20 oktober 2025

Fotosynthese 36 – Verliefd op Japan

Door Adri Altink

 


Op Lefkas zag ik dit beeld van Lefkadios Hearn. Het was niet de buste zelf die mijn aandacht trok, maar diens tweede naam op de plaquette eronder: Yakumo Koïzoumi (1850-1904).
Twee weken voor mijn vakantie had ik De zwevende wereld van Annejet van der Zijl gelezen over het leven van Franz von Siebold (1796-1866) en zijn Japanse vrouw en kind. In dat boek legt de schrijfster uit dat verschillende verwijzingen naar Japan, eerder in haar leven, ineens op hun plek vielen tijdens een rondleiding in het door Frank Lloyd Wright ontworpen huis ‘Falling Waters’ in Pennsylvania. Wright was geïnspireerd door over de rivier hangende theehuizen in Japan; in het pand hangen bovendien prenten van Ando Hiroshige. Ze wist ineens dat haar volgende boek over Von Siebold moest gaan: de man die onder andere de Japanse kunst in Europa introduceerde.

Dat ik hier in Lefkas De zwevende wereld nog in mijn hoofd had was beslissend. Ik zou anders hoogstwaarschijnlijk niet lang bij het beeld stil zijn blijven staan. Nu wilde ik weten wat de connectie met Japan was van deze 16 jaar voor Von Siebolds dood geboren Hearn (Πατρίκιος Λευκάδιος Χερν). Ik kreeg al snel het gevoel dat de stad Lefkas veel eer naar zich toe trekt: Lafkadios werd er geboren, maar vertrok amper twee jaar later al naar Dublin. De tekst op de plaquette laat zelfs zijn werkelijke Ierse voornaam Patrick weg, als om te benadrukken welke eer hij Lefkas bewees door zijn tweede. Hearns Ierse vader Charles was getrouwd met de Griekse Rosa Cassimati. Het was een huwelijk dat niet lang stand hield. Hearn groeide op bij pleegouders in Ierland, kwam op zijn 19de in Cincinnati terecht en later in Louisiana (New Orleans). Zijn pleegfamilie liet hem al vroeg aan zijn lot over. Ook zijn vader en moeder zag hij nooit meer.

In Amerika werd hij journalist, was zes jaar getrouwd met een voormalige slavin (wat als illegaal gold), ging Franse literatuur vertalen en publiceerde over thema’s als geweld, corruptie en criminaliteit in zijn stad. In 1890, 40 jaar oud, trok hij voor zijn krant als correspondent naar Japan, dat zijn grote liefde zou worden. Hij werd er docent Engels in Matsue en trouwde er met de Japanse samoeraidochter Koïzumi Setsuko, met wie hij vier kinderen kreeg. Hij werd Japans staatsburger en bekeerde zich tot het boeddhisme. Tegelijk met zijn naturalisatie nam hij zijn nieuwe naam aan, een eerbetoon aan zijn nieuwe land en aan zijn vrouw, die ook Koïzumi heette (Yakumi is een poëtische verwijzing naar de streek war het gezin woonde). Na een hartaanval werd hij begraven in Tokio.

In een toelichting bij het beeld dat ik in Lefkas zag wordt zijn grote betekenis genoemd voor de westerse kijk op Japan. Is dat niet wat chauvinistisch in zijn geboortestad Lefkas?
Ik had nooit van Hearn gehoord. Over Von Siebold las ik al lang geleden dat hij dé man was die Europa’s blik op Japan wist te richten. Er zijn volgens Van der Zijl aan Von Siebold gewijde musea in Nederland, Duitsland en Japan. Ook Hearn staat centraal in twee musea in Japan. Leiden eert Von Siebold in het naar hem genoemde Huis aan het Rapenburg; Lefkas heeft het (kleinere) Lafcadio Hearn Historical Center. En zoals Von Siebold zijn botanische tuinen kreeg in Leiden, zo kreeg Hearn zijn Japanese Gardens in het Ierse Waterford.

Hearn wordt in De zwevende wereld niet genoemd. Dat is te billijken: er zijn na Von Siebold meer mensen geweest die hielpen het venster op Japan open te houden.
Over Hearn verscheen bij mijn weten maar één biografie, The Outsider: The Life and Work of Lafcadio Hearn: The Man Who Introduced Voodoo, Creole Cooking and Japanese Ghosts to the World. Die noemt op zijn beurt Von Siebold ook niet. De subtitel wijst er al op dat Hearn heel andere interesses had. Von Siebold was wetenschapper, arts en geïnteresseerd in botanie en handel. Hearn vooral in Japanse mythen en spookverhalen. Die vertaalde hij in onder andere zijn bekendste boek Kwaidan (ook verfilmd).
Ik heb een poging gedaan de biografie te lezen. Mijn aandacht verslapte snel. Geef me dan maar Von Siebold. Ik ben er van overtuigd dat zijn betekenis, ondanks zijn – door Van Zijl uitdrukkelijk beschreven kwalijke kanten – groter is. Dat vind ik geen chauvinisme van mezelf.