• Zomerboeken 2018 – Het Italië van Giorgio Bassani

    Wat mij zo aanspreekt in de Italiaanse keuken is haar eenvoud. Een paar plakken prosciutto San Daniela en een zo vers mogelijke Burrata. Meer heb je toch niet nodig? Nou ja, een glas sprankelende prosecco erbij is natuurlijk wel lekker, want anders droog je uit. En avondzonnetje en goed boek maken het helemaal af. Dan voel je je echt een God in Italië.

    Zo zag mijn vakantie er dit jaar in ieder geval uit. Het gerecht en de drank varieerden en de avondzon was soms een ochtendschemering of middagschaduw, maar dat goede boek was er altijd bij. Om precies te zijn zes goede boeken, maar eigenlijk toch weer één. Want ze waren allemaal van dezelfde auteur (Giorgio Bassani) en deelden een cruciale hoofdpersoon: de stad Ferrara. Een stad waar ik overigens zelf niet kwam, maar dat terzijde. Ik was er wel vlakbij, en kwam soms op plekken die ook in de boeken werden aangedaan. Zo ging ik op een vroege morgen in Bologna voordat er veel mensen op straat waren naar de Neptunus-fontein van Giambologna kijken, en deed daarna het ernaast gelegen Caffè Vittorio Emanuele aan. De bar was vrijwel leeg, en ik las genietend van de stilte en mijn espresso in De gouden bril: ‘Al keuvelend over koetjes en kalfjes komen we allemaal bij de Piazza del Nettuno. Ja. Voordat we uiteengaan moeten we een kop koffie van hem aannemen.’

    Het is zo’n zeldzaam moment waarop je je één voelt met een verhaal, een schrijver, een geschiedenis. Een prima manier om je te onthaasten en afstand te nemen van de drukte van alledag. Iets wat mij met Bassani’s Verhaal van Ferrara geweldig goed lukte. Een verhaal dat bestaat uit zes boeken, die ik dus allemaal las. Ik vat ze hieronder stuk voor stuk in één zin samen.

    Je leest Bassani’s Verhaal van Ferrara in een vloek en een zucht uit. Ook al zijn de zes boeken naar Bassani’s eigen zeggen moeizaam geschreven: ‘Schrijven, niet eens verwezenlijken in de voor Cézanne geldende betekenis van het woord schrijven, heeft me van begin af aan altijd de grootste moeite gekost. Nee, de spreekwoordelijke ‘gave’ heb ik helaas nooit gehad. Nog steeds struikel ik over ieder woord, halverwege elke zin dreig ik de kluts kwijt te raken. Ik schrijf, streep door, herschrijf, streep weer door. Tot in het oneindige.’

    Maar dat oneindige, samengebald in één stad, biedt rust, verpozing en perfectie. Een betere vakantie kan je je niet wensen.

    De tuin van de familie Finzi-Contini

    De tuin van de familie Finzi-Contini (1962): Een verloren liefde ontluikt in een tuin maar mag, nee kan, niet zijn.

    De tuin van de familie Finzi-Contini
    Auteur: Giorgio Bassani
    Uitgeverij: Uitgeverij De Bezige Bij

    Achter de deur

    Achter de deur (1964): Een jonge homofiel is ‘gedoemd tot afzondering en afgunst’ en houdt/gooit de deur waarachter hij zich verschuilt nooit echt open.

    Achter de deur
    Auteur: Giorgio Bassani
    Uitgeverij: Uitgeverij De Bezige Bij

    De reiger

    De reiger (1968/1976): Een doodgeschoten reiger, zijn ogen net gebroken, wijst een ongelukkig man de weg naar onverwacht geluk.

    De reiger
    Auteur: Giorgio Bassani
    Uitgeverij: Bezige Bij, De

    De gouden bril

    De gouden bril (1970): Een oude homofiel gunt zichzelf een pleziertje, dat ternauwernood geaccepteerd wordt, maar ook ternauwernood geconsumeerd, waardoor maar een weg open staat.

    De gouden bril
    Auteur: Giorgio Bassani
    Uitgeverij: Uitgeverij De Bezige Bij

    De geur van hooi

    De geur van hooi (1972): In en na enkele verhalen komt een auteur uit de kast en bekent zijn schrijversafkomst.

    De geur van hooi
    Auteur: Giorgio Bassani
    Uitgeverij: De Bezige Bij

    Binnen de muren

    Binnen de muren (1973): Het verleden speelt de hoofdrol, van de Via Mazzini, tot het graf van Clelia Trotti en de stoep waar Pino Barilari een executie zag en toch niet.

    Binnen de muren
    Auteur: Giorgio Bassani
    Uitgeverij: Uitgeverij De Bezige Bij
  • Zomerboeken 2018 – Geniet van Nederlandse literatuur

      

     

     

     

    Het ontbijtbuffet

    Wat ik altijd zeg als iemand me na een uiteenzetting over backpacken in Mexico/couchsurfen door Europa of stilte-retraite in Thailand glazig aankijkt en naar mijn wereldervaringen vraagt: ik ben een slechte reiziger maar een goede vakantieganger. Sinds ik een fantastische kattenoppas heb (dank, F!) is mijn heimwee beduidend minder, toch blijf ik graag in de buurt: langer dan twee weken weg hoeft van mij niet en als aan het eind van het leven blijkt dat ik dit continent nooit verliet is dat absoluut prima. Ook wat papieren reizen betreft blijf ik graag dicht bij huis. Hoe graag ik ook Amerikanen, Duitsers en literatuur over allerhande landsgrenzen heen lees, voor deze rubriek houd ik het bij de Hollanders.
    Geniet! 

    Het schijnt in ons kikkerlandje nog altijd zo te zijn dat verhalenbundels nauwelijks verkopen. Onbegrijpelijk, want in Amerika – vanwaaruit de meest welkome maar ook onwelkome trends naar ons komen overwaaien – is het korte verhaal een alom gerespecteerd literair genre. Gelukkig is er in Nederland sinds enkele jaren een groeiende groep lezers en schrijvers die zich druk maakt om dit ondergeschoven boekenkindje: denk aan initiatieven als de Week van het Korte Verhaal of de J.M.A. Biesheuvelprijs – de prijs voor de beste Nederlandstalige verhalenbundel. Meer en meer komt het korte verhaal op de kaart. 

    Wat maakt een goede verhalenbundel – naast, ik noem maar wat onmisbaars, stijl? Samenhang, wat mij betreft. Daarmee bedoel ik niet dat ieder verhaal over hetzelfde onderwerp moet gaan, personages hoeven niet in verschillende verhalen terug te keren (mag wel) en een en ander hoeft evenmin telkens op dezelfde locatie gesitueerd te zijn (nogmaals: mag wel) als er maar steeds iets echoot, er een rode draad zichtbaar is. 

    In Het Ontbijtbuffet is die rode draad telkens de vakantiewrevel. Of het nu gaat om een vader die zijn kind kwijtraakt op een festival, of over een man die in London aan een andere man wordt gekoppeld en het idee heeft dat hij geen controle heeft: in enkele pagina’s weet Van den Brink een gevoelswereld neer te zetten die even fascinerend als beklemmend is. Het draait allemaal om verwachting en teleurstelling. Wat vragen we toch veel van onszelf, in die enkele weken per jaar dat we niets liever willen dan bijkomen. 

     

    Het ontbijtbuffet
    Auteur: H.M. van den Brink
    Uitgeverij: Atlas Contact

    Het wolfgetal

    Als ik deze roman zou moeten pitchen, zou ik zeggen: de jaren negentig op papier. Met Baantjer, wat strikt genomen ook jaren negentig is. Ik neem aan dat je dit al niet meer leest omdat je naar de boekhandel bent gerend – en terecht, want dichter en archeoloog Laura van der Haar heeft met dit vuistdikke boekwerk bewezen dat er ook prima proza uit haar pen komt. 

