• Oogst week 39

    door Menno Hartman

    Wie is Jurgen Maas? Hij is een uitgever, een jonge uitgever in een tijd waarin zelfs sommige gevestigde uitgevers wat angstig naar de toekomst kijken, ‘De toekomst ligt achter ons’ hoorde ik vandaag nog een goede boekhandelaar zeggen. Niet voor Jurgen Maas. Zijn website meldt: ‘Uitgeverij Jurgen Maas is een nieuwe uitgeverij in Amsterdam, die zich zal richten op Nederlandse en vertaalde literatuur (proza en poëzie) en literaire en journalistieke non-fictie. Aandachtsgebieden zijn het Midden-Oosten, Noord-Afrika, en de multiculturele samenleving.’ Dat lijkt midden in de roos, deze tijden.
    We bespraken recent al dit boek van Maas, nu kwam Firoozeh Farjadnia’s  Postvogel binnen en we zullen ook dat boek voor u lezen en bespreken. ‘Behalve een oude winkelier ziet niemand dat ze eigenlijk nog een kind is. Ze gelooft zelf ook dat ze net zo dapper en strijdlustig is als haar tante Lida. Die zit in het Iraanse verzet en wordt gezocht. Ik ben een dappere postvogel, herhaalt ze in zichzelf om haar angsten te bezweren. Vele jaren later loopt ze als gevluchte, jonge vrouw stage op een architectenbureau in Nederland. Haar begeleider volgt de opkomst van populistische politici op de voet.’

    coverandorrakleinDe reeks klassieken van Schokland vinden wij bij Literair Nederland altijd indrukwekkend. Recent verscheen Andorra van de Zwitser Max Frisch opnieuw.  Max Frisch, de grote Frisch, die  boeiend blijft waar veel schrijvers uit zijn tijd toch langzaam wegzakken. Zijn Homo Faber, of Stiller blijven meesterwerken van de 20ste eeuw. Vertaling Adriaan Morriën.

    normal_pac_9789044532609_cvrDe Geus publiceert deze week Jim Crace Oogst.  Helemaal nieuw voor mij. Onze vrienden van Cobra lazen het boek en zeggen erover: “Dit tijdeloze” verhaal, met ritmewisselingen en vakkundig ingebedde uitstappen naar het verleden, is oorspronkelijk geschreven in een Engels dat door een jambische cadans wordt voortgestuwd, met de occasionele alliteratie en assonantie. De taal is zeer rijk en zinnelijk concreet, maar ook van een Bijbelse soberheid en kracht. Jim Crace heeft met ‘Oogst’ een tot parabel gestileerde historische roman geschreven die in onze globaliserende wereld met zijn opgelegde “moderniteit” en zijn ongewilde migraties geen escapistische lectuur verdraagt.’ Tsjonge, nou maar hopen dat het ook nog een beetje een mooi boek is. Crace lijkt een boeiende figuur. De vertaling is van Regina Willemse.

    22_04.inddAtlas Contact publiceerde Ben Lerners 2204 , Zijn debuut bespraken we al op Literair Nederland: Of Vertrek van station Atocha een ‘goed’ boek is, hangt dus af van de criteria die worden gesteld; de hoofdpersoon is weinig sympathiek, de verhaallijn weinig opwindend en de schrijfstijl weinig direct. Daarentegen biedt de roman voldoende: een poëtisch kijkje op Spanje, een fervent gefilosofeer en tal van thema’s ‘ter contemplatie’. Wederom in de lijn van Jerofejevs boek, is Vertrek van station Atocha zo af en toe eerder een prozagedicht dan een roman. Maar de verteller is gezegend met een heerlijke zelfspot.’ De vertaler wordt op de website van de uitgever niet gereveleerd, maar is wellicht net als Lerners vorige boek in handen van Ronald Vlek.

     

     

  • De Nacht was weergaloos

    Het hing gewoon in de lucht en  samen met de ruim tweeduizend bezoekers, die overigens niet allen om poëtische redenen de 32e Nacht van de Poëzie bezochten maar er wel door werden gestrikt, zouden wij beleven hoe de 32e Nacht van de Poëzie een fantastisch succes werd.

    Er was een groot aantal bezoekers, (gezien de leegte van de zaal na zijn optreden) die voor Rufus Wainwright waren gekomen. “Is er geen programma?”, zoemde vele malen rond. Wij wisten wel beter, Bij de Nacht van de Poëzie is het: Wie A zegt moet ook B zeggen, en lieten ons opnemen in de geluiden van ritselende papieren, geklap van zaaldeuren, vrolijke kreten, klinkende glazen, stapelende boeken en dichterlijke begroetingen. En in de grote zaal van TivoliVredenburg steeds weer een aandachtige stilte bij elk optreden. Zoals Els Moors later zal opmerken: “Mensen horen luisteren is een onvoorstelbaar geluid”, waarbij wij, als publiek onze rol bevestigd zagen.

    Dansen op de bodem van de nacht

    De achthoekige zaal was door een groot doek tot een zeshoekige vorm teruggebracht. Wanneer je rondkeek, was het gelijk een reusachtige bibliotheek met mahonie houten schappen. De kleurige kleding van het publiek kon doorgaan voor de boekruggen. Het was een goed gevulde boekenkast.
    Op het podium werd het optreden van Maarten Heijmans, Ramsey Shaffy vertolker, voorbereid. En ik vroeg me af, de zaal rondkijkend naar al die mensen die een avond poëzie voorgeschoteld gaan krijgen, beklijft poëzie? Dit met een opmerking van Menno Wigman in mijn hoofd tijdens een radio interview. Hij zei dat we de kans niet meer krijgen dichtregels uit ons hoofd  te leren, zoals vroeger Mei, van Gorter door iedereen die school ging, gekend werd. Nog steeds wordt er school gegaan maar leeft poezie nog maar op enkele scholen. Maar tijdens deze Nacht kon je niet anders dan geloven dat poëzie beklijft. En je wenst je net zo voor te kunnen dragen als Erik Jan Harmsen. Die zijn afgebeten zinnen ritmisch het publiek in blaft met een fantastisch effect. “Mijn mond is al open / nu moet ik nog woorden verzinnen (…) kijken hoe ze vallen.” In het beste geval wordt je er dichterlijk van en op zijn minst  wil je een bundel aanschaffen.

