Sally Rooney is inmiddels een naam die niet meer weg te denken is uit de internationale literatuur. Sinds haar debuut Conversations with Friends en het megasucces van Normal People wordt ze overal ter wereld gelezen, besproken en soms ook verguisd. Ze wordt de stem van haar generatie genoemd, een auteur die de twijfels en verlangens van jonge volwassenen weet te vangen in glashelder proza. Maar met haar vierde roman, Intermezzo, gooit Rooney het over een andere boeg. Het boek voelt ambitieuzer, donkerder en stilistisch uitdagender dan wat we van haar gewend zijn.
Rouwverwerking
De roman draait rond twee broers in Dublin. Peter, 32, is een briljante, maar zelfdestructieve advocaat die mensenrechtenzaken pleit, maar intussen zijn eigen leven nauwelijks op de rails krijgt. Zijn tien jaar jongere broer Ivan is een voormalig schaaktalent dat zich opnieuw op het spel stort, terwijl hij een geheime relatie aangaat met Margaret, een vrouw van zesendertig uit Leitrim. Ook Peter worstelt met ingewikkelde liefdes. Enerzijds blijft hij emotioneel verstrikt in zijn ex Sylvia, die na een zwaar ongeluk een seksuele relatie niet meer ziet zitten. Anderzijds begint hij tegelijk iets met Naomi, een veel jongere studente die geld verdient met expliciete foto’s online. Over al deze relaties hangt de schaduw van het verlies van hun vader, dat de broers ieder op hun eigen manier proberen te verwerken.
Geslaagd vertelexperiment
Rooney kiest voor een opvallend vertelexperiment. In plaats van haar kenmerkende sobere stijl en strakke dialogen, krijgen we drie heel verschillende stemmen. Peters passages zijn fragmentarisch, soms haast staccato: korte, afgebroken zinnen die de chaos in zijn hoofd perfect weerspiegelen, een soort van stream-of-consciousness. Ivan klinkt luchtiger, met droge humor en een zekere lichtheid die past bij een jonger iemand die nog zoekend is. En dan is er nog Margaret, die traag en bedachtzaam spreekt, als een soort tegengewicht voor de onrust van de broers. Bovendien gebruikt Rooney geen aanhalingstekens, waardoor dialogen en gedachten in elkaar overlopen. Dat maakt het lezen intens, maar soms ook moeilijker en verwarrend. Het is geen roman die je zomaar even gedachteloos kunt weglezen; hij vraagt concentratie en geduld. Toch is die vorm geen spielerei, maar inhoudelijk doordacht. Peters fragmentarische stijl laat voelen hoe hij de controle over zijn leven verliest. Ivan, jonger en nog kneedbaar, klinkt toegankelijker, bijna uitnodigend. Margaret brengt dan weer balans en reflectie. Zo wordt Intermezzo niet alleen een verhaal over rouw en liefde, maar ook een oefening in perspectief: wie kijkt, wie spreekt, en hoe kleurt taal onze beleving van verdriet?
Kleinmenselijke thema’s
De thematiek is herkenbaar voor wie eerder werk van Rooney las: relaties, macht, intimiteit, onzekerheid. Maar in Intermezzo komt daar een duidelijke laag van rouw en familiebanden bij. Hoe gaan twee heel verschillende mensen om met hetzelfde verlies? Hoe houd je elkaar vast als broers, wanneer je elk je eigen copingmechanisme hebt? Rooney schrijft daarover zonder pathetiek, maar met een melancholische scherpte die ontroert. De broers lijken elkaar soms te verliezen in hun verdriet, maar er is altijd dat onderhuidse besef van verbondenheid. Ook de liefdesverhalen zijn typisch Rooney: ongemakkelijk, gelaagd, vol spanning. Het leeftijdsverschil tussen Ivan en Margaret roept vragen op over macht en wederkerigheid. Peter laveert tussen de volwassen Sylvia en de jonge Naomi, en juist die driehoek legt bloot hoe verlangen vaak ook met controle en kwetsbaarheid te maken heeft. Rooney veroordeelt niet, maar legt bloot. Ze schrijft over mensen zoals ze zijn: tegenstrijdig, soms egoïstisch, vaak onzeker, altijd zoekend. Dat is ook meteen de kracht van de roman. Rooney maakt haar personages geloofwaardig door hun tekortkomingen. Peter kan briljant pleiten in de rechtszaal, maar faalt in zijn privéleven. Ivan is charmant en intelligent, maar ook onzettend naïef. Margaret is tegelijk liefdevol en afstandelijk. Die ambiguïteit maakt dat je als lezer voortdurend heen en weer geslingerd wordt: je begrijpt hun keuzes, maar je fronst er ook de wenkbrauwen bij.
Valkuilen
Waar sterktes zijn, zijn ook valkuilen. Niet iedereen zal gecharmeerd zijn van de experimentele stijl. De fragmenten van Peter kunnen vermoeiend worden, en het ontbreken van duidelijke dialoogmarkeringen leidt soms tot frustratie. Ook de keuze om vooral vanuit mannelijke perspectieven te schrijven, waarbij vrouwen soms vooral dienen als spiegels of katalysatoren, is een punt van kritiek dat al vaker naar voren kwam. Bovendien klinkt het bredere maatschappelijke engagement dat haar eerdere werk typeerde hier minder luid. Rooney’s personages lijken zich vooral in hun eigen universum te bewegen, ver weg van de grote politieke vraagstukken.
Toch is Intermezzo in veel opzichten Rooney’s meest geslaagde roman tot nu toe. Ze durft meer risico’s te nemen, zowel stilistisch als thematisch. Het resultaat is een boek dat niet iedereen zal bevallen, maar dat wel blijft hangen. Het is literatuur die traag binnendringt, die je dwingt stil te staan bij hoe mensen omgaan met verlies en liefde, bij hoe broers elkaar kunnen kwijtraken en terugvinden, bij hoe intieme relaties altijd balanceren tussen macht en overgave.
Wie op zoek is naar een lichtvoetige pageturner, zal teleurgesteld zijn. Intermezzo vraagt inspanning en aandacht. Maar wie zich eraan overgeeft, ontdekt een rijk, gelaagd verhaal dat je niet zomaar loslaat. Rooney toont zich hier niet alleen als de chroniqueur van een generatie, maar als een auteur die blijft groeien, die durft te experimenteren en die diep onder de huid van haar personages kruipt.