    Over de eerste zin is al veel geschreven, maar Het wolfgetal is zoveel meer dan alleen een bijdehante opening: het is een portret van een iconisch decennium, een Hollandse jeugd en, altijd vruchtbaar voor een verhaal, een destructieve meisjesvriendschap. Vooral die laatste zet Van der Haar goed neer. Hoe de naamloze verteller alsmaar naar de onbetrouwbare Vicky toe beweegt is benauwend en herkenbaar, want hadden we vroeger niet allemaal zo’n onweerstaanbare maar grimmige vriendin? 

    O, en wat ik met Baantjer bedoelde? Er zit ook nog gewoon een prima plot in Het Wolfgetal, dus wie van spanning en puzzelen houdt wordt eveneens beloond. 

     

    Het wolfgetal
    Auteur: Laura van der Haar
    Uitgeverij: Podium

    Gameboy

    In het beste geval levert een boek, roman of bundel of wat dan ook, nieuwe inzichten op. Zo dacht ik lange tijd dat gameverslaving een overtrokken trend was, ontstaan in een wereld waarin iedereen op zoek is naar zijn eigen problemen – zonder stempel geen bestaansrecht, lijkt het soms. Na het lezen van Gameboy van Michiel Smit moet ik toegeven dat ik weer eens te snel oordeelde. 

    Aan de hand van zijn eigen schrijnende verhaal schetst Smit een werkelijk onderschat probleem, dat erg aansluit bij dit schermvormige tijdperk. Niet alleen vertelt hij openhartig over zijn eigen verslaving, hij weet het bovendien in de juiste tijd te plaatsen. Zijn generatie (ook mijn generatie) groeide grotendeels op in een liefdevolle en veilige omgeving waarin de mogelijkheden eindeloos leken – en dat laatste, al die keuzes, slaat de twijfelaar neer. Wie immers alles kan kiezen, kiest al snel het verkeerde. Of niet genoeg. 

    Ook wie niet aan games en schermen verslaafd is, zal in Gameboy veel herkennen. Een aanrader voor jezelf dus, maar ook voor je continu computerspelletjes spelende zoon/broertje/neefje/buurjongetje. 

     

    Bonustips 

    Mooie lieve schat, door Joubert Pignon
    Ik nog wel van jou door Elke Geurts
    Een heldenleven door Persis Bekkering 

     

     

    Gameboy
    Auteur: Michiel Smit
    Uitgeverij: Atlas Contact
  • Zomerboeken 2018 – Vakantie in Nederland

     

     

     

    Lekker dood in eigen land

    Voor wie dit jaar in eigen land de zomer doorbrengt is deze dichtbundel van Frank Koenegracht een echte aanrader, en niet alleen vanwege de gezellig-morbide verwijzing naar vakantie in de titel. De gedichten in de bundel zijn stuk voor stuk wonderen van eenvoud en vernuftigheid – soms humoristisch, soms ontroerend, soms allebei tegelijk. Zo geeft Koenegracht in een brief ‘aan mijn moeder’ het advies om zich een zwaan te laten bezorgen door de thuiszorg: ‘Ze slaan hun linker vleugel om je heen: dat / is tegen angst voor duizeligheid en ze leggen / hun snavel op het andere kussen: / dat is tegen eenzaamheid.’ Door de ogen van Frank Koenegracht zien we ons eigen land in een ander licht, bijvoorbeeld als hij schrijft: ‘Het regende in de openbare ruimte / en op de kenmerken van de situatie // en op de leefbare omgeving met zijn / verspreide maar onderling verbonden // buitenruimtes. O wat regende het’.

    Een bundel om in de regen of in de zon te lezen, hardop mooie zinnen en wendingen voorlezend aan reisgenoten of onbekende medepassagiers in de trein naar Dordrecht of een andere stad waar je gewoonlijk niet zo vaak komt. En voor wie even niet lezen wil zijn er in deze bundel ook nog mooie plaatjes te bekijken – portretten van diverse mannelijke denkers en schrijvers, getekend door Koenegracht zelf.

     

    Lekker dood in eigen land
    Auteur: Frank Koenegracht
    Uitgeverij: De Bezige Bij (2012)

    Dagelijks werk

    In de trein naar Utrecht, in de bus naar Meppel, op een balkonnetje van een Groninger hotel, in een achtertuin in Amsterdam, in een bus naar Haarlem, op een terras in diezelfde stad, overal is het genieten met de schrijversautobiografie die Renate Dorrestein kort voor haar overlijden begin dit jaar publiceerde. Het boek is een selectie van teksten – artikelen, essays, e-mails en brieven – die ze schreef naast haar romans en verhalen. Het geeft een prachtig beeld van hoe Dorrestein dacht over literatuur, het schrijverschap en het leven en over het verband tussen die drie. Elke tekst is voorzien van een inleiding en soms ook van een nawoord waarin Dorrestein het geschrevene een context geeft. Dorrestein inspireert op vele fronten: met haar schrijfplezier, met haar gedrevenheid om als schrijver de werkelijkheid boven tafel te krijgen, met de manier waarop ze haar belangen als schrijver behartigde en natuurlijk met haar niet aflatende strijd voor gelijkheid tussen mannen en vrouwen, zowel binnen de literaire wereld als daarbuiten.

    Als Dorrestein zich inderdaad in de hemel bevindt waarin ze verkoos te geloven, zal ze daar vast een glaasje hebben gedronken op de toezegging van het CPNB om het boekenweekgeschenk voortaan even vaak door mannen als door vrouwen te laten schrijven.

     

    Dagelijks werk
    Auteur: Renate Dorrestein
    Uitgeverij: Podium (2018)

    Birk

    Denk Terschelling maar dan kleiner, Schiermonnikoog maar dan verder van het vasteland, denk alle dorpen, de meeste mensen en de wadden weg, neem de meeuwen mee en denk er een paar kliffen bij en je bent op het eiland waar het jongetje Mikael en zijn moeder achterblijven nadat Birk, zijn vader, is verdwenen in zee. In gedetailleerde en beeldende scènes zien we hoe de jongen volwassen probeert te worden in een wereld die door zijn moeder zo klein mogelijk wordt gehouden. Zelfs een jonge meeuw die Mikael gevangen houdt in een poging hem te temmen, vormt voor zijn moeder een object van jaloezie. Door het verhaal te situeren op een eiland waar de buitenwereld niet bestaat, zet Robben de verhoudingen tussen de moeder, de zoon en hun buurman op scherp.

    Een boek waaraan je ook lang na lezing terug kunt denken alsof je alles wat erin beschreven wordt zelf hebt gezien. Je hoeft kortom niet van de bank te komen om herinneringen aan een verblijf op een eenzaam eiland te verzamelen. Al wordt het wel ingewikkeld om familieleden en vrienden van foto’s te voorzien. Gelukkig hebben we de woorden nog.

     

    Birk
    Auteur: Jaap Robben
    Uitgeverij: De Geus (2014)
  • Zomerboeken 2018 – Naar Formosa!

    Forbidden Nation

    Het is nog geen veertien uur vliegen van Amsterdam naar Taipei, de hoofdstad van Taiwan. Een ongebruikelijke bestemming. Inderdaad bestemming. Onder druk van China mag de vliegmaatschappij niet meer vliegen naar het land Taiwan, dat door China als een afvallige provincie wordt beschouwd, maar wel naar de bestemming Taiwan.
    De meeste mensen aan boord van ons toestel gaan niet naar Taiwan. Zelfs de stewardess kijkt verwonderd op: U gaat niet naar Bali? Niet naar de Filipijnen? U gaat voor zaken? Plezier?