    Van woordperformer en dichter Maud Vanhauwaert bijvoorbeeld, om de wonderlijke wereld die zij in haar gedichten beschrijft er nog eens op na te lezen: ‘Maak je geen zorgen’ fluistert iemand achter mij / Ze legt haar kin op mijn schouder / ‘Je werd verdienstelijk zesde’  / ‘In welke wedstrijd?’ vraag ik en nu pas merk ik: / ik sta in een rij / Ze slaat haar armen om me heen. Haar adem / ruikt naar een kleedlokaal.
    Horen is op schrift willen hebben, zo blijkt tijdens De Nacht. Daarvoor zijn er de boekenstands. Om aan te schaffen van wat je in de zaal gehoord hebt. Maar dat was later.

    Eerst zingt Maarten Heijmans met zijn band op geheel eigen, maar prachtige wijze liederen van Ramses Shaffy. En de poëtische zinnen van Shaffy beklijven nog steeds: “Ik hou van schamel en van duur.” Er waren er die zacht meezongen. “Want wie me lief is blijft me lief”. Met een daverend applaus verlaat de band het podium en kondigt Piet Piryns de volgende dichter aan. Nog voor hij uitgesproken is beweegt Remco Campert zich schuifelend op helblauwe suède schoenen naar de katheter. Het publiek juicht verrukt en de blijheid om zijn komst is oprecht. Waarna een stilte invalt waarin de zware ademhaling van de dichter hoorbaar is. Het publiek hangt aan zijn lippen. Hier wordt voor een avond  ongegeneerd geëerd en verafgood. Nederland houdt van poëzie. Ongewild is Campert het hoogtepunt van De Nacht en steekt zelfs Rufus, (die dan nog moet komen) naar de kroon. De laatste der vijftigers opent met een aubade aan de onlangs overleden dichter Gerrit Kouwenaar door een aan hem zelf opgedragen gedicht “Kijk het heeft gewaaid”, voor te dragen. “Het was zoals het altijd geweest was” En van Campert zelf een persoonlijk resumé over poëzie: “Poëzie is een daad van bevestiging. / Poëzie is mijn adem, beweegt mijn voeten / De dood is een ontroering.” Op zijn moeizame ademhaling bracht Campert woorden vol levenskracht. Het publiek gaat  uit hun dak. Onder gejuich en luid applaus verlaat hij met bedachtzame stappen het podium. Jean Pierre Rawie moet zich eerst door de roes van Campert heen werken, voor hij het publiek in volheid bereiken kan met mooie gedichten over bejaardenhuis en gestorven vrienden.

    Bezijden de Nacht zijn er ontmoetingen. Het koffiemeisje vraagt benieuwd of we al ‘mooie dingen’ hebben gezien. Zeg dat al de dichters die we tot nu toe gehoord hebben, fantastisch waren. Maar dat Remco Campert natuurlijk weergaloos was. Zij kent hem niet. Hoe naïef  van mij ervan uit te gaan dat hij niet, gelijk de koning door iedere Nederlander gekend wordt. Rufus Wainwright kent ze ook niet. Voor ik het weet laat ik me ontvallen: “Ken je Shrek?” Ja, die film heeft ze gezien. Het daarin gezongen Halleluja? “Ah, die!” Op de koffie maakt ze een kunstwerkje met melkschuim. Daar weet ze alles van.

    Campert zit even verderop achter een tafeltje te signeren. Een uur lang bedient hij zijn fans. Dan word hem ingefluisterd dat hij af kan sluiten als hij wil want zolang hij daar zit blijft het publiek komen voor een handtekening. Onderweg naar de uitgang loopt hij nog een omhelzing van Chabot op, waarna hij verdwijnt in de nacht. Een Nacht die zeker de geschiedenis in zal gaan als de legendarische Nacht dat de laatste van de vijftigers, met zijn helblauwe suède schoenen zich nog eenmaal had laten verleiden het podium op te gaan.

    Als De Nacht de bodem bijna heeft bereikt, komt er een man naast me zitten, berookt en bedronken. Hij kijkt op zijn mobiel. Ik kijk verholen mee, lees: ‘Wonderlijk mooi Marlies! Was het, is het.’ Dat doet De Nacht met je. Je wordt er zomaar poëtisch van, de wereld weer aan kan.

    Foto: Anna van Kooij

    Vorige Literair Nederland was erbij

  • Longlist AKO Literatuurprijs 2014

    Wat schreef Literair Nederland over zes van de vijfentwintig titels die de longlist haalden?

    Onlangs werd de longlist van de AKO Literatuurprijs, waarop maximaal 25 titels, bekend gemaakt. Uit deze longlist worden zes boeken gekozen die op de shortlist terechtkomen. Die lijst wordt vrijdag 26 september bekend gemaakt. Wie uiteindelijk de winnaar wordt van de AKO Literatuurprijs moet wachten tot donderdag 13 november. Dan zal de prijs worden uitgereikt in Den Haag in een bijzondere samenwerking met het festival Crossing Border. Het wordt een speciale Crossing Border avond waarin de genomineerde auteurs geïnterviewd zullen worden door  Wim Brands. De avond zal worden afgesloten met de bekendmaking van de winnaar van de AKO Literatuurprijs 2014.

