• Oogst week 45 – 2025

    Strijden voor de mens – Oorlogsgeschriften (1936-1944)

    Antoine de Saint-Exupéry (1900-1944) schreef meerdere romans, essays en brieven maar werd vooral beroemd, wereldberoemd, met De kleine Prins (1943). Bedoeld als kinderboek worden ook miljoenen volwassenen wereldwijd nog steeds geïnspireerd door het verhaal van een prinsje dat na een bezoek aan verschillende planeten op de aarde terechtkomt. Met de piloot die hij daar ontmoet voert hij gesprekken vol fantasie en wijsheid over vriendschap, verantwoordelijkheid en inzicht. De Sain-Exupéry was piloot en in de Spaanse burgeroorlog oorlogscorrespondent. In WOII werd in 1944 zijn toestel bij de kust van Marseille neergeschoten, waarbij hij omkwam.

    Strijden voor de mens is een selectie van essays, brieven en toespraken waarin De Saint-Exupéry de aard van de mens onderzoekt – soms met wanhoop in het hart – en signaleert hoe beschaving en respect worden afgebroken. Hij bericht vanuit de loopgraven in de Spaanse burgeroorlog en vanuit de lucht tijdens de Tweede Wereldoorlog. Oorlog is volgens hem een ziekte die het mens-zijn ondermijnt. Hij zet wel uiteen waarom strijd onvermijdelijk is, maar blijft ook hoopvol over een mensheid waarin haat en wraak naar de marges worden gedrongen. De teksten getuigen van de aard van de Europese mens en zijn nog steeds actueel.

     

    Auteur: Antoine de Saint-Exupéry
    Uitgeverij: Nobelman

    Het woord en de wereld – Duidingen van een dichter

    Piet Gerbrandy (1958) is classicus, dichter en essayist. Hij doceert Latijn aan de Universiteit van Amsterdam en vertaalt uit het Latijn en Grieks. Hij heeft tientallen publicaties op zijn naam staan waaronder vijftien dichtbundels. Onder de talloze prijzen die hij won is de Frans Kellendonkprijs voor zijn gehele oeuvre. Het woord en de wereld is Gerbrandy’s zesde bundel essays. Daarin schrijft hij op inzichtelijke wijze over klassieke en hedendaagse poëzie.

    Het woord vooraf begint hij met: ‘Sinds Parmenides en Herakleitos zich tweeënhalf millennium geleden begonnen af te vragen wat ze onder het Zijn zouden moeten verstaan, hebben dichters, denkers, biologen en psychiaters gepoogd de meest uiteenlopende antwoorden op die vraag te geven, tot nu toe zonder eenduidig resultaat. (…) Het ontslaat ons echter niet van de plicht om de grote vragen te blijven stellen. Wie zijn we? Hoe staan we in de wereld? Wat is schoonheid? Hoe moeten we handelen?’

    Gerbrandy pretendeert niet hier antwoorden op te hebben. In de essays denkt hij na over die grote vragen via de gebieden filosofie, antropologie, biologie, religie en poëzie. Hij behandelt schrijvers en dichters uit de oudheid en uit het heden. Zo noemt hij Herman Gorter, Lucebert, Annemarie Esdor, Dante, en Griekse denkers. De tekst laat zich lezen als een doorlopend verhaal. Het eerste hoofdstuk ‘Zwammen, woorden en spiegels – Poëzie als symbiose’ begint dan ook met het bespreken van de kosmos. ‘De goden hebben ons verlaten, ze zijn ondergedoken, (…)’ Achterin legt Gerbrandy verantwoording af. Er is een bibliografie opgenomen en een namenregister.

     

    Auteur: Piet Gerbrandy
    Uitgeverij: Atlas Contact

    Jij blijft

    Zestigjarige Sam krijg in de autobiografische roman  Jij blijft van Gerard van Emmerik te horen dat hij niet lang meer te leven heeft, een boodschap die hij eens goed moet verwerken. Hij besluit om er voorlopig niets over aan zijn partner Luc te vertellen. ‘De dood werd iets om serieus te nemen, om in hem te geloven, vooral ‘s nachts, want ik hoefde maar te gaan liggen of daar was hij, (…)’.