    Er zijn maar weinig mensen die weten dat er in een ver verleden een ‘koloniale’ verbinding bestond tussen Taiwan, toen nog Formosa genoemd, en Nederland. In de zeventiende eeuw had de Vereenigde Oostindische Compagnie (VOC) er een uitvalsbasis. Als je de zuidelijke kuststad Tainan bezoekt, vind je daar nog de overblijfselen van twee forten: Fort Zeelandia en Fort  Provintia. Wie daar meer over wil lezen kan de roman Formosa, voorgoed verloren van Joyce Bergvelt lezen. In deze rubriek kies ik voor vier andere boeken.

    Als doorsnee toerist heb je er niet veel aan om geschiedenisboeken over het land van bestemming te lezen. Geschiedenisboeken vertellen meestal niets over de tempel die je zou kunnen bezoeken, of dat ene café waar een beroemd schrijver zijn koffie dronk. Toch verdiep ik me, als ik op vakantie ga, liever in het verleden van een land, dan dat ik precies weet waar ik heerlijke cappuccino kan drinken, welke wijngaard het bezoeken waard is, welk hotel de zachtste bedden heeft. Ik ben dan ook een onhandige reiziger als ik me op deze verre tocht voorbereid met Forbidden Nation.

    ‘Taiwan is entering an era when the four-hundred-year old dream of the island’s 23 million people to be internationally recognized as sovereign masters of their own house will be won or lost.’ Zo opent Manthorpe zijn voorwoord en daarmee heeft hij zijn positie bepaald in de controverse tussen de Volksrepubliek China en Taiwan, ook wel de Republiek China genoemd. In twintig hoofdstukken vertelt hij meer dan 2000 jaar geschiedenis – en vooral de politieke –  van Taiwan. Je leert alles over de komst van de Nederlanders, over hoe de rebellenleider Koxinga Fort Zeelandia wist te veroveren, over de Japanse tijd, de komst van de miljoenen Chinezen, nadat Mao in China de macht greep, de dictatuur van Tchang Kai Tjek tot de opkomst van de Democratische Progressieve Partij, maar waar je de heerlijkste bubble tea kunt drinken, een wonderlijk drankje met stukjes tapioca, moet je op een andere plek vinden.

     

     

    Forbidden Nation
    Auteur: Jonathan Manthorpe
    Uitgeverij: Walgrave Macmillan (2009)

    Jongens van glas

    Op het omslag staat ‘roman uit China’ maar het verhaal speelt zich toch echt af in Taiwan en de auteur is Taiwanees. De flaptekst vertelt over ‘onzedelijk gedrag’ en ‘homoprostitués’. Maar wie vuiligheid zoekt, komt er bij Pai Hsien-Yung bekaaid vanaf. Daarom is Jongens van glas zo’n bijzondere leeservaring. Het verhaal speelt zich af aan het begin van de jaren zeventig, homoseksualiteit is taboe en dus verborgen. De lezer volgt het relaas van een groep jongens die aan de rand van de maatschappij leven en ’s nachts samenkomen in het Peace Park van Taipei. Allemaal zijn ze door hun familie verstoten vanwege hun homoseksualiteit. Je hebt Jade die een Japanse suikeroom zoekt, Rat die je vingervlug van je kostbaarheden ontdoet en hoofdrolspeler Blue Boy, getraumatiseerd door het verlies van zijn broertje. Geen plot gedreven boek, maar caleidoscopisch en sfeervol. Mocht er een herdruk komen, zeg dan gewoon dat de roman uit Taiwan komt.

     

     

    Jongens van glas
    Auteur: P. Hsien-Yung
    Uitgeverij: De Geus

    Angelwings

    Taiwan maakt in de laatste dertig jaar een opmerkelijke verandering door en transformeert van een dictatoriaal bestuurd land naar een democratie. Het zou zomaar het eerste Aziatische land kunnen worden waar het huwelijk tussen twee personen van hetzelfde geslacht opengesteld wordt. Deze democratiseringsgolf zorgt er in de jaren negentig van de vorige eeuw voor dat in de Taiwanese literatuur openlijker over tongzhi (homoseksualiteit) geschreven kon worden. Tien van deze verhalen zijn door Fran Martin verzameld en vertaald in Angelwings. De uitgebreide inleiding helpt om de verhalen in hun context te plaatsen. Martin kiest er ook voor om voorafgaand aan elk verhaal een biografische schets van de auteur op te nemen. Zo word je op een prettige manier een onbekende wereld binnengeloodst. Bijzonder is het slotverhaal Rose is the past tense of rise (vast geen letterlijke vertaling) van Wu Jiwen over de transgender Seikei. Vanuit het perspectief van verschillende van haar familieleden wordt verteld over dit ‘familiegeheim’.

     

     

    Angelwings
    Auteur: unknown
    Uitgeverij: University of Hawaii Press (2003)

    Where Is Spring?

    Onze gids in Taiwan gaf ons een gedicht van Yang-Huan, een jonge dichter die op ongelukkige wijze om het leven kwam in het hart van Taipei. Hij liet een handvol gedichten na. Op Taiwan is zijn poëzie voor kinderen klassiek geworden. Twee van deze gedichten zijn in het Engels vertaald, waaronder Where is Spring? Een jongen stuurt zijn vlieger de hemel in om aan onder andere de vogels en de wind te vragen waar de lente is. De poëtische antwoorden op die vraag staan in dit prachtige prentenboek. ‘The sun says: Spring is burning in my heart, spring is smiling on the faces of flowers.’

     

    Wil je de Hollandse zomerdroogte van 2018 ontvluchten, doe dan eens iets ongewoons, ga naar Taiwan. Het is daar even warm als hier, maar zelden droog.

     

     

     

     

     

     

     

     

     

     

    Where Is Spring?
    Auteur: Yang-Huan
    Uitgeverij: Heryin Publishing Corporation
  • Zomerboeken 2018 – Lezen is ontsnappen

     

     

     

     

    De welwillenden

    Uw vakantieboeken hoeven zich niet af te spelen op de vakantiebestemming, ga liever voor contrast, zodat u een dubbele ontsnapping creëert. Lees tijdens een lamlendige strandvakantie boeken die bol staan van vaart en spanning en de hele wereld bestrijken. Ludlumachtige boeken dus of de literair verantwoorde versie ervan: De ontdekking van de hemel van Mulisch of De welwillenden van Litell waarin vanuit het perspectief van een SS’er een enorm scala een oorlogsgruwelen de revue passeert.

    De welwillenden
    Auteur: Jonathan Littell
    Uitgeverij: De Arbeiderspers

    Als u tot een actieve vakantie besluit, hiken in Noorwegen bijvoorbeeld, lees dan niet Grip van Enter of Nooit meer slapen van Hermans, maar een lekker landerig boek: Carson McCullers’ De balade van het treurige café (over een zeer broeierig Georgia) of juist een grote-stadsroman zoals het hilarische Geld van Martin Amis over een Londense reclameman die in New York de voorbereidingen treft voor zijn eerste speelfilm.

    De waterman

    Gaat u op een vakantie van lichte zeden, lees dan niet Platform van Houellebecq of de sublieme memoires van Casanova, maar het vrijwel vergeten juweel De waterman van Van Schendel, over een negentiende-eeuwse binnenvaartschipper die met ijzeren discipline en een loodzwaar moreel regime tegenslag na tegenslag doorstaat.

    De waterman
    Auteur: Arthur van Schendel
    Uitgeverij: Athenaeum (alleen als e-boek)

    De tijgerkat

    Lees hoe dan ook een monumentaal werk- daar heeft u nu de tijd voor-, zoals De Radetzkymars van Joseph Roth over het Habsburgse rijk van keizer Franz Joseph of De tijgerkat van Tomasi di Lampedusa over het negentiende-eeuwse Sicilië waar een revolutie ervoor zorgt dat alles bij het oude blijft.

