Elsbeth Etty – Ik heb nog nooit gelogen. Hugo Brandt Corstius 1935-2014  

Steeds een andere pet

Recensie door Adri Altink

In de serie Zomergasten van 2024 zorgde acteur Pierre Bokma voor enige ophef door als laatste in de serie zijn gesprek met Hanneke Groenteman licht beschonken te beëindigen. Dat was menige kijker opgevallen. In de pers is er geen melding van gemaakt dat hij een illustere voorganger had in Hugo Brandt Corstius. Die werd in 1997 voor hetzelfde programma geïnterviewd door Wim T. Schippers, terwijl zijn vrouw Ina thuis met groeiende zorg zat te kijken naar het tempo waarin haar man glazen wijn achteroversloeg: ‘Halverwege de uitzending belde ze regisseur Ellen Jens met het verzoek Hugo geen wijn meer te schenken’ lezen we nu in Ik heb nog nooit gelogen, de biografie van Hugo Brandt Corstius (1935-2014) door Elsbeth Etty: ‘Geen enkele tv-recensent zinspeelde achteraf op dronkenschap van Brandt Corstius’.

Hugo Brandt Corstius (verder HBC te noemen) vergeleek zich graag met Multatuli, die over zichzelf ooit zei dat hij ‘een vat vol tegenstrijdigheden’ was. Die karakteristiek kan ook op HBC worden geplakt. De tegenstrijdigheid is in zekere zin vervat in zijn uitspraak ‘Ik heb nog nooit gelogen’ die Elsbeth Etty koos als titel voor zijn levensverhaal. En Etty trekt nog zo’n vergelijking: ‘Ook in Dekkers gebrek aan aandacht voor zijn eerste echtgenote Tine en hun twee kinderen zal Hugo zich hebben herkend’.

Tatje en Ina

HBC was in zijn hele leven een vrouwenveroveraar. Soms had hij gelijktijdige relaties met vrouwen die dat van elkaar niet wisten. Met twee van die vrouwen was hij getrouwd, eerst met Henriëtte (‘Tatje’) Smits (van 1974 tot aan haar dood in 1981) en van 1989 tot aan zijn eigen dood in 2014 met Ina Mulder (bekender als Ina Rilke, de naam waaronder ze vertaler was). Met Tatje kreeg HBC zijn drie kinderen Aaf, Merel en Jelle, van wie hij de opvoeding vrijwel geheel aan hun moeder overliet. Datzelfde gebeurde in zijn huwelijk met Ina. Zij verbaasde zich er bijvoorbeeld over dat HBC in 1987 twee weken met haar in New York verbleef zonder de kinderen ooit iets te laten horen; hij had voor hen zelfs geen telefoonnummer achtergelaten. Jelle schreef later: ‘Het is niet zo dat hij ons verwaarloosde, maar wij stonden nooit in het middelpunt’.

Stralingdag

Vrijwel alle vrouwen in HBC’s leven hadden gemeen dat ze van taal en taalgrapjes hielden. Tatje bijvoorbeeld noemde hij eens ‘het meisje met de nieuwe woorden’. Omgekeerd inspireerden ze hem tot diverse van zijn vele pseudoniemen, afgeleid van hun naam: De Amerikaanse liefde Pat Gray is terug te vinden in ‘Piet Grijs’, Abby Chapkis leefde voort in ‘Raoul Chapkis’ en Marijke van der Glas in ‘Maaike Helder’. Spelen met taal was de grootste liefhebberij van HBC. Die levenslange interesse werd het Opperlands dat hij ‘Nederlands op vakantie’ noemde en dat uiteindelijk onder zijn pseudoniem Battus geboekstaafd werd in steeds dikker wordende naslagwerken. Toen hij zeven jaar was verzon hij al spontaan een anagram van Stalingrad (‘Stralingdag’ – vanwege een g teveel net niet kloppend) en toen hij op het eind van zijn leven zijn mentale achteruitgang beschreef formuleerde hij dat als ‘Ik word langzaam temend dement’.

Daarnaast was hij de columnist die ‘provocatie als verdienmodel’ hanteerde. In de woorden van Etty: ‘Hij gaf een persoonlijke, vaak absurdistische draai aan actuele kwesties, meestal polemisch en wat de feiten betreft soms moeilijk verifieerbaar’. HBC begon zijn novelle Liegen, loog, gelogen uit 1987 (onder het pseudoniem Dolf Cohen) met de zin ‘Ik heb mijn hele leven gelogen’ om daar elders aan toe te voegen: ‘Ik heb nog nooit gelogen’. Zijn lezers moesten zelf uitzoeken wat hij meende en wat niet. Daarin beschouwde hij zich als literator: ‘Literatuur is slim liegen’.

