Eugenio Montale – Zeekatskeletten

Een zoektocht naar loutering

Recensie door Kees Bakhuijzen

Precies 100 jaar nadat de debuutbundel Ossi di Seppia van Eugenio Montale (1896-1981) verscheen in Italië, en 50 jaar nadat hem de Nobelprijs voor Literatuur werd toegekend, is er eindelijk een integrale vertaling in het Nederlands verschenen onder de titel Zeekatskeletten. Voor zijn debuut heeft Montale zich laten inspireren door Monterosso, een van de vijf inmiddels door toerisme overlopen plaatsen in de Cinque Terre, niet ver van zijn geboorteplaats Genua. De familie Montale bracht elk jaar de vakanties door in Monterosso, in de villa die er nog altijd staat en die tegenwoordig gehuurd kan worden. Het huis is het epicentrum van Montales debuut, samen met de ommuurde tuin en de altijd aanwezige Middellandse Zee.

T.S. Eliot

In deze omgeving is de dichter voortdurend op zoek naar een diepere duiding, naar inzicht, en naar een bijna Danteske zoektocht naar loutering. Zo lezen we in het beroemde openingsgedicht ‘De citroenen’: Kijk: in deze stiltes waarin de dingen/ zich gewonnen geven, alsof ze elk moment/ hun diepste geheim kunnen verraden,/ verwacht je soms/ een vergissing van de Natuur te ontdekken,/ het dode punt van de wereld, de schakel die niet houdt,/ de draad die uiteindelijk, als we hem ontwarren,/ naar het hart van een waarheid voert.’

De ommuurde tuin levert direct associaties op met het werk van T.S. Eliot; natuurlijk met name met ‘Burnt Norton’ uit de Four Quartets, ware het niet dat dat pas in 1939 werd geschreven. Maar dat de beide dichters elkaar over en weer hebben beïnvloed is duidelijk en blijkt alleen al uit de vertalingen van elkaars werk. Zo vertaalde T.S. Eliot het lange gedicht ‘Arsenio’ uit deze bundel. Daarnaast zijn er parallellen met Paul Valéry’s beroemde lange gedicht Het kerkhof bij de zee. Evenals Montale zocht ook Valéry naar duiding in een wereld tussen leven en dood, en ook bij hem is daar altijd de Middellandse Zee.

Overgave

Deze gedichten van Montale geven hun geheimen niet direct prijs, in tegenstelling tot de meer toegankelijke poëzie uit zijn late periode. Dit vroege werk is typisch poëzie waaraan je je moet overgeven, maar dan vind je ook een enorme rijkdom, met vaak wisselende inzichten. Kenmerkende elementen zijn tijd, moment, wind, natuur, herinnering, eenzaamheid, zee, kust, vogels en vergankelijkheid; zoals in ‘Cocon’: zie hoe de tijd/ ijlt en verdwijnt, opgeslorpt/ tussen de stenen’.

De notie zoals vermeld in het nawoord, dat de dichter zelf in zijn poëzie geen verlossing vond, staat naast de zoektocht naar zingeving, naar een zachte weg naar de dood, die juist louterend werkt. Zo blijft het werk van Montale een baken voor de tot bespiegeling geneigde lezer die, wetende dat hij tekortschiet, probeert grip te krijgen op het raadsel van het bestaan,’ aldus vertalers Jur Koksma en Joep Stapel in het nawoord. We vinden dit bijvoorbeeld terug in een van de gedichten van de cyclus ‘Sarcofagen’, waarin het rondlopen over een begraafplaats herinneringen oproept aan diegenen die ooit een betekenis voor ons hadden in het leven. Laat de zwijgzame steenmenigte achter/ en wend je tot de verwaarloosde zerken,/ waarin een ongemakkelijk symbool gebeiteld is:/ de traan en de lach, tweelingen,/ wellen gezamenlijk eruit op’. De dichter is altijd op zoek naar de essentie van het bestaan. U, mijn prooi, schenkt mij/ een kort moment van menselijk zinderen./ Geen tel zou ik ervan willen missen/ dit is mijn deel, al het andere ijdel.’  En steeds heerst de vluchtigheid van het moment, dat altijd weer direct verleden is. Het uur verstrijkt/ en trekt alles uit elkaar; door de hemelkoepel schieten/ bladeren of vogels, wie zal het zeggen – ze zijn er al niet meer.