    De tijgerkat
    Auteur: G. Tomasi di Lampedusa
    Uitgeverij: Atheneaeum – Polak & van Gennep
  • Zomerboeken 2018 – Reizen zonder landsgrenzen te overschrijden

     

     

     

    Het genre van het reisboek verbinden we meesttijds aan verre landen. Reizen dichtbij huis zonder de Hollandse grens te overschrijden en daarover schrijven, dat deed de in 2015 overleden dichter Hans van de Waarsenburg (1943 – 2015).

    Vaak verwisselde hij zijn woonplaats Maastricht voor zowel Europese landen als voor Amerika, Macao, Puerto Rica en Indonesië. Tussendoor zocht hij Zeeland op. Het strand bij Domburg is het vertrekpunt geweest voor één van zijn mooiste bundels zeepoëzie in de Nederlandse literatuur: Avondlandschappen (1982). Hierin strijden doodsgedachten en drang om te (over)leven met elkaar om voorrang. Het zijn hoofdmotieven in Van de Waarsenburgs werk die in de openingsstrofe van de tweede afdeling in de bundel duidelijk herkenbaar zijn:

    In een Zeeuwse stilte
    daalde de tijd van regen neer.
    Scheef hij eb en vloed
    soms huiverend, maar altijd
    starend, de getijden voorbij

    De vierde en laatste afdeling van Avondlandschappen heet ‘(Sardijns) Avondlandschap’ en eindigt met een catharsis: dood en leven verenigen zich, lopen in elkaar over. De zintuigen van de dichter ‘zijn de zee geworden’ en daarmee krijgt het aardse bestaan een grenzeloze en onsterfelijke aanblik.

    De bundel Avondlandschappen kan vanwege het eigen geluid waarin telkens een niet-Hollandse melancholie doorklinkt als van een fado, in kwaliteit wedijveren met de zeegedichten van Hans Lodeizen en zelfs van A. Roland Holst.

    Van Sardinië dat Van de Waarsenburg aandeed, naar andere eilanden in Italië en zijn vasteland is een kleine stap. Deze gebieden zijn het tweede vaderland geweest van Bertus Aafjes (1914 – 1993), de misschien wel meest reislustige in de Nederlandse literatuur. Behalve een veelbesproken voetreis naar Rome ondernam de eens zo beroemde poëet een tocht in de voetsporen van Odysseus zoals zich die in Homeros’ heldendicht aftekenen.

    Evenals Van de Waarsenburg in zijn reisgedichten blijft Aafjes niet in een oppervlakkige waarneming steken in zijn verslag van het nareizen van Odysseus door Italië. Landschappen, steden en ruïnes inspireerden tot het maken van een ‘papieren’ reis, een reis binnen een reis, een tocht in zijn geest. Aafjes roept in Odysseus in Italië (1962) het klassieke verleden op dat bij alle verschillen met het heden in wezen eenzelfde mens te zien geeft. Betrad Odysseus als zeereiziger aardse gebieden die onbekend en onbemind waren, in 1960 overschrijden astronauten uiterste grenzen in het heelal. Zulke universaliteit staat in Aafjes’ werk centraal. Zij verleent de mens de allure van onsterfelijkheid: zijn leven is in het verleden al vele malen geleid en naar het zich laat aanzien zal het zich na zijn dood blijven herhalen.

    Net zo pregnant komt deze gedachte van de tot boeddhisme neigende katholiek Aafjes (in zijn latere leven bezocht hij vaak Japan) in Goden en eilanden (1959) naar voren. Hierin volgt hij de sporen van Odysseus over land en vooral over zee in Griekenland. Op een van de schepen waarmee hij naar een van de eilanden met sporen van zijn held vaart, wordt Aafjes omringd door eenzelfde slag zeelieden als de mannen van Odysseus. Gefascineerd is hij door het verhaal van een bootsman over het vissen op zee. Het is zó beeldend, schrijft Aafjes,  ‘of het was dat ik luisterde naar verzen uit de Odyssee.’

    De in 1981 verschenen bundel Reisbeschrijvingen van J. Slauerhoff bevat een ruime keuze aan kranten uit bijdragen die tot dan toe ongepubliceerd waren gebleven. Als scheepsarts bevoer hij Zuid-Amerika en het Verre Oosten, gebieden die voor talloze lezers in de jaren dertig van Nederlandse dagbladen en zelfs voor die van Nederlands-Indische uit eigen aanschouwing onbekend waren. Slauerhoff heeft hen deelgenoot gemaakt van het bonte en mysterieuze leven dat hij aantrof als hij zijn ‘varend eiland’ verliet en aan land ging. Niet ontsnapt aan zijn blik het verleden van de vaak veel oudere Europese cultuur. Hoe glorieus en eeuwig de bloeiperiodes in den vreemde ook leken, ze hebben het veld geruimd voor barre, vaak koloniale leefomstandigheden. Een heel andere kijk dus dan Aafjes met zijn ‘vereeuwiging’ van het menselijk bestaan door de verbinding van gemeenschappelijkheden in voorbije levens.

    In korzelige en beeldende zinnen weet Slauerhoff de eigenaardigheden ten voeten uit te schilderen van de bewoners in de vaak exotische gebieden. Zo hebben zich ‘enige kooplieden als amfibieën ontpopt. ‘Zij duiken alles na: sigarettendoosjes, spiegeltjes etc.’ Of: ‘Plotseling komen twintig, dertig, veertig boten, donkergroen of zwart met brullende naakte negers bemand van ’t strand af en in een ogenblik is de zee zwart en rumoerig van kano’s en roeiers.’ En ze slaan zich door de branding met hun boten, ‘korte pagaaien, die uit de verte grote witte handen lijken of drietanden.’

    Slauerhoffs visie in zijn reisverslagen uit de jaren dertig beperken zich overigens niet tot heden en verleden. ‘Misschien komt er een tijd,’ merkt hij zijdelings op, ‘dat iedere toerist zwijgend en zwetend bezig is met eigen filmtoestellen, geluidopnemers en reproductietoestellen […] En misschien komt het nog zover dat men geen toerist meer hoeft te zijn en alles thuis kan zien.’

  • Zomerboeken 2018 – La France douce-amère

    Terug naar Reims

    Niet elke Fransman leeft als God in Frankrijk. Ook als u het land alleen kent van de camping in de Landes waar u elk jaar twee weken rosé gaat drinken, is het u waarschijnlijk niet ontgaan dat er in de banlieue weleens wat auto’s in de vlammen opgaan. Daan Pieters tipt drie boeken voor wie dat andere Frankrijk wil begrijpen.

    Didier Eribon ontvluchtte de armoede en uitzichtloosheid van het arbeidersmilieu in de Champagne waar hij opgroeide en ging naar Parijs om alles te worden waar zijn ouders een hekel aan hebben: progressief, intellectueel en homo. Wanneer zijn vader sterft, keert hij terug om de banden met zijn moeder aan te halen en zich te proberen verzoenen met zijn afkomst.

     

     

    Terug naar Reims
    Auteur: Didier Eribon
    Uitgeverij: Uitgeverij Leesmagazijn (2018)

    Weg met Eddy Bellegueule

    Iets gelijkaardigs overkomt Edouard Louis in Weg met Eddy Bellegueule, dat zich afspeelt in het troosteloze Picardië. Ook voor hem lonkt de vrijheid in Parijs, maar verraadt hij daardoor zijn eigen sociale klasse?

