Sholeh Rezazadeh (1989) kwam in 2015 vanuit Iran naar Nederland. Haar romandebuut De hemel is altijd paars (2021) werd bekroond met de Debutantenprijs van de Maatschappij der Nederlandse Letterkunde 2022 en met de Bronzen Uil Publieksprijs 2021. Haar tweede roman Ik ken een berg die op me wacht verscheen in 2023. Ze schreef gedichten voor De Gids en De Poëziekrant en schrijft columns voor de Volkskrant. Neem ruim zei de zee (de titel is al een gedicht) is haar poëziedebuut in boekvorm.
Voor de Boekenweek 2025 schreef ze het Boekenweekgedicht – bijzonder voor een dichter die tien jaar geleden met de Nederlands taal kennismaakte. In een interview in Meander (augustus 2024) zegt Rezazadeh: ‘Voor mij gaat alles tegelijk. Soms denk ik in het Nederlands, soms in het Perzisch, soms in het Turks. Evenzo schrijf ik afwisselend in het Nederlands en in het Perzisch.’ De eerste regels van het gedicht luiden:
‘in welke taal zal ik je woorden geven
zodat we elkaar opnieuw kunnen vinden
in welke blik, welke stilte
gaan we elkaar weer verstaan?’
Verbinding
Hierin komt ook het thema waarmee ze zich vaak bezighoudt tot uiting: verbinding. Tussen mensen, tussen culturen, en ook tussen de natuur en de mens. In de oosterse lyriek wordt de natuur vaak gebruikt om een metaforische wereld te scheppen. Denk bijvoorbeeld aan de lyriek van de middeleeuwse Perzische dichter Hafiz: ‘Hoe kan ik mijn vleugels uitslaan / op de winden van samenzijn / als de vogel van mijn hart / aan het ruien is in het nest / van jouw afwezigheid?’
Kijk alleen maar naar de titel van deze bundel. Rezazadeh zet in veel gedichten de zee, het water, de rivier in om die verbinding woorden en vooral gevoel te geven. ‘Iedereen heeft een zee in zich,’ zegt de auteur.
‘ik zink, zodra je wegkijkt
ga ik stilletjes dood’
Ze personifieert graag beelden uit de natuur die een mystieke sfeer geven aan veel gedichten. Het landschap wordt een persoon die van alles denkt en vindt, van alles ziet en vooral voelt:
‘dode liedjes betekenen voor de vogel het sterven
en die vogel is heimwee
en je houdt je ogen dicht’
De dichter kan in het gebruik van al die beelden uit de natuur en vergelijkingen ermee haar sensitiviteit kwijt, veel meer dan in de taal van alledag. Ook andere begrippen dan de zee worden als iets levends gezien of als symbool: ‘de wolken heb ik al gewassen / de maan hangt al aan de muur’. De lezer ziet het direct voor zich, vult in; de natuur spreekt over en voor de mens en diens gevoel.
Hardop voorlezen
Bij de eerste kennismaking met Rezazadeh’s ‘oosterse’ poëzie is het wennen aan de bloemrijke taal en de bijzondere beelden die de dichter gebruikt. Vergeleken met het nuchtere, directe Nederlands gaat er een wereld open waar je je weg in zult moeten vinden. Als je je eenmaal hebt overgegeven aan die beelden land je al snel in de amen van de natuur. Dat blijkt vooral bij hardop voorlezen van de gedichten aan een ander. Je gaat vanzelf mee in het ritme ervan. Het wekt dus geen verbazing dat Rezazadeh als voordrachtskunstenaar veel gevraagd wordt.
Een ander opvallend element, als verlenging van de verbinding die de dichter tot stand wil brengen, is de vergelijking tussen haar ‘moedercultuur’ (de Iraanse/Perzische) en die van haar tweede vaderland. Er is een aantal verwijzingen te vinden naar beide, bijvoorbeeld naar Vincent van Gogh en naar ‘darya-darya darya dar to/zeeën zee in jou’, uit het gedicht naast een rivier.
Uit veel gedichten spreekt een verlangen naar bescherming:
‘je hand is mijn huis
je palm is mijn slaapkamer…
de ramen zijn altijd open
en het huis is altijd warm’
En uiteraard is er de liefde, altijd de Liefde:
‘alle ik hou van jou’s die achter onze tanden blijven rotten
waar moeten we ze uitspugen
op jouw gezicht of op het mijne?’
Fantastisch debuut
Door het gebruik van de taal uit een andere cultuur (om het maar even zo te noemen) wordt de lezer uitgenodigd om langzaam en aandachtig te lezen: weer zo’n tegenstelling met onze overwegend haastige wereld. Geef je je als lezer daaraan over, dan staat je een boeiende wereld te wachten.
Neem ruim zei de zee is een romantische bundel waarin heimwee, nostalgie, liefde voor de natuur en voor de medemens tegenover de harde maatschappij worden gesteld en zo troost bieden of, zo je wilt, bescherming. De zintuiglijke taal en de metaforen doen de rest, ze geven je een warm gevoel. Een fantastische debuutbundel.
Tot slot een fragment uit een favoriet gedicht:
‘neem me terug
zodat ik de gebroken stukken uit mijn verstoorde dromen opruim
ze op de plank leg
een voor een
met vingers druipend van gesmolten moed
leeg van vrees
om uit elkaar te vallen
zonder een plakkerige angst om niet meer in elkaar te passen’