    Zes van de vijfentwintig titels zijn door Literair Nederland besproken.

    indexMachiel Jansen over Appels en peren van Maarten Asscher: 
    De creativiteit zit ‘m erin dat je nieuwsgierig wordt gemaakt naar wat Asscher nu zo belangrijk vindt in een goeie roman. Want behalve over Het fregatschip gaat dit essay (kort gezegd) over de opvatting dat goede romans ideeën behoren te bevatten.

     

    thumb.phpIngrid van der graaf over De nacht van Merijn de Boer:
    Het blijkt dat Marcel de gewoonte heeft  op een willekeurige plek van zijn stadsplattegrond een konijn te tekenen, als uitdaging om delen van de stad te doorkruisen. Langs niet gekende wegen, waarbij hij zich niet mag laten afleiden door zaken die zijn aandacht trekken, moet hij het traject lopen dat correspondeert met het op de kaart getekende konijn. En dat is exact wat De Boer met zijn roman doet: hij daagt zijn lezers uit door de complexe verhaallijnen het spoor van Marcel te blijven volgen. De andere personages zijn in wezen van geen enkel belang maar tegelijk zijn ze onmisbaar om Marcel te kunnen laten stralen in zijn rol van klunzige buitenstaander.

    thumb.phpMenno Hartman over Vis in bad van Tijs Goldschmidt:
    Vis in bad
    is een gevarieerde essaybundel van hoge kwaliteit die aanzet tot denken en lezen. En vergelijken: het register van Vis in bad is alleen maar wat minder streng opgesteld dan dat van de eerste twee bundels. Zodat je moet constateren dat Goldschmidt in dit boek wel over ‘zee’ en ‘actrice’ heeft geschreven, en in de vorige twee niet. Of toch?

     

    thumb.phpAstrid van Wijngaarden over Zeer helder licht Wessel te Gussinklo:
    Te Gussinklo dwingt je mee te spartelen in gepijnigde zielekrochten, megalomane opvlammingen, tedere droomgedachten, hysterische razernij, obsessief verlangen en uitvergrote schrikgezichten. Soms – hoe aangenaam – mogen we ook even deinen op het gladde oppervlak maar ja, je zou als schrijver geen Te Gussinklo heten als je uiteindelijk niet toch weer kopje onder gaat. Of erger nog, door koude golven genadeloos wordt uitgespuwd.

    thumb.phpHelle Kuipers over De laatste ontsnapping Jan van Mersbergen:
    Terwijl het verhaalheden gaat over een tripje van het viertal naar Zuid-Frankrijk, is De laatste ontsnapping voor een groot deel een kaleidoscopische terugblik op de kroegbelevenissen en de wording van Ivan als vader.

     

    thumb.phpMartin Lok over Voor jou van K. Schippers:
    Voor wie nu denkt dat Voor jou louter een melancholische blik is van een verdrietig man; dat is geenszins het geval. Voor jou is ondanks de alomtegenwoordige Dood vooral een ode aan het volle leven. Het is een parade van herinneringen aan jazz, film en kunst. Billy Eckstine, Balthus, Rudy Kousenbroek, John Cage, René Margritte, Johnny Mercer, Édouard Manet en Geer van Velde. Allemaal komen ze bij Schippers langs, steevast in gezelschap van zijn vrienden.

    I. v/d Graaf

     

  • De Oogst van week 37

    Oogst van de week

    door Ingrid van der Graaf

    Er was een tijd dat het gewoon was dat men in de zakenwereld met voorkennis onderhandelde. Sinds decennia wordt dat niet meer getolereerd en springen de media er direct bovenop om de dader te slachtofferen. Als interviewer voor VN en NRC leerde Janneke Koelewijn het  zakenleven kennen. In 1994 publiceerde zij Het koningsdrama van Fokker over het conflict in de bestuurstop. Als journalist leerde ze ook de andere kant kennen in de affaire rond het ski-ongeluk van Prins Friso. Ook zij handelde met voorkennis en werd daarop afgerekend. Het is de relatie tussen het afgerekend worden op de handelswijze van een groot zakenman en wat voor impact dat heeft op zijn leven, waar Heilmans hel over gaat. ‘Bijna niks is verzonnen in het boek’, verklaarde Koelewijn bij Brands met Boeken. Cor Heilbron, topman van b4you, een groot voedingsmiddelenconcern, wordt verdacht van handel met voorkennis. Er is geen bewijs, maar Heilbron zal hangen. De officier van justitie die de zaak behandelt, is met zijn hoofd ergens anders. Via een relatiebemiddelaar heeft hij een nieuwe vrouw leren kennen. Intussen probeert een overmoedige journaliste de waarheid boven tafel te krijgen. Volgens A.L. Snijders is het: ‘Een heel goed boek, ik ben er door aangeslagen.’ Heilmans hel, door Janneke Koelewijn is uitgegeven door Atlas Contact. Prijs: € 19,99

    RoxyRoxy is zevenentwintig en getrouwd met de liefde van haar leven, dacht ze. Dan verongelukt haar man, die rijk en een stuk ouder is dan Roxy, met zijn minnares. Ze blijft achter met hun dochter, hun huis, de auto, zijn assistente, de oppas en de schaamte om dit roemloos einde van hun huwelijk. Ze heeft opeens een ander verleden dan ze altijd gedacht had. Haar familie ontfermt zich over haar, maar Roxy zoekt geen troost, ze zoekt een vijand. Dan stapt ze in haar ‘stretched’ limo, met de au pair, haar chauffeuse en haar dochter en ze gaat er vandoor voor de begrafenis. Een soort road novel met een limo. Esther Gerritsen staat bekend om haar  rake beschrijvingen van intermenselijke relaties waar het drama onder de oppervlakte loert. En ook van de verkeerde interpretaties, daar is zij ook van. Roxy, Esther Gerritsen, verschijnt deze maand bij De Geus. Prijs: € 18,95