     

     

    Weg met Eddy Bellegueule
    Auteur: Édouard Louis
    Uitgeverij: Uitgeverij De Bezige Bij (2017)

    Angel

    Tot slot raden we nog Angel aan, van de Vlaamse auteur Filip Rogiers. Hij ontdekte in Marville, een dorp in de Gaume (‘de Provence van de armen’) vlak bij de Belgische grens, een kerkhof met opvallend veel graven van baby’s die stierven tussen 1957 en 1961 en laat zijn personages op zoek gaan naar antwoorden in de onderbuik van Frankrijk.

     

     

     

     

     

     

    Angel
    Auteur: Filip Rogiers
    Uitgeverij: Uitgeverij Polis (2018)
  • Zomerboeken 2018 – Reizen door Spanje, Azië en Egypte

     

     

    De omweg naar Santiago

    Met Cees Nooteboom naar Spanje: nooit zul je een betere gids vinden. In zijn boek De omweg naar Santiago brengt hij je naar de verste uithoeken van zijn geliefde Spanje, op plaatsen waar je zelf als eenvoudig toerist nooit zou kunnen komen. Hij neemt je bij de hand op zijn reis door de geschiedenis en de cultuur, hij tovert je het landschap voor ogen, hij richt je aandacht op de kleinste details: aan de verbazing over zoveel moois komt geen einde. Nooteboom schrijft over alles wat hij beleeft en ziet en vooral voelt en hij doet dat ook nog eens op een wonderschone manier, waardoor het in je geheugen gegrift wordt. Zijn zwerftocht wordt de jouwe: als je het boek dichtslaat en opkijkt, zul je verwonderd constateren dat je in je eigen kamer zit.

    ‘De barre uitgestrektheid van Spanje is echt onmisbaar voor me geworden. Seelenverwandschaft, zoiets is het toch, al klinkt dat wel weer vreselijk. Ik ben gefascineerd door steen, door extreme hitte en kou. Daar is later het besef van de geschiedenis bijgekomen. Spanje is zo groot en machtig geweest en daarna weer zo diep gevallen. Vuurtijd, ijstijd.’

    De omweg naar Santiago
    Auteur: Cees Nooteboom
    Uitgeverij: De Bezige Bij

    Het boek van Bod Pa

    Quintana is het pseudoniem van Antoon Adolf Kuyten (1937 – 2017) die meerdere jeugdboeken heeft geschreven. Het verhaal speelt zich af in Centraal Azië, waarschijnlijk Mongolië, in de tijd waarin Marco Polo naar China reisde. In de uitgestrekte, eenzame steppen heeft de veertienjarige Perregrin zijn been gebroken bij het vangen van wilde paarden en omdat het maar niet genezen wil, haalt zijn vader er een sjamaan bij: de blinde, mismaakte Bod Pa, met een een raaf op zijn schouder en een wolf aan zijn zijde. In het weidse landschap van de Aziatische steppen waar eenzaamheid en stilte heersen gaan Bod Pa en Perregrin op reis om inzicht te verwerven in een innerlijke verandering die Perregrin zelf tot stand moet zien te brengen.

    Quintana sleept je mee met zijn poëzie, zijn paradoxen, zijn evocatie van het landschap en de avonturen van Perregrin. Het boek van Bod Pa is een jeugdboek, waarvoor Quintana in 1996 de Woutertje Pieterseprijs won, maar zoals altijd zijn de beste kinderboeken ook een feest voor volwassenen.

    ‘De maan zeilde boven de aarde en haar witte licht was allerminst romantisch. Je moest wel eelt op je ziel hebben wilde dat schijnsel geen vat op je krijgen. Al was je nog zo gewend aan de verlatenheid van de steppe, bij dit onzalige licht kreeg je er toch nog last van.’

     

    Het boek van Bod Pa
    Auteur: Anton Quintana
    Uitgeverij: Querido

    Verzamelde gedichten

    Met Kavafis reis je niet alleen naar een ander land, maar ook naar een andere tijd: de eerste eeuw van onze jaartelling, naar Alexandrië in Egypte. De glorie van de oudheid trok Kavafis aan: hij voelde zich thuis in de Byzantijnse en Helleense beschaving. Zijn gedichten zijn gesitueerd in die tijd: daarin richt hij zich vaak rechtstreeks tot een ’tijdgenoot’ uit het Griekse milieu alsof hij er werkelijk leefde. Vooral de historische figuur van keizer Julianus boeide hem. De thema’s van de gedichten zijn vaak heel persoonlijk, maar de setting is altijd pseudo-historisch. Zijn gedichten hebben een grote zeggingskracht.

    Kavafis was een perfectionist die een sobere stijl hanteerde en niet gemakkelijk in een stroming onder te brengen is.

     

    “veertig jaar bracht ik door

    zonder Grieks te horen of te spreken.

    Nu begeef ik mij naar de Hades,

    zeker niet bereid, echter zonder diepe smart.

    Daar zal ik huis- en landgenoten ontmoeten.

    En ik zal weer Grieks spreken.”

     

    Verzamelde gedichten
    Auteur: K.P. Kavafis
    Uitgeverij: Prometheus
  • Zomerboeken 2018 – Het gaat weer zomeren

     

     

     

     

     

     

     

    De pop

    ‘Het gaat weer zomeren’. Aldus constateerde mijn onlangs overleden ome Bep bij het verschijnen van de eerste korte rokjes en foute schoenen in het straatbeeld, gezien vanuit het spionnetje aan het raam van zijn appartement aan de Lauriergracht in Amsterdam. Kortom, het is tijd om de stad de rug toe te keren en vakantieplannen te smeden, wat mij betreft naar gebieden waar de rust en de stilte overheersen en waar het hoogste genot bestaat uit het lezen van een dik boek, gezeten onder een schaduwrijke boom aan de oever van een kabbelend beekje.

    De vertaling van De pop beschouwt Karol Lesman als zijn magnus opus. Hij is er meer dan tweeënhalf jaar mee bezig geweest. Het lezen van dit boek heeft Lesman doen besluiten vertaler te worden in plaats van postbode. Inmiddels heeft Lesman meer dan vijftig vertalingen uit het Pools op zijn naam staan en is hij daarvoor bekroond met de Martinus Nijhoff Vertaalprijs. In het juryrapport wordt hij omschreven als een ‘in de huid kruipende vertaler’. Dit alles schept verwachtingen, die zonder meer worden waargemaakt in De pop.

    Het verhaal speelt zich af in 1878/1879 en handelt voornamelijk in Warschau. Op een avond in het theater valt het oog van de succesvolle koopman Stas Wokulski op een beeldschone, melancholisch voor zich uitstarende jongedame, Izabela Łeçka. Wokulski is totaal van slag. Voortaan is er een leven vóór de aanblik van juffrouw Izabela en een leven na de aanblik. Hij stelt alles in het werk om haar te veroveren. Haar vader, een verarmde edelman, ruikt geld en Wokulski zijn kans.

    Naast een heerlijk adembenemende liefdesgeschiedenis met veel Warschause couleur locale en fijnzinnige humor is De pop ook een ideeënroman waarbij Wokulski staat voor de positivistische ideeën van de Verlichting, maar ook voor het smachten van de Romantiek. Aan de andere kant zien we de opkomst van het Poolse nationalisme en het anti-semitisme. Fascinerend om hierover te lezen in een boek waaroverheen nog niet de schaduw en de doem hangen van ons ‘weten‘ na de Tweede Wereldoorlog.