    De twee hebben al veertig jaar een stabiele relatie en de huiselijke sfeer wil Sam graag vasthouden, ondanks de kleine irritaties en zijn af en toe de kop opstekende verlangen om alleen te wonen. Toch wordt de vertrouwde sfeer onderuit gehaald als Sam zijn doodvonnis heeft gekregen. De onderhuidse spanning stijgt. Is het niet vertellen aan Luc, al zal hij het op een zeker moment wel gaan doen, een goede beslissing? ‘Ik blijf staan, misschien op een manier zoals een aanstaande dode dat doet.’ Als hij eindelijk open over zijn naderende dood wil praten gebeurt er iets onverwachts.

    Jij blijft is een met ironie geschreven ontroerende en intieme roman over liefde en dood, soms cru en tegelijkertijd subtiel. Van Emmerik (1955) publiceerde eerder tien romans en verhalenbundels.

    Auteur: Gerard van Emmerik
    Uitgeverij: De Kring
  • Wat moeten we doen

    Wat moeten we doen

    Bliksemflitsen en gigantische wolkenformaties voor zover je kon zien. Vlieger Fabien berekende zijn kansen. Was het een lokale onweersbui? Het eerstvolgende vliegveld had gemeld dat er maar driekwart bewolking was. De verleiding was sterk om terug te keren en weer een hemel vol sterren binnen te vliegen, maar hij besloot door te gaan. Als het goed was, hoefde hij nog maar twintig minuten door dat zwarte beton te vliegen. De telegrafist schoof hem een briefje toe: ‘Waar zijn we?’ Fabien had graag een goed antwoord gegeven, maar hij antwoordde: ‘Geen idee. We vliegen op kompas door een het onweer’. De situatie werd snel slechter, ook het dichtstbijzijnde vliegveld meldde nu dat de weersomstandigheden dramatisch waren veranderd: ‘Orkaan, dertig meter per seconde, stortregens’. Fabien gaf de telegrafist een nieuwe opdracht: ‘Sein naar Buenos Aires: Aan alle kanten ingesloten. Stormgebied strekt zich uit over honderd kilometer. Zien niets meer. Wat moeten we doen?’

    ‘Wat moeten we doen?’ Vier woordjes die de kern vormen van Nachtvlucht, de klassieke novelle (of is het een kort verhaal?) die begin jaren dertig werd geschreven door Antoine de Saint-Exupéry, zelf piloot en journalist. Een verhaal als een vuistslag over de vlucht die eindigt in het niets. Vliegtuig plus bemanning vermist, nooit meer teruggevonden. Een voorafschaduwing van het eigen levensverhaal van de auteur: in 1944 stortte hij neer in de Middellandse Zee bij een verkenningsvlucht over het bezette Frankrijk. Zijn boek is zojuist opnieuw in het Nederlands vertaald en uitgebracht door Uitgeverij Bint te Amersfoort. In een bericht achterin het boek laat Bint weten dat de lezer op zijn website recensies en achtergronden kan vinden over het boek en bovendien biografische informatie over de schrijver. Helaas is dat een loze mededeling want er is niets van dien aard op de website te vinden. Gelukkig zijn we niet van de uitgeverij afhankelijk want Nachtvlucht hoort tot de top van de wereldliteratuur en is in alle toonaarden besproken en bezongen. Ook onder piloten, zoals we kunnen lezen in The Right Stuff van de Amerikaanse schrijver Tom Wolfe. Hij vertelt over de experimenten van testpiloot Yeager in de jaren vijftig om de geluidsbarrière te doorbreken met vliegtuigen die leken op ‘schoorstenen met vleugeltjes’. Levensgevaarlijk werk met glijvluchten, tuimelingen en draaibewegingen. Voor iemand die dergelijke risico’s loopt, schrijft Wolfe ‘was [er] maar één ding waar je aan kon denken, zoals Saint-Exupéry al had gezegd: Wat moeten we doen?’