    Gouden jarenIn Gouden jaren beschrijft econoom Annegreet van Bergen de naoorlogse economische groei die ons leven op alle fronten heeft veranderd. De wekelijkse teil werd een dagelijkse douche, het papieren loonzakje een digitale bankrekening en de boterham met tevredenheid een broodje gezond. In 1952 deelde ik een stofzuiger met mijn schoonmoeder. In 1961 zond de televisie 24 uur uit – per week. In 1965 moesten we naar de buren om te bellen. Vertrouwde beroepen verdwenen, nieuwe deden hun intrede. Wie had er in de jaren vijftig al gehoord van mondhygiëniste of activiteitenbegeleider? Gouden jaren staat vol met herkenbare anekdotes, scherpe observaties en schitterende foto’s. Het laat zien hoe compleet anders ons leven er een halve eeuw geleden uitzag en dat we (materieel) rijker zijn geworden dan we ooit voor mogelijk hielden.Van Bergen werkt sinds 1982 als journalist voor de Volkskrant en Elsevier en vanaf 1999 als freelancer. Gouden jaren, Annegreet van Bergen, is onlangs verschenen bij Atlas Contact. Prijs € 19,99

  • Een getormenteerd mens

    De schrijver en dichter Bertus Aafjes (1914-1993) vierde triomfen met zijn gedichtenbundel Een voetreis naar Rome (1946). Later zou hij met name door zijn aanvaring met de Vijftigers in moeilijkheden komen.
    Rob Molin de biograaf van Aafjes, schrijft essays, proza en kritieken en van zijn hand is de in 2005 verschenen biografie over Adriaan Morriën. Het achterhalen van de  levensfeiten moet geen sinecure geweest zijn. Bovendien werd Molin niet met open armen ontvangen door subsidiegevers. Men achtte Aafjes passé. Uitgeverij Aspekt durfde het waagstuk echter aan om de vuistdikke pil te publiceren. Er zijn in biografenland twee stromingen. De ene beschrijft het leven van de auteur, de andere zijn werk. Molin heeft gekozen voor een mengvorm en dat doet weldadig aan.

    Bertus Aafjes werd geboren in de Borneostraat 32 in de Indische buurt in Amsterdam. De moeder van  Aafjes was zwaar katholiek en dat zou het leven van de jonge Bertus beïnvloeden. Hij ging op de Hobbemakade naar het gymnasium van de jezuïeten (het gebouw staat er nog, maar is nu een hotel).  In 1929 kon hij in Uden in een priesterseminarie komen. Er werd veel gebeden en de communistenhaat werd naar harte lust aangewakkerd. Uiteindelijk trad Aafjes uit, tot groot verdriet van zijn moeder. Zij had geld ingezameld bij familieleden voor de opleiding. En hij ondernam in 1936 een reis naar Rome. Aanvankelijk was de bedoeling te voet te gaan, maar Aafjes reisde een gedeelte met de trein.  Hij had 100 gulden op zak uit de erfenis van zijn jong overleden vader, Jan Aafjes.

    Dat geld was echter snel op. Onderweg ontdekte Aafjes de Wet van de zwaartekracht, wanneer hij een arme familie wat geld gaf uit medelijden, verdiende hij dit geld dubbel en dwars terug doordat de familie hem adressen gaf waar hij kon eten en slapen op zijn reis. In Rome had hij binnen de katholieke conclave bovendien adressen van paters en kloosters. Dag en nacht werkte Aafjes aan gedichten en teksten. Bij terugkomst publiceerde hij veel gedichten en richtte het blad Klondyke op. Hij trouwde in 1941 met Tine Wesseling, die drie jaar jonger was dan hij. Bertus en Tine bewoonden een huis op de Prinsengracht maar in 1943 verhuisden ze naar de Plantage Franselaan 25 tegenover Artis. Ze hadden geen gas, licht en vooral geen geld. In 1946 verscheen Een voetreis naar Rome en de bundel werd daverend besproken door o.a. Vasalis en Nijhoff. Aafjes was in een klap beroemd en zijn bundel verkocht in recordoplagen.

    Ik wil geen schaduw van de hemel dulden
    Over de bodem van mijn aards bestaan
    Noch dat de lasten van mijn aardse schulden
    Als dode manen aan de hemel staan

    (Uit Een voetreis naar Rome)

    Via een bevriende schilder mocht het echtpaar Aafjes met kind verhuizen naar Bergen. Na de oorlog raakte Aafjes steeds meer aan de drank en hij leed aan depressies. Wellicht kwam hier zijn ongekend felle aanval op de Vijftigers – ook wel experimentelen genoemd – vandaan. Deze groep bestond uit o.a. Schierbeek, Vinkenoog, Lucebert, Kouwenaar, Voeten, Schuur en Campert.  Hun gedichten rijmden niet en dat was Aafjes, naast de vrijpostige thematiek een doorn in het oog. Hij werd opgestookt door Werumeus Buning om maar eens fel uit te halen naar de experimentelen.