     

     

    De pop
    Auteur: Boleslaw Prus
    Uitgeverij: Uitgeverij Atlas Contact

    Het wereldje van Serjozja

    Soms heb je niet zo’n zin om tijdens de vakantie meteen een lijvig boekwerk ter hand te nemen. De Russische Miniaturenreeks van Van Oorschot bevat een hele serie absolute topverhalen van beperkte omvang met prachtige titels als: Een voetbreed aarde, Melk, Geen markt voor holle vaten en Ik en mijn automobiel. Bij mij stond dit keer Het wereldje van Serjozja van Vera Panova op de rol. Terwijl we steeds meer tot de ontdekking komen dat allerlei opvoedkundige hulpprogramma’s niet of nauwelijks zoden aan de dijk zetten, maar dat voor een goede opvoeding liefdevolle aandacht en verdieping in de belevingswereld van het kind onontbeerlijk is, dan is dit boek een absolute aanrader. Het is een kleinood geschreven in de beste traditie van de Russische literatuur. Het verhaal speelt zich af in de Sovjetunie in de jaren vijftig op de sovchoz De Heldere Oever. Serjozja woont daar met zijn moeder. Zijn vader is in de oorlog overleden. Serjozja’s wereldje bestaat uit zijn directe omgeving met zijn vriendjes en vriendinnetjes. Op een dag verschijnt Korosteljev op het toneel. Zijn moeder is verliefd op hem en hij komt bij hen wonen. Als aan het eind van het verhaal Serjozja ziek is en zijn moeder, in verband met een nieuwe baan, en Korosteljev genoodzaakt zijn te verhuizen naar een ander dorp binnen de sovchoz, dreigt dit voor Serjozja catastrofale gevolgen te hebben. Hoe het afloopt, vertel ik hier niet, maar met de vertaler, Nico Scheepmaker, zeg ik: ‘Ik kreeg tranen in mijn ogen toen ik deze passage las’. Een pure schoonheidsbeleving.

    Het wereldje van Serjozja
    Auteur: Vera Panova
    Uitgeverij: Van Oorschot (niet meer leverbaar)

    Arc de Triomphe

    Douanecontrole, waar zie je dat nog in Europa? In Patras (Griekenland) dus, en wel een scherpe controle. Vlak voor onze neus werd een vrachtwagen opengemaakt. Controle met schijnwerpers en honden. Twee jongemannen werden er uitgehaald en geboeid afgevoerd. Ook onze dakkoffer moest open. De tas met boeken werd aandachtig bekeken. Tsja, wie leest er tenslotte nog boeken?

    Arc de Triomphe is, naast De nacht in Lissabon, het tweede boek van Remarque dat in de Cossee Centuryreeks wordt uitgegeven. In beide boeken gaat het om een vergelijkbare problematiek, nl. die van de voor de Nazi’s gevluchte enkeling. In Arc de Triomphe staan de belevenissen centraal van Ravic, arts, en sedert de machtsovername van Hitler in 1933 ontsnapt aan de martelkamers van de nazi’s en gevlucht naar Parijs. Daar zit niemand op hem te wachten. Zonder papieren kan hij elk ogenblik worden opgepakt en uitgewezen. Hij komt aan de kost als chirurg in een chique praktijk, waar hij illegaal de rottigste klusjes mag opknappen tegen een fractie van het bedrag dat door zijn superieur wordt geïncasseerd, die bovendien met de eer gaat strijken. Het hotel waarin hij bivakkeert, is een doorgangshuis voor illegalen. Altijd op de vlucht. Dat is het thema van het boek. Op de vlucht voor de autoriteiten en voor zijn verleden – Ravic is niet zijn eigen naam, maar slechts één van de vele schuilnamen –, maar ook op de vlucht voor zijn gevoelens, voor zichzelf. Hij kan zich niet binden aan mensen. Daarvoor is zijn bestaan veel te onzeker. Voor de liefde is er geen ruimte en als er iemand op hem verliefd wordt, moet hij dit afkappen. Dit prachtige, psychologische en filosofische boek moet met aandacht gelezen worden. Gezien de huidige problemen rondom vluchtelingen en integratie is dit boek uiterst actueel en beslist een aanrader.

    Arc de Triomphe
    Auteur: Erich Maria Remarque
    Uitgeverij: Cossee
  • Zomerboeken 2018 – Naar Noorwegen

    De Antitheek

    Sinds kort woont een deel van mijn familie in Noorwegen. Fjell heet het gehucht waar ze voor vier jaar zijn neergestreken. Het ligt niet ver van Bergen, maar het duurt even voor je daar bent als je aangewezen bent op het openbaar vervoer. Anders dan in Bergen regent het in Fjell niet elke dag. Toen ik er was, was het zelfs abnormaal warm voor de tijd van het jaar. Het was mijn eerste kennismaking met een land dat ik ook literair nog nauwelijks ontgonnen heb. Ik heb heel wat in te halen.

     


     

    De vier jaargetijden van Karl Ove Knausgård , dé Noorse schrijver van dit moment, liggen verleidelijk te lonken, maar ik laat ze voor wat ze zijn en kies De Antitheek (1999) van Feico Houweling. Feico mag mij naar het land begeleiden waar hij heel erg van hield. Dat ook een deel van zijn familie er woont, is vast geen toeval.
    De eerste keer dat Feico Houweling in Noorwegen kwam, was hij ongeveer zo oud als John Wilton, die in De Antitheek Nederland ontvlucht en naar Noorwegen lift in de hoop daar onderdak te vinden bij correspondentievrienden.

    Heel erg ingenomen met zijn bezoek lijken zij niet, hoewel ze hem wegwijs maken en onderdak bieden. Als blijkt dat John zich blijvend in Geitvågen wil vestigen, krijgt hij te maken met de bureaucratische molen en moet hij terug naar huis om via daar werk in Noorwegen te vinden om zo een verblijfsvergunning af te dwingen.
    De Antitheek speelt zich af tegen de achtergrond van het referendum in 1972. De Noren zeiden toen ‘nee’ tegen de Europese Gemeenschappen (en later nog een keer tegen de Europese Unie). Die setting bood Feico Houweling de gelegenheid om de protectionistische politiek van de Noren te thematiseren, maar uiteindelijk gaat het in De Antitheek toch om John, die huis en haard om een heel duidelijke reden blijkt te hebben verlaten en zichzelf om dezelfde reden ook in Geitvågen onmogelijk maakt.

    Feico Houweling schreef De Antitheek ver voordat ik hem leerde kennen. Ik weet zeker dat hij niet John Wilton is, maar ik vroeg me tijdens het lezen wel af in hoeverre zijn Noorse avonturen in zijn roman beland zijn. Ik kan het hem niet meer vragen. Feico overleed op 19 mei jl.

    De Antitheek
    Auteur: Feico Houweling
    Uitgeverij: Aristos (1999)

    Haaienkoorts

    Een van de naar Noorwegen vertrokken familieleden is, zo jong als hij is, geobsedeerd door haaien. Toen ik hem vertelde dat ik een boek aan het lezen was over twee mannen die hun uiterste best doen om een haai aan de haak te slaan, wilde hij van alles over dat boek maar vooral over die haai weten.
    Die haai is een Groenlandse en de mannen die er veel voor over hebben om er één te vangen zijn kunstenaar Hugo Aasjord en schrijver Morten Strøksnes. De laatste doet in Haaienkoorts: de kunst van het vangen van een grote haai in een rubberbootje op de Noorse Zee (2016) niet alleen verslag van hun pogingen, maar loodst de lezer ook langs wat er in diverse opzichten geweten moet worden over de haai, zijn leefomgeving en die van de mens die, overgeleverd aan de elementen, ook in leven moet zien te blijven.

    Dat het in een fjord flink kan spoken, is me inmiddels duidelijk. Ook wie op een zonnige dag argeloos het doen en laten van krabbetjes gadeslaat, dient dus op haar hoede te blijven.

