De zonde bestaat erin de daad in eigen hand te nemen

Recensie door: Martin Lok

Het is het voorrecht van de kunstenaar om te bepalen dat zijn werk klaar is. Iemand die dit adagium tot in de finesse beheerste was Auguste Rodin. Als geen ander wist hij dat je in goede kunst moet focussen op wat er echt toe doet. En dat het af is als je die focus gevonden hebt. In veel van zijn beelden liet hij de rest van de steen dan ook vrijwel onaangeraakt, zoals bijvoorbeeld het beeld Gedachte, waar een perfect gebeeldhouwd vrouwenhoofd oprijst uit een ruw stuk marmer.

Ook in de roman De zee van de Spaanse dichter en romancier Blai Bonet – (1e druk in 1958) eerste Nederlandse vertaling in 2024 – ligt de nadruk op wat ertoe doet. Maar in tegenstelling tot Rodin’s Gedachte, werd die focus pas gevonden toen het overtollige werd weggesneden. De eerste versie van De Zee besloeg meer dan zevenhonderd pagina’s en uit het uiteindelijke manuscript werden voor publicatie nog verschillende hoofdstukken geschrapt. Niet door de censuur, die ten tijde van dictator Franco fors kon zijn, maar door de redacteur van de roman, Joan Sales. Dit is althans de mening van Frans Oosterholt, die de Nederlandse vertaling maakte en het nawoord bij de roman verzorgde. Volgens hem is het waarschijnlijk dat Sales de schrijver ervan overtuigde dat het beter was om negen hoofdstukken niet op te nemen, om zo te voorkomen dat het verhaal zou uitwaaieren en de aandacht zou worden afgeleid van de hoofdpersonen. Hoofdstukken die overigens in de Nederlandse vertaling als annex zijn opgenomen. Waardoor je je als lezer er ook zelf van kan vergewissen dat less in dit geval inderdaad echt more is en focus loont.

Sanatorium als tegenvoeter van verveling

Het resultaat van Sales’ ingrepen is een intens geconcentreerde roman over twee adolescenten: Andreu Romallo en Manuel Tur. Zij zijn beiden met tuberculose in een sanatorium opgenomen en afwisselend aan het woord. Ze vertellen over de armoede en onzekerheid van hun jeugd, over het geweld en de wreedheden van de Spaans burgeroorlog, over hun ontluikende homoseksualiteit, over zonde, schuld, en het bestaan van tuberculoselijders in het sanatorium.

Priester Gabriel Caldentey, één van de weinige anderen die aan het woord komen in de roman, duidt het sanatorium treffend als de tegenvoeter van verveling. ‘Hier zondigt men subtiel, men zondigt en bespreekt de zonde, zoals in hogere kringen. In dit sanatorium wordt vurig gezondigd, niet ondergronds, zoals in de plattelandsparochies.’ 

Zonde en schuldbesef 

De roman is doordesemd van zonde en schuldbesef, waarbij het vooral de homoseksuele gevoelens en de dood zijn die deze gevoelens opwekken. Zowel Andreu als Manuel gaan hieronder gebukt en er uiteindelijk ook aan onderdoor. Als Manuel tegen het einde van het boek zijn naakte lichaam in de spiegel bekijkt is hij zich bewust van die zonde en van de kwetsbaarheid die ermee gepaard gaat. ‘Ik ben helemaal bloot. Nooit was ik er zo van doordrongen dat het lichaam van een mens vleesgeworden stilte is.’

Ook Andreu gaat gebukt onder zonde en schuld. Hij weet dat hij alleen zal achterblijven in de vreselijke daad die hij zal begaan. En dat ze hem dan zullen vinden. Dat de zonde een hondenstraf is die erin bestaat de daad in eigen hand te nemen. Maar hij meent ook dat de zonde een tempel is ‘waarin een man binnengaat, op onverklaarbare wijze, omdat hij weet dat zijn onschuld hem zal laten huilen…’

De dood als kloosterregel

Naast zondebesef en schuld is de dood het tweede grote thema in De zee. De dood is alomtegenwoordig, in de vorm van jeugdige doden als gevolg van de gebrekkige gezondheid van de arme Spaanse plattelandsbevolking, van moord in een verscheurd land in en na de burgeroorlog, van fusillades, van uitgeteerde tuberculosepatiënten die het niet redden, en zo meer. 

Als Andreu naar het dorp loopt komt hij en oude vriend tegen die het leger in gaat. Ze raken in gesprek over militaire dienst, vechten, en doden, en de militair in spé legt Andreu uit waarom doodgaan iets is dat je uiteindelijk alleen zou moeten doen. ‘Een man is nooit meer man dan wanneer hij moet sterven. Zeggen ze. Omdat hij helemaal alleen is. Zonder iets te geven. Zonder iets te krijgen. Er zit alles in: de weg, het land, angst, tederheid, het leven. Zonder het te gebruiken. Er eenvoudig over beschikken. Zonder het vast te houden. De dood is een kloosterregel die volledig doorleefd wordt in twee uur tijd.’ 

Doordat in De Zee het perspectief per hoofdstuk verandert is het lezen ervan topsport. Je kunt je aandacht geen moment laten verslappen en moet het net zo intens lezen als het is opgeschreven. Al gunt Bonet je af en toe ook een bezinningsmoment, wanneer zijn pen de omgeving van het sanatorium beschrijft, waarin de geuren en warmte van Mallorca zinderen. ‘De stoep die, immer grijs, om het paviljoen heen loopt, kraakt, gloeiend en geblakerd, onder de zon van drie uur, de zon van de distels, van de stoppels, waar de klaprozen, de witte en roze akkerwinde, het bisschopskruid voor de bruid, hun nuances laten opzuigen door de nobele en brute zon van het land.’

Het Mallorcaanse landschap en leven als decor

Zondebesef, schuld, de dood, het Mallorcaanse landschap en plattelandsleven. Het zijn vaste thema’s in het oeuvre van Bonet. Hij werd in 1926 geboren in Santanyí op Mallorca en stierf er in 1997. Als jongeling ging hij het seminarium in maar moest die opleiding afbreken vanwege tuberculose. Hij zou in het sanatorium waar hij verbleef het idee opdoen voor De zee, zijn eerste roman. Daarnaast putte hij veel inspiratie uit het eiland waar hij woonde, zijn moeizame relatie met zijn vader en zijn worsteling met homoseksualiteit. Allemaal thema’s die worden aangestipt in De zee. Na zijn debuutroman zouden er nog vier volgen. Daarnaast schreef hij vooral en veel poëzie. Zijn verzamelde dichtwerk, in 2014 uitgebracht, beslaat maar liefst 1374 pagina’s. En dat was nog niet alles. Bonet was ook een begenadigd dramaturg, dagboekschrijver, kustcriticus en journalist.

Zijn kritische inborst als kunstcriticus en journalist toont zich duidelijk in De Zee. Alhoewel Bonet net als Andreu Romallo en Manuel Tur in een sanatorium verbleef, heeft de schrijver altijd benadrukt dat De zee niet autobiografisch is. Hij wilde, zoals hij in 1981 in een interview had gezegd, niet zozeer de realiteit van een sanatorium schetsen, maar de verstikkende atmosfeer van het franquistische Spanje. Het verdriet van Spanje.

 

Recent