    In Elsevier (1953) schreef Aafjes: ‘Lees ik Luceberts poëzie, dan heb ik de indruk dat de S.S. de poëzie is binnengemarcheerd.(…)’ De aanval van Aafjes deed veel stof opwaaien. Ongewild bereikte Aafjes het tegenovergestelde van wat hij had beoogd. De Vijftigers kregen opeens enorm veel aandacht en verdrongen traditionele dichters zoals Aafjes, Hoornik, e.a. Aafjes zou zijn hele leven last hebben van zijn aanval en vooral spijt. Lucebert bespotte hem als een burgermannetje met zijn vrouwtje, die hij ‘poes’ noemde. En Mulisch wilde niets met Aafjes te maken hebben. Toen Aafjes Bert Schierbeek een pilsje aanbood in een café weigerde deze. Aafjes was geïsoleerd en zijn zelfbenoemde vijanden – De Vijftigers – bezetten de posten en schreven zijn uitgaven af en toe de grond in.

    Aafjes woonde inmiddels in Hoensbroek in een tochtig kasteel. Als journalist verdiende hij nu zijn kost met het schrijven van reisverslagen, hij vertaalde en waagde zich aan kinderboeken. Meulenhoff had hem op de loonlijst geplaatst en wilde aanvankelijk alle publicaties van Aafjes, maar verbrak die verbintenis toen de verkoop daalde. Aafjes en Tine verkeerden immer in geldnood. De belasting kwam aan de deur en andere schuldeisers maakten hun opwachting. De kinderen werden in internaten geplaatst.

    Het is niet verwonderlijk dat Diana Huijts-Aafjes, de dochter van Aafjes, de samenwerking met biograaf Molin beëindigde. Zij was waarschijnlijk verbitterd over het optreden van haar ouders. Zij beheert een aantal documenten, dat buiten het Letterkundig Museum is gehouden. Molin citeerde eruit na het raadplegen van een jurist. Het feit dat Aafjes sowieso ieder jaar zijn correspondentie verbrandde wordt door Molin gedeeltelijk naar het rijk de fabelen verwezen. Aafjes’ carrière had een flinke deuk opgelopen hoewel hij in 1972 het boekenweekgeschenk mocht maken: Een lampion voor een blinde.

    Hij woonde toen in Swolgen in een bungalow en A. Roland Holst bezocht hem daar af en toe.

    In 1992 overleed hij nadat Wim Hazeu een televisieportret over hem had gemaakt en er in Vrij Nederland uitgepakt was in een drie pagina’s tellende terugblik. In Amstelveen is er een Bertus Aafjeslaan en in Hoorn  een Bertus Aafjeshof.  De onlangs verschenen  vuistdikke biografie volgt het leven van Aafjes chronologisch. Zijn publicaties, reizen, liefdes en dwalingen zijn nauwkeurig neergezet en daarvoor verdient Molin hulde. Aan de andere kant leren we een mens kennen die getormenteerd balanceerde tussen geloof en ongeloof. (Hij was een tijd geïnteresseerd in Zen). Hij bewoog tussen uitspatting en deugd en was vooral een naïef man die niet zoveel van zijn omgeving begreep, niet altijd een leuke man was voor zijn echtgenote en kinderen. En iemand die het tijdsgewricht niet begreep waarin hij na de oorlog was terecht gekomen. Zal men zijn werk over 10 jaar nog lezen?

     


  • Christos Tsiolkas (Barracuda) bij Borderkitchen

    Literair Nederland was erbij

    Door Vera ter Beest

    De avondzon schijnt in al haar glorie door de ramen van de kleine zaal van het theater. De zaal is afgeladen en het is er warm. Verkoeling zou lekker zijn. In een zwembad bijvoorbeeld.

    Dat zelfs een zwembad niet altijd verkoeling brengt, laat de Australisch-Griekse schrijver Christos Tsiolkas zien in zijn nieuwe boek Barracuda. Het is een verhaal over een professionele zwemmer, die er alles aan doet de arbeidersklasse te overstijgen om bij die groep van golden boys te horen. Zijn wens een winnaar te zijn maakt dat hij verkeerde keuzes maakt en daden verricht die een ander doen huiveren. Maar, hij komt tot inkeer.

    Tsiolkas zit tijdens deze Borderkitchen tegenover interviewer Wim Brands die hem vraagt: ‘Waarom een zwemmer?’. De schrijver zegt zelf van zwemmen te houden en ooit eens een verhaal te hebben gelezen van een Australische zwemmer die soortgelijke dingen deed als beschreven in het boek. Tsiolkas dacht dat het ging om een jongen uit de arbeidersklasse, maar dat bleek niet zo te zijn. Desalniettemin zette dit verhaal hem aan tot het schrijven van Barracuda.

    Toch heeft Tsiolkas ook andere argumenten gehad om dit boek te schrijven. Alhoewel hij dit boek toch vaker heeft mogen presenteren, is de auteur niet in staat deze redenen in enkele zinnen aan te geven. Tijdens het interview heeft hij zichtbaar moeite met het vinden van de juiste woorden om uitdrukking te geven aan zijn gedachten. Hij is zichzelf hier ook van bewust en geeft aan dat het voor hem makkelijker is zijn gevoelens en gedachten op te schrijven in een roman.

    Barracuda is een intens verhaal waarin in snel tempo krachtige emoties elkaar afwisselen. Het werk krijgt een extra dimensie nadat de auteur stukje bij beetje heeft uitgelegd waarom hij dit boek schreef. Het blijkt dat Tsiolkas na het succes van The Slap enorm beroemd werd en daardoor zijn sociale milieu, de arbeidersklasse, achter zich kon laten. Voor zijn gevoel liet hij echter zijn ouders en familie achter in die status en daar voelt hij zich schuldig over. Het gevoel van schuld en schaamte zijn onderdeel van hem, het is een deel van zijn Griekse achtergrond. Dit gevoel wil hij beschrijven, een plaats geven en dat doet hij in Barracuda.

