De hoofdpersoon van Kairos. is Katharina. In de roman reconstrueert ze de liefdesgeschiedenis die ze vele jaren geleden had met schrijver en radiomaker Hans in Oost-Berlijn. Hans is overleden. Van zijn zoon heeft ze twee kartonnen dozen thuisbezorgd gekregen, met daarin brieven, agenda’s, foto’s en negatieven uit de periode 1986-1992 in Oost-Berlijn. Katharina heeft zelf nog een koffer met brieven en doorslagen uit die tijd. Uit de Proloog: ‘Lang geleden voerden de papieren, die uit zijn dozen en die uit haar koffer, een dialoog met elkaar. Nu voeren ze een dialoog met de tijd. In zo’n koffer, in zo’n doos, liggen het einde, het begin en het midden onverschillig door elkaar in het stof van decennia, ligt alles wat werd geschreven om te misleiden en alles wat was bedoeld als waarheid, alles wat werd verzwegen en alles wat werd opgetekend, of het nu wil of niet dicht bijeen, zitten het tegenstrijdige, de verstomde woede en de verstomde liefde samen in een envelop, in een en dezelfde map, is wat je bent vergeten net zo vergeeld en verkreukeld als wat je je nog vaag of duidelijk herinnert.’
Een gelukkige tijd
In de volgende hoofstukken (Doos I, Intermezzo, Doos II, Epiloog) ontvouwt zich de liefdesgeschiedenis van studente Katharina en Hans. Zij is 19, hij 34 jaar ouder. Zij is van 1967 en hij van 1933. Ze ontmoeten elkaar in Oost-Berlijn voor het eerst in bus 57 vanaf de Marx-Engels-Platz. Ze besluiten een kop koffie te gaan drinken. Dat Hans getrouwd is en een zoon heeft en nog een verhouding heeft met een vrouw bij de radio is voor Katharina geen bezwaar: ‘Al had je duizend vrouwen, zegt ze, van belang is alleen de tijd die wij samen hebben.’ Tijdens hun samenzijn speelt muziek een grote rol. Klassieke muziek zoals het Requiem van Mozart, maar ook hedendaagse muziek van Wolf Biermann. (Op Spotify is van de muziek uit het boek een playlist te vinden.) De eerste fase van hun relatie verloopt rooskleurig met veel restaurant- en theaterbezoek en wandelingen door Oost-Berlijn.
Het kost Katharina veel tijd om doos I door te spitten. Ze herleest de boeken van Hans en zoekt ook haar oude notitieboekjes op. ‘Ze houdt negatieven van dertig jaar geleden tegen het licht om te kijken of het de moeite waard is om er afdrukken van te laten maken.’ Volledigheidshave dient ze het verzoek in om zijn Stasi-dossier te mogen inzien.
Omslag
Uit de reconstructie van de brieven en aantekeningen uit Doos II komt naar voren dat de liefdesrelatie van Katharina en Hans verandert als zij met leeftijdsgenoot Vadim naar bed gaat tijdens een stage in Frankfurt. Hans wil niet meer de door straten lopen waardoor ze samen wandelden toen alles nog goed was, niet meer naar de muziek luisteren die zij met Vadim heeft geluisterd. ‘In je hals wil ik je niet meer kussen, die heb je aan iemand anders geschonken.’ Hij merkt op: ‘Voortaan is dus alles wat eruit ziet als geluk alleen nog maar façade.’ En: ‘Vanaf nu, zegt hij, had ik graag dat je je brieven aan mij typte. Ik kan niet meer tegen dat handschrift van jou.’ Hij spreekt een cassette in ‘Kant A, Kant B, zestig minuten’. Zij moet daarop schriftelijk reageren. Het is steeds dezelfde cassette; hij neemt die weer mee en spreekt die opnieuw in, ‘alsof hij voor haar alleen met krijt schrijft, de spons pakt, uitwist, weer schrijft, opnieuw uitwist. Als de blaadjes met haar aantekeningen er niet waren, zou ze soms denken dat ze alles droomde.’ Zo moddert de relatie maar door; noch Katharina, noch Hans kan er een punt achter zetten. Als lezer krijg je steeds meer een hekel aan Hans met zijn autoritaire en perverse gedrag. Waarom gaat Katharina niet bij hem weg? Uiteindelijk strandt dan toch hun relatie.
