• Gerritsen speelt virtuoos met flashbacks 

    Gerritsen speelt virtuoos met flashbacks 

    Hoe reageer je als je hoort dat je man is omgekomen bij een auto-ongeluk? De zevenentwintigjarige Roxy, hoofdpersoon uit de gelijknamige roman van Esther Gerritsen, verneemt het nieuws gelaten. Ze gaat weer naar bed, probeert te slapen en belt ’s morgens aarzelend haar kennissen en naaste familie op. De dagen erna blijft ze koel, vooral wanneer ze erachter komt dat er in de aangereden auto van haar man een jonge vrouw aanwezig was, met wie hij al maanden een verhouding heeft.

    Roxy is een ongrijpbaar personage. Ze voelt zich het meeste op haar gemak wanneer ze haar omgeving van een afstandje kan observeren, zonder er echt deel van uit te maken. Daarom trekt ze zich terug op de zolderkamer van haar villa, waar ze in alle rust aan haar autobiografische verhalen kan schrijven. Roxy’s familie en kennissen proberen haar zoveel mogelijk te steunen. Haar ouders, met wie ze een problematische relatie heeft, trekken bij haar in om de leegte op te vangen die er na Arthurs dood is ontstaan. Jane, Arthurs secretaresse, en Feike, de oppas van Roxy’s dochter Louise, zorgen ervoor dat Roxy alle tijd en ruimte heeft om haar verdriet te verwerken. Maar Roxy hoeft helemaal niets te verwerken. Het bezoek van haar ouders komt haar voor als opportunistisch; in een huis dat van alle gemakken is voorzien, willen haar ouders, die een bescheiden bestaan leiden in Brabant, maar al te graag verblijven. De ruimte die ze van Jane en Feike krijgt, ziet ze als een persoonlijke bevrijding. Ze kan wraak nemen op de man die haar bedrogen heeft.  Roxy gaat ver in het loslaten van de verantwoordelijkheden. Het regel- en papierwerk voor de begrafenis en de verzekering laat ze volledig aan Jane over, die zich steeds meer verbaast over de onkunde en onverschilligheid van de kersverse weduwe. Feike neemt de zorg voor Louise voor haar rekening. Wanneer Roxy zelf een keer voor haar dochter moet zorgen, zet ze haar voor de televisie en heeft ze een ‘neukpartij’ met de jonge begrafenisondernemer.

    Roxy stelt voor om een gezamenlijke reis naar Frankrijk te maken, die alle dames in staat stelt om even bij te komen van alle stress en hectiek. Maar de spanningen lopen op wanneer Roxy haar verantwoordelijkheden als moeder en weduwe steeds meer op de anderen afschuift.

    Qua thematiek lijkt Roxy op Hannah Loontjes’ Misschien wel niet, dat eveneens gaat over de verhouding tussen de persoonlijke vrijheid en de verantwoordelijkheden van de moderne vrouw. Het gezin is fijn en veilig, maar het belemmert ook je mogelijkheden. De nieuwsgierigheid naar het Andere blijft bestaan, vreemdgaan ligt op de loer. In Misschien wel niet is het de vrouwelijke hoofdpersoon die haar heil zoekt in een Facebookrelatie met een onbekende Marokkaanse Nederlander. Ze weet dat het eigenlijk niet goed is, maar ze kan het niet laten. In Roxy is het eerst Roxy’s man die veelvuldig een scheve schaats rijdt en daarna, als Arthur is overleden, pakt Roxy uit. Ze geniet van de macht die ze over mannen heeft. Maar ook die ingeslagen richting biedt weinig soelaas. Moet ze dan maar een goede moeder zijn voor haar dochter, die ze steeds meer uit het oog verliest?

    Het is knap hoe Gerritsen de spanning opbouwt naar de uitbarsting aan het einde van de reis, wanneer Roxy’s innerlijke demonen tot uiting komen. Zo gaan de vrouwen aanvankelijk als vriendinnen met elkaar op vakantie, maar slaat de sfeer geleidelijk om in afgunst, onbegrip en vijandigheid. Gerritsen speelt virtuoos met flashbacks, die informatie geven over Roxy’s moeilijke jeugd en haar relatie met de dertig jaar oudere Arthur. Ook Gerritsens vergelijkingen zijn treffend en mooi, vooral met betrekking tot de driejarige Louise. ‘Louise gaapt zonder gêne, zo mooi als dieren dat doen’. En: ‘Louise lacht (…) even hard en net zo lang als de anderen, want Louise is drie en doet graag mee zoals de vogels die in formatie vliegen. Nooit is er één die zo nodig bijzonder moet zijn en een andere kant op wil’.