    Daarnaast is dit boek voor hem een zoektocht naar zijn eigen identiteit, een manier om zijn leven als kind van migranten te beschrijven en te accepteren wie hij is. Hij voelt zich verbonden met de Grieken en is er trots op dat hij de taal machtig is, maar zal nooit één van hen zijn, omdat hij niet dezelfde geschiedenis deelt. Hij steunt de Grieken, maar doordat hij in Australië woont is hij ook in staat hen te bekritiseren. Nadat hij zijn verhaal heeft gedaan is de Tsiolkas zichtbaar opgelucht. Lachend merkt hij op dat hij zich, naarmate hij meer door Europa reist, ook meer Australiër gaat voelen.

    Barracuda

    Auteur: Christos Tsiokas
    Vertaald door: Tjadine Stheeman en Onno Voorhoeve
    Verschenen bij: Uitgeverij Ambo/Anthos
    Prijs: € 21,99

  • Uitslag win actie 'Waar we wonen' – Thomas Möhlmann

    Lees dit bericht als je wilt weten of je een bundel hebt gewonnen!

    Uitslag win actie op Facebook

    Literair Nederland heeft vijf bundels te verdelen onder zijn volgers op Twitter en Facebook. De winnaars zijn nu bekend. Het gaat om de laatst verschenen dichtbundel Waar we wonen van Thomas Möhlmann.

    De volgende personen: Theike la Mér, Martine van den Berg, Barbara Breebaart, Eelkje de Vries en Hanne Arendzen, zullen de bundel  thuis ontvangen nadat zij hun adres doorgegeven hebben aan redactie@literairnederland.nl.

     

     

  • Oogst week 27

    Door Carolien Lohmeijer

    Van Alice Munro las ik tot nu toe alleen De liefde van een goede vrouw. Het maakte weinig indruk, maar ik geef dat met enige schroom toe omdat haar werk overal zo lovend wordt besproken, en zoveel mensen van haar boeken genieten. Het oeuvre van Munro is gelukkig groot. Er zijn voldoende andere titels te kiezen als ik nader kennis wil maken met de kwaliteiten van deze schrijfster. Munro’s boeken verschijnen al jaren bij Uitgeverij De Geus. Als laatste is daar is nu haar historische roman Levens van meisjes en vrouwen verschenen in een vertaling van Pleuke Boyce. Munro is vooral bekend als schrijfster van verhalenbundels; Van Levens van meisjes en vrouwen zou je kunnen zeggen dat het een verhalenbundel is die een roman is geworden, de hoofdpersoon, Della Jordan, komt in de verschillende verhalen steeds terug. Het is een coming out of age-roman die zich net na de Tweede Wereldoorlog afspeelt in Canada in de jaren veertig. Het gezin van Del Jordan verhuist van het platteland naar de stad. Daar wordt ze omringd door vrouwen: haar agnostische moeder, een pittige, wat bijzondere vrouw, haar moeders wellustige kostganger, en haar beste vriendin Naomi. Via hen en haar eigen ervaringen met seks, geboorte en dood ontdekt Del de donkere en zonnige kanten van het vrouw-zijn. Alice Munro, vertaling: Pleuke Boyce, Uitgeverij De Geus, 245 pagina’s, € 21,95

     

    VertelChristien Brinkgreve gaat in haar boek Vertel uitgebreid in op de kracht van verhalen. In Vertel neemt ze deze bron van inzicht in de ervaringswereld van mensen serieus. Ze luistert, vertelt, en laat zien hoe verhalen kunnen verbinden, uiteendrijven, en richting kunnen geven in een tijd waarin oude ideologieën niet meer werken en er grote behoefte bestaat aan visies waarin mensen kunnen geloven. Christien Brinkgreve is hoogleraar Sociale Wetenschappen aan de Universiteit Utrecht. Zij heeft naast haar universitaire werk altijd geschreven voor een breder publiek, bijvoorbeeld De ogen van de ander –  Sociologen en filosofen over zelfkennis, en Het verlangen naar gezag – over vrijheid, gelijkheid en verlies van houvast. Christien Brinkgreve, Uitgeverij Atlas Contact, € 18,99

  • Oogst week 25

    Door Ingrid van der Graaf

    Deze week kwamen er twee dichtbundels binnen. De in 2003 gedebuteerde dichter Joep Kuiper (1981) trotseerde de vergetelheid en komt na meer dan tien jaar met Varen vandaan, zijn tweede bundel. Zijn debuut Monarchieën werd indertijd genomineerd voor de C. Buddingh’-prijs. Gedichten uit zijn debuut zijn opgenomen in verschillende bloemlezingen, (o.a. in Gerrit Komrij’s De 21ste eeuw in 185 gedichten). Met Varen vandaan, laat Kuiper zien dat het lange wachten niet vergeefs was, aldus de uitgever. De titel suggereert wegtrekken, vertrekken, op reis zijn. En dat is ook zo. Een bundel vol vreemde landen, verre oorden en surrealistische contreien. Gedichten vol verlangen naar andere stemmen, andere ontmoetingen. Varen vandaan, uitgegeven bij Karaat, blz.:104, prijs: € 16,95.

    9200000022857626Judith Herzberg bezigt graag een vorm van poëzie die de Hopla genoemd wordt. Een soort van zkv’s onder de gedichten zou je kunnen zeggen. Het zijn ultrakorte gedichtjes van vier à vijf regels, al dan niet rijmend, waarin alles wordt gezegd zoals alleen Judith Herzberg het kan zeggen. Zelf vind ik deze grandioos: ‘Hij deed zijn best maar in acht jaar / niet veel geluk gehad met haar. / Thuis van zijn werk was zij óf weg óf boos / haar dood verbeterde hun huwelijk eindeloos.’
    In 111 Hopla’s zijn de beste – gepubliceerde en ongepubliceerde – nu verzameld. Het is een prachtige gebonden uitgave, uitgegeven bij De Harmonie, blz.: 112, prijs € 17,50.