Kairos. is een vol boek met veel verwijzingen naar DDR-schrijvers en hun werk, zoals dat van Hanns Eisler, de componist van het DDR-volkslied. Hij werkte nauw samen met Bertolt Brecht, voor Hans een groot voorbeeld als schrijver.
Val van de Muur
In de jaren van hun liefdesrelatie wordt de politieke situatie in de DDR onstabieler. ‘Opkomende veranderingen die tot voor kort nog in tegenspraak waren met de bestaande orde in het Oosten, zullen binnenkort in tegenspraak zijn met de orde van het Westen die gaat komen.’
De liefdesgeschiedenis van Katharina en Hans is ingebed in de gebeurtenissen in de laatste jaren van het bestaan van de DDR, leidend tot de val van de Muur op 9 november 1989 en opheffing van de staat in 1990. Hans verliest, net als veel anderen, zijn baan. Symbool voor het stuklopen van hun relatie staat het bijna onttakelde café waar zij de enige gasten zijn.
Epiloog
In de Epiloog bezoekt Katharina het Stasi-archief, de staatsveiligheidsdienst van de DDR. ‘In alle stilte wordt hier bij alle mogelijke burgers van een land dat niet meer bestaat, de schedel gelicht en mag je naar binnen kijken. Hans blijkt ook jarenlang voor de Stasi te hebben gewerkt. Onder de naam Galilei (schuilnaam gekozen naar een stuk van Brecht) heeft hij mensen bespioneerd. Maar na vijftien jaar kreeg hij genoeg van het verklikkerswerk. Katharina vindt een aantekening van Hans: ‘Er bestaan bedenkingen tegen details van de cultuurpolitiek van onze staat. Vooral tijdens de ‘affaire Biermann’ treden er aarzelingen op.’ De Stasi-autoriteiten archiveren zijn dossier, omdat ze geen perspectief zien in verdere samenwerking.
Voor jonge lezers zou een lijst met noten en een personenregister wellicht nuttig zijn. Want wie kent nog Wolf Biermann met zijn kritische teksten over de DDR, leidend tot zijn Berufsverbot en Ausbürgerung? Hij is vooral bekend door de Ballade vom preußischen Ikarus. Na een optreden in Keulen in 1976 mocht hij niet terugkeren naar de DDR en werd hem het staatsburgerschap ontnomen. Verwijzingen naar die ballade duiken telkens op in het boek. Alleen als een Ikaros kun je ontsnappen uit een land dat zijn burgers gevangen houdt.
Kairos is de god van het gunstige moment. Het enige waaraan je hem kunt vastpakken, is de lok op zijn voorhoofd. Uit de proloog: ‘Was het een gunstig moment toen ze, als meisje van negentien, Hans leerde kennen?’ Dat Kairos een anagram is van Ikaros, lijkt geen toeval. Achter de titel van de roman staat een punt. In het boek is daarvoor geen verklaring te vinden. Wellicht staat die punt daar om te benadrukken dat de liefdesrelatie en het bestaan van de DDR voorgoed voorbij zijn.
Boeiend boek
In mei 2024 ontvingen schrijver Jenny Erpenbeck (1967) en haar vertaler Michael Hofmann de International Booker Prize 2024 van 50 duizend pond voor de beste naar het Engels vertaalde roman van dat jaar, Kairos. Erpenbeck is de eerste Duitse auteur die de prijs wint. De roman verscheen oorspronkelijk in het Duits in 2021. In 2024 verzorgde Elly Schippers de Nederlandse vertaling. Uit het juryrapport van de Booker Prize: ‘It starts with love and passion, but it’s at least as much about power, art and culture. The self-absorption of the lovers, their descent into a destructive vortex, remains connected to the larger history of East Germany during this period, often meeting history at odd angles /…/ What makes Kairos so unusual is that it is both beautiful and uncomfortable, personal and political.’
Daar kunnen we het helemaal mee eens zijn. Kairos. boeit van begin tot eind. Op een knappe manier heeft Erpenbeck de destructieve liefdesgeschiedenis van haar hoofdpersonen gecombineerd met de ineenstorting van het politieke systeem van de DDR. Achter beide hoofdstukken is een punt gezet. Voorgoed voorbij.