    Haaienkoorts
    Auteur: Morten A. Strøksnes
    Uitgeverij: Atlas Contact (2016)

    Scheepsjournaal (2010)

    Als Cees Nooteboom in het gezelschap van schrijvende collega’s naar het hoge Noorse noorden – het Ultima Thule waar ook Morten Strøksnes de nodige woorden aan wijdt – vliegt, weet hij ongeveer wat hem te wachten staat. Hij heeft zich ingelezen, en deelt in Ultima Thule: een Pompei op Spitsbergen (in Scheepsjournaal: een boek van verre reizen, 2010) wat hij zo over Spitsbergen te weten kwam. Tegenover het Spitsbergen dat uit die verhalen opduikt – koud, onherbergzaam en ontoegankelijk – zet hij zijn eigen waarnemingen. Hij is gevoelig voor de sfeer die bepaald wordt door de architectonische doelmatigheid en de nabijheid van een voormalige – en inmiddels ook weer – vijandige natie.
    Grijs, eenzaam en verlaten, zo ervaart hij de tweede bestemming: de Pyramiden, een op het oog van het ene op het andere moment verlaten Russische mijn. Een plek die hem aan Oostblok en Koude Oorlog doet denken.

    Terwijl Cees Nooteboom na de verplichte ‘excursies’ langzaam maar zeker in zijn vertrouwde reismodus komt, blijft hij gefocust op ‘grensverhalen’.

    https://www.youtube.com/watch?gl=SN&v=1u7O_Mb0aYw&hl=fr

    Scheepsjournaal (2010)
    Auteur: Cees Nooteboom
    Uitgeverij: De Bezige Bij

    19 Vergiftigingen

    Werd ik vrolijk van 19 Vergiftigingen (2017) van Nils Chr. Moe-Repstad? Dat niet. In de negentien gedichten die zijn bundel telt, komt een breed scala aan het leven – in de breedste zin van het woord – ontwrichtende bedreigingen voor. Ongrijpbaar grote gevaren, maar ook de dagelijkse dingen waarmee de mens de planeet en zichzelf in gevaar brengt.

    Wie 19 Vergiftigingen alleen maar zo – als een aanklacht tegen de menselijke natuur – leest, doet de dichter tekort. Die geeft namelijk blijk van een enorm springerige geest en een prettige belezenheid, waardoor de lezer zich voortdurend af moet vragen waar de dichter het allemaal vandaan haalt, want Nils Chr. Moe-Repstad schuwt intertekstualiteit niet. Maar weet tegelijk ook de schijn van verwijzen op te houden.

    Eén van de dingen die zijn bundel zo aangenaam ontregelend maakt, is een ik – ‘jeg’ is dat in het Noors, en niet ‘ikke’ dat betekent ‘niet’, weet ik dankzij de tweetaligheid van de bundel – waar ik geen grip op krijg. Waardoor ik steeds opnieuw op het verkeerde been gezet word.

    Tijdens het lezen van 19 Vergiftigingen hoor ik Nils Chr. Moe-Repstad zijn werk getergd en langzaam voordragen. Want ik zag hem een paar jaar geleden tijdens Poetry International in Rotterdam. Daarna dacht is dat zijn werk deprimerend was, maar dat is het allerminst.

     

     

     

     

    19 Vergiftigingen
    Auteur: Nils Chr. Moe-Repstad
    Uitgeverij: Azul Press (2017)

    Staren naar water

    Nagekomen:

    Recent verscheen Staren naar water van Lodewijk Ouwens. Water is het overkoepelende thema in deze bundel. Dat water kan de gedaante aannemen van neerslag in diverse gradaties, maar niet al het water is even onschuldig. Lodewijk Ouwens wijdt bijvoorbeeld twee gedichten aan Virginia Woolf en de rivier die haar hielp een einde aan haar leven te maken.
    Ook Lord Byron komt ook in de vocabulaire van de dichter Lodewijk Ouwens voor. Byron zwemt overigens niet, hij houdt zich tijdens zijn Grand Tour op in Venetië.

    In Staren naar water kwam ik het gedicht Fjell tegen.

    Hier dwingt de poolwind de berken
    tot nederigheid, kruipen
    tot ook dat stokt
    in rolrond graniet, trollenbrood.

    Hier jaagt de sneeuwuil op sneeuwhoenders
    sneeuwgorzen, sneeuwhazen

    Leven uitgebeend
    tot aftreksom

    jagen vreet kracht
    wie mist verzwakt
    wie drie maal mist verliest
    de macht zich te verwarmen

    dan wachten
    tot de kou op het bot
    tot de poolvos je weet te vinden
    verlost.

    Ik weet niet of het over het Fjell gaat, waar ik in het voorjaar was. Fjell is niet alleen maar een gemeente en gehucht, het is ook een Noors woord. Het betekent berg.

    Staren naar water
    Auteur: Lodewijk Ouwens
    Uitgeverij: Coolhaven (2018)
  • Zomerboeken 2018 – Het andere Amerika

     

     

    This Boy's Life

    Deze zomer ga ik een stukje van de VS bekijken, die gigantische plak land die minstens 5 landen is. Eerst rondrijden in de staten Washington, Oregon, California en Nevada, dan een weekje New York. Ik lees graag Amerikanen, met name verhalen: voor Raymond Carver, John Cheever, Charles Bukovski, John Fante, James Salter kun je me ’s nachts wakker maken. (Of als ik nog niet sliep, is er een goede kans dat ik die toevallig aan het lezen ben.) Hier noem ik 5 meesterwerken (en stiekem 17, als je streng bent.)

    Tobias Wolff – This Boy’s Life
    Het drong maar zeer langzaam tot me door toen ik op aanbevelen van ‘Steinz’ reisleesgids’ dit typische Oregon boek las, dat ik de film al had gezien. Wolff is een beetje ‘white trash’, een moeilijk jeugd met een hoop narigheid en dat hij er echt bovenop komt weet je door de rest van zijn geschiedenis. Zijn jonge jaren tonen een mooi en in zekere zin typisch Amerikaans plaatje van gerommel in de marge. Wolff is een technisch geweldig schrijver, knap is dat hij steeds het midden bewaart tussen sympathiek en helemaal niet sympathiek. Het betere Amerikaanse memoir.

     

    This Boy's Life
    Auteur: Tobias Wolff
    Uitgeverij: Bloomsbury Publishing PLC

    Romeinse koorts

    Edith Wharton – Romeinse koorts
    Het kwam als een schok, de eerste Wharton die ik las! Dit was Virginia Woolf in Amerika. Zo intelligent, zo geraffineerd goed geschreven! Met Lisette Graswinckel als vertaalster maakte ik een selectie van de verhalen om uit te geven, het boek verscheen bij Van Oorschot. Schitterend inzicht in de upper class in het New York van rond de vorige eeuwwisseling. Je kunt Wharton blijven lezen.

     

    Romeinse koorts
    Auteur: Edith Wharton
    Uitgeverij: Uitgeverij Van Oorschot

    Travels with Charley

    John Steinbeck – Travels with Charley
    Steinbeck reist in 1960 door de VS, een rondje tegen de klok in. Twee jaar later ontvangt hij de Nobelprijs. Dit is mooie reisliteratuur, niet overladen met feitjes, maar een schitterend rustig betoog over Amerika, deels besproken met Charley, de poedel van zijn vrouw die voorkomt dat John al te eenzaam wordt in zijn camper. Geert Mak reisde deze tocht na en schreef Reizen zonder John, eveneens aanbevelingswaardig. Hier meer.