De dichter komt steeds op de drempel van een inzicht en als lezer ga je met Montale mee in die zoektocht. Dat is de meerwaarde van Zeekatskeletten: in de omgeving de waarheid en het lot van de mens ontdekken. Maar de omgeving en de natuur zijn gewoon aanwezig, het is de dichter die er zijn betekenis aan oplegt: hop, vrolijke vogel, belasterd/ door de dichters […] en jij hebt geen idee,’.  In deze gedichten heerst een zoektocht naar rust, sereniteit en tijdeloosheid, naar buiten de tijd staan, naar het volledig opgaan in de natuur, ja een plant of zelfs een steen te zijn. ‘O en dan te verdwijnen,/ beetje bij beetje, wentelend/ als het zeekatskelet in de golven,/ een knoestige boom te worden/ of een door de zee geslepen steen’.

 Deze gedichten zijn ontstaan aan het begin van de jaren ’20, toen het fascisme in Italië vaste voet aan de grond kreeg. Hoewel Montale geen politiek dichter was, kan het openingsgedicht van de cyclus waaraan de gehele bundel haar naam ontleent worden gezien als verhulde aanklacht tegen het fascisme en de slotregels behoren tot de beroemdste uit de Italiaanse poëzie: ‘Vraag ons niet de formule die je de nieuwe orde openbaart,/ hooguit, droog als een tak, wat kromme lettergrepen. / Dit alleen kunnen we je vandaag zeggen:/ dat wat we niet zijn, dat wat we niet willen.’

Vertaling

Niet alleen de gedichten op zich, ook de verantwoording van vertalers Jur Koksma en Joep Stapel dwingt bewondering af. Inherent aan het vertalen van poëzie is dat je vrijwel altijd iets van het origineel zult moeten prijsgeven. In het nawoord geven de vertalers inzichten die iedere aspirant-poëzievertaler ter harte mag nemen: Als vuistregel hebben we gestreefd het ‘nettogewicht’ van een gedicht en van de bundel als geheel te bewaren. Wat we laten liggen aan formele kenmerken als eindrijm en versvoet proberen we goed te maken met de tot Nederlands genaturaliseerde inzet van ritme, dichtheid, klank en assonantie.’ Zeer terecht is hun reden minder eindrijm te gebruiken dan Montale, want niets is zo fnuikend voor de esthetische ervaring als geforceerd rijm, met dat vleugje je ne sais quoi van de decembermaand. Eindrijm klinkt in het Nederlands nu eenmaal anders dan in het Italiaans, waar bijna alles op alles rijmt.’

In 1984 verscheen een selectie uit de poëzie van Montale in Nederlandse vertaling onder de titel De roos in de kermistent, onder redactie van Jacques Hamelink. Een mooie verzameling, een enkele keer iets archaïscher en formeler dan deze nieuwe uitgave (logisch gezien de ruim 40 jaar die ertussen liggen), maar de grootste winst ten opzichte van die eerdere uitgave is dat we nu een integrale vertaling hebben van Montale’s debuutbundel. Daarbij is het geheel ook nog eens voorbeeldig uitgegeven. Niet alleen een sterke vertaling met een erg informatief en verhelderend nawoord, maar ook de vormgeving is prachtig; kleur en typografie sluiten heel mooi aan bij het karakter van deze bundel. Al met al een mooie tweetalige uitgave die met veel liefde is gemaakt. En daarmee een aanwinst voor elke poëzieliefhebber.

 

Omslag Zeekatskeletten  -  Eugenio Montale
Zeekatskeletten
 Eugenio Montale
Vertaling door: Jur Koksma en Joep Stapel
Verschenen bij: Uitgeverij IJzer
ISBN: 9789086843107
207 pagina's
Prijs: € 24,50

Om Literair Nederland draaiende te houden, zijn wij afhankelijk van vrijwillige bijdragen. U kunt ons steunen via de rode knop. Waarvoor onze hartelijke dank!

Meer van Kees Bakhuijzen:

Recent

Prachtig verstoorde rust
29 oktober 2025

Prachtig verstoorde rust

Over 'Opera der doden' van Autran Dourado
De complexe zoektocht van een adoptiekind
28 oktober 2025

De complexe zoektocht van een adoptiekind

Over 'Adoptica' van Emily Kocken
Wezenlijk contact via de telefoon
26 oktober 2025

Wezenlijk contact via de telefoon

Over 'Iets meer zoals een zon' van Sarah Jäger
Natte armen wijd open
23 oktober 2025

Natte armen wijd open

Over 'Neem ruim zei de zee' van Sholez Regazadeh
Postmodern meesterwerk uit Schotland
21 oktober 2025

Postmodern meesterwerk uit Schotland

Over 'Arm ding' van Alasdair Gray

Verwant

Score: 1
Score: 1
Score: 1