• Papa de Kom

    Papa de Kom

    Wij slaven van Suriname (1934), het baanbrekende boek van Anton de Kom, was het eerste werk dat de geschiedenis van Suriname vertelde vanuit het perspectief van de tot slaaf gemaakten en de onderdrukten. Dit maakt De Kom een pionier in de dekoloniale geschiedschrijving. Zijn nalatenschap leeft voort in de strijd voor sociale rechtvaardigheid, onderwijs en emancipatie. Zijn naam is verbonden aan instituten, zoals de Anton de Kom Universiteit van Suriname en zijn gedachtegoed blijft relevant in discussies over koloniale erfenissen en identiteit.

    Deze week vonden in Suriname en Nederland diverse activiteiten plaats die verband hielden met Anton de Kom. In Suriname werd dinsdag 18 februari de lezing ‘Wil de echte wereldburger opstaan?’ georganiseerd door de Anton de Kom-leerstoel en de Adekus. Inleider en leerstoelhouder Guno Jones verklaarde dat Anton de Kom zich verzette tegen onderdrukking en uitbuiting. ‘De Kom was een organische activist die de noden van arbeiders uit verschillende etnische groepen in kaart bracht. Na zijn uitzetting voltooide hij zijn manuscript.’
    Donderdag bood de Gemeente Amsterdam een speciale heruitgave van Wij slaven van Suriname aan de stad Amsterdam aan, ter gelegenheid van het tachtigjarige jubileum van de bevrijding van Nederland van de nazi’s. Vanaf 22 februari, de geboortedag van De Kom, is deze editie gratis verkrijgbaar bij de Openbare Bibliotheek Amsterdam (OBA). Exemplaren worden ook naar Suriname gestuurd.

    Het is duidelijk dat De Kom zich inzette voor alle Surinamers. Bij zijn huis in Paramaribo, in de straat die naar hem is vernoemd, nam hij plaats op een stoel en tafel en deed iets dat nauwelijks werd gedaan in die tijd: hij luisterde naar de noden van de arbeiders en schreef die op. Arbeiders van verschillende bevolkingsgroepen, hij maakte geen onderscheid. Zij noemden hem uit respect ‘Papa de Kom’.

    Voor zijn open oor en kritische blik op de overheersers werd hij opgepakt en in de gevangenis gezet. Op dinsdag 7 februari 1933 volgde er een protest voor de vrijlating van De Kom. De politie kreeg het bevel om het vuur te openen op de demonstranten. Er vielen twee doden en 22 gewonden. De dag staat in geschiedenisboeken bekend als ‘Zwarte Dinsdag’.

    Zijn boek kwam ik jaren geleden tegen toen ik informatie zocht over de vrijheidsstrijder Boni. Ik werd aangenaam verrast, want naast de informatie was ik ook onder de indruk van de schrijfstijl van De Kom. Wij slaven van Suriname is geschreven in ouderwets Nederlands, maar nog steeds goed te begrijpen.

    De Kom was sarcastisch over verschillende aspecten van het verleden van Suriname, zoals de manier waarop de overheersers naar de Surinaamse samenleving keken. Wat het boek destijds echter duidelijk maakte, is dat ik – en wij – van veel niet afweten over ons eigen verleden. Veel zaken zijn onbekend en nog verborgen, niet alleen over het slavernijverleden.

    Iemand tot een held maken is subjectief. Je bepaalt namelijk op basis van je eigen inzichten of je iemand als een held beschouwt. Ik vind De Kom een held, omdat hij het lef had om tegen de stroom in te gaan, informatie te onderzoeken, vast te leggen en te delen, met het besef dat dit ooit van belang zou zijn. De Kom moedigde mensen aan om op te komen voor hun rechten en achter hun principes te staan.

    ‘Is het gedachtegoed van De Kom goed doorgedrongen in de Surinaamse samenleving?’ vroeg onderminister en historicus Maurits Hassankhan aan de zaal aan het einde van de lezing van Jones. Een vraag die ik ook meegeef aan de lezers.

     

     

    Notie: Deze column verscheen eerder in de Surinaamse krant De ware tijd.


    Kevin Headley (1983), woonachtig in Paramaribo, is een Surinaamse documentairemaker, journalist en schrijver. Hij schrijft voor OneWorld, schreef blogs voor Tirade.nu en publiceert verhalen op Papieren Helden.

  • Zolang het geweten spreekt is er hoop

    Zolang het geweten spreekt is er hoop

    Hebben mensen rechten en zo ja, welke. En wat betekent hoop? Wat is rechtvaardig en wanneer moet het geweten worden geraadpleegd? Op deze vragen probeert Ernst Hirsch Ballin (rechtsgeleerde, oud-minister van Justitie en van Binnenlandse Zaken) in deze essaybundel een antwoord te geven.

    Tegen de stroom gaat over de constatering dat er altijd mensen zijn die zich vanuit hun geweten tegen geldende wetten en regels durven keren, die tegen alom heersende opvattingen in ‘nee’ durven zeggen, zelfs al gaat dat ten koste van hun eigen leven. Alleen door een dergelijke kritische houding worden recht en rechtvaardigheid gewaarborgd, stelt Hirsch Ballin.