    513dd017e27c75.71715602Sneeuwwitje voor achttienplus. Wat moet je je daar bij voorstellen. Een hervertelling van een klassiek sprookje naar deze tijd waarbij Sneeuwwitje van Danold Barthelme is gesitueerd in de grote stad. Daar woont Sneeuwwitje samen met de zeven jonge mannen Bill, Kevin, Edward, Hubert, Henry, Clem en Dan. Ze slijten hun dagen met het maken van babyvoeding, het wassen van gebouwen en het bedrijven van de liefde. Terwijl Sneeuwwitje wacht op haar prins, een kunstenaar van wie niemand het hoog op heeft. Dan is er stiefmoeder Jane en haar minnaar Hugo, die een oogje op Sneeuwwitje lijkt te hebben. En ondertussen praat iedereen langs elkaar heen. De uitgever prijst het boek aan als zijnde ‘een heerlijk vunzige hervertelling’. Je vraagt je af wat er ‘heerlijk’ is aan ‘vunzig’. De nieuwe vertaling is van dichter en componist Micha Hamel en Janneke van der Meulen. Sneeuwwitje werd uitgegeven bij LJ Veen Klassiek, blz.: 160, prijs: € 10,00.

  • Prijs voor Nederlands beste poeziedebuut naar Maarten van der Graaff

    Poëzie nieuws

    Maarten van der Graaff (1987) heeft de C.Buddingh’-Prijs 2014 gekregen voor zijn bundel Vluchtautogedichten (Atlas/Contact). Zijn bundel werd hiermee verkozen tot het beste Nederlandse poëziedebuut van het afgelopen jaar. Van der Graaff heeft de prijs 12 juni in ontvangst genomen tijdens de 45e editie van het Poetry International Festival in Rotterdam.

    De jury omschreef  zijn debuut als volgt: ‘Een dichter met zulke ambities vraagt niet nederig om te worden toegelaten in het huis van de poëzie, die morrelt niet zachtjes aan de poort, maar valt met het nodige misbaar en laweit binnen, die overrompelt het dienstdoende orkestje en zet het zelf op een toeteren.’ En sprak verder van een bundel vol bluf, branie en bravoure en werd unaniem verkozen tot beste bundel van 2013. 

    Hieronder een proeve van zijn dichtkunst:

    (uit: ‘De vrije encyclopedie’)
    
6.

    Hoe lang duurt de 21ste eeuw?
    Deze scène is opgetekend in Istanbul, op een hard bed
    waarin ik een stadsgedicht wil schrijven
    maar bedenk dat niets truttiger is dan de regels van de nukkige
    toeristen die zich dichters noemen:
    die welbespraakte weemoed, dat toefje ironie.
    Zij zijn bang voor hartstocht.
    Deze angst maakt het hun onmogelijk een stadsgedicht te schrijven.
    Ik deel hun angst.
    Bloemlees dit:

          Het Istanbul dat u nooit zag

    Ze wil hem verlaten, maar is schandalig lui.
    Het park is bejaard en onverschillig; zij verlangt naar hem.
    Onder de douche doet ze het twee keer met zichzelf.
    De volgende dag loopt ze langs de Blauwe Moskee,
    die werd gebouwd door een leerling van Sinan.

    Blondie geeft mij de gedichten van Nazim Hikmet.
    Hikmet heeft een volk, een lul, een politiek.

    Ik ben jaloers op de twintigste eeuw.
    Ik ben jaloers op Hikmets gevangenschap.
    Wie niet gevangenzit, is een cipier.

    Aan de prijs is een bedrag van €1.200 verbonden. De C. Buddingh’-prijs wordt sinds 1988 uitgereikt aan de schrijver van het beste poëziedebuut. Vorig jaar was Henk Ester de winnaar.

    Overige genomineerden waren Hannah van Wieringen met Hier kijken we naar, Josse Kok met Ik heb geslacht en Hanneke van Eijken met Papieren veulens.

     

  • Oogst week 24

    door Boris van de Woestijne

    Dode Zielen. Bij Van Oorschot verscheen Dode zielen in een nieuwe vertaling van Aai Prins die ook Verhalen en Novellen vertaalde. Het boek zelf behoeft waarschijnlijk nauwelijks toelichting: het gaat over een man, Tsjitsjikov, die, omdat lijfeigenen maar eens in de drie jaar worden geteld, handig hypotheken afsluit op gestorven lijfeigenen: vandaar Dode zielen. Het boek is geestig, spannend en levendig. In dit boek zijn alle overgebleven fragmenten en brieven die Gogol over het boek schreef opgenomen.

    Pogingen iets van het leven te maken, Het Geheime Dagboek van Hendrik Groen gaat over een oude man die in korte dagboekfragmenten een jaar lang over zijn leven vertelt. Van de uitgever: ‘Hendrik Groen is wel oud maar niet dood, en niet van plan zich eronder te laten krijgen. Toegegeven: zijn dagelijkse wandelingen worden steeds korter omdat de benen niet meer willen en hij moet regelmatig naar de huisarts. Technisch gesproken is hij bejaard. Maar waarom zou het leven dan alleen nog maar moeten bestaan uit koffie drinken achter de geraniums en wachten op het einde? In korte, ogenschijnlijk luchtige, maar vooral openhartige dagboekfragmenten laat Hendrik Groen je een jaar lang meeleven met alle ups en downs van het leven in een bejaardentehuis in Amsterdam-Noord. Op de laatste dag van het jaar zal het nog moeilijk zijn om afscheid te nemen van dit charmante personage…’

    10262268_876973195665988_1249653356046690675_nPogingen iets van het leven te maken is een boeiende titel. Wie maakt zich op 83 jarige leeftijd nog druk over de vraag of hij iets van het leven kan maken? Hendrik Groen wel. En ook de eerste dagboeknotitie laat zien dat we hier niet met een doorsnee bejaarde te maken hebben (met dank aan recensieweb) Ik hou ook het komend jaar niet van bejaarden. Dat geschuifel achter die rollators, dat misplaatste ongeduld, dat eeuwige klagen, die koekjes bij de thee, dat zuchten en steunen. Ik ben zelf 831/4 jaar.

