Je moet weten: ik ben een nakomertje. Ik heb drie oudere halfbroers, hierna te noemen B1, B2 en B3.
B1 is de oudste. Zij zijn volle broers van elkaar. Ze hebben een andere vader. Of hadden, want hun vader is dood.
Bij ons thuis mocht je wel gewoon halfbroer zeggen. Al noemden mijn broers me vaker bastaard en koekoeksjong.
Al op de dag van haar huwelijk heeft Van Stratens moeder spijt van haar keuze. Later wordt ze smoorverliefd op een andere man. Henk van Straten: ‘De zwangerschap was gepland, ik was een liefdesbaby.’
In Wij zeggen hier niet halfbroer schetst Henk van Straten zijn jeugd: door de week woont hij in Eindhoven met zijn moeder bij zijn stiefvader en halfbroers. In de weekenden rijdt diezelfde moeder met hem naar zijn vader in Rotterdam. Zijn moeder kan niet kiezen tussen beide mannen, ze raakt verstrikt in een onmogelijk leven. Dat levert een schrijnende situatie op die Van Straten volgens de uitgever haarscherp maar humoristisch en liefdevol beschrijft.