Productiviteit

Hoe dan ook leidden zijn columns menigmaal tot felle kwesties. Oudere lezers zullen zich de rellen nog herinneren over Buikhuisen (die vond dat criminaliteit verband hield met biologische kenmerken), zijn aanvaringen met Tamar (Renate Rubinstein) en W.F. Hermans enzovoort, en die met minister Onno Ruding die in 1984 leidde tot de weigering van minister Brinkman om de PC Hooft-prijs uit te reiken aan iemand die het kwetsen tot instrument had gemaakt (in 1988 kreeg HBC de prijs alsnog, toen het geen Staatsprijs meer was).

Vooral als columnist leefde hij zich uit onder tal van pseudoniemen en mystificaties. De bekendste zijn Piet Grijs, Raoul Chapkis, Battus en IJsbrand Stoker, maar het waren er allemaal bij elkaar wel zo’n dertig. Etty stelt zichzelf de vraag waarom hij dat deed. Dat hij ze als schuilnamen gebruikte gelooft ze niet. Hij ontmaskerde zichzelf meerdere keren en anders deden anderen dat wel. Evenmin staat elk pseudoniem volgens haar voor een persoonlijkheid: de alter ego’s lijken daarvoor stilistisch en inhoudelijk te veel op elkaar. Etty’s verklaring is simpelweg de enorme productiviteit van de gebiografeerde: ‘Door steeds een andere pet op te zetten veroverde hij gigantische ruimte in de media die voor een scribent met maar één naam ondenkbaar was’. Die verklaring is heel plausibel want door die veelheid van namen kon HBC bijvoorbeeld in één nummer van Vrij Nederland van 2 november 1978 in drie gedaanten opduiken: als Piet Grijs, als Battus en als Jan Eter.

Evenwichtig

HBC was oorspronkelijk overigens wetenschapper. Hij was gepromoveerd in Wiskunde en Natuurwetenschappen en in Algemene Taalwetenschap. Bij die eerste promotie ging zijn dissertatie zijn opponenten blijkbaar boven de pet, beschrijft Etty, want zij stelden alleen vragen over zijn stellingen en niet over de ingewikkelde inhoud van zijn proefschrift.

De biografie van HBC zou oorspronkelijk worden geschreven door taalkundige Liesbeth Koenen; ze werkte er twee jaar aan, maar kon het werk door haar vroegtijdige dood niet afmaken. Elsbeth Etty is publicist. Het is niet onwaarschijnlijk dat Koenen meer uitgeweid zou hebben over Opperlands waar bij Etty vooral de polemische kant in het licht wordt gezet. Toch is Ik heb nog nooit gelogen – de titel verwijst al vooral naar polemische kant – een evenwichtige biografie. Een prachtig, met vaart geschreven levensoverzicht van een complexe man die een briljante taalvirtuoos was.

 

 

Omslag Ik heb nog nooit gelogen. Hugo Brandt Corstius 1935-2014   - Elsbeth Etty
Ik heb nog nooit gelogen. Hugo Brandt Corstius 1935-2014  
Elsbeth Etty
Verschenen bij: Uitgeverij Querido
ISBN: 9789021490786
576 pagina's
Prijs: € 40,49

Om Literair Nederland draaiende te houden, zijn wij afhankelijk van vrijwillige bijdragen. U kunt ons steunen via de rode knop. Waarvoor onze hartelijke dank!

Meer van Adri Altink:

Recent

Prachtig verstoorde rust
29 oktober 2025

Prachtig verstoorde rust

Over 'Opera der doden' van Autran Dourado
Wezenlijk contact via de telefoon
26 oktober 2025

Wezenlijk contact via de telefoon

Over 'Iets meer zoals een zon' van Sarah Jäger
Natte armen wijd open
23 oktober 2025

Natte armen wijd open

Over 'Neem ruim zei de zee' van Sholez Regazadeh
Postmodern meesterwerk uit Schotland
21 oktober 2025

Postmodern meesterwerk uit Schotland

Over 'Arm ding' van Alasdair Gray
Een smakelijk en met vaart geschreven biografie
20 oktober 2025

Een smakelijk en met vaart geschreven biografie

Over 'Een gat in het hoofd. Leven en werk van Heere Heeresma' van Anton de Goede

Verwant

Score: 2
Score: 2