• Oogst week 44 – 2019

    Pastorale

    Stephan Enter (1973) werd maar liefst vier keer genomineerd voor de Libris Literatuurprijs: tweemaal behaalde hij de longlist en tweemaal drong hij door tot de shortlist. Daarnaast sleepte hij nominaties voor diverse andere literaire prijzen in de wacht. In 2012 won hij C.C.S. Croneprijs, een oeuvreprijs van de stad Utrecht die iedere twee jaar wordt uitgereikt. Nu is zijn nieuwste roman verkrijgbaar: Pastorale.

    Het boek speelt zich af tijdens een zomer in de jaren 80 en gaat over een dorp met een gereformeerd en een Moluks gedeelte. Enerzijds gaat Pastorale over volwassenheid en voor het eerst verliefd worden, anderzijds over de Molukse gemeenschap uit het dorp, die door Nederland is weggestopt in een voormalig concentratiekamp.

    Pastorale
    Auteur: Stephan Enter
    Uitgeverij: Uitgeverij Van Oorschot

    Vind me

    André Aciman (1951) schrijft fictie, non-fictie en verhalenbundels, maar is vooral bekend van de roman Noem me bij jouw naam. Dit boek werd succesvol verfilmd als Call me by your name. In het nieuwste boek van Aciman, Vind me, keren de personages uit Noem me bij jouw naam terug.

    Het is vijftien jaar later: Elio is inmiddels pianist geworden en Olivier werkt als professor in de Verenigde Staten, al heeft hij nog heimwee naar Italië én naar degene van wie hij nooit afscheid heeft kunnen nemen. Daarnaast wordt Samuel, Elio’s vader, verliefd op een veel jongere vrouw. Vind me is de voortzetting van het magische liefdesverhaal dat met Noem me bij jouw naam begon.

    Vind me
    Auteur: Andre Aciman
    Uitgeverij: Ambo|Anthos

    Roots

    Bij IJsland denken de meeste mensen aan kou, het noorderlicht of een prachtig landschap. Dat IJsland ook op culinair gebied veel te bieden heeft, laat chefkok Dagný Rós Ásmundsdóttir (1972) zien in ROOTS. Dagný Rós Ásmundsdóttir komt oorspronkelijk uit IJsland en woont al meer dan een decennium in België. Ze is bekend van onder anderen de Vlaamse versie van het televisieprogramma MasterChef en van haar deelname aan De Slimste Mens.

    Roots bevat vijftig recepten uit de jeugd van Dagný Rós Ásmundsdóttir. Ze heeft deze recepten een moderne twist gegeven, waardoor ze een aangename kennismaking met de IJslandse keuken vormen.

    Roots
    Auteur: Dagny Rós Asmundsdottir
    Uitgeverij: Manteau
  • Verlangen in vele variaties

    Verlangen in vele variaties

    Binnenkort gaat de verfilming van het alom geprezen Noem me bij je naam van de New Yorkse auteur André Aciman in première. Het boek gaat over de onweerstaanbare aantrekkingskracht tussen twee jongens die leidt tot een passionele zomer waaraan ze de rest van hun leven met nostalgie terugdenken. In zijn nieuwe roman Het raadsel van de liefde bouwt Aciman voort op het thema dat hij gestart is in Noem me bij je naam. De zoektocht naar het verlangen komt de hele tijd boven drijven en wordt op verschillende manieren aan de lezer onthuld. Het Proustiaanse van À la recherche du temps perdu steekt zeker de kop op.
    Het raadsel van de liefde is een verhaal vol melancholie, nostalgie en onbeantwoorde verlangens. De Engelse titel Enigma variations slaat de spijker op de kop: als lezer word je blootgesteld aan verschillende variaties van het mysterie dat verlangen heet. Aciman ontleende de titel aan het gelijknamige werk van de Britse componist Edward Elgar die in veertien variaties een vriend beschreef. Aciman probeert, net als Elgar, het onbeschrijfbare gevoel van de liefde te beschrijven via variaties op het thema. Op een muzikale manier, met soms lange, maar fantastisch gebouwde zinnen schept hij een aandoenlijke melodie over de liefde en het leven.

    Aciman schrijft geen chronologisch geordend verhaal, maar toont flarden uit het leven van New Yorker Paul. Je kan het bijna een verhalenbundel noemen, waarin het hoofdpersonage en het thema de rode draad vormen. Het raadsel van de liefde mag je ook letterlijk nemen, want Paul (en de lezer) wordt er constant mee geconfronteerd.

    André Aciman confronteert de lezer meteen met een mysterie. Het hoofdpersonage keert terug naar het Italiaanse kustplaatsje waar hij zijn jeugd doorbracht. De openingszin luidt: ‘Ik ben teruggekomen vanwege hem.’ Dat roept onmiddellijk de vraag op: naar wie verwijst ‘hem’? Zijn vader? Een vriend? Zijn verloren jeugd?
    Langzaam ontspint zich het relaas van een eerste (onbeantwoorde) liefde. Als twaalfjarige wordt Paul halsoverkop verliefd op Nanni, de timmerman die de meubels van zijn ouders restaureert. Hij probeert zijn grenzeloze verlangen onder controle te houden en zoekt naar respons bij de tien jaar oudere meubelmaker. Uit de manier waarop Nanni beschreven wordt, spreekt Pauls onweerstaanbare drang naar een fysieke vereniging, waar hij ook bij elke ontmoeting naar hunkert. Nanni weet wat er gebeurt: ‘Je moet mensen zo niet aanstaren…Gedraag je, Paolo, en ga naar huis.’ Paul is hiervan kapot, voelt zich vernederd, maar blijft hunkeren. Geleidelijk aan ontdekken we het ware geheim van Nanni en zijn afwijzing.