    In haar vergelijkingen toont Gerritsen zich een scherp observator, zoals ze ook in haar columns en eerdere romans heeft laten zien. Roxy is een goede roman, geschreven in korte, heldere zinnen en gezegend met een ijzersterke structuur. Maar doordat de kwetsbare kant van Roxy zo onderbelicht blijft, wekt ze in de loop van het verhaal vooral irritatie op. Roxy gedraagt zich als een verwend kind dat niet kan kiezen uit het aanbod in de snoepwinkel. Wanneer een opmerking van haar niet in goede aarde valt, keert ze de anderen haar rug toe en voelt ze zich buitengesloten. Ze vraagt haar vader om haar te komen ophalen in het zuiden van Frankrijk, maar als hij na dagenlang reizen is aangekomen, besluit ze toch naar haar dochter te gaan. Iedereen om haar heen doet zijn best haar te helpen, maar ze toont amper dankbaarheid. Misschien hoort het allemaal bij het karakter van een vrouw die nooit op eigen benen heeft gestaan, maar sympathiek is het niet.

     

     

  • Vluchten in je fantasie

    Vluchten in je fantasie

    De Noorse schrijfster Herbjørg Wassmo (1942) debuteerde in 1972 met de dichtbundel Vingeslag. In 1981 brak ze met de Tora-trilogie door als auteur. Inmiddels heeft Wassmo ruim een dozijn boeken op haar naam staan die in verschillende landen bestsellers werden. Ook ontving zij meerdere onderscheidingen. Het huis met de blinde serre is het eerste deel van de bekroonde reeks over het meisje Tora. Onlangs verscheen het opnieuw in een kleine uitgave in de Colibri-bibliotheek.

    De 12-jarige Tora woont rond 1955 met haar moeder in een vissersdorpje in het noorden van Noorwegen. Met een enorm inlevingsvermogen beschrijft Wassmo het leven van dit meisje dat 10 jaar na de oorlog nog steeds ‘dat moffenjong’ blijft. Tora is geboren uit een relatie tussen een vissermeisje en een Duitse officier en in het dorp waar ze woont wordt zij uitgescholden en buiten gesloten. Van haar willoze, getraumatiseerde moeder hoeft zij geen steun of liefde te verwachten. Tora’s moeder is hertrouwd met een werkloze alcoholist die in de gevangenis heeft gezeten. Terwijl moeder hard werkt op de visafslag en als schoonmaakster, misbruikt haar stiefvader Tora. Tora durft niemand in vertrouwen te nemen. Het verdriet en de eenzaamheid van dit meisje zijn aangrijpend en invoelbaar beschreven. Vooral het gevoel van onveiligheid zowel thuis als in het dorp overheerst en is beklemmend.
    De macht die stiefvader Hendrik over haar heeft is alles overheersend.
    ‘Toen had ze begrepen dat Hendrik de sterkste was.’ (10) ‘En Tora wist dat de sterkste de dienst uitmaakte en altijd gelijk had. Het was belangrijk om te weten wie de sterkste was. Hendrik was de sterkste.’(26)
    Hendriks dreigende aanwezigheid maakt Tora’s leven ondraaglijk. Altijd let hij op haar en ze leert zich zelfs aan in zijn bijzijn alleen het het allernoodzakelijkste te eten. Alleen zijn blik al doet haar knoeien met haar eten en hem in woede uitbarsten. Maar het ergste is het misbruik. ‘Handen. Handen die in het donker kwamen. Dat was het gevaarlijkste.’(10)

    Tora wordt steeds zwijgzamer en ze bezwijkt bijna onder de schuldgevoelens. Heel langzaam verliest ze alle contact met haar omgeving. Haar enige ontsnapping zijn haar fantasie en de wereld in haar boeken. Een ander lichtpuntje in haar zwarte leven is haar tante Rakel. Deze zus van haar moeder is ongewild kinderloos en biedt Tora warmte. Al snakt Tora naar de liefde van haar ongrijpbare moeder en niet die van haar tante. Daarom fantaseert Tora vaak dat Rakel haar echte moeder is. Net zoals ze droomt over een vader in het verre Berlijn en het leven van haar mooie lerares op school.

    Het huis met de blinde serre is een zwaar boek, maar het wordt nergens naargeestig. De beklemming knijpt je keel af en toe dicht. Dat komt vooral door Wassmo’s schrijfstijl; als knap vertelster suggereert ze meer dan ze benoemt. Ook de rake, intense beschrijvingen van het rauwe Noorse leven in een kleine gesloten gemeenschap dragen bij aan die beklemming. Als lezer kruip je dicht op de huid, of beter gezegd zelfs onder de huid, van meisje Tora en dat maakt dat je wilt weten of zij het redt. Dat is een voordeel van deze heruitgave: de overige delen uit de trilogie zijn al verschenen zijn, lang wachten op het antwoord hoeft dus niet.