Yentl van Stokkum – Winterbloeiers

De geliefde die wel of niet blijft

Recensie door André van Dijk

Wat is een allesverzengende liefde waard in een wereld die ten onder dreigt te gaan aan onverschilligheid ten aanzien van de natuur. Voor Yentl van Stokkum lijkt het een samengaan van twee grootheden, de liefde en onze natuurlijke omgeving. Ze vertaalt deze in dichtvorm zodat de verbinding goed voelbaar is, alsof het een niet zonder het ander kan bestaan. Liefde betekent vooruit voelen, de verwachting aanwakkeren van een toekomst vol passie en romantiek. Natuur staat in de achteruitversnelling, een aankondiging van afbraak die ons te wachten staat als er niets gebeurt om het tij te keren. Van Stokkum weet beiden te verwoorden als een onlosmakelijke twee-eenheid, de tegengestelde richting draagt juist bij aan de boodschap die ze hiermee afgeeft. In het eerste gedicht wordt op luchtige wijze een introductie gegeven:

‘alles wat volgt is een leugen
 til niet te zwaar

 (taal is niet gemaakt om te dragen haha)

 maar liefste dit is waar wij zijn begonnen
 midden in de pit van een zonsondergang

 (vermoeide zucht)

 warm en koel tegelijk
 daar gaan we
 terwijl het verdwijnend licht de vingers
 over jouw ruggengraat laat lopen’

Het is de aankondiging van een naderend einde. De dichter praat onafgebroken tegen en over een geliefde, waarbij ze langzaam lijkt toe te werken naar een onvermijdelijke scheiding. Er worden oorzaken gezocht, verontschuldigingen gemaakt en twijfels geuit, maar het afscheid hangt al vanaf het begin in de lucht. Een afscheid dat verdrietig maakt en tegelijkertijd als een rationele transactie ondergaan lijkt te worden.

Complex bouwwerk

En ook de natuur moet eraan geloven. Van Stokkum stapelt het liefdesdrama laag voor laag op, afgewisseld met het natuurlijke verval. Er ontstaat een complex bouwwerk dat gestut door een zoekende toon overeind blijft. De stijgende zeespiegel, afbrokkelende ijskappen, weersextremen, alle vormen van kwetsbaarheid in de natuur worden aangehaald en in verband gebracht met de breuk in een liefdesrelatie.

‘maar even hè heb je de bomen zien buigen
 heb je gezien hoe een heel bos kan buigen
 we zijn nog niet in het stormseizoen beland
 voor het gemak vergeet ik wat moet komen
 druk een gebed op jouw schouder
 het weer slaat om

 niet ik die al het morgenrood de hemel in spuwt
 asdeeltjes maken zich los uit mijn longen
 schillen van granaatappelpitjes en de stelen van kersen
 die ik opknoopte met mijn tong
 ik laat alles los’

De gedichten slingeren zich schijnbaar onafgebroken over de pagina’s. Een relaas op zoek naar een uitlaatklep. Er is geen interpunctie, er zijn geen beginkapitalen en de lange titels houden het midden tussen een aankondiging en een eerste regel. Het is de voortstuwende gedachtegang die de worsteling van het moment goed weergeeft. De dichter gebruikt deze vorm doeltreffend, een onheilsboodschap om het einde in te luiden.

 Tuurlijk had ik hem graag gehouden 

 al was het maar voor de fluorescerende nachten
 waarin hij me vastpinde in bed
 de zon ging maar niet onder
 ik had het amper in de gaten
 ik lette niet op die giftige gloed
 zelfs de vogels waren stil

 hij pelde mijn benen uit elkaar twee sinaasappelpartjes
 en al dat vocht hij likte het op en ik had hem graag gehouden
 ook al kende ik onze houdbaarheidsdatum alleen ik
 hield die in de gaten ik telde
 onze dagen
 het zou kunnen dat ik liever niets aan toeval overlaat

 Natuur en mensheid

De onstuimige intimiteit valt samen met de benoeming van alles wat er fout gaat in onze natuurlijke omgeving. Van Stokkum weet die grootheden prachtig te combineren en tot één boodschap te vervlechten. Het is indringend door de doorlopende urgentie, het ritme in de taal en de genuanceerde wisselwerking tussen het strikt persoonlijke en de algemene deler, de natuur. 

Dat samenvloeien zorgt tegelijkertijd voor het allergrootste contrast die deze bundel zo sterk maakt. De grootsheid van de natuurlijke omgeving versus de nietige positie van de mens daarin. Het levert een spanningsveld op waarin de liefde balanceert tussen aantrekking en afstoting, terwijl de dichter woorden probeert te vinden om dit liefdesdrama een plek te geven. Dat die plek in de eeuwigheid van de ons omringende elementen is te vinden is een prachtig gegeven. Liefde is allesomvattend, juist in haar bizarre kronkelingen, en is in deze gedichten op een prachtige wijze verbeeld.

‘de vissen die uitsterven maken mij minder verdrietig
 dan de dieren tegen wie ik aan wil kruipen
 en ik houd me meer bezig met mijn geliefde
 die wel of niet blijft (want iedereen weet dat geliefden net zo onvoorspelbaar zijn
 als het weer) dan met het watertekort dat op ons wacht’



Omslag Winterbloeiers - Yentl van Stokkum
Winterbloeiers
Yentl van Stokkum
Verschenen bij: Hollands Diep
ISBN: 9789048866946
96 pagina's
Prijs: € 21,99

Om Literair Nederland draaiende te houden, zijn wij afhankelijk van vrijwillige bijdragen. U kunt ons steunen via de rode knop. Waarvoor onze hartelijke dank!

Meer van André van Dijk:

Voortrazende realiteit

Voortrazende realiteit

Over 'Het gelijk van honderd tegelijk zingende bossen' van Pieter Boskma

Recent

Prachtig verstoorde rust
29 oktober 2025

Prachtig verstoorde rust

Over 'Opera der doden' van Autran Dourado
De complexe zoektocht van een adoptiekind
28 oktober 2025

De complexe zoektocht van een adoptiekind

Over 'Adoptica' van Emily Kocken
Wezenlijk contact via de telefoon
26 oktober 2025

Wezenlijk contact via de telefoon

Over 'Iets meer zoals een zon' van Sarah Jäger
Natte armen wijd open
23 oktober 2025

Natte armen wijd open

Over 'Neem ruim zei de zee' van Sholez Regazadeh
Postmodern meesterwerk uit Schotland
21 oktober 2025

Postmodern meesterwerk uit Schotland

Over 'Arm ding' van Alasdair Gray

Verwant

Score: 2
Score: 1
Score: 1