     

    Travels with Charley
    Auteur: John Steinbeck
    Uitgeverij: Penguin Books Ltd

    Specimen Days

    Whalt Whitman – Specimen Days
    Ook een Amerikaanse revelatie waren Leaves of Grass van de Amerikaanse dichter Walt Whitman. Kende u het niet probeer het eens, al is het alleen maar om de Nederlandse poëzie te leren kennen, een stuk of dertig dichters vertaalden allen een stuk van dit geweldige vitale meesterwerk van de Amerikaanse poëzie. Hier schreef Literair Nederland er al eens over: https://litned.hollands-spoor.com/2715/

    Whitman schreef zijn memoires op in Specimen Days. Je loopt met Whitman over het Long Island van rond 1859, toen het nog met name grasland was, en je helpt mee de gewonden op veldbedden te krijgen in Washington, na een grote slag in de Amerikaanse Burgeroorlog. De kracht van Whitman is dan steeds een soort verwondering over wat hij allemaal meemaakt en ziet, een schitterende toon van een man met wie je graag bevriend had willen zijn. Te verschijnen in de vertaling van René Kurpershoek voorjaar 2019, Van Oorschot.

     

    Specimen Days
    Auteur: Walt Whitman
    Uitgeverij: General Books

    McSorley's wonderbaarlijke saloon

    Hier zal ik kort over zijn, en verwijzen naar een paar stukjes waar ik er meer over uitwijd en lyrisch over ben. Ik houd zeer van dit boek, portretten van gewone bijzondere New Yorkers, literaire antropologie, indianen, kermisklanten, alcoholisten in het interbellum aan de rafelranden van New York, fraai vertaald door Dirk Jan Arensman.

    Wie naar mijn idee bijna ondergesneeuwd is in het landschap van de Amerikaanse literatuur is John Irving. Toch zijn zijn meesterwerken The World According to Garp en The Cider House Rules en een paar andere, echt geweldig. Zo leerde ik Amerika kennen. Ook Jonathan Franzen noem ik graag als de  schrijver van echte Great American Novels. En heb ik Amerika beter leren kennen door erg van Paul Auster te houden. Nu ga ik eerst maar eens kijken of er nog genoeg van Amerika te houden is onder The Donald die als eigenzinnige kwaliteit minstens heeft dat hij er weinig om maalt of hij wel aardig gevonden wordt. Een man als Babbitt van Sinclair Lewis dus, nog zo’n Amerikaanse grootheid, zodat ik er met Thomas Wolfe (Daal neder, Engel) en Sherwood Anderson (Winesburg, Ohio) nog net op de valreep een paar Amerikaanse klassiekers ingefietst krijg.

    In Amerika is het Nooit Genoeg!

    McSorley's wonderbaarlijke saloon
    Auteur: Joseph Mitchell
    Uitgeverij: Uitgeverij Van Oorschot
  • Zomerboeken 2018 – Vakantiebestemming Corsica

    De huid

    Corsica hoort bij Frankrijk en is Frans, ik zal het niet betwisten, maar de band met Italië is eveneens onmiskenbaar. Het eiland was vanaf de 14eeeuw tot het jaar 1768 onderdeel van de republiek Genua. Deze republiek kwam aan zijn einde door de bekendste zoon van Corsica: Napoleon Bonaparte. De vele Genuese wachttorens langs de gehele kust van het eiland, elk met zicht op twee anderen, zijn stille getuigen van de geschiedenis. Italiaanse invloeden kunnen ook worden teruggevonden in het eten, met pasta en een overvloed aan kaas, en in de locale taal, een variant van Toscaans.

    Voor deze zomerrubriek heb ik daarom gekozen voor literatuur waarin Frankrijk en Italië op een bepaalde manier samenkomen en er een, al dan niet vergezochte, connectie met Corsica kan worden gelegd.

    Curzio Malaparte – De huid (1949)
    Wie Corsica zegt, zegt Napoleon. In de eilandhoofdstad Ajaccio bevindt zich een groot monument voor de militante, zelfgekroonde keizer dat door busladingen Fransen wordt bezocht. Maar wie Bonaparte zegt, kan gemakkelijk verder associëren naar de literaire luis in de pels die zichzelf Curzio Malaparte doopte. Deze geboren Italiaan was de ultieme non-conformist. In beide wereldoorlogen was hij ooggetuige en betrokkene; tijdens de eerste vocht hij als jonge vrijwilliger voor het Franse vreemdelingenlegioen. In 1947 week hij uit van zijn beroemde huis op het ballingseiland Capri naar Parijs, maar was daar evengoed uit de gratie vanwege zijn ongrijpbare politieke opstelling. Hierover schreef hij in Dagboek van een vreemdeling in Parijs. Ook zijn eerste boek, Techniek van de staatsgreep, dat hem in conflict bracht met zowel Stalin als Trotski (hoe typerend), geniet nog steeds bekendheid. Zijn tijdloze plaats in de literatuur dankt Curzio Malaparte echter aan twee grote, essayistische oorlogsboeken: Kaputt en De huid. Vooral dit laatste werk is groots, huiveringwekkend, vlijmscherp, briljant, een unieke overdenking over de moraal van de mens in erbarmelijke omstandigheden. De huid is een van die uitzonderlijke boeken die gedurende vele jaren blijven hangen. Plan minstens een extra dag in om bij te komen.

     

     

    De huid
    Auteur: Curzio Malaparte
    Uitgeverij: De Arbeiderspers (2007)

    De preek over de val van Rome

    Jérôme Ferrari – De preek over de val van Rome (2012)
    De schrijversnaam en de titel werpen al direct lijnen uit van Frankrijk naar Italië, maar het boek dat in 2012 de Prix Goncourt won speelt zich daadwerkelijk af op Corsica. Ferrari’s ouders zijn afkomstig van het eiland en hij heeft er zelf gewoond en filosofie gedoceerd. De roman is een niet bepaald typische familiegeschiedenis, gedrenkt in de apocalyptische sfeer uit de preken van kerkvader Augustinus over de ondergang van Rome (ergo: de wereld). Ruzies en wraak blijken, na een idyllisch begin, onontkoombaar op het eiland dat nog niet zo lang geleden bekend stond om zijn bloedige vendetta’s. Het wordt allemaal prachtig opgeschreven door Jérôme Ferrari, in een moeiteloos vloeiende stijl van lange zinnen die je als lezer geregeld aan de pagina’s kluisteren. Niet het makkelijkste vakantieboek, maar wel zeer fraaie literatuur en ook nog eens op en top Corsicaans.

     

     

    De preek over de val van Rome
    Auteur: Jérôme Ferrari
    Uitgeverij: De Bezige Bij

    De Kartuize van Parma

    Stendhal – De kartuize van Parma (1839)
    Frankrijk, Italië en Napoleon, ze komen samen bij Stendhal. Deze 19e-eeuwse, Franse romancier, diende in het leger van Napoleon en woonde lange tijd in Milaan. De achtergrond van zijn bekendste romans (zoals Het rood en het zwart) wordt gevormd door precies deze, deels autobiografische elementen. Dat geldt ook voor De Kartuize van Parma, dat daarnaast vol staat met hertoginnen en hofintriges. Stendhal dicteerde zijn romans en tijdens het lezen krijg je soms inderdaad het gevoel dat iemand mondeling een verhaal aan het vertellen is. Een verhaal vol interne conflicten bij de protagonisten, even heftige als wisselende emoties, maar zonder het plechtstatige wat in de romantiek nog wel eens aanwezig is. Integendeel, de vertellerstoon van Stendhal is licht ironisch en zonder opsmuk, met een enigszins fragmentarisch aspect in de compositie die elke vorm van hermetische geslotenheid uitbant. De Kartuize van Parma kan derhalve betiteld worden als een luchthartig gevoelsavontuur dat een prima tijdsbesteding biedt tijdens een zonnige vakantie aan de Middellandse zee

    De Kartuize van Parma
    Auteur: Stendhal
    Uitgeverij: Atheneaeum – Polak & van Gennep (2017)