: Ayelet Gundar-Goshen
    Uitgeverij: Uitgeverij Cossee (2022)

    De laatste witte man

    ‘Toen Anders, een witte man, op een ochtend ontwaakte, ontdekte hij dat zijn kleur was veranderd in een donker en onmisbaar bruin.’

    Dit is de eerste, intrigerende zin van De laatste witte man van Mohsin Hamid.
    Het blijkt dat er elders in het land meer mensen zijn die verkleuren. Schaamte, ongeloof, angst en woede. Emoties die Anders zelf ervaart of waar hij mee geconfronteerd wordt nu hij in zijn nieuwe vel zit.
    Hij voelt zich nog dezelfde man als eerst, maar anderen zien hem niet meer zo. Wat ervaar je dan?

    Op de flaptekst staat: ‘In De laatste witte man zet Mohsin Hamid al onze obsessies en halve waarheden op hun kop om een beeld te schetsen van een toekomst waarin we meer met elkaar gemeen hebben dan we nu denken.’

    Mohsin Hamid is een van oorsprong Pakistaanse schrijver die in de Verenigde Staten studeerde. Hij kreeg o.a. les van Toni Morrison. In 2001 debuteerde hij succesvol met Moth Smoke (finalist voor de PEN / Hemingway Award), dat (nog) niet in het Nederlands werd vertaald. Andere boeken van hem zijn wel in het Nederlands verschenen, bijvoorbeeld De val van een fundamentalist (shortlist Man Booker Prize) en Hoe word je stinkend rijk in het nieuwe Azië. Hamid zou het idee voor De laatste witte man hebben opgedaan na 9/11 toen hij merkte dat zijn medemensen hem anders bekeken en behandelden.

    Mohsin Hamid schrijft, woont en werkt in Londen.

    De laatste witte man
    Auteur: Mohsin Hamid
    Uitgeverij: De Bezige Bij (2022)

    Recitatief

    Kleur is ook het thema in Recitatief, want veranderen mensen in De laatste witte man van kleur, in dit korte verhaal van Toni Morrison gaat het om twee meisjes die bevriend raken als ze acht jaar zijn en tijdelijk in een opvang voor daklozen wonen. De een is zwart, de ander wit. Ze wonen er maar kort en verliezen elkaar weer uit het oog, maar komen elkaar in het verhaal nog wel een paar keer tegen. Tot zo ver vrij gewoon. Het bijzondere zit hem in de vraag wèlk meisje zwart en wèlk meisje wit is, want dat blijft voor de lezer onduidelijk!

    In haar voorwoord schrijft Zadie Smith dat Morrison Recitatief zelf bedoeld had als ‘een experiment met het weglaten van alle raciale codes in een verhaal over twee personages van verschillend ras, voor wie raciale identiteit van cruciaal belang is.’
    Zadie Smith zegt daarover: ‘Dit verhaal is eerst een puzzel en dan een spel. Morrison noemde Recitatief een “experiment”, en dat is het. Maar het onderwerp van het experiment is de lezer zelf.’

    Het lijkt een fascinerend en zinvol ‘experiment’. Oordeel zelf!

     

     

    Recitatief
    Auteur: Toni Morrisson
    Uitgeverij: De Bezige Bij (2022)