    Tot slot viel mijn oog op Een dwaze maagd van Ida Simons. Een in de jaren 60 onder pseudoniem verschenen boek over een jong meisje dat in de jaren 20 het joodse familieleven in Antwerpen, Den Haag en Berlijn beschrijft. Het boek is veelgeprezen onder andere door Maarten ’t Hart. Een lofzang en een mooie beschrijving: Wat is het een prachtig boek, die korte roman ‘Een dwaze maagd’. Voluit autobiografisch, ongetwijfeld. De lotgevallen van een Joods-Belgische familie, gezien door de ogen van een argeloos meisje, een dwaze maagd, die maar één doel voor ogen heeft: pianiste worden. De vader en moeder van de dwaze maagd verkeren als kat en hond met elkaar en daarom reist de moeder regelmatig met haar dochter af naar Antwerpen om daar bij familie te logeren. Van Antwerpen, en de grote Joodse gemeenschap daar, krijgen we een prachtig humoristisch beeld. Het boek heeft een lichte toon, Ida Simons vertelt snel, want ze heeft zoveel te vertellen, en soms zou je wensen dat ze even de pas zou inhouden en ons wat gedetailleerder, à la Adri van der Heijden, het wel en wee zou beschrijven van die Elsschot-achtige zakenwereld waarin de dwaze maagd terechtkomt. (Maarten ’t Hart, NRC, 16-07-2007)

     

  • Schwobfest 6 juli – Ken uw klassiekers

    Agenda

    Wat te denken van een Schwobfest.

    Schwob.nl is een website waar (nog) onvertaalde literatuur uit alle windstreken onder de aandacht van Nederlandse lezers, redacteuren en uitgevers wordt gebracht. Vervolgens staken tien uitgeverijen de koppen bij elkaar en stelden een keuze samen uit die literaire klassiekers die een (her)ontdekking meer dan waard zijn. Samen met Schwob.nl (een initiatief van het Letterenfonds) organiseren zij deze zomer Ken uw klassiekers.

    Tijdens Schwobfest pitchen tien ambassadeurs (vertaler, auteur, recensent of boekhandelaar) hun favoriete klassieker van de zomerlijst van tien titels die het verdienen een onvergetelijke plaats op de lijst van klassiekers uit de wereldliteratuur te krijgen. De titels zullen op een speciale wijze onder de aandacht worden gebracht door:

    Rebecca Wilson (vertaler) over Het bloeien van de avondwinde van Jetta Carleton (Van Gennep)
    Ronnie Terpstra (boekhandelaar) over Naar de haaien van Erich Kästner (Lebowski)
    Arjen Fortuin (criticus) over Een dwaze maagd van Ida Simons (Cossee)
    Rob van der Veer (vertaler) over Kroniek van Perdepoort van Anna M. Louw (Van Oorschot)
    Peter Bergsma (vertaler) over Een opgebrand geval van Graham Greene (Bezige Bij)
    Joubert Pignon (auteur) over Sneeuwwitje van Donald Barthelme (Atlas/Contact)
    Koos van Zomeren (auteur) over Sergeant in de sneeuw van Mario Rigoni Stern (Arbeiderspers)
    Ivo Victoria (auteur) over Zwervers van Knut Hamsun (De Geus)
    Michel Krielaars (criticus) over De Thibaults van Roger Martin du Gard (Meulenhoff)
    Koen van Gulik (uitgever) over Niels Lyhne van Jens Peter Jacobsen (Wereldbibliotheek)
    Casper Luckerhoff van Boekhandel Luckerhoff te Haarlem, verzorgt de presentatie.

    Aan de campagne doen drieënzeventig  Nederlandse en zeven Vlaamse boekhandels mee. Vanaf 16 juni verzorgen deze boekhandels een presentatietafel over deze herontdekkingen en tijdens de zomer zullen uitgevers bij enkele van deze boekenwinkels op bezoek gaan om het verhaal achter het betreffende boek te vertellen.

    De naam Schwob is overigens ontleend aan de Franse schrijver, essayist en vertaler Marcel Schwob (1867-1905). Hij onderhield contacten met een breed en divers palet aan auteurs, waaronder Paul Valéry, Oscar Wilde en Alfred Jarry. Hij gold als een erudiet kenner van de wereldliteratuur met een voorkeur voor het marginale of vreemde. Als vertaler introduceerde hij onder meer het werk van Robert Louis Stevenson in Frankrijk.

    Op 6 juli vindt de start van Ken uw klassiekers tijdens het Schwobfest in De Lichtfabriek in Haarlem plaats. Een literair feest, bedoeld voor boekhandelaren, vertalers, uitgevers maar vooral ook voor de lezers!

     

    Ken uw klassiekers

    Zondag 6 juli
    Aanvang 16.30 uur (inloop 16.00 uur)
    De Lichtfabriek, Haarlem (Minckelersweg 2, 2031 EM Haarlem)
    Entree en eerste consumptie gratis!
    Bezoek hier de website van Schwob.