    Fabien vliegt zijn machine ’s nachts over Argentinie; hij brengt de post van Patagonië naar Buenos Aires. Daar wacht het vliegtuig naar Europa om de postzendingen verder te brengen. Bij zijn vertrek had hij met zijn vrouw uit het raam van hun appartement gekeken, de vriendelijke stad met haar vrolijke lichtjes en haar warmte. Hij had geglimlacht: ‘Die stad… al heel gauw zal ik er ver vandaan zijn. Het is prachtig, ’s nachts vertrekken. Je trekt de gashendel open en je start richting zuiden en tien seconden later keer je het landschap een halve slag om en vlieg je naar het noorden. De stad is dan niet meer dan een stuk zeebodem’. Mevrouw Fabien bezoekt de vluchtleiding op het vliegveld van Buenos Aires als haar man aldoor maar niet arriveert. De grote baas Rivière heeft met haar te doen, ze is net een paar maanden getrouwd, maar de gang van zaken in het hoofdkwartier is nauwelijks verstoord. Terwijl ze een kopje koffie drinkt en zich verontschuldigt voor haar ongerustheid, heeft de routine zich hersteld. ‘Het kaartje van de RB 903, het toestel van Fabien, hing op het prikbord al in het rijtje van niet-beschikbaar materieel’. Rivière is blij dat hij geen vluchten heeft afgelast, sterker nog, hij is innig tevreden dat hij een nieuwe vlucht de nacht in heeft gestuurd. ‘Overwinning… nederlaag… Die woorden betekenen niets. Het leven trekt zich niets aan van deze denkbeeldige voorstellingen en bereidt alweer nieuwe voor’.

    Nachtvlucht lijkt een simpel avonturenverhaal, maar beeldt het menselijke drama in al z’n dimensies uit. Een impressionistisch meesterwerk, zoals Heart of Darkness of Moby Dick. James Salter, die als vechtpiloot in de Koreaanse oorlog actief is geweest en zich als schrijver een grote reputatie heeft verworven, zegt dat hij door Saint-Exupéry ‘verleid werd’. De auteur van Nachtvlucht was voor hem eerst vooral een cultureel icoon, later ook een inspirerende persoon van vlees en bloed. Het grote voorbeeld. ‘In such footsteps I would follow’, schrijft Salter.

     

  • Oogst week 43

    Het litteken van de dood

    ‘Niemand is dichter bij de waarheid gebleven dan ik,’ deelde Jan Wolkers Onno Blom al heel snel nadat Blom de uitdaging aangenomen had zijn biograaf te worden mee: ‘Mijn leven en werk zijn één.’ Nu het werk van de biograaf er na tien jaar op zit, kan Blom niet anders dan concluderen dat Jan Wolkers veel meer dan hij vooraf vermoedde aan de werkelijkheid ontleend heeft.
    Een vraag die na alle aandacht rondom het verschijnen van Het litteken van de dood: de biografie van Jan Wolkers nog niet beantwoord is: vindt Onno Blom dat de wijze waarop Wolkers van zijn leven zijn werk maakte aanleiding geeft om de academische ideeën over feit en fictie te herzien?

    Misschien staat het antwoord in het ruim 1100 pagina’s tellende boek waarop Onno Blom op de tiende sterfdag van Jan Wolkers promoveerde, waarin de jonge doctor eerder beschrijvend dan beschouwend een door driften gedreven kunstenaarsleven reconstrueert.

    Het litteken van de dood
    Auteur: Onno Blom
    Uitgeverij: De Bezige Bij

    De vos

    Er mag dan vrij prominent ‘roman’ op de cover staan, het eerste deel van De vos van Dubravka Ugresic heeft weinig weg van een verzonnen verhaal. Het is een essay waarin het scheppen dan wel produceren van verhalen centraal staat. Dubravka Ugresic ontleedt niet alleen Verhaal over hoe verhalen ontstaan van Boris Pilnjak – dat zich uitermate goed leent om het te hebben over de scheidslijn tussen beleefd en verzonnen, schrijven in de eerste persoon enkelvoud, het ongenoegen van een persoon die personage werd en rol van lezer en literatuurwetenschapper als ‘afmaker’ van een verhaal – maar vlecht ook zichzelf als onderzoekende lezer in het essay.