    Betoog snijdt hout
    Dit boek is er niet een voor het grote publiek. Het vooronderstelt gedegen kennis van de moderne geschiedenis en in mindere mate van de filosofie. Het intellectualistische, nauwkeurige taalgebruik – zoals het een jurist weliswaar betaamt – leest bepaald niet voor de vuist weg. Af en toe benaderen de zinnen een abstractieniveau dat opnieuw lezen noodzakelijk maakt. Dat is jammer, want Hirsch Ballins betoog snijdt hout. Niet alleen politici, rechterlijke macht en bestuurders van maatschappelijke organisaties zouden geregeld moeten nadenken over de vraag of wetten en regels aanpassing behoeven. Ook de willekeurige burger zou zich vaker kunnen realiseren dat zwart-wit oordelen volgens de regels van de rechtsstaat nog niet vanzelfsprekend rechtvaardigheid oplevert.

    Dragers van hoop
    Als voorbeelden van ‘dragers van hoop’ voor zijn verhandeling haalt Hirsch Ballin vier persoonlijkheden uit de moderne geschiedenis naar voren:

    Titus Brandsma, pater, hoogleraar en spiritueel denker waarschuwde al voor de Tweede Wereldoorlog tegen de rassenhaat en het opruiende karakter van de nazi’s. Hij zette katholieke dagbladdirecteuren ertoe aan om NSB-advertenties te weigeren, wat door de Duitse Sicherheitsdienst als Wühlarbeit werd omschreven en waarvoor hij werd gearresteerd en in Dachau vermoord.

    Lodewijk Ernst Visser, eerste Joods-Nederlandse president van de Hoge Raad werd aan het begin van de Tweede Wereldoorlog ontslagen. Als voorzitter van de Joodse Coördinatie Commissie kwam hij op voor de Joden, reden voor de  Duitse bezetter om met een concentratiekamp te dreigen. Voor het zover kwam overleed Visser aan een hersenbloeding.

    Anton de Kom, Surinaams-Nederlandse schrijver en activist, weigerde de koloniale overheersers als superieur te erkennen, was uitgesproken anti-kolonialist en werd naar Nederland verbannen. Daar streed hij tijdens WOII tegen de Duitse bezetters. Hij kwam in een concentratiekamp aan zijn einde.

    Thomas More verwierp in 1534 de door het parlement aanvaarde wet die de koning aan het hoofd van de Church of England plaatste: vorsten dienden niet te bepalen wat het volk mocht geloven, betoogde hij. More werd onthoofd.

    Alle vier volgden hun geweten en waren strijders voor recht en dragers van hoop.

    Strijd of alledaagse zorgen
    Vanuit de historie trekt Hirsch Ballin lijnen naar het heden. Vertrouwen in een rechtsstaat ontstaat alleen wanneer naast normen ook gevoelens en emoties van mensen een plaats krijgen. Culturele verschillen mogen daarbij niet over het hoofd gezien worden. Kan de strijd tegen mensonwaardige repressie niet ook de onze worden? vraagt Hirsch Ballin zich af. ‘Is dat niet de vraag die we ons moeten stellen in deze tijd van toegenomen internationale conflicten, inhumaan geweld en vluchtelingenstromen? Of overvragen we dan de spankracht van een democratie waarin mensen toch het recht hebben zich te laten leiden door hun alledaagse zorgen en onzekerheden?’ Met andere woorden: moet de doorsnee burger die geen politieke, juridische of bestuurlijke verantwoordelijkheid draagt zijn geweten belasten met de grote maatschappelijke vraagstukken?

    Kritische afstand 
    Als rechtgeaard katholiek laat Hirsch Ballin niet na gewag te maken van de christelijke grondslag van onze samenleving. De rechten van mensen, in 1789 vastgelegd in de Déclaration des droits de l’homme et du citoyen, zijn gestoeld op het christelijke gedachtegoed. ‘Daarmee werden die rechten niet alleen gejuridiseerd maar ook geseculariseerd […] Inmiddels zijn de rechten van mensen in Nederland en ons omringende landen in de grondwet en in het EU-recht verankerd.’ Maar, zo betoogt Hirsch Ballin, rechten van mensen houden ook in dat kritisch afstand nemen van het geldende wettelijke recht geoorloofd is.

    Bestaansrecht minderheid
    Dat is niet alleen nodig bij het recht, ook het standpunt van een meerderheid hoeft niet door iedereen klakkeloos te worden gevolgd. Liever niet zelfs, want dat zou betekenen dat de macht bij de volgzame massa ligt en dat anders- en kritisch denkenden en minderheden rustig kunnen worden genegeerd.
    De gewetensvolle Hirsch Ballin zelf weerstond de macht van de meerderheid toen hij in oktober 2010 het CDA in verlegenheid bracht door tijdens het partijcongres tegen deelname van zijn partij aan het gedoogakkoord met Geert Wilders en de PVV te stemmen. De essays uit Tegen de Stroom illustreren zijn houding van toen en de noodzaak het geweten nooit geweld aan te doen.

    Kortom, zolang er mensen zijn die hun geweten laten spreken en die opportunisme plus de weg van de minste weerstand links laten liggen, is er hoop.