    Getekend door het verleden vinden we de volwassen Paul zoveel jaar later getrouwd terug in New York. Verhard en gedreven door woede en achterdocht is hij ervan overtuigd dat zijn vrouw vreemdgaat. Alle signalen wijzen die kant op, en toch miskijkt hij zich op de enige echte waarheid, die in hemzelf verscholen ligt.
    Het derde deel van Het raadsel van de liefde is een beschrijving van het puur zinnelijke verlangen naar de ander. Manfred, een Duitse leraar, die samen met hem tennist, is het object. De manier waarop Aciman hier opwinding en verlangen beschrijft, is onnavolgbaar en beklijvend. Pure passie spat van de pagina’s en blijft nazinderen in je hoofd.
    Daarna volgt een relaas van afstoting en aantrekking, waarbij Chloé met wie hij om de vier jaar een passionele seksuele relatie heeft die opflakkert en weer sterft, het onderwerp van zijn verlangen is.
    Het laatste deel beschrijft zijn relatie met jonge schrijfster Heidi. De vele afspraakjes in hun cafeetje op Abingdon Square scheppen hoge verwachtingen. De hunkering laait torenhoog op, maar leidt uiteindelijk tot een vriendelijk, maar knagend afscheid: ‘Misschien is wat wij willen nog niet uitgevonden.’

    Het boek lijkt op het eerste gezicht wanhoop uit te stralen, maar niets is minder waar. De mens droomt, verlangt, hunkert en soms wordt dit beloond, maar even vaak wordt hij bedrogen door zijn dromen. Ondertussen beleeft hij wel pijnlijk plezier aan de hunkering, het verlangen en alle taferelen die zich in zijn hoofd hebben afgespeeld. De fantasieën over de liefde winnen het hier van de realiteit van de liefde. Aciman neemt de lezer dankzij zijn zeer meeslepende stijl van begin tot einde mee in zijn hunkering, verlangen en schaamteloze lust. De mens blijft eeuwig op zoek naar de liefde, nieuwe ontmoetingen leiden soms tot vreemde kronkels en verlangens: Aciman lijkt alle kwaliteiten te bezitten om deze soms pijnlijke en knagende emoties op een rake en juiste manier weer te geven.

  • Bladzijden vol hunkering

    Bladzijden vol hunkering

    De eerste grote verliefdheid, de verliefdheid die alles wat daarna komt in de schaduw stelt, dat is het thema van Noem me bij jouw naam van André Aciman. De auteur doceert vergelijkende literatuurwetenschap in New York, schrijft voor The New Yorker en The New York Review of Books leert de achterflap ons. En dat is ook meteen het milieu van het boek.
    Elio, een zeer muzikale en intelligente adolescent, woont met zijn familie in een prachtig gelegen villa aan de kust in Italië. Zo’n jongen die Haydn bewerkt voor gitaar en moeiteloos klassieke stukken speelt op de piano, maar evenzogoed kan meepraten over klassiek literaire werken en de nieuwste poëzie bijhoudt (ja, wie wil er niet zo’n jongen). Zomers krijgt de familie altijd een gast. Een jonge wetenschapper die onderdak krijgt om verder te werken aan iets belangwekkends en in de tussentijd iets aan zijn Italiaans kan doen.
    In de zomer waarin het boek speelt, komt de Amerikaanse Oliver naar het huis en meteen weet hij iedereen in en om het huis in zijn ban te krijgen. Ook Elio is vanaf het begin gebiologeerd door deze man en wordt heimelijk verliefd op de man die gedurende de zomermaanden op zijn slaapkamer bivakkeert, terwijl hij in de slaapkamer ernaast ligt.
    Wat volgt zijn tientallen bladzijden vol hunkering. Aciman smeert die hunkering uit, zo tergend langzaam dat je als lezer geneigd bent om Elio aan te gaan moedigen. Maar ook de tegenpartij is uiterst beheerst in zijn optreden, bang om met de zoon van zijn gastheer aan de haal te gaan, en laat zich nauwelijks uit zijn tent lokken. Maar uiteindelijk, tot opluchting van lezer en hoofdpersonen springen de vonken toch over en begint een korte maar zeer heftige seksuele relatie die haar sporen in beide levens achterlaat.
    Zelden las ik een boek waarin niet de liefde, maar de hunkering zo nauwkeurig werd beschreven, met alle aarzelingen, onrust en onzekerheden die bij de nog onvervulde liefde horen. Zelden werd er zo langzaam afgetast of de andere partij niet ook wilde. En dat in een decor (aan het zwembad, in de naast elkaar liggende slaapkamers met verbindend balkon, aan zee) waar het zo voor de hand ligt dat er iets gebeurt. Deze roman zindert van zinnelijkheid.

    Recensie door Coen Peppelenbos