    De overige vijf delen ogen minder theoretisch, maar net als De sleutelroman ontsloten en Museum van onvoorwaardelijke overgave is De vos een hybride boek. Een boek waarin Dubravka Ugresic vertelt en beweert en de vos slim en sluw mag zijn en er met de buit vandoor mag gaan. Een roman die bewijst dat ze zelf een vos is: een schrijver die in staat is verschillende ideeën en ervaringen te combineren.

    De vos
    Auteur: Dubravka Ugresic
    Uitgeverij: Nijgh & Van Ditmar

    Aantekeningen over het verplaatsen van obelisken

    Alles van waarde in Aantekeningen over het verplaatsen van obelisken verwijst naar de werkelijkheid waarin Arjen van Veelen een vriend verloor. Niet zomaar een vriend: Thomas Blondeau voltrok als bijzonder ambtenaar van de burgerlijke stand het huwelijk tussen Arjen van Veelen en Rosanne Hertzberger. Thomas Blondeau was net als Van Veelen schrijver, al beoefenden ze verschillende genres. Blondeau overleed vier jaar geleden, hij was pas 35.

    Van Veelen ‘is’ de jonge schrijver die in Aantekeningen over het verplaatsen van obelisken afreist naar Alexandrië om er te zoeken naar de tombe van Alexander de Grote, over wie die schrijver voornemens is een biografie te schrijven. Blondeau ‘is’ de schrijver van de boeken die de jonge schrijver zonder dat iemand het ziet achter wil laten in de herbouwde bibliotheek van Alexandrië.
    Aantekeningen over het verplaatsen van obelisken gaat over verliezen en rouwen in dit specifieke geval. Over de weg kwijt zijn en de draad weer oppakken. En daarmee net zo goed over het leven als over de dood.

    Van Veelen laat zien dat hij een roman aan kan, maar verloochent zijn journalistieke en essayistische stiel niet.

    Aantekeningen over het verplaatsen van obelisken
    Auteur: Arjen van Veelen
    Uitgeverij: Bezige Bij, De

    Nachtvlucht

    Toen Antoine de Saint-Exupéry in 1931 Nachtvlucht schreef, stond de luchtvaart nog in de kinderschoenen. Het was een hele verantwoordelijkheid om piloten veilig weer aan de grond te krijgen, maar de belangen waren ook toen al groot. Vandaar dat postvlieger Fabien ondanks de invallende duisternis en het slechte weer dat op komst is door Rivière gedwongen wordt op te stijgen en de post uit Patagonië te bezorgen.

    De Saint-Exupéy – die zelf beroepsvlieger was – laat zien wat het enerzijds betekent om het voor het zeggen te hebben en anderzijds hoe dwingend plichtsbesef kan zijn. Hij ontleedt de psyche van de man aan de grond die zich realiseert dat de kans op een behouden vlucht steeds kleiner wordt. Hij was degene die met een nachtvlucht tijd hoopte te winnen en de zo de voordelen van vliegen boven vervoer per trein of boot aan te tonen en daar nu een hoge morele prijs voor moet betalen. Ondertussen doet de piloot er alles aan om de weersomstandigheden, zijn kist en zijn emoties de baas te blijven.

    Nachtvlucht van Antoine de Saint-Exupéry is de vierde klassieker waarvan Uitgeverij Bint vindt dat hij niet van de radar mag verdwijnen. De uitgever herzag de vertaling, waardoor deze  realistische en nog steeds actuele De Saint-Exupéry weer jaren mee kan.

    Nachtvlucht
    Auteur: Antoine de Saint-Exupery
    Uitgeverij: Uitgeverij Bint